Zaterdag 07/12/2019

De schone kunsten en de werkelijkheid

Hoewel de tentoonstelling de naam De kunstverzameling van het OCMW Brussel kreeg, is er in de galerij van het Gemeentekrediet in de Passage 44 nog wel wat anders te zien dan kunst in de enge zin van het woord. Aan de hand van oude documenten en prenten wordt ook de geschiedenis van de armenzorg in de hoofdstad geschetst.

Tweehonderd jaar geleden, respectievelijk in 1797 en 1798, werden in Brussel de Commission de la Bienfaisance (dat zich moest bezighouden met thuiszorg) en de Commission des Hospices Civils (onderdak aan hulpbehoevenden) opgericht. Beide instellingen vormden de verre voorlopers van wat nu het OCMW is. De beide commissies kregen ook de taak om het kunstpatrimonium dat zich bevond in de vroegere instellingen wier plaats ze hadden ingenomen, zoals de gods- en weeshuizen, te verzamelen. In de loop van de 19de en 20ste eeuw werd de collectie aangevuld met legaten en met voorwerpen die waren achtergelaten door personen die hulp hadden gekregen. Bewuste aankopen werden niet gedaan.

Wel waren er een paar toevalstreffers: toen aan Victor Horta werd gevraagd om het Brugmannziekenhuis te ontwerpen of aan Henri Partoes om de plannen te tekenen van het Grootgodshuis (nu gekend als het Pacheco-Instituut, in de Brusselse Begijnhofwijk), was men er zich wellicht niet van bewust dat men architectonische parels zou krijgen. Van dit onroerend goed kunnen alle Brusselaars in de straat meegenieten.

Ook bij het roerend erfgoed van het OCMW zitten grote namen. Het meesterstuk op de tentoonstelling is een polyptiek, De dood van de Heilige Maagd, waarvan men weet dat het werd vervaardigd in het atelier van de Brusselse schilder Bernard Van Orley (1491-1541). Het werd in 1827 bij toeval ontdekt toen men voor de bouw van het Pacheco-instituut de middeleeuwse infirmerie van het begijnhof sloopte. Het werk werd pas gerestaureerd door het Koninklijk Instituut van het Kunstpatrimonium; over deze restauratie wordt in de tentoonstellingsruimte ook verslag uitgebracht. Verder is er een Madonna met kind te zien uit de school van de Vlaamse Primitief Rogier Van der Weyden, het olieverfschilderij Vijver en bootjes (1879) van Félicien Rops of de ets Romeinse triomf (1889) van James Ensor. Daarnaast zijn er nogal wat doeken van minder grote namen, en toegepaste kunst zoals meubelstukken of porseleinen servies.

Dat deze stukken door het OCMW niet te gelde werden gemaakt, wordt enerzijds verklaard doordat het in vele gevallen ging om onvervreemdbare legaten, anderzijds omdat ze een grote symbolische en historische betekenis hebben gekregen vanwege hun band met de instelling zelf en met Brussel in het algemeen. Het klopt inderdaad dat de tentoonstelling ook interessant is vanuit historisch en documentair oogpunt. Zo zijn enkele lithografieën opgehangen waarop Paul Lauters (1806-1875) taferelen laat zien van de strijd in Brussel tussen Belgen en Hollanders tijdens de Belgische Revolutie.

Maar vooral over de geschiedenis van de armenzorg zelf kom je vrij veel te weten aan de hand van onder meer authentieke geschreven documenten, oude plattegronden van het Sint-Jansgasthuis of het Sint-Pietersgodshuis, zegels tot zelfs operatie-instrumenten. Uit de verklarende bordjes wordt onder meer duidelijk dat het leven van hulpbehoevenden in de hoofdstad, of in welke andere stad ook, in het verleden geen pretje moet zijn geweest. De opvangmogelijkheden waren beperkt en vaak heerste er een ijzeren regime in de bestaande instellingen. Om nog maar te zwijgen van de hygiënische omstandigheden. Luizenplagen waren schering en inslag, er werd geopereerd in het midden van de ziekenzaal. De geschiedenis van het OCMW: de schone kunsten en de keiharde werkelijkheid, in een en hetzelfde verhaal vervat. (AB)

De expositie is gratis toegankelijk en loopt tot 28 juni, van dinds- tot zondag van 11 tot 18 uur in Passage 44, Pachecolaan 44 in 1000 Brussel. Inlichtingen 02/222.45.05.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234