Zaterdag 27/11/2021

De Rus van zes miljoen

Hoe een Belgisch witwas-onderzoek tegen rechterhand Oekraïnse president de relaties tussen beide landen verstoort

Wie de Oekraïnse president Leonid Kutsjma en zijn entourage in verband durft brengen met corruptie en witwasserij lijkt Russische roulette te spelen. Een journalist uit Kiev moest zijn artikelen over fraude in kringen rond het staatshoofd met de dood bekopen. Een Vlaamse zakenpartner van de rechterhand van Kutsjma kreeg doodsbedreigingen toen hij verdachte transacties wou melden. Een Brusselse onderzoeksrechter die een witwas-onderzoek voert tegen de Oekraïner moest door diens entourage in Antwerpen worden omgekocht. De nieuwe ambassadeur van België kreeg nog voor zijn vertrek naar Kiev een waarschuwing. Het resultaat: ernstig bekoelde relaties op gerechtelijk en ministerieel vlak. Voor Buitenlandse Zaken reden voor diplomatiek overleg, gisteren.

Caspar Naber

Offshore-maatschappijen in belastingparadijzen als Mauritius, de Seychellen en de Maagdeneilanden spelen een centrale rol in het witwas-onderzoek tegen Alexander Volkov, sinds jaar en dag de rechterhand van de Oekraïnse president Leonid Kutsjma. Volgens sommigen is niet die laatste maar Volkov de werkelijke machtigste man in de voormalige Sovjet-republiek. Dat hij veel macht heeft, blijkt uit de bevindingen van Brusselse speurders. Die namen de voorbije drie jaar de geldstromen onder de loep tussen de Oekraïne en Volkovs' offshore-maatschappijen en privérekeningen.

De speurders ontdekten dat bij dit internationale financiële verkeer ook twee Belgische vennootschappen waren betrokken. De eerste, VDS Trading, bleek opgericht in Antwerpen. Ze had haar maatschappelijke zetel in de beruchte Antwerp Tower aan de De Keyserlei. De kantoortoren raakte bekend via de entourage van Boris Birstein, in gerechtelijke kringen bekend als een lid van de Russische maffia. Een van de Belgische vennoten van VDS Trading ontdekte al vrij snel dat er iets niet in de haak was met de transacties van de firma. Hij stelde aan de hand van rekeninguittreksels vast dat buiten zijn medeweten geld van de vennootschap was overgeschreven naar een andere rekening. Die bleek geopend door Volkov zelf. Toen de Belg zijn medevennoot om opheldering vroeg, kreeg hij het advies zich met zijn eigen zaken te bemoeien. Daarop liet de Vlaming de Rus weten dat hij de verdachte transacties zou melden aan de bevoegde instanties. Dat leverde hem doodsbedreigingen op, waarna de Belg in Dendermonde klacht indiende en uit vrees voor zijn leven onderdook.

De tweede Belgische vennootschap die de speurders tegenkwamen in het Volkov-onderzoek bleek gevestigd in Melsele, tussen Beveren en Antwerpen. De firma VNV stond in tegenstelling tot VDS Trading niet op naam van Volkov zelf maar op die van zijn vrouw. Zij fungeerde als afgevaardigd beheerder. Niettemin had haar echtgenoot wél het oprichtingskapitaal gestort. De speurders stelden vast dat dit bedrag toevallig overeenstemde met dat van de facturen van de aankoop van een Roll's Royce en van een Bentley. Bestond de firma aanvankelijk uit een garagecomplex en een showroom, later kwamen daar ook nog twee woningen en en hangar bij. Al had Volkov officieel niets te maken met VNV, de aankoop van de onroerende goederen werd betaald met een cheque van één van zijn offshoremaatschappijen en ondertekend door hemzelf.

Op basis van deze vaststellingen namen de Brusselse speurders Volkov's offshoremaatschappijen onder de loep. Vier van de zes bleken geen enkele activiteit te hebben. Niettemin was er druk betalingsverkeer van en naar de maatschappelijke rekeningen. De onderzoekers stelden vast dat er regelmatig stortingen gebeurden vanuit de Oekraïne. Het geld werd vervolgens afgehaald en/of overgeschreven naar privérekeningen van Volkov. In totaal beschikten zijn offshore-maatschappijen over een tiental bankrekeningen. Aan elke rekening bleken twee kredietkaarten verbonden: Visa en Eurocard. Die werden allemaal gebruikt, vaak op dezelfde dag.

De vaststellingen versterkten de vermoedens van verduistering en witwasserij van geld uit de Oekraïnse schatkist, door de speurders geschat op ongeveer 6 miljoen dollar. Vandaar dat de Belgische rekeningen van Volkov - bij de Kredietbank in Melsele - werden geblokkeerd.

In totaal stond er voor ruim honderd miljoen frank aan dollars op geparkeerd. Tegelijk werden de onroerende goederen en het wagenpark in beslag genomen. Vervolgens nodigde de Brusselse onderzoeksrechter Colette Callewaert Volkov uit voor een gesprek. De uitnodiging bleef onbeantwoord tot juni 1998. Toen voelden de magistraat en de speurders de Oekraïner gedurende twee dagen aan de tand. Veel wijzer werden ze daar niet van. De verdachte beantwoordde de meeste vragen met: "weet ik niet meer" en "moet ik opzoeken in mijn boekhouding". Volkov beloofde zijn ondervragers de antwoorden binnen de maand op te sturen, maar die belofte kwam hij nooit na.

De weinige overschrijvingen die de politicus zich wél kon herinneren, hadden naar zijn zeggen betrekking op de nakoming van contracten, gesloten door zijn offshore-maatschappijen. Een opmerkelijk antwoord, omdat hij vlak voordien aan de speurders had bekend dat die maatschappijen niet actief waren. Die verklaring trok Volkov achteraf in. Naar zijn zeggen had de Rusische tolk die bij het gesprek aanwezig was hem verkeerd begrepen.

Een van de contracten die moesten worden nagekomen, had volgens Volkov betrekking op de verkoop van Oekraïnse kolen aan Moldavië. Zijn firma in de Oekraïne was hierbij opgetreden als tussenpersoon. Dat de koper een bedrijf was op naam van Boris Birstein (wiens naam de speurders ook al waren tegengekomen bij het onderzoek naar Volkov's firma VDS Trading in de Antwerp Tower), heette toeval te zijn. Dat er betaald was in dollars hield volgens de Oekraïner verband met de inflatie. Om dezelfde reden was de koopsom naar zijn zeggen vanuit Moldavië via België naar de Oekraïne getransferreerd. Vonden de speurders wél bewijzen van storting van de dollars vanuit Moldavië, dat dit geld van Volkovs' Belgische rekeningen was doorgesluisd naar zijn vaderland konden ze nergens uit afleiden.

Volkov verklaarde desgevraagd dat de koopsom rechtstreeks was betaald aan de Oekraïnse mijnen. Bij het natrekken van die verklaring bleek dat de bewuste steenkoolmijn niet meer beschikte over de documenten van de verkoop. Die moesten volgens de Oekraïnse wetgeving slechts drie jaar bewaard worden en waren na het verstrijken van die termijn vernietigd. Toen de speurders via de directeur van de mijn meer duidelijkheid probeerden te krijgen, werd hen meegedeeld dat de man niet meer in functie was en dat niemand wist waar hij zich bevond.

Teineinde toch te kunnen uitmaken of de mijn het geld had ontvangen, wendden de Brusselse speurders zich via een rogatoire commissie tot het Oekraïnse gerecht. Daarbij werd een beroep gedaan op de verbindingsofficier van de Belgische rijkswacht in Moskou. Die zocht rechtstreeks contact met het parket-generaal in Kiev. Dat de Brusselse speurders niet zelf naar de Oekraïnse hoofdstad afreisden had te maken met bedreigingen aan hun adres. Via een informant van de gerechtelijke politie uit Antwerpen hadden de onderzoekers vernomen dat ze welkom waren maar moesten aanvaarden dat ze België niet direct zouden terugzien. Dezelfde informant had in de Antwerpse entourage van Volkov ook vernomen dat onderzoeksrechter mevrouw Callewaert moest worden omgekocht. Wanneer dat niet onmiddellijk zou lukken, beloofde Volkov meer geld te zullen sturen. Een officieel antwoord op het verzoek tot rechtshulp kwam er nooit. Uit protest tegen de gang van zaken gaf het Brusselse gerecht ook geen gevolg meer aan soortgelijke verzoeken uit de Oekraïne.

Blijkbaar kreeg Volkov de Belgische vragen wél te zien. Via zijn nieuwe raadsman in Brussel ontving het parket in juli vorig jaar een kopie van een bijzonder document. Daaruit bleek dat het onderzoek dat in de Oekraïne was opgestart tegen Volkov - op aangeven van twee parlementsleden die hadden vernomen over het witwas-onderzoek in Brussel en naar het parket-generaal waren gestapt - niets had opgeleverd. Volgens het schrijven werd de zaak door het Oekraïnse gerecht geclasseerd en stelde het Volkov buiten vervolging. Het ministerie van Justitie in Kiev zou een kopie van die beslissing hebben opgestuurd in juli vorig jaar, tesamen met het antwoord op de Belgische vragen. Het Brusselse parket, noch de ministeries van Buitenlandse Zaken en Justitie ontvingen die stukken. Ook bij de ambassade kwam het antwoord niet binnen.

Wél arriveerde er een brief van het parket-generaal in Kiev. Het vroeg de Belgische minister van Justitie om op te treden tegen zijn dienaars. De verbindingsofficier in Moskou had volgens de procureur-generaal geen rechtstreeks contact mogen zoeken met hem maar de diplomatieke weg moeten bewandelen of het Oekraïnse ministerie van Justitie moeten inschakelen. Door dat niet te doen liet België volgens de Oekraïne blijken rechtstreeks belang te hebben bij de zaak. Vandaar het verzoek van het Oekraïnse parket-generaal aan Justitieminister Marc Verwilghen om de betrokkenen op de vingers te tikken.

De verstoorde relatie tussen het Brusselse en Oekraïnse gerecht zit minister van Buitenlandse Zaken Louis Michel (PRL) dwars. De doodsbedreigingen aan het adres van de kersverse Belgische ambassadeur in Kiev ook. Vandaar dat gisteren een vergadering werd belegd op het kabinet. Vertegenwoordigers van Buitenlandse Zaken, Justitie en gerecht bespraken de problemen op diplomatiek niveau.

Het witwas-onderzoek tegen Volkov werd noodgedwongen afgesloten. De onderzoeksrechter maakte het dossier over aan het parket. Substituut Merckx, die met de zaak is belast, verklaarde aan De Morgen nog geen tijd te hebben gehad het dossier te lezen. Eenmaal hij dat gedaan heeft, zijn er twee mogelijkheden. Indien de magistraat vaststelt dat het onderzoek niet volledig is, stuurt hij het dossier terug naar de onderzoeksrechter die nieuwe onderzoeksdaden kan laten verrichten. Vindt de substituut dat het onderzoek wél volledig is, dan moet hij uitmaken of er voldoende bewijzen zijn tegen Volkov. Is dat niet het geval, dan zal de Oekraïner buiten vervolging worden gesteld door de raadkamer. Is er wel genoeg belastend materiaal tegen de volksvertegenwoordiger, dan zal de substituut diens verwijzing vragen naar de correctionele rechtbank. De kans dat Volkov daar ooit zal verschijnen, lijkt bijzonder klein.

De huidige advocaat van Volkov reageerde niet op onze verzoeken om een weerwoord van zijn cliënt. Die reageerde in 1998, bij monde van zijn toenmalige advocaat, wél op het eerste artikel over het Brusselse onderzoek tegen hem. Volkov nodigde de journalist uit om op zijn kosten naar Kiev te komen. Hij mocht zo lang blijven als hij wilde. Indien de gerechtsverslaggever er een vakantie aan vast wilde knopen, kon dat ook. Alles leek mogelijk tot de journalist garanties eiste in verband met de berichtgeving. Een door hem én Volkov ondertekende verklaring waarin zwart op wit zou staan dat de verslaggever niet verplicht was louter positief te schrijven over de rechterhand van de president. Het laatste dat toen vanuit Kiev werd vernomen was dat zowel de journalist als het Belgische gerecht zich voor het karretje hadden laten spannen van de oppositie. Een voor de hand liggende reactie aangezien de Oekraïne afstevende op verkiezingen.

De stembusgang werd gewonnen door Kutsjma. Hij raakte twee weken geleden in opspraak door uitlatingen van oppositieleider Olexander Moroz. Die houdt de president verantwoordelijk voor de ontvoering en mogelijk ook de dood van de Georgische journalist die openlijk durfde schrijven over corruptie in kringen rond Kutsjma. Bandopnames in handen van De Volkskrant lijken dat te bewijzen. De president schuift de schuld op buitenlandse veiligheidsdiensten. De pers krijgt opnieuw het verwijt zich voor het karretje van de oppositie te hebben laten spannen...

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234