Vrijdag 05/03/2021

De passie van René Franken

'Het lijkt hier soms meer op een café. Ik merk dat de mensen zich hier op hun gemak voelen'

Interview door Joseph Pearce

Het antiquariaat van René Franken in Antwerpen is een vast adres voor al wie van boeken en literatuur houdt. Samen met collega-antiquaar Erik Tonen organiseert Franken ook de Antiquarenbeurs in Antwerpen die volgende week voor de tweede keer plaatsvindt. Een ontmoeting met een gedreven man: 'Een antiquariaat is allesbehalve saai, net als literatuur - literatuur is sexy'.

De Wolstraat in het hart van Antwerpen maakt alleen vrij baan voor de tram en is zo smal dat niemand zijn auto op het trottoir kan parkeren. Het is een straat met zowel alledaagse als buitenissige winkels. Aan het einde een kapper (Albrecht Dürer woonde een tijdje boven), aan het begin een kledingzaak voor deathmetal- en punkfans. Recht tegenover de laatste, naast elkaar, een literaire tweeling: links De Groene Waterman, uit de as herrezen na een brand en weer de beste literaire boekwinkel van de stad, rechts antiquariaat Demian. Een onopvallend huis. Een kleine, maar aantrekkelijke en goed gevulde etalage.

Op een stoel achter een tafel in de hoek zit de eigenaar met een kop koffie in de hand. Op de tafel voor hem staat een vaas met gele tulpen. "Mijn winkel is mijn woonkamer," zegt René Franken. Hij huurde dit huis negen jaar geleden, werkte toen nog voor De Slegte op de Wapper maar was op zoek naar een eigen plek, een eigen toekomst. Vandaag is zijn antiquariaat een vast adres voor al wie van boeken en literatuur houdt. Franken is een gedreven man. Hij legt niet alleen de lat hoog in zijn aankoopbeleid, maar houdt ook literaire tentoonstellingen en geeft met steeds grotere regelmaat zelf boeken uit. En hij organiseert samen met collega-antiquaar Erik Tonen de Antiquarenbeurs in Antwerpen, die volgende week voor de tweede keer plaatsvindt.

Een gesprek met Franken voeren is als rijden op een roetsjbaan, onvoorspelbaar. "Wat moet dit voor een interview worden?" vraagt hij nu en dan verbaasd. En: "God, waarom die gewichtige woorden?" Franken is als de dood voor verkeerde interpretaties, veralgemeningen, etiketten. "Laten we het lichter houden," zegt hij met klem. "Een antiquariaat is allesbehalve saai, net als literatuur - literatuur is sexy."

René Franken werd in 1965 in Andelst geboren, een dorpje in de Betuwe. De plattelandsjongen was amper vijftien toen hij wist wat hij wilde. "Natuurlijk kon ik mij niet voorstellen wat dat inhield, maar ik wilde in een boekhandel werken." Franken leerde vier jaar later wat het boekenvak niet inhield. "Bij De Slegte in Arnhem stelden ze geen vragen over literatuur," zegt hij, zo te zien nog altijd teleurgesteld. "Ik denk dat ik de baan heb gekregen omdat ze onder de indruk waren dat ik twintig kilometer ver naar Arnhem was gefietst."

De leertijd begon. "Onafzienbare rijen boeken heb ik in die eerste jaren gesorteerd en rechtop gezet, voordat ik nog maar met een potlood een boek van zijn prijs mocht voorzien. Zoveel mogelijk door je handen laten gaan en onthouden. Al die informatie, het was een blijvende uitdaging."

De verwachtingen van zijn ouders lagen uiteraard elders. Ze waren opgelucht dat hun zoon zijn ambitie om een theateropleiding te volgen had laten varen, maar vonden dat je met hoger middelbaar toch niet in een winkel gaat staan. Het centrale boek in zijn opvoeding was de Statenbijbel. Hoewel Franken zich vervreemdde van de godsdienstige waarde van het boek, lag het toch ten grondslag aan zijn literaire interesse. "Mijn vader las na het eten voor uit dat boek, waarvan ik als kind dacht dat het alle verhalen bevatte die maar konden bestaan. Ik genoot vooral van het ritueel, de klank van voor mijn leeftijd onverstaanbare woorden." Maar godsdienst was voor Franken verstikkend. "Ik moest daaruit ontsnappen."

De ultieme ontsnapping was zijn promotie naar Antwerpen. "Het was een voorstel van de oude meneer De Slegte, een heel sympathieke man. Begon in Rotterdam met een karretje boeken. Maar ik hoef niet de hele geschiedenis van De Slegte te vertellen. Enfin, meneer De Slegte zag wel iets meer in mij en stelde mij voor in een ander filiaal meer ervaring op te doen. Dat leek me fantastisch. Het werd Antwerpen. Mijn ouders waren niet echt blij, maar het was een promotie, dus in dat laatje kon het. Ik werd meteen voor een inkoop van een partij boeken met een autootje op weg gestuurd. Heg noch steg kende ik hier, en ik moest al naar Brasschaat!" Franken leerde snel. "Natuurlijk bega je vergissingen," geeft hij toe. "Je betaalt leergeld. Iemand kwam eens een incunabel aanbieden. Kunnen wij niets mee doen, meneer, zei ik, de titelpagina ontbreekt. De man ging verongelijkt weg. Wist ik veel dat incunabelen nooit een titelpagina hebben."

Hoewel Franken filiaalhouder kon worden, wilde hij weg uit de boekensupermarkt. Boeketreeksen, computerboeken, pulp, het interesseerde hem niet. Zijn passie was literatuur en hij wilde vooral onafhankelijkheid. Bovendien miste hij het contact met de klanten. Ontslag nemen werd onvermijdelijk. "Dus je gaat het smalle pad van de antiquaar bewandelen?" vroeg meneer De Slegte. "Ik weet dat je het kunt en wens je veel succes, maar als je terug wil komen, ben je meer dan welkom."

Franken huurde het huis in de Wolstraat en zette er de vijfduizend boeken uit zijn eigen bibliotheek in. Van sommige was het moeilijk afstand te doen, maar het was het begin van een avontuur dat hij zich nooit beklaagd heeft. Aanvankelijk gingen er meer boeken de deur uit dan dat er werden aangeboden. "Toen het aanbod eenmaal op gang kwam, werd het eenvoudiger afstand te doen. Een handelaar is geen verzamelaar. Er moet circulatie zijn." Het aanbod van Demian is niet breed, wel diep. Literatuur, kunst en filosofie. "Ik ben zeer kritisch in wat ik accepteer en afwijs. Het uitgezochte aanbod zorgt er wel voor dat je een zeer trouw publiek aantrekt."

De clientèle van Demian is gevarieerd. Van dromerige meisjes voor Russische literatuur tot verzamelaars van eerste drukken en schrijversmemorabilia. "Voor mij is de uitwisseling met de mensen die hier binnenkomen erg waardevol. Velen zijn vrienden geworden. Het lijkt hier soms dan ook meer op een café. Ik merk dat de mensen zich hier op hun gemak voelen." Franken walgt van lieden die de waarde van boeken alleen in bankbiljetten kunnen uitdrukken. "Er zijn veel verzamelaars die hun boeken bezitten om ze ongelezen te laten, voor wie zeldzaamheid en postfrisheid primeren, daar valt niet mee te praten."

Franken is gebeten door de literatuur. "In een boek kan je alles en niets overkomen. Hoe dan ook, het moet meeslepend zijn. Ik laat me zelden leiden door wat recensenten wekelijks als een nieuw meesterwerk aanprijzen. Ik volg mijn eigen ritme. Natuurlijk ben ik ook wel gevoelig voor impulsen van buitenaf, maar het best ontdek je zelf. Eén schrijver kan je op het spoor van vele schrijvers zetten. Een voorkeurslijstje? Al te luide eenzaamheid van Hrabal, Het martyrium van Canetti, zéker De meester en Margarita van Boelgakov, De zondvloed van Brouwers, De Kapellekensbaan van Boon, Dode zielen van Gogol. Ach, er is zoveel!"

Met Jeroen Brouwers is een bijzondere relatie gegroeid. Toen Franken nog maar pas in Antwerpen woonde, las hij Brouwers voor het eerst. Een herkenning. Hij wilde iedere letter van hem lezen. "In die periode werd Brouwers geïnterviewd op Het Andere Boek. Ik nam mij voor hem te ontmoeten en wilde een handtekening in Mijn Vlaamse jaren. Nog nooit had ik een schrijver om een handtekening gevraagd. Het is er ook niet van gekomen, want al tijdens het interview twijfelde ik aan de zin van zoiets. Vol indrukken kwam ik thuis, zette het boek weer in de kast en schreef Brouwers een brief. Heel impulsief. Ik kreeg een vriendelijke brief terug.

Enkele weken later zag ik in een antiquariaat een volledig manuscript van Jeroen Brouwers te koop aangeboden. Het lag in een protserig vitrinekastje. Dit kan niet, dacht ik. Een schrijver zou toch nooit zijn eigen handschrift wegdoen, dus moest iemand dat gestolen hebben. Opnieuw schreef ik een brief. Als u wilt, schreef ik, zal ik het voor u terugstelen. Brouwers was gecharmeerd, maar terugstelen hoefde niet, want hij had het bewuste manuscript indertijd laten veilen ter redding van De Morgen. Als ik dan toch iets wilde stelen, raadde hij me aan dat vitrinekastje te stelen, want dat was beslist meer waard dan zijn papier. Valse bescheidenheid van Brouwers? Absoluut. Maar hij had het kastje niet gezien, natuurlijk." Jaren later zou Franken de manuscripten van Jeroen Brouwers tentoonstellen. Hij ontruimde er toen zijn hele winkel voor. "Een winkel voor Brouwers, een eerbetoon."

De laatste tentoonstelling in Demian was een overzicht van etsen van Ysbrant, een goede vriend. Op het eerste gezicht niet direct literair, maar toch met veel verwijzingen naar de literatuur. En door de ophanging van de werken - de lijsten waren op de boekenkasten gemonteerd - ontstond er een wisselwerking met de boeken. "Voor sommige klanten was het storend, want ze moesten de etsen oplichten om bij de boeken te kunnen. Uiteindelijk bleken de boeken achter de etsen het meest gewild. Ik ben telkens op zoek naar nieuwe presentatiemogelijkheden in de winkel. Een antiquariaat kan veel meer zijn dan alleen maar een plaats waar boeken worden verhandeld."

Vooral de fototentoonstelling met schrijversportretten van Herman Selleslags en de Brouwers-tentoonstelling Al dat papier kregen ruime aandacht in de pers. "Het is jammer dat sommige tentoonstellingen, zoals die van collages van Marcel Wauters en de lyrische labyrinten van Adriaan de Roover, niet de respons kregen die het werk verdiende." In oktober volgt een tentoonstelling rondom dichter Paul Snoek, die twintig jaar geleden om het leven kwam. Daarna zijn er plannen voor een tentoonstelling rondom de Beat Generation.

Met de uitgave van de verzamelde gedichten van Adriaan de Roover werd Demian ook een uitgeverij. "Ik stond er niet bij stil of het goed zou verkopen, ik vond gewoon dat het er moest zijn. Een prestatie? Ach, welnee. Ik ben niet de kruidenier die het krantenstuk waarin hij figureert op zijn etalageruit plakt. Boven op mijn kamer staan nog dozen vol van De Roover. Boeken worden niet slecht."

Vorig jaar gaf Franken samen met de VUB Pers Brouwers in Brussel uit. Dat werd wél een commercieel succes. Volgende week verschijnt een nieuw boek. De zon brengt voor het eerst de teksten die Louis Paul Boon schreef bij Le Soleil, een beeldroman van Frans Masereel, samen met de houtsneden. Boon schreef die teksten eind jaren veertig en liet ze verschijnen in De Rode Vaan. "Boon zet met zijn prachtige taal de houtsneden op zijn geheel eigen manier naar zijn hand. Het is verwonderlijk dat nog nooit iemand de beide kunstenaars samenbracht."

Op zijn twintigste gaf Franken gedichten van zichzelf uit. "Ik wilde iets in handen hebben," zegt hij. Schrijven doet hij nog altijd, maar het blijft binnenskamers. "Ik doe het voor mezelf. Ik moet schrijven. Als een gevoel zich laat verwoorden, geeft dat een enorme voldoening. Zeg maar, uit de werkelijkheid getild zijn en daaraan herinnerd willen worden. Ik draag nooit een polshorloge."

Joseph Pearce

De Antiquarenbeurs vindt plaats op zaterdag 7 april en zondag 8 april in de Handelsbeurs (in de Twaalfmaandenstraat, vlak bij de Meir). De beurs is zaterdag geopend van 11 tot 18 uur en zondag van 11 tot 17 uur. Toegang 70 frank. Voor meer informatie: 03/233.32.48 of 03/237.94.66.

Het aanbod van Demian is niet breed, wel diep

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234