Dinsdag 01/12/2020

ReportageLa Casa Del Artista

De studio van Constantin Brancusi: een half ondergronds bedevaartsoord

Brancusi’s studio werd zorgvuldig nagebouwd, pal naast Centre Pompidou.Beeld RV

Waar en hoe leefden beroemde kunstenaars? Deze week: het Parijse atelier van Constantin Brancusi.

Brancusi? Dat is die ­kunstenaar die zijn ­beelden opblinkt als een huisvrouw haar kookpotten”, dixit Picasso over Constantin Brancusi (1876 – 1957). Logisch dat de Roemeense beeldhouwer hem niet binnenliet in zijn Parijse atelier. Kunstenaar Marcel Duchamp was wél welkom. Net als collega’s Man Ray, Barbara Hepworth en Henry Moore.

Constantin Brancusi.Beeld rv

Dat we Brancusi’s atelier anno 2019 nog kunnen ­bezoeken, hebben we enkel aan de kunstenaar zelf te ­danken. In 1956, een jaar voor zijn dood, schonk hij heel de inboedel van zijn studio aan de Franse staat. “Recreëer het exact zoals je het ziet, inclusief fotostudio, 1.600 foto’s, 137 sculpturen, 87 sokkels, schetsen, vinylplaten, boeken, werkmateriaal en mezzanine met bed”, was de deal met het Musée d’Art Moderne de la Ville de Paris.

De eerste atelierkopie die het museum in 1977 creëerde, was zo levensecht dat het er net zo goed binnen regende als in de Impasse Ronsin. Het was wachten tot 1997 ­vooraleer de huidige ‘replica’ van de studio opende. “Ze ­hebben Brancusi begraven in een aquarium”, klonk het. Die kritiek op Renzo Piano’s gebouw is intussen verstomd, want de studio van de Roemeense beeldhouwer is een half ondergronds bedevaartsoord geworden, pal naast Piano’s Centre Pompidou. 

Kijkje in het atelier.Beeld rv

Maar of Brancusi er zelf blij mee zou zijn, valt te betwijfelen. Vroeger konden bezoekers in zijn atelier gewoon tussen de sculpturen en wandelen, nu – begrijpelijk – niet meer. En waar vroeger de muren ­stonden, zijn nu rondom ‘aquariumramen’ voorzien. Ook dat was Constantins bedoeling niet. Elke dag puzzelde hij maniakaal met de compositie van sokkels en beelden, tot alles perfect stond in zijn ‘privémuseum’. Aan het einde van zijn leven maakte hij nauwelijks nog nieuw werk: hij hield zich bezig met hoe zijn bestaande sculpturen zich ­verhielden tot elkaar, de ­architectuur, de ruimte en het licht. 

‘La Muse endormie’ (1910) van Brancusi.Beeld 2013 c/o Pictoright Amsterdam.

Om maar te zeggen: Brancusi was een extreme ­controlefreak. En dat zindert zelfs na zijn dood nog door. De weinige portretten die van hem bekend zijn, maakte hij zelf. En de anekdotes die hij over zijn eigen leven verspreidde (zijn mythische voettocht van Boekarest naar Parijs was een leugen) moesten enkel zijn authentieke kunstenaars­imago versterken. Roemeense spindoctor of ‘Genie van de Karpaten’? Oordeel vooral zelf op de Brancusi-expo in BOZAR. Of in Parijs, natuurlijk.

Atelier Brancusi, Place Georges Pompidou, Parijs. Gesloten op zondag, centrepompidou.fr. De Europalia-expo Brancusi, nog tot 12 januari in BOZAR in Brussel, bozar.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234