Maandag 16/05/2022

De pest is in de stad

Brussel

Van onze medewerker

Stephan Moens

Stravinsky kon de mensen op het verkeerde been zetten. Hij beweerde dat hij voor het schrijven van Oedipus Rex geïnspireerd was door het lezen van een biografie van Franciscus van Assisi (vandaar het Latijn voor de gezongen teksten). Hij stond er ook op dat de protagonisten zich zouden gedragen 'als standbeelden', zonder persoonlijke gevoelens. En om het vervreemdingseffect nog te verhogen, schreef hij voor Jocasta een aria van het zuiverste operawater en voor het koor gebeitelde, gescandeerde blokken.

Waarover gaat dit stuk dan? Heeft het nog alle lagen en diepten van de tragedie van Sophocles of is het gewoon een leerstuk in de Brechtiaanse betekenis van het woord? In elk geval heeft de misleidende werkwijze van Stravinsky, Cocteau en Daniélou verschillende mogelijkheden opengelaten. Wat nog niet wil zeggen dat ze allemaal juist zijn.

Guy Joosten heeft voor zijn enscenering, die nu door de Munt in het Koninklijk Circus wordt gebracht en later nog in de Vlaamse Opera en in de Opéra Royal de Wallonie te zien zal zijn, vooral voor het leerstuk gekozen. De pest is in de stad, dat maken de ratten in de filmbeelden van Claudio Pazienza vanaf het begin duidelijk, evenals om welke stad het gaat: we zien beelden uit Brussel, Gent, Antwerpen... met Belgische mensen en Belgische televisiestations. Onder het projectiescherm zit het orkest, het is doorsneden door een arm van de noodlottige driesprong. De twee andere omvatten de arena van het circus, waar Oedipus en Jocasta zwijgend en versteend ('als standbeelden') op hun troon zitten, verbonden door een bruidssleep als een navelstreng. Dat is allemaal heel zinvol maar ook erg symbolisch en illustratief.

Komt op: de 'speaker'. Zo heeft Cocteau, verwijzend naar de radio-omroeper, de verteller genoemd. Joosten heeft hem een alter ego gegeven, een 'speler' die eerst kleine correcties, kritieken of verduidelijkingen aan de woordenvloed van de speaker toevoegt maar in de loop van het stuk deze langzamerhand zal overstemmen. Hij wordt de man die de nog enigszins afstandelijke taal van de speaker populistisch interpreteert en zo de val van Oedipus versnelt. Ook hier is de parallel met huidige toestanden (te?) klaarblijkelijk. De twee vertellers zijn burgerlijke tweelingbroers à la Gilbert & George; het onderscheid bestaat enkel in de spreek- en acteerwijze: Christian Baggen demonstreert Franse grootsprakerigheid, Vic De Wachter Vlaamse pseudo-common sense.

Al te veel andere elementen beklemtonen deze 'Brechtiaanse' aanpak: de zakken met opschriften ('weg met de pest!' in vele variaties) waarin orkest en koor zijn getooid, de maskers en de kranten die ze opdiepen (Het Volk en Le Peuple), het stuntelige acteerwerk van het koor, enzovoort. Dat kan allemaal veel subtieler en, wat erger is, vindt niet het juiste tegenwicht in het persoonlijke drama van Oedipus en Jocasta. Anthony Rolfe-Johnson is als Oedipus een mooie, breekbare figuur maar nauwelijks een vergoddelijkte koning; helaas komt die breekbaarheid ook al in de stem tot uiting. Yvonne Naef is waardig als Jocasta maar laat enkel in de zang iets vermoeden van de grote liefde die in de eerzucht van haar personage gemengd geweest moet zijn. De figuur van Creo krijgt weinig perspectief (hij is niet veel meer dan een soort functionaris die met een palmtak zwaait), al zingt Knut Skram de rol heel nobel. Het idee om de boodschapper (Werner Van Mechelen) als een fietskoerier te laten optreden, is meer lachwekkend dan zinvol en zorgt er enkel voor dat de volstrekt klassieke invulling van Tiresias (Jaco Huijpen) en de herder (Guy De Mey) nog juister lijkt - wat niet noodzakelijk het geval is.

Over het persoonlijk-mythische deel van het drama is duidelijk minder nagedacht dan over het politieke. Dat blijkt ook uit de niet altijd even geïnspireerde kostuums van Jorge Jara en de (toegegeven, in het Koninklijk Circus erg moeilijk te realiseren) oppervlakkig-coloristische belichting van Wolfgang Göbbel. In het decor van Benoît Dugardyn valt de mooie achtermuur op; al wat daarvóór te zien is, lijkt eerder een noodoplossing. Het valt nog af te wachten hoe dit probleem in de 'gewone' theaters van Antwerpen, Gent en Luik wordt opgelost.

Muzikaal is dit wel een tamelijk sterke productie; koor en orkest geven onder Marc Albrecht een evenwichtige, eerder neutrale en op de beslissende momenten toch warme en geëngageerde lezing van de partituur; de solisten zijn op enkele reserves na goed. Scenisch is de moeilijke opdracht die Stravinsky opgeeft echter niet echt volbracht. De moraal moet bij een dergelijk stuk vanuit de objectiviteit van de situatie en het lot van de personages blijken; wie een andere moraal aan de hand van het stuk wil opleggen, blijft noodzakelijk aan de oppervlakte.

Nog voorstellingen in het Koninklijk Circus in Brussel vandaag, 4, 5 en 6 mei om 20 uur en op 7 mei om 15 uur, daarna in de Vlaamse Opera in Antwerpen en Gent.

Opera 'Oedipus Rex' in het Koninklijk Circus

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234