Donderdag 25/02/2021

De sfinx met zevengezichten

Een eerzuchtig manipulator of briljant strateeg, zelfs over de ware aard van preformateur Elio Di Rupo raakt de club van zeven het niet eens. Al 76 dagen probeert de Bergense doctor in de chemie de juiste formule te vinden opdat het koninkrijk niet verder zou ontbinden. ‘Hij put uit een scala aan technieken en tactieken: het ene moment is hij de charmante diplomaat en de perfecte gastheer, het andere de machiavellist en de huichelaar. Hij vertraagt, hij versnelt, hij verdwijnt een dag van het toneel. Welke zijwegen hij ook neemt, het einddoel blijft altijd hetzelfde: de Zestien.’

Tweeënhalve maand regeringsonderhandelingen, bekeken met de wisselende blik van Elio Di Rupo

Le gentleman

Maandagochtend, 14 juni. Op het partijhoofdkwartier van de PS wordt koortsachtig gezocht naar het telefoonnummer van Bart De Wever, de Vlaming van 785.776 voorkeurstemmen, om de felicitaties over te maken van de winnaar aan de andere kant van het land. “Op die dag begon Elio aan de ontdekking van een nieuwe wereld”, zegt een kopstuk van de PS. “Hij is in ijltempo beginnen te studeren. Heeft zich verdiept in de historiek van de N-VA, in de achtergrond van die personaliteiten. Hij probeerde vanaf dag één achter de slogans te kijken, de werkelijke intenties van Bart te doorgronden.” Het eerste gesprek verloopt vriendelijk maar afstandelijk, en wordt gevolgd door snuffelrondes in de hoofdkwartieren aan de Keizerslaan en de Liefdadigheidsstraat.

Een week of twee later, in het weekend van 3 en 4 juli, trekken de overwinnaars zich terug op een tot de verbeelding sprekende plek: een select gezelschap nestelt zich in Villa Hellebosch in Vollezele, waar menig romancier al een briljante roman uitdacht. Twee lange dagen zitten Di Rupo en De Wever er samen met hun absolute vertrouwelingen: de eerste heeft Anne Poutrain (hoofd van de studiedienst) en Laurette Onkelinx (vicepremier) mee, de tweede de parlementsleden Ben Weyts en Jan Jambon. De eerste dag wijden ze aan de begroting, de tweede aan de staatshervorming. “Di Rupo kwam daar erg aangenaam en galant uit de hoek”, zegt een aanwezige. “Met Bart had hij interessante conversaties over het Vlaams-nationalisme. Hij had duidelijk zijn huiswerk gemaakt.”

Toch eindigt dat ‘bezinningsweekend’ in mineur. De Vlaams-nationalisten benadrukken zondag in de vooravond dat ze écht een grote doorbraak in de staatshervorming verwachten, dat ze niet met een kluitje in het riet te sturen zijn. “Toen daalde het besef neer dat het echt gigantisch moeilijk ging worden”, luidt het. “We waren bekaf, we wilden eigenlijk allemaal naar huis. De campagne, de verkiezingen, de overwinning. Onze hoofden tolden van die emotionele achtbaan. (zucht) En toen moesten we eigenlijk nog beginnen.” De sfeer wordt uiteindelijk toch weer wat minder bedrukt, en het koningskoppel en hun gevolg ontkurken samen nog een fles wijn. Samen eten - de tafel stond gedekt, het diner was klaar - was er echter te veel aan.

Hetzelfde patroon zal zich de komende 53 dagen aftekenen. “We botsen inhoudelijk ongelofelijk hard, maar blijven bijna altijd hoffelijk. Menselijk”, zegt een N-VA’er. Di Rupo imponeert de Vlaamse onderhandelaars van die begindagen met zijn inlevings- en incasseringsvermogen. “Hij kiest altijd voor de zachte aanpak. Hij bruuskeert niet, hij masseert. Zijn EQ is minstens even groot als zijn IQ. Philippe Moureaux is van de oude stempel: die roept en tiert, en verkoopt theater. Di Rupo niet.” De man zelf is erg moeilijk te lezen. “Hij is een sfinx”, zegt een partijgetrouwe. “Elio heeft een ongelofelijke capaciteit om zijn gevoelens te verbergen. Zelfs wij weten vaak niet wat hij voelt of écht denkt. Niks is spontaan bij hem.”

De wetenschapper

Het weekend in het bucolische groen van het Pajottenland valt midden in de uitgebreide ereronde die De Wever loopt als informateur. In de voormiddag houdt hij officiële audiënties in Huize Errera, de namiddagen houdt hij vrij om verder met Di Rupo tot een vergelijk te komen. Van informateur De Wever naar formateur Di Rupo blijkt enkele dagen later echter een té grote sprong voorwaarts. Het preformateurschap wordt ertussen geschoven, en De Wever voorspelt dan al, op 8 juli: ‘in cauda venenum’ (het venijn zit in de staart).

Als hij eenmaal tot preformateur benoemd is, neemt Di Rupo zijn tijd. Hij werkt traag en omzichtig in concentrische cirkels: eerst trekt hij de banden met De Wever nog nauwer aan, daarna haalt hij de andere voorzitters erbij, en pas halverwege juli ‘mogen’ de zeven partijen allemaal samen aan tafel.

“Di Rupo gaat zeer methodisch te werk: hij weet perfect waar hij in welke fase wil eindigen”, zegt een partijgenoot. “In 2007 werd er alleen maar over een kalender en een methode gepraat, maar kwam er niks van terecht. Nu wordt daar helemaal niet over gepraat, maar zijn ze er wel. De ‘methode-Di Rupo’ staat nergens neergeschreven. Ze bestaat alleen in het hoofd van Elio. Il maîtrise la plume, il gère le temps.”

Aan papieren doet hij niet, de preformateur zweert bij de ‘mondelinge overlevering’. Zelfs een geprinte versie van een Power Pointpresentatie krijgen de onderhandelaars niet te zien. “Hij heeft een netjes ingebonden nota. Wij moeten telkens kladjes vol kribbelen.” De Babylonische spraakverwarring die daardoor ontstaat - getuige de verschillende versies van het principeakkoord over de financieringswet - neemt Di Rupo er graag bij.

De andere onderhandelaars zijn steeds minder te vinden voor de papierloze preformatie. “Zijn werkwijze? Dat is, in mijn ogen, de totale chaos. Hij gooit wat op tafel, laat iedereen zijn zegje doen en verklaart dan: ‘Je vois des convergences et je vois des divergences. Alors, qu’est-ce qu’on fait?’ Dan verdwijnt dat onderwerp gewoon van tafel of roept hij weer een werkgroep bijeen. Het lijkt allemaal nergens toe te leiden. Tot hij ineens een tekst voorleest, die al dagen lang uitgekiend en telkens bijgevijld blijkt te zijn.” Di Rupo luistert, analyseert, noteert. Ontmijnt, luistert, noteert. “Hij heeft een zeer hoge tolerantiegrens: hij blijft voorkomend en beleefd”, zegt een partijvoorzitter. “Ook als de andere onderhandelaars de grenzen van de redelijkheid al lang overschreden hebben.”

De gewiekste verkoper

Nachtelijke marathonvergaderingen of uithongeringstechnieken, daar doet deze gezondheidsfreak niet aan. Dehaene probeerde zijn disgenoten tot akkoorden te dwingen door hen uren lang te laten wachten op lauwe pizza of slappe broodjes, Di Rupo huldigt voor zichzelf en voor zijn onderhandelaars het principe van menssana in corpore sano. “Hij let op alle details. De zaal moet aangenaam zijn. Niet te warm, niet te koud. Het menu moet kloppen. Niets ontgaat hem.” Alle onderhandelaars krijgen op tijd en stond een natje en een droogje, een vrije avond, zelfs een weekje met het gezin.

De buitenwacht - pers, publieke opinie én achterban - wordt met dezelfde drang naar perfectionisme gesoigneerd. Zijn persconferenties zijn tot op de minuut voorbereid, zelfs de klemtonen van zijn Nederlands lijken ingestudeerd. Als Di Rupo aan het begin van de semaine familiale begin augustus totaal onverwacht aankondigt dat ‘het zwaartepunt van de federale staat verschoven is naar de regio’s’, komen er uit de bomvolle perszaal slechts enkele schuchtere vragen. Zijn woordvoerder blijft beteuterd achter in de lege zaal. Uren lang had hij met de grote baas geoefend op lastige instinkers en detailvragen, in de twee landstalen.

“Toen hij de copernicaanse omwenteling erkende op die persconferentie, zag hij dat zelf als een grote toegeving. Hij hecht erg aan woorden”, zegt een ingewijde. “Wij, Vlamingen, zijn daar veel nuchterder in. Wij willen brood op de plank.” Op de volgende persconferentie slaat de toon om. De klad zit er helemaal in, Di Rupo schakelt de koning in voor een bolwassing aan de partijvoorzitters. “Het leek wel alsof die persconferentie enkel en alleen voor Bart bedoeld was”, meent een voorzitter. “Hij bleef maar doorgaan over perimeters en parameters. Hij bleef maar opsommen wat de Vlamingen al allemaal gekregen hadden. Hij wou daar duidelijk maken dat het genoeg geweest was.”

Een man met eerzucht

Tot zover de buitenkant van de onderhandelingen, de propere versie van de laatste 76 dagen. Want Elio verliest wel degelijk nu en dan zijn cool. Als De Wever op een cruciale maandagavond de financieringswet op tafel gooit, trekt ‘de sfinx’ wit weg van woede en steekt hij een kille, venijnige tirade af. “Ik heb 26 zetels in het parlement. Ik heb honderdduizenden stemmen gehaald. Verdien ik dan niet een klein beetje respect? Krijgt Bart niet veel te veel krediet?”, bitst hij.

De preformateur heeft niet door dat De Wever intussen slap in zijn stoel hangt en op het punt staat flauw te vallen. Hij dreigt ermee naar de koning te gaan en de handdoek in de ring te gooien. Uiteindelijk slagen ‘zijn vrouwen’, Poutrain en Onkelinx, erin om hem te kalmeren en wordt de vergadering afgeblazen.

De schok over de schending van het zogenaamde ‘herenakkoord’ is Di Rupo volgens zijn naaste medewerkers nog altijd niet te boven. “Hij had het gevoel dat hij eindelijk in een serieus tempo aan het lopen was, dat hij eindelijk snelheid maakte. En toen kreeg hij die zweepslag tegen zijn benen”, zegt een vooraanstaand PS’er. “Bij de PS vragen we ons steeds vaker af of de anderen wel een akkoord willen. Het vertrouwen is zeker nog niet hersteld.” Di Rupo voelt zi,ch door De Wever zeer diep in zijn eer gekrenkt. “En wie hem krenkt of kleineert, zal het geweten hebben”, zegt een onderhandelaar. “Misschien zijn het die Italiaanse roots, zijn eergevoel is in ieder geval immens.”

Pacificator van België

“Gek genoeg helpt die eerzucht ons ook om tot compromissen te komen”, vult een andere onderhandelaar aan. “Hij weet dat hij één kans in zijn leven heeft om premier te worden, net zoals De Wever weet dat hij één kans heeft om zijn grootse staatshervorming erdoor te krijgen. Het is nu of nooit. De migrantenzoon uit Morlanwelz wil zo graag naar de Wetstraat 16.”

Mislukken kan niet. De man is een volhouder, zeker als er obstakels opduiken. Beide kanten van de tafel probeert hij tot toegevingen te vermurwen met doemscenario’s. “Als wij geen akkoord vinden, c’est le chaos,c’est la catastrophe”, dreigt hij dan.Eén keer vertelt hij zelfs dat hij vreest dat ‘één of andere zot, een Vlaming of Franstalige’ in dit klimaat wel eens iemand zou kunnen neerschieten en dat er dan rellen zouden kunnen uitbreken. “Alleen een politiek akkoord zal in zijn ogen het land nog bijeen kunnen houden”, meent een onderhandelaar. “Hij wil de pacificator van België worden.”

Een ander doemscenario is ‘gepikt’ van Luc Coene. Net als de vicegouverneur van de Nationale Bank duikelt hij wel eens het verhaal op dat België de speelbal zal worden van internationale speculaties en hetzelfde lot wacht als Griekenland. “Londen houdt ons in de gaten”, klinkt het dan onheilspellend. “We moeten de financiële markten niet op ideeën brengen.” Echt veel indruk maakte die voorspelling tot nog toe niet op de Vlaamse onderhandelaars, de zogenaamde spread - het verschil tussen de Belgische en de Duitse rente - is in tijden niet zo goed geweest.

Op andere scharniermomenten gooit hij zelfs zijn levensgeschiedenis in het spel. Glimlachend zegt hij dan ‘dat hij maar een doctor in de chemie is’. Een trucje om niet in detail te hoeven treden, om de andere onderhandelaars bij de hoofdlijnen te houden. Of hij probeert sympathie te wekken door naar zijn afkomst te verwijzen. “Hij is er trots op dat hij zich heeft kunnen opwerken uit een straatarm mijnwerkersgezin”, zegt een onderhandelaar. “Regelmatig herinnert hij ons aan zijn parcours.”

De (bluf)pokeraar

Minstens even belangrijk als de plenaire vergaderingen zijn de tête-à-têtes of aparte vergaderingen met de Vlamingen of Franstaligen. Toen deze week de onderhandelingen over B-H-V helemaal in het slop raakten, volgden de vergaderingen met twee, drie of vier partijen elkaar snel op. In die besloten sessies toont hij zich een meester in de manipulatie. “Di Rupo speelt er telkens een andere rol”, zegt een onderhandelaar. “Hij praat zijn disgenoten voortdurend naar de mond. Je kunt dat een lepe manier van onderhandelen noemen, ik vind het vaak gewoon liegen.” Een tweede onderhandelaar oordeelt milder over Di Rupo’s kameleongedrag. “De eerste die niet zo onderhandelt, moet nog uitgevonden worden. Yves Leterme was veel, veel erger. Elio houdt gewoon van vaagheid en onduidelijkheid. Maar niet de waarheid zeggen, is nog niet liegen.”

Bij de Franstaligen is hij één van hen, bij de Vlamingen distantieert hij zich van het Franstalig front. “Mais moi, je suis italien”, zegt hij dan in een Vlaamse vergadering. “Met die woorden probeert hij zich boven de communautaire mêlee te plaatsen, probeert hij zich wat aan onze kant te scharen”, lacht een Vlaams expert. “Ik ben er zeker van dat hij het omgekeerde doet in het bijzijn van de Franstaligen.”

In de plenaire vergadering zal Di Rupo De Wever ook niet gauw afvallen, in gesprekken onder vier ogen met partijvoorzitters doet hij dat wel. Daar ergert hij zich blauw aan diens ‘snoeverij en inhaligheid’. Opnieuw een handigheidje om een wig te drijven tussen de Vlamingen onderling of - in Franstalig gezelschap - net te tonen dat hij hen begrijpt.

De god van kleine dingen

Het is een grove misvatting dat Di Rupo alleen wikt en beschikt in deze preformatie, en los staat van zijn partij. “Dieu is dood bij de PS”, zegt een onderhandelaar. Pal naast hem staan - ze zijn al eerder vernoemd - ‘zijn vrouwen’: Anne Poutrain, de bazin van de studiedienst van de PS, en Laurette Onkelinx, vicepremier en huidig instantvoorzitter. Dat trio leidt de onderhandelingen: ze stellen nota’s op, regelen de agenda, overleggen voortdurend. Beide vrouwen staan niet toevallig voor één stroming binnen de Parti Socialiste: Poutrain is een Waalse regionaliste ‘pur et dur’, Onkelinx vertegenwoordigt de ‘Brusselse tak’.

Achter die twee vrouwen staat zijn G9, zijn strategogroep met Jean-Claude Marcourt, Rudy Demotte, Michel Daerden, André Flahaut, Paul Magnette, Philippe Moureaux en Charles Picqué. De frequentie van de bijeenkomsten van die partijbonzen loopt sterk uiteen: soms zitten ze twee keer per week samen, soms zien ze elkaar veertien dagen niet. Als het echt spant, slaat Di Rupo zijn netten veel verder uit om meningen te horen en te oordelen of hij deze of gene beslissing moet nemen. “Dan belt hij enkele oude vrienden en getrouwen. Bij de vakbond, bij bedrijven. Vooral erg gewone mensen.” “Een van de mensen die hij vaak belt, is een oud vrouwtje in Bergen. ‘Als ik dat doe, wat gaat er dan veranderen in jouw leven?’, vraagt hij dan aan haar. Hij luistert rigoureus naar haar advies. Zo weet hij altijd zeer goed welke concrete gevolgen politieke compromissen kunnen hebben.”

“Elio wil heel graag bewijzen dat hij het kan”, zegt een hooggeplaatste PS’er. “Hij wil tonen dat hij voor alle problemen een oplossing kan vinden. Zoals vele migranten gelooft hij oprecht in België en is hij dankbaar voor de kansen die dit land hem geboden heeft. Hij huivert bij de mogelijkheid van een totale paralyse, een totale crisis. Zijn missie mag gewoon niet mislukken.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234