Woensdag 04/08/2021

De toekomst is van iedereen

Pas over drie jaar zijn het weer verkiezingen. En zoals dat in de politiek gaat, begint een electorale campagne de dag na de stembusslag die voorbij is. De CVP en de SP hebben daarom onmiddellijk een operatie 'vernieuwing' ingezet. Bij de Volksunie moet een trio van wijze mannen de partij eerst uit haar eigen wurggreep halen vooraleer wordt beslist of ze op haar eentje voortgaat dan wel een kartel vormt met een andere politieke formatie. En op het maatschappelijke middenveld buigt een belangrijke beweging zoals het ACW zich opnieuw over haar politieke opdracht. Zijn dit de voortekenen van een fundamentele verandering van het politieke landschap, die de Leuvense emeritus hoogleraar Luc Huyse aankondigt? Voorlopig wijst niets erop dat de democratische partijen tegen 2003 in 'een andere configuratie' naar de kiezer zullen trekken.

Op de verschillende partijhoofdkwartieren is in de voorbije week met meer dan gewone belangstelling geluisterd naar ACW-voorzitter Theo Rombouts. Als een sociale beweging die in Vlaanderen via de vakbond, het ziekenfonds en een waaier van sociaal-culturele organisaties goed twee derde van de mensen bereikt, aankondigt dat ze aan nieuwe formules voor haar politieke opdracht werkt, kan dat moeilijk anders.

De leiding van de christelijke arbeidersbeweging stelt vast dat haar 'marktaandeel' niet vertaald wordt in de sociale en politieke keuzes van haar leden, want blauw en bruin zijn bij verkiezingen al geruime tijd aan de winnende hand. ACW-kandidaat zijn op een lijst van de CVP en sporadisch van een andere partij volstaat niet meer om de achterban te mobiliseren. Bovendien blijkt dat veel mensen binnen de beweging nog warm te maken zijn voor de politiek en voor een mogelijk mandaat, maar de klassieke weg die daarbij naar de CVP leidt, is niet meer vanzelfsprekend. Agalev, SP en VU&ID zijn voor een groeiend aantal van hen een geldig alternatief.

Die ontwikkelingen zetten de koers die het ACW in 1995 insloeg - de beweging hield toen vast aan "het politieke kapitaal van haar erkende mandatarissen" bij de CVP, maar liet tegelijk ruimte voor samenwerking inzake concrete dossiers met mensen uit andere partijen - van binnenuit onder druk. In 1995 zaten de Vlaamse christen-democraten overigens nog niet in de oppositie. Om haar doelstellingen op het politieke vlak in beleid om te zetten, is de ACW-leiding intussen ook verplicht om de contacten en het overleg met de paars-groene coalitiepartners te versterken. "Globaal verloopt dat moeilijker dan voorheen. Metier en kleur spelen mee. De beste ervaring hebben we met ministers en mandatarissen die langer in de politiek zitten, de dossiers technisch onder de knie hebben én ons verhaal ook begrijpen. Bij socialisten en groenen lukt dat veel beter dan bij de liberalen", zegt Rombouts.

Niet dat SP of Agalev daarbij nu snel grote illusies moeten koesteren. De ACW-leiding denkt er niet aan om haar lijnen met 'erkende mandatarissen bij de CVP' op te blazen. "Ons politiek engagement is niet te koop", zo klinkt voorts de waarschuwing van Rombouts, "want de toegevoegde waarde van onze sociale beweging zit precies in haar autonomie, en van een gelijkheidsteken tussen het ACW en een partij kan dus geen sprake zijn".

De zoektocht van het ACW naar nieuwe formules voor zijn politieke uitdrukking raakt ondertussen nadrukkelijk het debat over de herverkaveling van de politieke partijen. Ze is trouwens van een opvallend andere aard dan bijvoorbeeld die van een andere belangrijke beweging, de Bond van Grote en Jonge Gezinnen. Die stelt zich zonder meer op als een belangenorganisatie. "Wij hebben geen bevoorrechte politieke partners. Het gezin overstijgt de politieke ideologie", zegt voorzitter Roger Pauly daarover in Knack. Om gunstige maatregelen af te dwingen voor de 310.000 aangesloten gezinnen van de BGJG gaat hij recht op het doel af. "Met een partij in de oppositie kunnen wij niets doen. Wij hebben regeringspartijen nodig."

Terwijl de ACW-oefening wel degelijk relevante effecten kan hebben voor de politieke partijen en hun krachtsverhoudingen, heeft die laatste, unilaterale benadering uiteraard helemaal geen uitstaans met het scenario waaraan Luc Huyse denkt. Hij ziet, zoals bekend, de communautaire, levensbeschouwelijke en sociaal-economische breuklijnen vervagen en vervangen worden door nieuwe tegenstellingen waarop een gewijzigde configuratie van de democratische partijen in Vlaanderen zich zal enten. Maar zijn die partijen daar op dezelfde manier mee bezig als Huyse? Hoe zoeken zij aansluiting "bij wat de mensen van de eenentwintigste eeuw beroert", om een toekomst te hebben op een speelveld dat in het voorbije decennium alsmaar kleiner is geworden omdat meer balorige toeschouwers voor het Vlaams Blok supporteren?

Totnogtoe denken de vijf democratische partijen in ieder geval bijna uitsluitend in vernieuwings- en verruimingsschema's voor zichzelf, die al dan niet gekoppeld worden aan een andere naam om de 'oubolligheid' af te zweren en om de inzet vooral ook marketinggewijs een impuls te kunnen geven. En hoewel niemand aanstuurt op 'een waspoederscenario' of 'een eenmalige spectaculaire gedaanteverwisseling' hebben die schema's alvast één ding gemeen: ten laatste in 2002 moeten ze zichtbare resultaten opleveren, want in 2003 zijn het opnieuw verkiezingen en worden de slagen geteld.

Omdat hun jongste operatie ter zake niet eens tien jaar geleden plaatsvond en daarna nog een heel moeizame weg naar de meerderheid volgde, zijn de liberalen daar momenteel het minst mee bezig. Zij hopen duidelijk dat het leiderschap van de paars-groene regeringen op federaal en Vlaams niveau genoeg elan brengt om de VLD te laten doorgroeien tot een grote volkspartij. Voorzitter Karel De Gucht heeft daarom geen nood aan nieuwe ideologische manifesten over de burger, maar probeert vooral een beleidsproject op liberale smaak te houden.

Stefaan De Clerck moet zich op dit ogenblik met de CVP niet druk maken over zo'n project. In de oppositie heeft hij tijd en ruimte om te vernieuwen. Zijn op de leest van het bedrijfsleven geschoeide aanpak van de CVP mikt op een nieuw strategisch management en een andere debatcultuur met 'bijenkorven' en 'civic centers'. Ook hier geen manifesten - die zijn "achterhaald", vindt De Clerck - maar "een voortdurende en inhoudelijke vernieuwing". Die blijft in de komende twee jaar echter beperkt tot vier onderwerpen: het familiethema, gezondheid, ondernemen en Europa. Ook om die reden overigens heeft het ACW, dat sowieso al koele relaties onderhoudt met De Clerck omdat hij aan de andere kant van het partijspectrum staat, helemaal geen hoge pet op van zijn vernieuwingsverhaal.

Patrick Janssens heeft dan weer persoonlijk meer vertrouwen geput uit zijn eerste (lokale) verkiezingen als SP-voorzitter. In het jongste nummer van het partijblad Doen toont hij de weg die hij met de Vlaamse socialisten wil inslaan om uit te komen bij "een partij met een nieuw manifest en een nieuwe naam". De organisatorische vernieuwing wordt in de eerste plaats intern gezocht in een andere verhouding met de Jong Socialisten, de Socialistische Vrouwen en de cultuurkoepel CSC. De doorstroming van jongeren, vrouwen en allochtonen naar partij en politiek moet met andere woorden verbeteren. Inhoudelijk hamert Janssens al veel langer op het thema van de sociale ongelijkheid om de unieke positie van zijn partij op de kiezersmarkt in de verf te zetten. Door dat thema zeer concreet in te vullen op het vlak van bijvoorbeeld de mobiliteit, de toegang tot de informatiesamenleving, de gezondheidszorg en de huisvuilbelasting is het een veel gemakkelijker vehikel dan de elf lijvige 'contracten' die de SP in mei 1998 op haar Toekomstcongres uitwerkte. Het doel van Janssens is daarbij even simpel als duidelijk: de kiezers terughalen die in de jaren negentig naar het Blok trokken.

Met politiek secretaris Jos Geysels van Agalev is Janssens het er voortdurend over eens dat sociaal en groen wel samengaan, maar dat de raakvlakken tussen hun partijen niet moeten leiden tot een samensmelting. Geysels: "Uit onderzoek is gebleken dat ons programma, onze achterban en ons electoraat in grote mate verschillen." Janssens: "Politiek is geen wiskunde. In de politiek wordt te lichtzinnig gesproken over het samengaan van partijen. Ook in het bedrijfsleven zijn er meer voorbeelden van mislukte dan succesvolle fusies." Samenwerking tussen socialisten en groenen voor concrete punten is daarom volgens beiden zinvol en haalbaar. Maar voorts speurt Geysels voor Agalev heel naarstig naar een bredere achterban bij onder meer de arbeidersbeweging met een groen verhaal over nieuwe breuklijnen: een duurzame samenleving, onthaasting, nieuwe vormen van democratie.

Bij de Volksunie ten slotte, en bij uitbreiding VU&ID, hapt iedereen na een zoveelste interne clash naar adem. De kern van het debat draait er duidelijk niet om de verhouding met de 'beweging' ID21, waarvan helaas bitter weinig mensen kunnen zeggen wat die nu werkelijk voorstelt. Het dilemma, dat voor een deel wordt verpakt in inhoudelijke scherpslijperij over een scheeftrekking tussen communautaire en sociale klemtonen, is in wezen strategisch: blijft de partij met een afkalvend electoraat toch autonoom voortwerken of moet ze "zij aan zij varen met een ander schip" om invloed te kunnen blijven uitoefenen? Een permanente en onbesliste strijd tussen de aanhang van voorzitter Geert Bourgeois en het Amazone-gezelschap van Bert Anciaux en Patrik Vankrunkelsven slaat nu alleen maar grote lekken in het VU&ID-bootje. Springen sommigen alsnog over naar een groter schip, dan zal dat niet meer zijn dan een stoelendans van mandatarissen.

Met "een andere configuratie van partijen" die Luc Huyse op termijn ziet ontstaan, heeft dat uiteindelijk heel weinig te maken. De voorzitters van de vijf democratische partijen bevestigen in de praktijk alleen maar wat ze eerder in deze kolommen dachten over de inzichten van Huyse over een "politiek in de overgang". Geen van hen twijfelt aan de rol van politieke partijen in de democratische besluitvorming. Geen van hen stelt het voortbestaan van de eigen partij in vraag. Geen van hen denkt in termen van een hergroepering of van een politiek landschap met nog slechts twee stromen of polen. Maar allemaal zijn ze er wel sterk van overtuigd dat heel zeker hun partij een toekomst heeft, want het zal snel 2003 zijn.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234