Vrijdag 15/11/2019

interview

"De overheid neemt de radicalisering niet ernstig genoeg"

Joël De Ceulaer: 'Is het voor u denkbaar dat sp.a, Groen en PvdA in 2018 met één Antwerpse lijst naar de kiezer trekken?' - Yasmine Kherbache: 'Dat mag niet ondenkbaar zijn. Daar ben ik duidelijk over. De toekomst is aan de progressieve krachten.' Beeld Karel Duerinckx

Als kind zag sp.a-politica Yasmine Kherbache (44) hoe de politieke islam postvatte in Algerije, en hoe de radicalisering er toesloeg in verloederde volkswijken. "Als ik zie wat nu bij ons gebeurt, lijkt dat wel de remake van een slechte film." Een gesprek over Jambon, de organisatie van het geluk en de erfenis van mei '68.

Jan Jambon had deze week zijn excuses moeten aanbieden bij de moslimgemeenschap", zegt Yasmine Kherbache. "Als een minister van Binnenlandse Zaken zonder enig bewijs zegt dat moslims hebben gedanst na de aanslagen, dan is dat bijzonder onrustwekkend. Dat hij bij die uitspraken blijft, maakt het alleen maar erger. Toen hij onlangs een totaal misplaatste vergelijking maakte tussen ondergedoken joden in de Tweede Wereldoorlog en ondergedoken terroristen, heeft hij zich verontschuldigd bij de Joodse gemeenschap. Terecht. Door dat nu niet te doen, stigmatiseert hij alle moslims."

Yasmine Kherbache zit nog maar twee jaar voor de sp.a in het Vlaams Parlement, maar staat al veel langer op de politieke kaart. Ze was achtereenvolgens kabinetschef van de socialistische ministers Frank Vandenbroucke, Ingrid Lieten en Elio Di Rupo en werd in 2012 in Antwerpen door Patrick Janssens als boegbeeld gelanceerd. Ze deed meteen van zich horen omdat ze gekant was tégen het hoofddoekverbod dat Janssens had ingevoerd.

"Ik ken de moslimgemeenschap heel erg goed", zegt ze. "En dat hoofddoekverbod heeft meer kwaad gedaan dan goed. Het heeft de extremisten alleen maar in de kaart gewerkt. Maar ook de uitspraken van Jambon zijn nefast voor de cohesie in de samenleving."

Hebt u op 22 maart moslims zien dansen?
Yasmine Kherbache: "Ik heb moslims gezien die bang waren, die mee hebben gemanifesteerd tegen terreur. Maar dansende moslims? Niet gezien. Wat Jambon niet begrijpt, is dat de moslims zijn grootste bondgenoten zijn. Ook zij willen een doortastend veiligheidsbeleid. Ook zij willen iets doen tegen de radicalisering. Herinner u de signalen over de schuilplaats van Salah Abdeslam: die kwamen uit de islamitische gemeenschap, maar werden door de Mechelse politie niet serieus genomen. Door die gemeenschap continu te stigmatiseren, voelt ze zich weggeduwd. We mogen de moslims niet wegduwen."

Heeft Jambon geen punt als hij zegt dat er wel degelijk een groot probleem is dat we moeten benoemen, los van de vraag of er al dan niet gedanst werd?
"Alsof Jambon dat nu ineens ontdekt. Alsof hij de eerste is die dat probleem benoemt. Schrijf maar op: ook de socialisten weten al lang dat er een probleem van radicalisering is, dat er moslims bestaan die op het slechte pad geraken. Daarover hoeven we toch niet meer te discussiëren."

"We hebben het over niets anders. Het punt is dat een minister niet over straatfeesten kan spreken zonder bewijzen. Dat is een regeringslid onwaardig."

Even voor de goede orde: bent u zelf nog moslima?
"Nee. Ik hang geen enkele religie aan, ik ben agnost. Ik heb wel een moslimachtergrond. Ik ben tot mijn zesde opgegroeid in Algerije, waar ik naar de Koranschool ging. Dat was een soort kleuteronderwijs, waar je de geboden en verboden van de islam leerde. En als je iets deed wat verboden was, ging je naar de hel. Dat werd er echt in gehamerd."

Kinderen kregen er ook lijfstraffen, lees ik in de biografie die Jef Lambrecht in 2014 over u schreef.
"Ja, de leraar had een stuk tuinslang waar hij ons soms mee sloeg. Totaal willekeurig, dat was nog het ergste. Ik moet altijd aan de Franse filosoof Michel Foucault denken als ik daarover praat: het was een soort disciplinering van de groep, je wist van tevoren nooit wie zou worden uitgekozen. Toen ik in België in het eerste leerjaar zat, zag ik de pastoor in de kindermis gitaar spelen. Een enorm contrast. Ik ben zelfs nog misdienaar geweest. Maar ik ben niet gelovig meer."

Yasmine Kherbache. Beeld Karel Duerinckx

Hoe was het om hier op te groeien als de dochter van een Algerijnse vader en een Vlaamse moeder?
"Heel intens. Wij zagen thuis altijd de twee kanten van een discussie. Mijn moeder kon soms tekeergaan over de Algerijnen, en mijn vader werd soms boos op de Vlamingen, omdat het Vlaams Blok zo veel succes had. En telkens gaf de andere tegengas. Mijn vader leerde mijn moeder dat zij niet mocht veralgemenen over de migranten, en mijn moeder maakte mijn vader duidelijk dat niet alle Vlamingen racisten zijn. Zo heb ik geleerd dat een felle discussie soms gezond is. En dat het belangrijk is om elkaar te leren kennen."

Welke herinneringen hebt u nog aan Algerije?
"Ik moet eerlijk zeggen: als ik zie wat vandaag hier bij ons gebeurt, heb ik het gevoel dat ik een remake van een slechte film aan het bekijken ben. Ik heb de opkomst van de politieke islam en de radicalisering in Algerije in de jaren 70 en 80 vanop de eerste rij kunnen volgen."

Vertel.
"Toen ik nog een kind was, vormde religie geen probleem in Algerije. De islam was de belangrijkste godsdienst, maar er waren geen spanningen, mensen werden niet gedefinieerd op basis van hun religie. Tot de opkomst van de politieke islam, die als een volksbeweging focuste op de miserie van de mensen. Ik hoor het mijn vader nog altijd zeggen: dat je aspirines makkelijker in de moskee kon vinden dan in de apotheek. Gebedsgroepen van radicale moslims deden aan sociaal werk, en bekommerden zich om de frustratie en de achterstelling van het volk."

Wat deed het beleid?
"In Algerije heerste het Arabisch nationalisme. Het land werd van bovenaf gearabiseerd. Zo groeide er een enorme kloof tussen de regering en het volk. En er was geen enkel sociaal beleid die naam waardig. Het enorme sociale ongenoegen dat daarvan het gevolg was, werd helemaal gepakt door de politieke islam."

Waar kwam die politieke islam vandaan?
"Ook daar zie je een grote parallel met de situatie nu bij ons. Ik krijg kippenvel als ik eraan denk. Algerije kende toen het fenomeen van de teruggekeerde jihadstrijders: de moedjahedien die waren gaan vechten in Afghanistan tegen de Sovjets, keerden terug en vestigden zich in netwerken van criminaliteit. Tegelijk organiseerden ze zich politiek. En wat deed Europa? Niets. Toen hadden we de problemen moeten benoemen."

Wat hadden we kunnen doen?
"De Algerijnse noodkreet serieus nemen. De Algerijnen schreeuwden moord en brand omdat zowel het Front Islamique du Salut (FIS) als de Groupe Islamique Armé (GIA) de democratie wilde afschaffen. Maar wat zei Europa? Dat we de democratie op haar beloop moesten laten. Leden van het FIS kregen hier zelfs politiek asiel. Het uiteindelijke resultaat van die periode was een burgeroorlog van tien jaar, met honderdduizend burgerslachtoffers. Vandaag worstelt het land nog altijd met terreur, en begint het stilaan te dagen dat repressie alleen niet helpt."

Welke lessen kunnen we daaruit trekken?
"Dat de parlementaire onderzoekscommissie naar de aanslagen verder moet teruggaan in de tijd. Ze willen hun chronologie nu beginnen bij de aanslagen van 11 september 2001 in New York. Maar ze moeten terug naar de opkomst van de politieke islam in de jaren 70 en 80. Die eerste generatie terroristen uit Algerije heeft vandaag nog altijd banden met de aanslagplegers van Parijs en Brussel. Sommige terroristen die hun straf hebben uitgezeten, hebben de draad gewoon weer opgepikt."

En hoe kunnen we verdere radicalisering van onze jongeren voorkomen?
"Misschien moet ik eerst duidelijk zeggen dat die aanslagen onze schuld niet zijn. De terroristen zélf zijn uiteraard de schuldigen. Maar als we die-per kijken, naar de oorzaken van radicalisering, dan zijn de analyses van alle experts eenduidig: er zijn individuele factoren, er is de context en er is de ideologie. Het probleem begint bij individuen die zich vervreemd en gefrustreerd voelen. Ze groeien meestal op in een context van verloedering, in achtergestelde buurten. En dan is er de ideologie, de politieke islam, die daarop inspeelt."

Yasmine Kherbache. Beeld Karel Duerinckx

Is de islam niet per definitie politiek?
"De meerderheid van de moslims in Europa bewijst dat je de islam kunt beleven met respect voor de democratische rechtsstaat. Elke religie moet zich aanpassen en voor de islam kan dit debat een kantelpunt zijn."

"Wat vrouwenrechten betreft, is er een probleem met passages in de Koran, de Bijbel en de Thora. Het komt erop aan die teksten niet letterlijk te interpreteren. Die evolutie is volop aan de gang, ook binnen de islam. Er zijn heel wat islamitische feministes. Dat zijn onze bondgenoten. Maar tegelijk moeten we iets doen aan de voedingsbodem voor extremisme."

De sp.a heeft decennialang de kans gehad om daar iets aan te doen.
"Het is een collectieve verantwoordelijkheid, dat is juist. De cijfers spreken voor zich: Vlamingen met een migratieachtergrond scoren nog altijd slecht in het onderwijs en op de arbeidsmarkt. Onze welvaartsstaat is er tot dusver nog altijd niet in geslaagd om die mensen te emanciperen."

Met arbeiders en vrouwen is dat wel gelukt, die emancipatie. Waarom lukt het niet met mensen die afstammen uit de migratie?
"Ik denk dat er bij de arbeiders een grotere lotsverbondenheid was met de rest van de samenleving. Die lotsverbondenheid tussen allochtone en autochtone Vlamingen is er vandaag onvoldoende. Binnen de moslimgemeenschap hebben sommigen de neiging om te veel op zichzelf terug te plooien. Maar de samenleving en het beleid zenden ook te vaak signalen uit dat mensen met een migratieachtergrond er niet bij horen."

Is dat zo? Stuurt het beleid die signalen?
"Absoluut. Er is een probleem van achterstelling, waardoor jongeren sowieso een gevoel van onrechtvaardigheid hebben. Als je dan hoort dat beleidsmakers blijven herhalen dat racisme relatief is, dat de Berbers een groot probleem vormen en dat moslims hebben gedanst na de aanslagen, dan voedt dat alleen maar de frustratie."

Yasmine Kherbache

• 1972: geboren in Deurne op 3 april
• studeerde rechten aan de KU Leuven en de ULB
• 1996-2004: advocaat in Brussel en Antwerpen
• 2004-2009: adjunct-kabinetschef van Frank Vandenbroucke
• 2009-2011: kabinetschef van minister Ingrid Lieten
• 2011-2014: kabinetschef van Elio Di Rupo
• sinds 2012: Antwerps gemeenteraadslid
• sinds 2014: Vlaams Parlementslid

U verwijst nu naar uitspraken van Vlaams minister Liesbeth Homans, Antwerps burgemeester Bart De Wever en Jan Jambon. Drie keer N-VA.
"Zij bepalen vandaag de boventoon van het debat, en die is niet bevorderend voor het samenleven. Het is belangrijk dat we tegengas blijven geven, tegen dat discours. Deze samenleving biedt uiteraard ook kansen. Ik heb dat zelf als tiener goed ervaren. Ik was soms heel boos en ongerust over de haatpredikers van het Vlaams Blok, maar gelukkig kreeg ik thuis te horen dat ik me niet moest laten meeslepen door negatieve gevoelens en moest focussen op de kansen. Vergeleken met Algerije was Vlaanderen een openbaring voor mij. Alleen heeft niet ieder kind het geluk van zo'n thuisomgeving."

U hebt het ook ver gebracht. Omdat u alle kansen hebt gegrepen?
"Aha, nu wordt het interessant. Ik heb inderdaad altijd mijn best gedaan. Maar ik heb vooral ook kansen gekrégen. Toen ik mijn diploma in de rechten had behaald, wist ik niet waar ik stage kon gaan doen. Tot een van mijn proffen mij de weg wees naar het grootste advocatenkantoor van het land. Ik heb geluk gehad. En dat is het probleem: zoiets mag niet alleen van geluk afhangen. Ik zou willen dat we het geluk voor iedereen een beetje beter organiseren. Vandaar mijn pleidooi voor praktijktesten, bijvoorbeeld."

Denkt u dat Bart Somers, een liberale collega van u in het Vlaams Parlement, uw voorstel voor praktijktesten mee zal steunen? Hij is toch ook een voorstander?
"Dat zegt hij wel, maar ik denk niet dat ik een meerderheid zal vinden. Hij zou beter de daad bij het woord voegen. We moeten de problemen toch durven te benoemen: ook als ze perfect Nederlands spreken en alle diploma's hebben, vinden Fatima en Karim veel minder makkelijk een job dan Kristine en Dirk. De enige manier om te achterhalen of een bedrijf bewust discrimineert, is praktijktesten organiseren."

Bent u daar niet wat laat mee? Uw partij had die toch allang kunnen invoeren?
"Dat hebben we ook geprobeerd. Tien jaar geleden al, onder de paarse regeringen van Guy Verhofstadt. Maar ook toen wilde Open Vld ons voorstel niet steunen."

Yasmine Kherbache. Beeld Karel Duerinckx

Een ander probleem dat u onlangs aankaartte in het Vlaams Parlement, is de gebrekkige opvolging van teruggekeerde Syrië-strijders.
"Ik zit in de commissie radicalisering en stel heel veel schriftelijke vragen. Noem dat maar een vorm van onderzoeksjournalistiek. Zo ben ik te weten gekomen dat Vlaamse justitiehuizen de teruggekeerde Syrië-strijders niet systematisch registreren. Dat is toch hallucinant. Die mensen worden niet individueel opgevolgd. België en Vlaanderen falen volledig op het vlak van deradicalisering. Het is mogelijk om mensen terug op het goede pad te brengen, er zijn al succesverhalen bekend uit het buitenland. Maar Vlaanderen maakt daar geen werk van. En zo stellen we ons bloot aan enorme risico's."

Wat stelt u voor?
"Dat de overheid investeert in mensen die op een geloofwaardige manier jongeren kunnen deradicaliseren. De Gentse imam Khalid Benhaddou is aangesteld om het Vlaamse onderwijs bij te staan, maar die man moet zich met vrijwilligers behelpen. Ik ken psychologen en imams in de moslimgemeenschap die smeken om ingeschakeld te worden. Maar daar gebeurt niets mee. De Vlaamse regering schiet tekort. Is het niet al te gek dat een aantal jonge moslims uit Antwerpen vorige week zélf heeft besloten om op sociale media het IS-ideeëngoed te bestrijden?"

Integendeel. Dat lijkt mij een hele goede zaak.
"Ja, natuurlijk is dat een goede zaak. Maar moet de deradicalisering alleen afhangen van het initiatief van een paar jonge moslims in Antwerpen? Dat bedoel ik: de overheid neemt de radicalisering blijkbaar niet ernstig genoeg. Anders zou ze er veel meer in investeren en zulke initiatieven ook daadwerkelijk ondersteunen."

Hebt u destijds, nu zo'n vijftien jaar geleden, de opkomst van de Arabisch-Europese Liga (AEL) gevolgd?
"Niet van dichtbij. Ik vond hun stijl nogal provocerend. Zo overtuig je mensen niet om naar elkaar toe te groeien. Maar sociologe Nadia Fadil heeft daar wel iets verstandigs over gezegd: dat jongeren kanalen zoals de AEL moeten hebben om hun ongenoegen op een democratische manier te ventileren. Als jongeren boos zijn omwille van racisme, omwille van achterstelling, omwille van de internationale politiek in het Midden-Oosten, dan moeten ze die boosheid kunnen uiten."

Dat werd destijds niet aanvaard door het establishment.
"De AEL werd gecriminaliseerd en dat was verkeerd, wat de toenmalige Antwerpse korpschef heeft erkend. Men was bang van de confrontatie. Ten onrechte. Er is niets mis met een harde discussie. Men had toen met die jongeren in discussie moeten gaan. Maar veel mensen dachten toen dat je alleen sociale cohesie kunt creëren door conflict te vermijden. En dat is niet zo. Vergelijk het met een relatie: als je elkaar begint te vermijden, heb je geen relatie meer. Je moet altijd het debat aangaan.

U hebt weleens sympathie laten blijken voor Movement X, de nieuwe beweging van onder meer Dyab Abou Jahjah. Wordt dat u bij de sp.a kwalijk genomen?
"Ik heb tijdens een debat gezegd dat ik een beweging voor mensenrechten verwelkom. En daar heb ik kritiek voor gekregen in mijn partij. En van de Joodse gemeenschap, trouwens. Ik heb dan aan het Forum van Joodse Organisaties uitgelegd dat ik het niet eens ben met de visie van Abou Jahjah op het conflict in Israël, en dat ik geen lid ben van Movement X. Maar dat ik het wel goed vind dat activisten blijven strijden tegen racisme. Ondertussen is Abou Jahjah al in verschillende afdelingen van de partij gaan spreken, hoor. De sp.a is niet bang van een dialoog met hem."

Behalve de Antwerpse afdeling, misschien?
"Die kritiek kreeg ik inderdaad vooral in Antwerpen."

Lag dat mee aan de basis van de spanningen tussen u en onder meer Monica De Coninck en Kathleen Van Brempt? U bent geen voorzitter meer geworden van de Antwerpse afdeling en u bent ook geen fractieleider meer in de gemeenteraad.
"Ik ben in februari vorig jaar gestopt als fractieleider. Dat was na een hele moeilijke periode. Ik had met een aantal collega's grote meningsverschillen, vooral over diversiteit, maar worstelde ook met gezondheidsproblemen. Vandaag kan ik daar rustig op terugkijken, maar toen was dat heftig. In de pers werd zelfs een karaktermoord op mij gepleegd."

U werd inderdaad, met de hulp van een aantal bereidwillige journalisten, kapot gespind, zoals dat heet. Met die gezondheidsproblemen camoufleerde u zogezegd het feit dat u niet sterk genoeg was om de fractie te leiden.
"Dat was het gespin, juist. Maar de feiten hebben dat weerlegd: in april vorig jaar ben ik gerepatrieerd uit Athene, en heb ik twee maanden thuis gezeten. Dat heeft veel mensen doen begrijpen dat er wel degelijk iets aan de hand was. Nu goed, ik heb ondertussen de draad weer opgepikt. Ik doe graag aan politiek, ik heb geen rancune."

Sommige Antwerpse kameraden namen het u kwalijk dat u het hoofddoekverbod dat in Antwerpen was ingevoerd onder Patrick Janssens, had afgevoerd.
"Toenmalig partijvoorzitter Bruno Tobback had mij in 2010 gevraagd om de werkgroep diversiteit te leiden. Die heeft beslist dat de sp.a voor actief pluralisme is, en dat is zo in de statuten verankerd tijdens een congres in 2012. Wij vinden dat de overheid neutraal moet zijn, maar die neutraliteit is niet langer een kwestie van uiterlijkheden."

En daar botst u bijvoorbeeld met Monica De Coninck, die militant vrijzinnig is.
"Niet alleen met haar. Er zijn bij de sp.a nog mensen die denken in schema's van het verleden. Die niet terugwillen naar het tijdperk van het katholieke juk, wat ik begrijp. Maar ze zouden godsdienst nog het liefste willen zien verdwijnen. En dat mag je willen, maar een van de waarden van de verlichting is godsdienstvrijheid. En de hoofddoek is vandaag een vorm van verzet geworden. Zoals meisjes in het Midden-Oosten rebelleren door hun hoofddoek af te zetten, rebelleren ze hier door er eentje te dragen."

Wat zou u zeggen als uw dochter met een hoofddoek thuiskwam?
"Ik zou geweldig verbaasd zijn, omdat ze tegenwoordig joodse godsdienst volgt. Mijn zoon en dochter zitten allebei in het gemeenschapsonderwijs en we laten hen afwisselend kennismaken met een andere levensbeschouwing. Als mijn dochter zou thuiskomen met een hoofddoek, zou ik dus zeer benieuwd zijn naar haar beweegredenen."

Zijn er beweegredenen die u als moeder zou aanvaarden?
"Als zij zou vinden dat het hoort bij de praktisering van haar geloof, dan zou ik dat aanvaarden. Als zij een hoofddoek zou dragen omwille van groepsdruk, zou ik daar een probleem mee hebben. Maar als er sprake is van groepsdruk, moet je de groepsdruk aanpakken, niet alle moslima's. Dat had men in het gemeenschapsonderwijs ook moeten doen, in plaats van de hoofddoek algemeen te verbieden."

Klopt het dat de sp.a onderverdeeld kan worden in 'gemeenschapsafbakeners', die de lijn van socioloog Mark Elchardus volgen, en 'kosmopolieten', die veeleer uw lijn volgen? Aan de ene kant: mensen die de grenzen van hun gemeenschap willen bewaken. Aan de andere kant: mensen die vinden dat diversiteit een verrijking is.
"Ik zie totaal niet waarom die twee overtuigingen met elkaar moeten botsen. Uiteraard moet je je gemeenschap afbakenen. Dat doe je op basis van waarden, anders kun je geen gemeenschap vormen. Maar tegelijk kun je niet met je rug naar de wereld leven. De Duitse verlichtingsfilosoof Immanuel Kant heeft dat mooi gedefinieerd: een kosmopoliet, een wereldburger, is iemand die gevoelig is voor het leed aan de andere kant van de wereld."

Yasmine Kherbache. Beeld Karel Duerinckx

Had Bart De Wever geen punt toen hij met een sneer naar Guy Verhofstadt zei dat het wereldburgerschap iets is voor mensen met een buitenverblijf in Toscane, die nooit geconfronteerd worden met de problemen van de diverse samenleving?
"Daar voel ik mij totaal niet door aangesproken. Ik woon op het De Coninckplein, de meest diverse plek van Antwerpen. Het wereldburgerschap heeft niets te maken met het verzamelen van airmiles. En diversiteit zorgt voor problemen, ja. Maar het biedt ook opportuniteiten."

Zouden er nog veel mensen dat écht geloven?
"Natuurlijk. Maar je moet het willen zien. Diversiteit is een werkwoord."

Help. Nu klinkt u zoals wijlen Phil Bosmans.
(lacht) "Dat vind ik niet erg, ik ben een grote fan van Phil Bosmans en de Bond zonder Naam. Ik ben naar een katholieke school gegaan en wij werden platgeslagen met die slogans - zoals: 'Liefde is een werkwoord'. Diversiteit ook. Daar kun je cynisch over doen, maar dat is dan voor rekening van de cynici. Diversiteit is een realiteit en het is aan ons om daar een succes van te maken. Op dat vlak is ons land een voorbeeld voor anderen. Belgen hebben altijd moeten samenleven in diversiteit."

In het buitenland vinden ze ons een failed state.
"Dat heeft met de terreurbestrijding te maken. Maar als het gaat over samenleven met andersdenkenden, en samen een gemeenschap vormen, heeft België een enorme meerwaarde. Op dat vlak ben ik het volledig eens met De Wever."

Euh, pardon?
"Met Bruno De Wever, welteverstaan, de historicus en broer van. Het kunnen omgaan met de complexiteit van ons land, het streven naar consensus, heeft ons een sociaal model opgeleverd dat velen ons benijden. Die troeven worden nu stuk voor stuk afgebroken."

En tenzij links zich herpakt, zal het de komende jaren moeten dulden dat Bart De Wever en zijn N-VA het beleid blijven bepalen. Zeker in Antwerpen maakt de sp.a in 2018 geen kans zonder een kartel met Groen.
"De toekomst is roodgroen, daarvan ben ik overtuigd. Wij vormen één beweging. Dat gaat van burgerbewegingen zoals Ringland en Hart boven Hard tot partijen zoals sp.a, Groen en PvdA. Die linkse beweging zal zich inderdaad moeten verenigen met het oog op de volgende verkiezingen. Hoe die vereniging er moet uitzien, dat weet ik niet. Dat moet van onderuit groeien. Maar het is nodig."

Is het voor u denkbaar dat die drie partijen samen één lijst maken in 2018?
"Inderdaad. Dat mag niet ondenkbaar zijn. Daar ben ik duidelijk over. De toekomst is aan de progressieve krachten."

De erfenis van mei '68 wordt nochtans bij het groot huisvuil gezet, tegenwoordig.
"Er wordt vandaag afgerekend met mei '68, dat is juist. Onder meer door de N-VA. Maar ze spreken zichzelf wel constant tegen. In de verklaring die staatssecretaris Theo Francken door alle nieuwkomers wil laten ondertekenen, staat onder meer dat wij hier seksuele vrijheid kennen. Dat staat niet als zodanig in onze grondwet, hoor. Dat is een verdienste van mei '68. Het zou intellectueel eerlijk zijn om dat tenminste toe te geven."

En tenzij links zich herpakt, zal het de komende jaren moeten dulden dat Bart De Wever en zijn N-VA het beleid blijven bepalen. Zeker in Antwerpen maakt de sp.a in 2018 geen kans zonder een kartel met Groen.
"De toekomst is roodgroen, daarvan ben ik overtuigd. Wij vormen één beweging. Dat gaat van burgerbewegingen zoals Ringland en Hart boven Hard tot partijen zoals sp.a, Groen en PvdA. Die linkse beweging zal zich inderdaad moeten verenigen met het oog op de volgende verkiezingen. Hoe die vereniging er moet uitzien, dat weet ik niet. Dat moet van onderuit groeien. Maar het is nodig."

Is het voor u denkbaar dat die drie partijen samen één lijst maken in 2018?
"Inderdaad. Dat mag niet ondenkbaar zijn. Daar ben ik duidelijk over. De toekomst is aan de progressieve krachten."

De erfenis van mei '68 wordt nochtans bij het groot huisvuil gezet, tegenwoordig.
"Er wordt vandaag afgerekend met mei '68, dat is juist. Onder meer door de N-VA. Maar ze spreken zichzelf wel constant tegen. In de verklaring die staatssecretaris Theo Francken door alle nieuwkomers wil laten ondertekenen, staat onder meer dat wij hier seksuele vrijheid kennen. Dat staat niet als zodanig in onze grondwet, hoor. Dat is een verdienste van mei '68. Het zou intellectueel eerlijk zijn om dat tenminste toe te geven."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234