Donderdag 23/01/2020

Groetjes uit Panama

De Panama Papers wraak van afgewezen maîtresse? Best mogelijk

In een zijstraatje van de Calle 50 in Panama-stad is het kantoor Mossack Fonseca gehuisvest. Vandaaruit, zo wordt aangenomen, lekte iemand vorig jaar 11 miljoen documenten. Beeld Jose Castrellon

Gaat achter het grootste datalek uit de geschiedenis een stukgelopen romance schuil? Zoiets moét het wel geweest zijn. Drie maanden na de openbaring ziet het advocatenkantoor achter de Panama Papers vooral zichzelf als grote slachtoffer: "Het enige misdrijf dat tot nu toe is bewezen is de hack."

"Twintig dollar", zegt de bewaker. Het Duitse koppeltje doet alsof het dat niet heeft gehoord en maakt snel zijn selfie. Versnelt de pas.

Het is intussen al geen dagelijks tafereel meer voor het in donker glas opgetrokken gebouwtje in de Calle 54 Este, een zijstraatje van de Calle 50. Je zou het advocatenkantoor eerder daar hebben verwacht, langs de lokale kopie van Wall Street met de alles overheersende Revolution Tower, de Capital Bank, de Global Bank en de in de Panama Papers herhaaldelijk ter sprake gekomen Dresdner Bank Latin America. Het hoofdkantoor van Mossack Fonseca zit zo discreet gehuisvest als zijn handelsmerk. Een zijstraat. Op het gelijkvloers van het gebouw is er een privékliniekje.

"U zou het ook niet prettig vinden als iemand foto's stond te maken als u net de kliniek buitenkwam", zegt de bewaker, een minzame oudere man. "Er is hier ook helemaal niets te zien. Of vindt u van wel?"

In de dagen na de openbaring van de Panama Papers werd het letterbord met de naam van de advocatenassociatie in de voortuin weggehaald, wat volgens de bewaker niet echt hielp. "Er stonden hier van 's ochtends tot 's avonds mensen selfies te maken. Nu is dat verminderd."

Vanuit dit kantoortje, zo wordt aangenomen, lekte iemand vorig jaar onder de alias 'Joe Doe' 11 miljoen documenten, goed voor 2,6 terabyte, naar onderzoeksjournalisten Bastian Obermayer en Frederik Obermaier van Süddeutsche Zeitung. Zij deelden het materiaal met 376 journalisten uit 76 landen die elk op eigen terrein aan de slag gingen. Het geheel liet zien hoe Mossack Fonseca de afgelopen veertig jaar zo'n 214.000 brievenbusfirma's oprichtte om de vermogens van drugsbaronnen, maffiosi, wapenhandelaren en volkerenmoordenaars veilig te parkeren in belastingparadijzen.

Beeld Jose Castrellon

Namen van 140 politici doken op, onder wie Syrische president Bashar al-Assad, de Argentijnse Mauricio Macri, de Oekraïense Petro Porosjenko, Hosni Moebarak, de vader van David Cameron, de koning van Saudi-Arabië, Lionel Messi, Rubens Barrichello, Franco Dragone, de zus van de Spaanse koning Juan Carlos, de dochter van de Chinese president Xi Jinping en Sergej Roldoegin. Die laatste is een bekende cellist uit Sint-Petersburg. Hij stalde bedragen tot 850 miljoen dollar via Mossack Fonseca. Roldoegin is een intimus van de Russische president Vladimir Poetin en peetoom van zijn oudste dochter.

Ranzige randfiguur

Tot laat in de avond rijden wagens met verduisterde ramen als op afspraak de kleine oprit op. Er stapt iemand uit, groet de bewaker en gaat zo snel als hij kan naar binnen. Je kunt aan de overkant van de straat enkel fantaseren wiens stroman dit nu weer zou kunnen zijn.

Misschien wel van Andrew M., de ranzigste randfiguur uit de Panama Papers. Hij is sinds vorig jaar weer op vrije voeten, na in de VS zes jaar te zijn opgesloten voor het verkrachten van uit een Russisch weeshuis weggehaalde meisjes van 13 en 14 jaar. M. verdiende fortuinen met het kinderprostitutienetwerk berenika.org. Ook Andrew M. kon rekenen op de discrete behandeling van Mossfon, zoals de naam in Panama wordt afgekort.

Behalve in China, waar de regering alle berichtgeving over de Panama Papers vergrendelde achter een digitaal slot, kreeg de zaak nergens zo weinig aandacht als in Panama zelf. Alleen de krant La Prensa, die meewerkte aan het onderzoeksproject, plaatst nog bijna dagelijks een stuk. De overige media bezigen consequent het toevoegsel "alleged irregularities".

"Het is een langgerekte ontkenningsfase", zegt Ruben bij een gin-tonic in bar +54, aan de overkant van de straat. Hij zegt ooit zelf bij Mossfon te hebben gewerkt, toont op zijn iPhone een Facebook-pagina met foto's van Jürgen Mossack, de vanwege zijn vaders naziverleden volkomen onbenaderbare Duitse medestichter van het kantoor, en diens dochter. "Er komen hier wel eens mensen van het kantoor iets drinken. Ze zien het als een inbraak, een louter criminele daad, en vrezen nu voor hun job. Want dit was ongeveer het allerergste wat het kantoor kon overkomen."

Wie was Joe Doe?

In hun boek Panama Papers beschrijven Obermayer en Obermaier hun staat van opwinding over wat Joe Doe hen vanaf de zomer van 2015 allemaal stuurde. De berg data die maar bleef groeien en heus niet zo achterhaald was als Mossfon achteraf in een reactie wou doen geloven: "Het is angstaanjagend. Als we onze bestanden doorzoeken, komen we telkens weer e-mails tegen die nog maar een paar dagen oud zijn. Het is net alsof we ze nu meelezen. Alsof we in het advocatenkantoor zitten dat zoveel misdadigers behulpzaam is. Alsof we achter de medewerkers in Panama-stad staan en we over hun schouder meelezen op hun computerscherm. Alleen zien zij ons niet."

Tien jaar geleden kreeg Mossack Fonseca al eens af te rekenen met een lek. Een ex-maîtresse van Ramón Fonseca en een ontslagen werknemer verkochten een berg data aan de Amerikaanse belastingdienst. In Panama-stad wordt algemeen verondersteld dat het niet anders kan dan dat achter Joe Doe ook nu weer een stukgelopen romance schuilgaat.

"De bron heeft gehandeld uit wraak", meent Ruben te weten. "Het had te maken met rancune, met jaloezie. Waarom zou je zoiets anders doen? Er zijn tientallen kantoren die exact hetzelfde doen als Mossfon."

Nagenoeg iedereen in Panama-stad lijkt er zo over te denken.

Op een bankje op het Plaza de la Democracia zitten twee heren in een strak pak op de middag in sushi te happen, immuun voor de stank uit de Rio Matasnillo, de rivier die fungeert als openbare riool en de hele baai bruin kleurt.

"Ramón Fonseca is een jetsetfiguur", zegt een van hen. "Die slaat op zijn tweeënzestigste nog altijd geen feestje over. Hij is een vrouwengek, neemt constant medewerksters uit eten. Op een dag gaat zoiets mis. Je zou dan denken dat hij na dat eerste lek wat voorzichtiger zou zijn geworden."

Hij mikt zijn sushi-bakje in een bloemenperkje. Zucht. "Die vrouw, wie ze ook is, heeft geen besef van wat ze heeft aangericht."

In een eerste reactie distantieerde Ramón Fonseca zich tegenover ABC News nadrukkelijk van de maîtressetheorie: "We sluiten een inside job uit. Dit is geen lek, dit is een computerinbraak. Wij hebben onze eigen theorie en volgen die. Wij hebben onze meest relevante klachten al overgemaakt aan het openbaar ministerie en daar is men de zaak nu aan het bestuderen. Het enige misdrijf dat tot nu toe is bewezen is de hack."

De boodschap was vooral bedoeld voor de eigen klanten. Vertrouwen is een heiligdom voor elk advocatenkantoor, en voor een als Mossfon in het bijzonder.

In de dagen na 6 april, dag van de onthullingen, voerde het openbaar ministerie met een hoop machtsontplooiing urenlang huiszoekingen uit in het kantoortje aan de Calle 54 Este. Nu, drie maanden later, lijken die acties vooral uiterlijke schijn te hebben beoogd. Zoals de oubollige regeringsaffiches die je in Panama nog in enkele regionale luchthavens aantreft: 'Double-bottom suitcases are punishable by law.' Een tweede affiche toont een pak dollars, vastgeklonken aan een handboei: 'Money laundering is punishable by law.'

Alsof witwassen nog steeds een zaak zou zijn van koffertjes met dubbele bodem. Op 6 april verklaarde een erg zelfverzekerde Ramón Fonseca: "Ik kan u verzekeren dat wij nergens schuldig aan zullen worden bevonden."

Hij had dat helemaal goed ingeschat.

Ramón Fonseca is al jaren politiek actief bij de nationalistisch-populistische Partido Panameñista, die zijn origine vindt in afkeer van alles wat neigt naar buitenlandse - lees: Amerikaanse - inmenging. De partij won de verkiezingen van 2014 en levert sindsdien met Juan Carlos Varela, een persoonlijke vriend van Ramón Fonseca, de president. Tot in maart, een maand voor de Panama Papers, behoorde Fonseca tot het selecte kransje van presidentiële adviseurs.

Achter zijn gin-tonic wijst Ruben naar het zomerjurkje van een Franse toeriste: "Waar is dat gemaakt, denkt u? Bangladesh? Hoeveel zou het kind per uur hebben verdiend? Dit heet globalisering. In het ene land is het gemiddelde uurloon dit, in het andere dat. In het ene land is rum goedkoop, in het andere duur. Met onze fiscale wetgeving is het net zo."

Wet 32 garandeert sinds 26 februari 1927 het bestaan van Sociedadas Anónimas, het recht op geheimhouding van vermogens, eigendommen en overschrijvingen. Panamese regeringsleden mogen tegenwoordig wel de wereld rondreizen met plechtige beloften over transparanter bankieren, een herziening van wet nummer 32 hoor je over niemands lippen komen. Het zou trouwens radicaal ingaan tegen de beloften die de PP zijn kiezers deed.

Ruben: "Alsof je van de Cubanen zou eisen dat ze geen sigaren meer maken."

De identiteit van Joe Doe lijkt een nog beter bewaard geheim dan die van FBI-onderdirecteur Mark Felt als deep throat in de Watergate-affaire, 33 jaar lang. Mossack Fonseca zegt wel een "theorie" te hebben, maar lijkt nu vooral van hypothese naar hypothese te schieten.

Inside job?

Halfweg mei raakte bekend dat het openbaar ministerie in Panama-stad een onderzoek was gestart tegen acht oud-werknemers van het kantoor. Allemaal mensen die slechts een aantal maanden voor het bedrijf hebben gewerkt en met slaande deuren vertrokken. Dan toch, een inside job?

"Uitgesloten", zegt een tweede ex-werknemer die we treffen in de +45. "Het kantoor betaalt naar Panamese normen ontzettend weinig. Het werkt met contracten van korte duur en heel beperkte bevoegdheden. Juist omdat men sinds de kwestie met die ex-maîtresse helemaal niemand vertrouwt. Mossfon heeft wereldwijd meer dan veertig filialen, tot in de Bahama's, de Maagdeneilanden en Hongkong. Joe Doe had toegang tot de server, tot werkelijk álle data. Hij, of zij, kan het van overal hebben gedaan. Wat ook kan, natuurlijk, is dat de CIA er achter zat. Steeds meer mensen denken in die richting."

Midden juni werd in het Zwitserse Genève een IT'er van het plaatselijke kantoor gearresteerd op verdenking aan de basis te liggen van het lek. De arrestatie kwam er na een nieuwe strafklacht van het hoofdkantoor zelf, dat via een Zwitserse advocaat verklaarde: "Wat we weten is dat de data van zijn computer in Genève zijn afgehaald en dat deze IT-medwerker volledige toegangsprivileges had."

Bastian Obermayer reageerde meteen in The New York Times: "Wij kunnen zeggen dat dit niet de persoon is met wie wij in contact stonden. Er blijft een theoretische mogelijkheid dat Joe Doe meerdere personen is en dat deze persoon een van hen zou kunnen zijn."

Hoe langer het duurt, hoe meer het erop gaat lijken dat Joe Doe allesbehalve impulsief heeft gehandeld. Hij/zij liet één keer van zich horen, met een omstandig statement: "Voor de goede orde, ik werk voor geen enkele overheid of inlichtingendienst, direct noch indirect, en dat heb ik ook nooit gedaan. Mijn standpunt is geheel mijn eigen standpunt, net als mijn besluit om de documenten te delen met de Süddeutsche Zeitung en het ICIJ, het internationale consortium van onderzoeksjournalisten. Ik had daar geen specifieke politieke redenen voor, maar deed dat gewoon omdat de inhoud van de documenten mij duidelijk maakte hoe groot het onrecht is dat erin beschreven wordt."

Joe Doe bood justitie, waar ook, verdere medewerking aan in ruil voor immuniteit, maar gaf bij voorbaat aan zich weinig illusies te maken.

"Edward Snowden is gestrand in Moskou, verbannen doordat de regering-Obama hem wil vervolgen wegens spionage. Bradley Birkenfeld kreeg miljoenen van de belastingdienst voor zijn informatie over de Zwitserse bank UBS, maar werd door het Amerikaanse ministerie van Justitie toch nog veroordeeld tot een gevangenisstraf. Antoine Deltour staat momenteel terecht voor de aanklacht dat hij journalisten informatie gaf over hoe Luxemburg geheime fiscale voorkeurdeals sloot met multinationals."

Het klinkt niet als een verbolgen maîtresse.

Het openbaar ministerie in Panama-stad is allang niet meer bezig met het uitvlooien van offshore-constructies, het is enkel nog op zoek naar het lek. En het bord 'Mossack Fonseca', eerste en tweede verdieping, staat weer waar het stond.

"Het was een beoordelingsfout om het weg te halen", vindt Ruben. "Het gaf de klanten van Mossfon het nare gevoel dat het bedrijf iets te verbergen had. Nu kan het normale leven weer hervatten. Nog even en alles is vergeten."

Maandag de volgende aflevering: de slums van Colón.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234