Zondag 24/10/2021

‘De toeristen zullen wel terugkomen’

Ali Ibrahim (56) heeft vier kinderen en twee kamelen genaamd Ali Baba en Mary. Die allemaal eten geven is een hele opgave: de kamelen alleen al vreten elke dag voor 50 Egyptische pond (7 euro) op. Ibrahim schat dat hij het nog twee weken kan rekken vooraleer hij zijn kamelen moet verkopen.

“De laatste kameelrit was op de ochtend van 25 januari,” zegt Ibrahim op een caféterras met zicht op de piramides. “Ik herinner het mij nog goed: het waren Duitse toeristen. Sindsdien is er niemand meer gekomen.”

De piramides van Giza, de oudste toeristische attractie ter wereld, maken tegenwoordig een treurige indruk. Normaal gezien zou het hier moeten krioelen van de Amerikaanse, Japanse, Chinese en Europese toeristen. Kameeldrijvers als Ibrahim zouden hen achterna zitten om hen veel te dure kameelritjes te verkopen. Kinderen zouden hen lastigvallen met prentkaarten. Maar sinds het begin van de opstand tegen Hosni Moebarak op 25 januari zijn er geen toeristen meer. De enige actie in Giza zijn de plaatselijke kids die voor de lol door de straten racen op de technisch werkloze paarden en kamelen.

In Egypte hangt tien procent van de bevolking af van het toerisme maar in de arme buurten nabij de piramides is dat bijna iedereen. En toch legt Ibrahim de schuld voor zijn problemen niet bij de betogers op het Tahrirplein.

“Het is de schuld van de corruptie”, zegt hij. “Ik sta voor honderd procent achter die jonge mensen. Ik hoop dat ze in hun opzet slagen. Dan krijgen we hier in Egypte misschien ook mensenrechten en democratie, net als jullie in Europa. We hebben het moeilijk nu maar we kunnen best wel wat wachten.”

Betogers verjagen

Het is een beetje verrassend om dat hier te horen: de paarden en kamelen die vorige week een spectaculaire charge uitvoerden tegen de anti-Moebarakbetogers op het Tahrirplein kwamen uit Giza.

“Er is iemand van de NPD-partij van Moebarak naar hier gekomen”, beaamt Mohammed, die liever anoniem blijft. “Gedurende enkele dagen heeft hij ons geld gegeven, gewoon om ons te helpen, zei hij. Maar toen zei hij dat het geld op was en dat, als we onze jobs wilden veiligstellen, we zelf naar het Tahrirplein moesten trekken om de betogers te verjagen.”

Mohammed is niet gegaan. Hij zegt dat ook hij achter de betogers staat. Maar hij voegt eraan toe: “Ik vind dat Moebarak voor eeuwig en altijd president van Egypte moet blijven. Want zonder hem gaat Egypte een donkere tunnel in.” En wanneer aan de overkant van de straat een buitenlands koppeltje voorbijloopt, zegt hij beslist: “Dat zijn helemaal geen toeristen. Dat zijn die Israëlische spionnen over wie ze het op de televisie hebben.” (Het blijken gewoon Zack en Miyuki Davisson uit Seattle te zijn, die het beste van hun vakantie proberen te maken maar overal voor gesloten attracties staan.)

Als Mohammed een beetje in de war is, dan is dat niet zijn schuld. Veel Egyptenaren stonden pal achter de betogers toen het protest begon. Voor mensen als Ibrahim en Mohammed speelt ook mee dat zij illegaal in het toerisme werken en dus dagelijks smeergeld moeten betalen; zoals de meeste Egyptenaren haten zij de politie. Maar veel mensen zijn gaan twijfelen na de speech waarin Moebarak aankondigde dat hij zich in september niet opnieuw verkiesbaar zal stellen.

“We vinden het allemaal fantastisch wat de jongeren op het Tahrirplein hebben gedaan”, zegt Michael Farouk, een jonge toeristische gids, “maar we vinden dat er nu genoeg is bereikt. Een maand geleden had niemand dit voor mogelijk gehouden. Het is tijd om aan het werk te gaan.”

Farouk denkt dan aan de 2.000 pond (285 euro) per maand die hij misloopt door het vertrek van de toeristen. Zoals Farouk zijn er veel mensen in Egypte, en de keuze is soms verscheurend.

“Ik ben zelf ook gaan betogen op het Tahrirplein”, zegt de 45-jarige Khaled Abu Auf, die drie juwelenwinkels voor toeristen heeft. “Op 27 januari heeft de politie mij gearresteerd; ze zijn met zeven op mij gesprongen.” Hij steekt zijn broek af om de blauwe plekken te tonen. “Ik háát de Egyptische politie. Dit gaat om onze vrijheid, om de toekomst van mijn vier kinderen.”

Maar nu mag het ophouden, zegt ook Abu Auf. “Ik ben een rijk man: ik heb een omzet van 40.000 pond (5.700 euro) per maand. Maar daarvan gaat de helft naar mijn personeel.” Sinds 25 januari heeft Abu Sauf geen inkomsten meer maar hij blijf wel zijn personeel uitbetalen.

“Wij zijn allemaal heel trots zijn op wat de betogers gedaan hebben”, zegt hij. “Maar we hebben nu verandering. Het is genoeg geweest.”

In Giza maakt tapijtenverkoper Hassan El Gabri zich niet al te veel zorgen. “Toen ze in 1997 al die toeristen hebben doodgeschoten in Luxor, zijn ze ook teruggekomen. Egypte heeft zoveel mooie monumenten. Ik schat dat de toeristen binnen een maand of twee terug zijn.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234