Maandag 16/05/2022

De paria's van het Iers Republikeins Leger

Twee keer loog Teresa Browni. Eerst toen ze een baan wilde in een grote winkelketen in het centrum van Belfast, later toen ze solliciteerde bij een supermarkt. Twee keer verborg ze haar ware identiteit en haar gerechtelijk verleden. 'Ze hadden me nooit aanvaard als ik de waarheid vertelde.' Tien jaar geleden smokkelde de vrouw wapens en explosieven voor het Iers Republikeins Leger (IRA). Dat activisme kostte haar drieënhalf jaar cel en nu het statuut van paria in de samenleving.

Belfast

Libération

Christophe Boltanski

Op haar 39ste is Browni werkloos, net als de meeste van haar vroegere celgenoten. Eens in vrijheid belanden de oude protagonisten in het Noord-Ierse conflict steeds vaker in de marge van de arbeidsmarkt. Nu zijn ze niet langer opgesloten, veeleer uitgesloten. De voormalige paramilitairen, of ze nu republikeinen of loyalisten zijn, zijn en blijven paria's. De Britse regering liet de gevangenissen in '98, bij de ondertekening van de Goede Vrijdag-akkoorden, leeglopen maar heeft de misdaden daarom niet vergeven. Bij een gebrek aan een algemene amnestie mogen ex-gevangenen een baan bij de overheid op hun buik schrijven. En slechts een enkele privé-ondernemer neemt ze in dienst.

Met haar blauwe ogen, keurig geschikte haren, haar zachte uitstraling en drie kinderen, heeft Teresa Browni steeds de lastige vragen van toekomstige werkgevers kunnen ontlopen. Zes jaar geleden verliet ze Maghaberry, een gevangenis in het graafschap Antrim. Ze kan amper haar tranen bedwingen als ze terugdenkt aan haar vrijlating en de allereerste ontmoetingen met haar naaste vrienden en familieleden. Vreemden waren het geworden, ondanks alle inspanningen. Het isolement in Maghaberry, een afgesloten maar solidaire wereld, kan ze niet zomaar uit haar hoofd zetten. "Ik heb nooit zo'n intense vriendschap ervaren. In de gevangenis heb je meer tijd om te praten en, vooral, om te luisteren."

Ze zit aan tafel, in de onthaalruimte van het comité voor ex-gevangenen in Coiste. Wriemelende handen. Een kopje thee voor zich. "Dit soort verenigingen speelt een essentiële rol", zegt ze . "Ze worden geleid door mensen die hetzelfde hebben meegemaakt als wij." Rose McCorley bijvoorbeeld, een van de animatrices, zat in de cel die aan de hare paalde. "We haalden goede herinneringen op, nooit slechte." Tot vandaag slaagde Browni er niet in om te praten over die keren dat haar lichaam gefouilleerd werd. "Het valt me nog steeds te zwaar. Ik kán er niet over praten."

De trap naar boven kraakt onder haar voetstappen. In de vergaderzaal, afgeplakt met karton, werkt de elektriciteit niet meer en is de tijd tot stilstand gekomen. Een verweerde affiche roept op tot de strijd tegen een apartheid die niet langer bestaat. Het raam geeft uit op een bakstenen muur die met graffiti ter ere van de 'Ierse doden' is bedekt. De vrijgelaten gevangenen hebben zich genesteld in een van hun bastions, in Beechmount Avenue, die in de 'Avenue van de raketlanceerder' is herdoopt. Op de hoek met Falls Road probeert op een fresco een vredesduif te ontsnappen vanachter tralies.

"Het Goede Vrijdag-akkoord erkent dat wij politieke gevangenen waren", zegt McCorley. "Maar eens op vrije voeten werden we nog altijd als criminelen behandeld. Met ons verleden krijg je nooit ofte nimmer een lening of een job. Sommige landen weigeren zelfs ons een visum uit te reiken. Het is zelfs bijzonder moeilijk een kind te adopteren. In de gevangenis studeerde McCorley, die er nooit toe kwam haar school af te maken, sociologie en informatica. Allemaal met het oog op haar reïntegratie in de maatschappij, maar die loopt niet op wieltjes. Vóór haar arrestatie werkte McCorley op het ministerie voor Sociale Voorzieningen. Ze werd veroordeeld tot 66 jaar cel voor de moordpoging op een politieagent, maar in 1998 weer vrijgelaten. Zij en andere gevangenen hebben ertoe bijgedragen dat het IRA zich bereid toonde de vredesgesprekken te openen. De onderhandelingen, die zich afspeelden in Belfast, leidden tot hoogoplopende discussies tussen die van "binnen" en die van "buiten". Zonder de overtuigingskracht en pleidooien van de enen, hadden de anderen zich nooit gestort in een proces dat al bij de start hoogst dubbelzinnig was en waarvan de uitkomst onzeker was. De sluiting, in september, van Long Kesh (of Maze), een gevangenis waar twintigduizend paramilitairen zaten opgesloten, was een van de belangrijkste verwezenlijkingen van de Goede Vrijdag-akkoorden. "In de gevangenis hadden we tijd om na te denken en nieuwe ideeën op te slorpen. We evolueerden vlotter dan onze kameraden die dagdagelijks strijd leverden", stelt McCorley. Na zes jaar achter slot en grendel kwam ze terug in de wijk waar ze altijd geleefd had, een wijk die nog steeds hetzelfde uitzicht had: dezelfde prikkeldraad, dezelfde legerposten en dezelfde muur die protestanten van katholieken scheidt. "Er zijn wat meer opstoppingen, er loopt wat meer volk op straat en her en der is een gebouw verdwenen. Maar West-Belfast is eigenlijk niet veranderd."

'Met ons verleden krijg je nooit ofte nimmer een lening of een job'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234