Vrijdag 22/11/2019

De nv Rust & Onrust

Even voor ik de jaren van verstand bereikte, had ik een vervelende gewoonte. Net zoals Barack Obama, Scarlett Johansson, Herman Van Rompuy en ongetwijfeld ook Griepcommissaris Van Ranst wilde ik op zeer jonge leeftijd namelijk wel eens regelmatig in mijn broek schijten.Mijn goede moeder, die bijzonder ranke, fijne handen had en eigenlijk graag toneelspeelster was geworden, moest de onderbroeken van haar vijf mannen in huis keer op keer proberen opnieuw proper te krijgen en dat in een tijd toen wasmachines alleen nog maar bestonden in Amerikaanse feuilletons als ‘Vader Weet Het Beter’. Ze had dus een grondige hekel aan die klus en liet dat ook af en toe merken. Zo ook toen mijn stoelgang op een dag iets te veel artistieke vrijheid vertoonde naar haar zin. Toen mijn drie broers op een donderdagmiddag hongerig van school terugkwamen en haastig aan tafel schoven, begroette zij die mij het leven geschonken heeft het hele gezelschap met de mededeling “Onze Marc heeft een Picasso geschilderd” . Waarna ze schalks een besmuikt caleçon van mij voortoverde en dat met behulp van drie punaises boven de keukentafel aanbracht. Het kunstwerk stamde duidelijk uit mijn Bleekbruine Periode en aan de gezichten van mijn broers kon ik zien dat de boterhammen met choco die middag niet lekker smaakten.Behalve diepe schaamte heb ik aan dat tafereel ook een grote liefde voor Picasso overgehouden en eigenlijk in het algemeen ook wel diep respect voor de schilderende mens. Zo stond ik laatst in de Antwerpse Kathedraal onverwacht oog in oog met het werk van de mij veel te weinig bekende Frans Floris. De simpele aanblik van zijn ‘Het gevecht der opstandige engelen’ maakte mij wel blij dat ik niet in 1554 geboren ben maar in 1949, hetzelfde jaar waarin Fats Domino zijn eerste plaatje uitbracht dat, toeval bestaat niet, ‘The Fat Man’ heette.Wat later op de dag liep ik alweer in de buitenlucht, daar aan het Eilandje, een stuk Antwerpen waar de straten mooie namen hebben waardoor je ook altijd meteen op reis wil vertrekken.Antwerpen lijkt daar een beetje op het Meat District in de onderbuik van New York, of op de Lower East Side. Ik kom er graag en het enige wat ik er eigenlijk mis, is een brug boven mijn hoofd, een viaduct, à la limite.Beetje grootstadsgevoel, weet uw wel, want dorpen zijn eigenlijk slecht voor een mens. Ik sla een hoek om en stap een garage binnen die van onder tot boven vol hangt met werk van Sam Dillemans. Misschien zou hij in een ander leven Frans Floris geheten hebben maar deze schilder is helemaal van deze tijd.De boksers die mekaar op zijn doeken tot moes slaan maken indruk. En aan Dillemans’ zelfportretten delen die daar ook af en toe een uppercut uit. Er staan weinig winners afgebeeld op al deze werken maar des te meer lieden die in het zand moeten bijten, net door de knieën zijn gegaan of ronduit gevloerd liggen te liggen en zich in stilte afvragen waarom iemand uit Albion deze sport ooit zo nodig nobel moest noemen.Dillemans’ werk behoort in het algemeen tot het vakgebied van de nv Onrust maar er zit ook verschrikkelijk veel passie en zeker liefde in. Bij zijn portretten van Eddy Merckx en andere grote schrijvers overvalt mij zelfs een soort rust die ik mij alleen herinner van toen ik ooit tijdens een zware astma-aanval gered werd door een brave dokter die mij, zo leek het wel, helemaal vol cortisonen spoot.Toen ik de galerie buitenstapte, zag ik een muurschildering waarop een groot, rood hart stond met daarover twee woorden gedrapeerd: ‘Julien Schoenaerts’ , de naam van misschien wel de beste toneelspeler die dit taalgebied ooit gekend heeft.Onder dat hart stond ook nog in drukletters geschreven ‘Meeuwen Sterven In De Haven’ en dat is meteen de titel van een mooie film van Roland Verhavert die mij destijds deed geloven dat films maken ook in dit deel van de wereld geen geheel zinloze bezigheid zou kunnen zijn. Julien Schoenaerts speelt de hoofdrol in die film, die hier enkele meters verderop werd gedraaid.Ook wanneer ik de film in jaren niet gezien heb kan ik me Schoenaerts’ stem en overweldigende présence met één vingerknip zo voor de geest halen. Wereldniveau, dus.Ik heb hem de zeldzame keren dat ik hem zag nooit durven aanspreken maar toch mis ik hem zeer. Maar gelukkig voor ons heeft Julien ervoor gezorgd dat Matthias Schoenaerts bestaat. Ik blijf mij verbazen hoe indrukwekkend deze jonge acteur is telkens ik hem ergens zie spelen, zelfs in een iets minder werkstuk. Wereldniveau, zeer zeker. Nv Onrust ook. En rust: zondermeer.Ik raad u dan ook aan om hem te gaan gadeslaan in de nieuwe film ‘My Queen Karo’, die zeker ook ergens in uw buurt te zien is. Hij zet er een niet echt sympathieke man in neer die geheel naar de voorschriften van de late sixties en de vroege seventies denkt dat hij fervent de vrije liefde aanhangt maar toch vooral de eigenliefde bedrijft.Het is een dichterlijke film geworden, subtiel ook en breekbaar, maar vooral heel goed en heel juist. Een mooie buffer tegen alle bagger die elders voor drama doorgaat. En ook weer boordevol rust. Zoals ik eveneens vond bij het eind van mijn reisje naar het Noorden, dat mij tenslotte naar het Fotomuseum van Antwerpen leidde, waar Michiel Hendryckx en zijn foto’s tijdelijk de hele tweede etage bewonen.‘Dolen’ heet de fraaie tentoonstelling en ze toont ons de privékant van het werk van de gevierde persfotograaf en tv-maker.Wat zien de ogen van Michiel wanneer ze kijken naar wat ze willen in plaats van moeten zien? Een oefening in onzichtbaar worden noemt hij wat hij zwervend door Europa deed en inderdaad, zo geschiedt.Een boom in Schotland, een door de Duitsers uitgemoord dorp in Frankrijk, een gletsjer in Noorwegen, ze bestonden al lang voor Michiel bestond, maar ze waren al die jaren gewoon aan het wachten op de dag waarop hij, helemaal onzichtbaar, langs die boom, dat dorp, die gletsjer zou komen en ze op een lichtdrukmaal zou vastleggen.Dillemans, Schoenaerts, Hendryckx : petit pays, zeer zeker, maar grands artistes, dat ook.Rust en onrust. Anytime.Bij het buitenlopen botste ik op een jonge cineast en zijn gade. Ze hadden een kindje bij dat me heel erg in kikkerperspectief aankeek. De vader lichtte toe dat hij een oud-student van me was en ik dus zijn oude meester.Het kind keek me lang aan en vroeg toen aan Papa : “Waarom leeft die dan nog ?”.Ik ben al een maand naar het antwoord aan het zoeken, sedert ik geen les meer geef.Misschien vertel ik het u wel volgende week.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234