Donderdag 24/09/2020

De paarse exodus

Na drie maanden gemarchandeer verlieten achttien spelers het Astridpark. Door die ongeziene exodus ziet Anderlecht er plots een pak minder Belgisch uit. En dat kan een probleem worden.

Liefst 18 van de 29 spelers die vorig seizoen minuten hebben gemaakt voor Anderlecht, zijn deze zomer vertrokken - Guillaume Gillet vertrok al vorige winter. Dat is 62 procent van de spelers. Een verloop zoals ze nog nooit eerder hebben meegemaakt in het Astridpark. Dat is niet per se een slechte zaak. Aan het einde van vorig seizoen drong een grote schoonmaak in de kleedkamer zich op, na de vele signalen over een rotte mentaliteit die de club doordrongen had. Manager Herman Van Holsbeeck zette de afgelopen maanden dus de tering naar de nering. Maar de omvang van de exodus is daarom niet minder indrukwekkend.

De grote zomerleegloop heeft ook praktische gevolgen voor coach René Weiler. Door het vertrek van Steven Defour, Silvio Proto en Dennis Praet blijven er plots amper zes Belgen over die aanspraak kunnen maken op een plaatsje bij de wedstrijdkern: Davy Roef, Frank Boeckx, Olivier Deschacht, Youri Tielemans, Leander Dendoncker en Massimo Bruno. Andy Kawaya zou ook in aanmerking komen, maar hij is lang uit met een ernstig enkelletsel. De huur van Bruno zal zeker ook iets te maken hebben met het quotum voor het aantal Belgen die op het wedstrijdblad moeten staan: zes. Als één van die zes uitvalt, moet Anderlecht dus de gaten op het wedstrijdblad vullen met een onervaren talent (Svilar, Faes, Vancamp) of een overbodige aanvaller (Kabasele). Een andere mogelijkheid is dat Weiler slechts zes wisselspelers op de bank zet. Geen ideale situatie dus.

Weinig kansen voor Belgen

Anderlecht kleurt na de voorbije helse transferzomer ook een pak minder Belgisch. Op de eerste vijf speeldagen kregen de Belgische spelers maar 33,29 procent van de speeltijd tegenover 66,71 procent voor de buitenlanders. Dat is een trendbreuk met de voorbije twee seizoenen, waar de verhouding tussen Belgen en buitenlanders zowat fiftyfifty was.

Het lijkt erop dat Anderlecht vijf jaar in de tijd teruggaat. In het seizoen 2011-2012 geraakten de Belgen aan slechts 27,39 procent van de speeltijd, waarna er een inhaalbeweging volgde met de introductie van een aantal spelers uit de eigen opleiding (Praet, Dendoncker, Tielemans...) naast oude getrouwen als Proto en Deschacht.

Dat Belgische spelers resoluut de bovenhand hadden, dateert uit de laatste seizoenen van de 20ste eeuw. In de eerste jaren na het in december 1995 uitgesproken arrest-Bosman versterkte Anderlecht zich nog vaak met spelers uit de eigen competitie. Die tijden zijn evenwel niet meer, met als gevolg dat de buitenlandse spelers het vaakst in actie komen.

Wie Anderlecht één jaar lang niet aan het werk gezien heeft, zal nog amper een voetballer van paars-wit herkennen. Van de achttien spelers die vorig jaar de eerste wedstrijd na de zomermercato aanvingen, blijven er een jaar later amper vijf over. In de verwachte basisploeg blijven enkel Kara, Tielemans en Dendoncker over - al staat Obradovic stilaan voor het moment van zijn terugkeer. Voorts zijn er vooral zomertransfers te zien in de potentiële wedstrijdkern.

Door de blessure van Appiah is er een gat op de rechtsachter. Mogelijk wordt dat gevuld door Badji, al lijkt de 18-jarige Sowah een beter alternatief. Boven de middenlijn regeren nieuwkomers Stanciu, Chipciu, Hanni en Teodorzcyk, met Bruno en Capel als alternatieven.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234