Maandag 23/09/2019

'De taalgrens loopt dwars door ons heen'

Claude Blondeel, bekende radiostem van Klara en Radio 1, wordt 65 en gaat met pensioen. De Brusselaar pur sang neemt afscheid met een boek en een tentoonstelling over wat hem het nauwst aan het hart ligt: België en zijn grote kunstenaars. Van Ensor, Brel, Simenon en Arno tot Robbrecht & Daem, Benoît Poelvoorde, Franquin en Hugo Claus.

'Mijn belgitude is redelijk groot", zegt Claude Blondeel. We spreken elkaar op een caféterras aan de Nieuwe Graanmarkt, hartje Brussel - toepasselijker kan moeilijk. "Misschien heeft het te maken met het feit dat ik Brusselaar ben. Toen ik het boek en de radioserie aan het maken was (met zijn persoonlijke keuze van de honderd boeiendste Belgische kunstwerken; ER), was ik telkens weer verwonderd wat een klein land als België voortgebracht heeft in de voorbije honderd à honderdtwintig jaar, zeg maar sinds James Ensor. De twee meest gelezen schrijvers ter wereld zijn Belgen: Hergé en Simenon."

"Arno heeft een aantal exemplaren van mijn boek Bazaar België gekocht voor zijn muzikanten en die reageerden verbaasd: 'Zijn Georges Simenon en Henri Michaux Belgen?' Wij zijn duidelijk niet trots genoeg op onze kunstenaars. Vergelijk het maar eens met Frankrijk: dit najaar is het de 150ste geboortedag van Albert Camus. Wel, je mag geen Franse krant of tijdschrift openslaan of de machine is al aan het draaien. Kijk in Nederland naar Louis Couperus! Wat hebben wij aan Maeterlinck gedaan? Dat is toch triestig!"

"Gelukkig is er nu eindelijk een biografie verschenen over Gerard Walschap en zijn enkele van zijn werken herdrukt. Walschap is een zeer belangrijke schrijver, iemand die vergeten was. Vóór Hugo Claus was er Walschap. Het is ook goed dat men Hugo Claus, vijf jaar na zijn overlijden, waardig aan het gedenken is: een herdruk van Het verdriet van België met een cover van Luc Tuymans. Schitterend.

"De eerste druk had Muziek in de Vlaanderenstraat van James Ensor op de omslag: twee keer la belgitude. Ik ben ook blij dat er in september een tentoonstelling over Hugo Claus in Oostende komt. Wij moeten meer staan roepen: 'Kijk eens wat we hier hebben.' Kijk ook maar naar het succes van Berlinde De Bruyckere op de Biënnale van Venetië. De buitenlandse media zijn laaiend enthousiast."

Hoe verklaart u die grote culturele rijkdom van zo'n klein land?

"Ik denk dat het te maken heeft met onze aangeboren schizofrenie, die tweespalt in ons. We hebben de rijkdom dat we kunnen melken aan een Germaanse en een Romaanse cultuur. De taalgrens loopt dwars door ons heen. België is ook heel divers: het is nauwelijks te geloven dat Oostende en Luik, Leuven en Charleroi in één land liggen. De mentaliteit in noord en zuid is zeer verschillend. Maar toch zijn we één land."

Voelt u u Belg?

"Ja. Ik zou het land missen als het niet meer bestond. Wat ons bindt, is dat relativeringsvermogen en de humor. Het surrealisme in België is helemaal anders dan in Frankrijk. Wij zijn anarchistischer. Op een muur van het Brusselse café Het Goudblommeke in Papier staat geschreven: 'Tout homme a droit à vingt-quatre heures de liberté par jour.' (lacht uitbundig) Ja , dan weet je: This must be Belgium. Maar ons relativeringsvermogen kan neigen naar je m'en foutisme en dat is dan onze slechte kant.

"Ik ga graag naar Namen. Als je daar uit het station komt, loop je pal op het Grand Hôtel de Flandre. (lacht) Voilà, we zijn thuis. Dit is België."

We zijn geen chauvinisten.

"We zijn geen patriotten, geen chauvinisten zoals de Fransen. Dat is een voordeel. We staan open. Volgens sommigen omdat we zo vaak onder de voet gelopen en onderdrukt zijn geweest."

Hoe staat u tegenover een partij als de N-VA?

"Ik ben bang voor Bart De Wever. Het is een soort fanatisme dat ik niet graag zie. Ik heb schrik dat hij voor een intellectuele verarming van 'den Vlaming' gaat. Eerst dacht ik dat het een mop was dat er geen schermen in Antwerpen mochten staan voor de thuiswedstrijd van de Rode Duivels tegen Servië. Dat was een politieke beslissing: de Belgen gingen winnen en het koningshuis zou er zijn. Twee keer vervelend voor De Wever.

"Hij doet dus niet alleen ambetant tegen de mensen van Het Toneelhuis, maar ook tegen de voetbalfans. Hij is de elitaire..."

Waar komt uw liefde voor kunst vandaan?

"Mijn vader is heel belangrijk geweest. Ik kom uit een grote katholieke familie. Katholiek, maar libertijns. Mijn pa stamde uit de Vlaamse Gentse bourgeoisie en werd Franstalig opgevoed. Hij werkte bij de RTBF als directeur Musique et Variété en nam mij overal mee naartoe: van Johnny Hallyday tot de Munt.

"Dank zij hem heb ik ook de jazz ontdekt. Op het destijds beroemde festival van Comblain-la-Tour stond ik te kijken naar het yé-yé-podium, waar Adamo optrad. Ineens voelde ik de hand van mijn vader op mijn schouder. Hij zei dat ik moest meekomen naar het grote podium: saxofonist John Coltrane in grote bezetting. Ik wist niet wat ik hoorde. C'était ma jeunesse."

Vanwaar komt uw liefde voor de radio?

"Van nonkel Gust uit Gent. Van hem had ik, toen ik 15 was, een bakelieten radiootje gekregen. Dat was de periode van Salut les copains op Europe No 1. 's Avonds luisterde ik naar Pour ceux qui aiment le jazz.

"Maar de grote liefde is gekomen met Marc Moulin en zijn programma's Cap de Nuit en King Kong. De man had een prachtige stem. Hij was ook in Vlaanderen heel bekend. Je had de mensen die naar Radio Cité en Marc Moulin luisterden en de kliek die voor John Peel en de BBC koos. Daarna kwam voor mij Jan Schoukens en Studio Brussel, die op 1 april 1983 startte met de plaat Rendez-vous van Pas de deux. Die heb ik nog naar het Eurovisiesongfestival gestuurd."

U stapte over van radio naar televisie.

"In de loop van 1984 kon ik aan de slag gaan bij Kunst-Zaken, het cultuurprogramma met de beroemde intro van Panamarenko en zijn moeder. Op maandag, woensdag en vrijdag zaten wij net na Het journaal, om tien over acht in primetime! Niet te geloven. We hadden toen nog discussies of we al dan niet fotografie en video zouden brengen. Of de jazz van Miles Davis.

"Het was de periode van Mallemunt, Paolo Conte en Wannes Van de Velde, van een nieuwe golf kunstenaars als Anne Teresa De Keersmaeker, Jan Fabre, Needcompany, TC Matic etcetera. Jan Hoet had zijn Chambres d'Amis in 1986. Patat, een mirakel. We waren toen een mooie mix aan het maken van hoge en lage cultuur, zonder dat we dat beseften."

Later bent u toch weer naar de radio overgestapt.

"Jan Schoukens vroeg me om beeldende kunst te doen. De eerste opnames was ik kapot van de schrik. Ik wilde ook naar een logopedist, voor mijn 'r', maar Schoukens reageerde dat hij me speciaal voor die rollende 'r' had gevraagd. Ik maakte er kennis met het fenomeen Chantal Pattyn: toen nog in haar punkperiode, met blauw haar. We maakten Frituur Victoria, dagelijks van 11 tot 1 op Studio Brussel: heerlijk was dat. Ook daar deden we alles, van tentoonstellingen tot filosofische traktaten.

"Eén ding moet ik zeggen: kunst en cultuur zijn op televisie ziek geworden in 1996 met de komst van Bert De Graeve, het begin van de managerscultuur. Er werd toen naar de kijkcijfers gekeken. Met de komst van VTM had het niets te maken: na 1989 zijn wij blijven volharden in de boosheid (lacht hartelijk) en ons ding blijven doen. VTM maakte Tien om te zien en zij deden dat goed. Dat moesten wij niet nadoen.

"Later zijn er op de VRT nog dappere pogingen ondernomen om voort te doen, met culturele programma's zoals Link en Voetzoeker, maar ik had meer en meer de indruk dat men ons niet graag meer zag. Als ik dat vergelijk met de gouden jaren: Kunst-Zaken, een filmprogramma als Première, IJsbreker, een boekenprogramma Wie schrijft die blijft, Ziggurat, De andere film. En, niet te vergeten, Eiland, waarin Hugo Claus, Fred Bervoets, Philippe Starck en Jean -Paul Gaultier werden geïnterviewd door Johan Thielemans, naast Mario Merz en Gilbert & George. Ook daar mengden we bekend en onbekend, high en low. Eén keer per maand met publiek op het podium van de toen gesloten en bouwvallige Bourlaschouwburg in Antwerpen. Dat programma heeft de Bourla trouwens gered.

"Ik durf aan mijn jongere collega's niet zeggen wat toen allemaal kon, want dat doet pijn. Wij hadden een ongelooflijke vrijheid als programmamakers. En men is niet goed bezig: ze gaan weer kwaad zijn als ik het zeg, maar Hoera cultuur! heeft nu niet meer kijkers dan Ziggurat vroeger. Dan mag je je toch vragen stellen."

Er gebeuren nog mooie dingen op de VRT, zoals Goudvis.

"Dat is een fantastische reeks kunstenaarsportretten, superieure documentaires. Alleen jammer dat ze niet op dvd uitgebracht worden. Mijn andere 'chouchou' is de Canvasconnectie, alleen al voor het design van het boek met het cultuuraanbod waaruit de gast zijn keuze maakt.

"Qua kwaliteit wegen die twee programma's op tegen wat wij vroeger deden. Misschien zijn ze zelfs beter. Maar wij deden veel meer. Er waren middelen en - het allerbelangrijkste - er was vertrouwen in de medewerkers. Maar ik wil niet zagen en zeker niet natrappen."

Nu gaat u met pensioen.

"Op 31 juli word ik 65. Ik ben de VRT, Klara en Chantal Pattyn zeer dankbaar voor wat ik heb mogen doen. Ik leef nu op een wolk. Ik krijg een mooi afscheid: een reeks op Klara, een boek en een tentoonstelling, die het idee zijn van Chantal Pattyn. Maar ik stop niet. Ik maak een dramaturgisch cahier voor een jonge acteur, Diederik Peeters: een soloproject over het thema woede, daar zoek ik teksten voor bij elkaar. Ik ga hetzelfde doen over de droom voor een Franse acteur die in Berlijn werkt.

"Voorts werk ik mee aan een nieuw literair tijdschrift voor de onafhankelijke boekhandels van Confituur. En ik ga lezen, lezen, lezen. Ik ga nu eindelijk ernstig beginnen aan Marcel Proust en zijn A la recherche du temps perdu. Maar Klara mag altijd bellen, als ze mij nodig hebben."

Hoe belangrijk is kunst voor u?

"Kunst is, naast een goede gezondheid, een behoorlijk inkomen en niet al te veel ongeluk in de liefde, het belangrijkste (lacht). Kunst is een luxe, misschien een onontbeerlijke luxe. Een paar nieuwe schoenen kan ik laten liggen, maar een boek of een cd? Nee."

Expo Bazaar België - Bazar belge van 27/6tot 29/9 in Central(e), Sint-Katelijneplein 44, Brussel. www.centrale-art.be. Het gelijknamige, tweetalige boek is een uitgave van Borgerhoff & Lamberigts, 224 p., 34,95 euro.

Wie is Claude Blondeel?

VRT-producer, kunst- en cultuurjournalist

geboren in 1948 in Halle

1964: Sint-Jan Berchmans- college in Brussel

1968: studeert dramaturgie aan het RITS

schnabbelt voor de BRT-radio

1976: gaat aan de slag bij de BRT-televisie, onder meer Kunst-Zaken (1983-1991)

vervolgens Studio Brussel, met onder meer het programma Frituur Victoria

vanaf 2007: Klara (Babel) en Radio 1 (Joos)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234