Vrijdag 03/12/2021

De schaduwregering van Bush

Het belangrijkste van president Bush' speech van woensdagavond was misschien wel de plaats waar hij werd gehouden: het American Enterprise Institute in Washington. Want het AEI is waar het huidige Irak-beleid werd geboren, en van waaruit het nog steeds wordt beïnvloed.

New York / Washington

Van onze correspondent

Gert Van Langendonck

Cabal. Groep van vijf raadgevers van Karel II die Engeland bestuurden van 1667 tot 1673. De eerste letters van de vijf ministers, Clifford, Arlington, Buckingham, Ashley, Lauderdale, vormen het woord cabal. Ook: samenspannen, intrigeren.

Het is met het woord cabal dat in de gespecialiseerde Amerikaanse pers de schimmige groep van functionarissen en raadgevers wordt aangeduid die het Irak-beleid van het Witte Huis bepalen. De leden van Bush' cabalregering zijn geen kabinetsleden. Ze bevinden zich op een iets lager niveau, zoals dat van vice-defensieminister Paul Wolfowitz, bijgenaamd de Velociraptor, en onderminister van Defensie Douglas Feith, die binnen het Pentagon een inlichtingencel runt die als enige opdracht heeft zoveel mogelijk argumenten voor een oorlog tegen Saddam te verzamelen. Of ze behoren helemaal niet tot de regering, zoals Richard Perle, bijgenaamd de Prince of Darkness, verantwoordelijk voor het buitenlands beleid aan het American Enterprise Institute. In de zomer van 2001 werd hij door Donald Rumsfeld aangesteld als voorzitter van de Defense Policy Board, een onafhankelijk adviesorgaan binnen het Pentagon.

De cabalministers hebben gemeen dat ze allemaal al sinds jaren voor een oorlog tegen Irak pleiten, dat ze 'Israël-centrisch' zijn, dat ze behoren tot een groep van gelijkdenkenden rond de standpunten van het AEI, en dat ze meer gemeen hebben met de regeringen-Reagan dan met de eerste regering-Bush. Het is hun visie op het Midden-Oosten die het beleid van de huidige regering-Bush het afgelopen anderhalf jaar heeft bepaald. Maar tot woensdagavond schuwden ze meestal de spotlights omdat de AEI-visie botste met de officiële positie dat een oorlog tegen Irak nodig was vanwege Saddams massavernietigingswapens en de overtreding van de VN-resoluties.

Die hypocrisie lijkt Bush woensdagavond te hebben laten varen. Hij begon zijn toespraak met een lofrede aan het AEI, en hij vermeldde nog slechts heel terloops de Iraakse massavernietigingswapens en de veronderstelde link tussen Bagdad en Al-Qaeda. De nadruk lag op de humanitaire redenen voor een oorlog (vrijheid voor het Iraakse volk) en vooral op de positieve effecten van een regimewijzing in Irak (democratisering in de regio en een uitweg voor het Israëlisch-Palestijns conflict). Het is de argumentatie die de cabalregering achter de schermen al jaren voert.

Een van de eersten om Paul Wolfowitz in een positief daglicht te stellen - anders dan de clichématige voorstelling als een bloeddorstige havik - was Bill Keller in het New York Times-magazine in september vorig jaar. "Opvallend aan Wolfowitz", schreef Keller, "is zijn optimisme over Amerika's vermogen om een betere wereld uit te bouwen. Zijn visie op de rol van Amerika is bijna die van een missionaris. In de huidige context betekent dat een visie op Irak als een democratische bouwsteen van een nieuw Midden-Oosten, een geloof in 'een strategische transformatie van de hele regio'."

Wolfowitz maakte tijdens de regering-Ford deel uit van Team B, een groep die door toenmalig CIA-directeur George H. Bush was opgericht om de extremere stromingen met betrekking tot de Sovjet-Unie te kanaliseren. Van Team B werd verwacht dat ze alle bestaande inlichtingenrapporten over de sovjetdreiging negeerden, en in de plaats argumenten zochten die een agressievere aanpak van de Koude Oorlog en de wapenwedloop konden rechtvaardigen. In zekere zin is Feiths inlichtingencel binnen het Pentagon een weerspiegeling van dat Team B.

Maar Wolfowitz is ook visionair. Al in 1977 waarschuwde hij voor de dreiging van een Iraakse invasie van Koeweit, en in 1991 was hij een van de weinigen die ervoor pleitten om na de bevrijding van Koeweit de opstand van de Iraakse Koerden en sjiieten tegen Saddam actief te ondersteunen.

De aanslagen van 11 september waren de katalysator voor het gangbaar maken van het gedachtegoed van de cabalregering rond Wolfowitz, Perle en Feith. Het was Wolfowitz die kort na 9/11, op 15 september om precies te zijn, op een vergadering in het Witte Huis zijn baas Donald Rumsfeld passeerde en voorstelde om Irak aan te vallen. Toen werd Wolfowitz nog de mond gesnoerd, maar tegen april vorig jaar was de president overtuigd van Wolfowitz' argumenten, en werd regimewijziging in Irak het officiële regeringsbeleid.

Voor de AEI-kliek moet woensdagavond de kroon op een levenswerk zijn geweest, het resultaat van jarenlange inspanningen, eerst binnen het beleid, en tijdens de Clinton-jaren vanuit de oppositie, om Washington te overtuigen van het nut van een totale oorlog tegen Irak. Want al in 1998, het jaar van operatie Desert Fox, werd president Clinton overstelpt met brieven waarin werd aangedrongen op een regimewijziging in Irak. "Wij geloven dat de VS het recht hebben om de noodzakelijke, militaire stappen te ondernemen om onze vitale belangen in de Golfregio veilig te stellen", luidde een zo'n brief. En: "In geen geval mag het Amerikaanse beleid verlamd worden door een misplaatst aandringen op unanimiteit binnen de Veiligheidsraad." De ondertekenaars waren Wolfowitz, Rumsfeld, Perle en John Bolton, gewezen vice-president van het AEI en tegenwoordig onderminister van Buitenlandse Zaken.

Centraal in het denken van de cabalregering, en in Bush' speech van woensdagavond, staat het geloof dat het omverwerpen van Saddam in de regio een golf van democratisering zal teweegbrengen. Maar, in de wetenschap dat een aanval op Irak in eerste instantie vooral nog meer anti-Amerikaanse gevoelens in de Arabische wereld zal opwekken, is een gelijktijdige oplossing voor het Israëlisch-Palestijns conflict noodzakelijk. Vandaar dat Bush woensdagavond in één adem zijn steun herhaalde voor een levensvatbare Palestijnse staat én een duidelijk signaal gaf aan de nieuwe regering-Sharon dat er in dat geval "een einde moet komen aan het joodse nederzettingenbeleid in de bezette gebieden".

Hij maakte ook duidelijk dat een dergelijke deal alleen tot stand kan komen als Arafat van het toneel verdwijnt: "Wanneer Saddam Hoessein van het toneel is verdwenen, zullen die Palestijnen die voor hervorming zijn in een betere positie zijn om nieuwe en betere leiders te kiezen, en te werken aan een vreedzame Palestijnse staat die eens en voor altijd het gebruik van terreur afzweert."

Er is natuurlijk enig inlevingsvermogen voor nodig om Amerika's huidige buitenlandbeleid te zien als een oprechte inspanning 'to make the world a better place'. En dat is ook de achilleshiel van het denken van de cabalregering: ze gaat uit van een 'best-casescenario', eentje waarin de Irakezen de Amerikanen 'met muziek' verwelkomen, waarin Israël de Palestijnse staat erkent en de Palestijnen het terrorisme afzweren, waarin overal in het Midden-Oosten dictaturen worden omvergeworpen door (niet-fundamentalistische) volksbewegingen, en waarin democratie en vrijheid het terrein effenen voor een deelname van het Midden-Oosten aan de globalisering van de wereldhandel.

Maar het kan, dat spreekt voor zich, op elk moment fout gaan. Zoals Bill Keller in de New York Times schreef: "Als de interventionisten gelijk hebben, dan zal Amerika veiliger en meer gerespecteerd worden in de wereld, en zal het het de komende jaren heel, heel druk krijgen. Als Wolfowitz en co. het bij het foute eind hebben, dan zal Amerika straks heel diep in het puin staan, heel, heel alleen."

'Als de interventionisten gelijk hebben, zal Amerika meer gerespecteerd worden in de wereld. Als Wolfowitz en co. fout zijn, dan staat Amerika straks diep in het puin'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234