Dinsdag 02/03/2021

De schreeuw zat er al vroeg in

Het zijn getormenteerden, zieken, doden maar ook geliefden die de werken van Edvard Munch bevolken. Een selectie van honderd tekeningen van de beroemde Noor wordt nu in het museum van Elsene getoond. Ja, er hangen ook schetsen van zijn meesterwerk Skrik (De schreeuw) bij.

Brussel

Van onze verslaggever

Ward Daenen

Een historicus heeft ooit beweerd dat hij "de mooiste man was die ooit in Noorwegen heeft geleefd". Misschien was hij wel de mooiste, maar Edvard Munch (1863-1944) was zeker niet de gelukkigste man van Noorwegen. Dat blijkt meteen uit de in Elsene getoonde zelfportretten. Behalve in het uitzonderlijk trotse Zelfportret met ontbloot bovenlijf (1915) schetst hij zichzelf wankel of in zichzelf gekeerd. Zelfportret in rieten stoel. De Spaanse griep uit 1919 en Zelfportret 's nachts, gemaakt tijdens de laatste jaren van zijn leven, zijn twee treffende voorbeelden van een ontredderd kunstenaar.

Edvard Munch had al van kindsbeen af 'skrik'. Waarom? Het gezin Munch was weliswaar geen uitzondering voor een tijd vol epidemieën, maar toch. In 1868 sterft zijn moeder aan tuberculose. Edvard is dan vijf jaar. Negen jaar later overlijdt zijn ene zus, de andere was schizofreen, in 1889 sterft zijn vader en als hij 26 is ook nog eens zijn broer. "In het ouderlijk huis heersten ziekte en dood. Waarschijnlijk ben ik dit nooit te boven gekomen, en heeft dat ook een beslissende invloed gehad op mijn kunst", schrijft Edvard Munch in 1920.

In Het museum van Elsene hangt een houtskoolversie van Dood in de ziekenkamer (1893). Munch tekent zijn herinnering aan zus Sophie die op sterven ligt. Ze zit in een weggedraaide fauteuil en enkel haar witte kleed is zichtbaar. Zo gaat alle aandacht naar de zwart gekleurde omstanders. Ze staan er verslagen bij, nog voor de dood is ingetreden. Vader Christian, een arts, staat vurig te bidden, zus Inger kijkt weg van het kamertafereel en staart de toeschouwer aan. In Bij het doodsbed (1896), getekend met Munchs typisch golvende (inkt)streken, figureren dezelfde personages: vader bidt nu met trillende handen, zus Inger kijkt wanhopig onze richting uit. Maar niemand kan iets doen, ook de kijker niet.

Behalve ziekte en dood zijn liefde en lust bestendige motieven bij Munch. Tientallen handen grijpen begeerlijk naar een vrouw (Handen, 1894) en de kunstenaar tekent blote lijven, bijvoorbeeld in een studie voor zijn vermaarde Madonna-schilderij. Ander voorbeeld is de feestelijke Dans van het leven (1899). En natuurlijk De kus. Daarin tekent Munch de liefde als twee gezichten die samensmelten. Dat kussende paar is een motief dat de Noor van de eerste potloodschets in 1890 tot de laatste versie van Kus in de velden uit 1943 heeft beziggehouden. Het is een uitgelezen voorbeeld van hoe Munch zijn materiaal voortdurend omwerkte, op zoek naar meer eenvoud en variatie.

Niet dat Munch in de liefde van onheil gespaard bleef. Toen zijn langdurige romance met de knappe Tulla Larsen spaak liep in 1902, schoot hij van de weeromstuit een stuk van zijn middelvinger. Munch was gewoon niet voor het geluk geboren. Hij stierf in 1944 in zijn huis in Ekely. Zijn oeuvre liet hij na aan de stad Oslo: 1.000 schilderijen, 15.400 etsen, 4.500 aquarellen en tekeningen. Uit die laatste categorie selecteerde het Museum van Elsene in samenspraak met de ontlener, het Munch Museum, honderd werken. Vooral die van de jaren 1890 - Munch is dan de "meest geavanceerde artiest van zijn tijd" - zijn memorabel.

Geniet hij vooral bekendheid als wegbereider van het expressionisme, uit de expo blijkt dat Edvard Munch diepgaand beïnvloed was door het symbolisme. Stilistisch gezien zijn er nauwelijks overeenkomsten met kunstenaars als Odilon Redon of Jan Toorop. Inhoudelijk wel. De symbolisten waren gefascineerd door mystiek en wilden een diepere, vaak donkere betekenis achter de zichtbare wereld onthullen. Zo kreeg Munch tijdens zijn verblijf in Parijs (1896) de opdracht om Charles Baudelaires dichtbundel Les fleurs du mal te illustreren. Die luxe-editie is uiteindelijk nooit gedrukt, maar Munch heeft er wel een aantal tekeningen voor gemaakt. Bij het gedicht 'Le mort joyeux' ("In een vette grond, vol slakken / Wil ik een diepe grafkuil graven / Waar ik in alle rust mijn oude beenderen kan uitspreiden") tekende hij een gekostumeerd geraamte. In 'Madonna op het kerkhof' (1896) tooit Munch het kleed van een vrouw met verwelkte blaadjes, een verwijzing naar dood en onvruchtbaarheid, en de traditionele mollige cupido is een skelet met gebroken boog geworden. Liefde en dood: Munch verbindt in dit werk twee van zijn belangrijke thema's.

Ondanks (of misschien dankzij) alle kommer en kwel maakt de geniale Munch tijdens die laatste tien jaar van de negentiende eeuw het ene meesterwerk na het andere. Dat kan niet van zijn late oeuvre worden gezegd. Munchs tekenkunst en zin voor perspectief staan nooit ter discussie, maar hij verliest gaandeweg voeling met de tijd. In de twintigste eeuw overspoelen de stijlen de kunstwereld en Munch raakt nauwelijks verder meer dan variaties op bestaand werk en voorts weinig gevaarlijke naakten en arbeiderstaferelen met potlood en waterverf.

Nog dit. De tekeningen van Edvard Munch blijven tekeningen. In de regel zijn ze voorbereidingen van zijn onweerstaanbare schilderijen en grafiek. Die hangen vooral in Noorwegen en Duitsland. In de Belgische musea valt er in ieder geval geen enkele Munch te bespeuren. De honderd tekeningen in Elsene zijn een magnifieke maar tijdelijke compensatie.

Edvard Munch, tekeningen. Tot 16 mei 2004. Museum van Elsene, Jean Van Volsemstraat 71, 1050 Brussel. Info: 02/515.64.22

De tekeningen van Edvard Munch blijven tekeningen. In de regel zijn ze voorbereidingen van zijn onweerstaanbare schilderijen en etsen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234