Zaterdag 31/07/2021

De neuroses van een geniale familie

Kun je nog een originele vorm vinden om over jeugdherinneringen te schrijven? Jazeker. Dat bewijst de Franse auteur Christophe Boltanski in het briljante De schuilplaats, waarin hij zijn vreemde familiegeschiedenis reconstrueert aan de hand van de kamers van een Parijse burgerwoning.

Roman.

Met families kan het werkelijk alle kanten uit. De ene verbrokkelt en verbrijzelt terwijl je erbij staat, de andere vormt een hechte clan tot de dood hen scheidt. Soms zijn het bovendien ongeziene samenscholingen van talent en excentriciteit.

Neem nu de Boltanski's, 'les Bolt', zoals ze zichzelf noemen. Christian Boltanski kent u ongetwijfeld als beeldend kunstenaar, een 'sporenzoeker' die steeds weer in zijn kindertijd en het verleden duikt om daar beklemmende video's en installaties uit te puren. Zijn broer Jean-Elie Boltanski is dan weer een vermaard Frans linguïst en diens broer Luc een vooraanstaand Frans socioloog en dichter.

Zo komen we uit bij Lucs zoon Christophe Boltanski (°1962). Hij versloeg voor Libération de Golfoorlog en repte zich ooit van slagveld naar brandhaard. Sinds enige tijd is hij 'grand reporter' bij het weekblad Le Nouvel Observateur.

Mini-onderzeeër

In 2015 schudde Christophe Boltanski literair Frankrijk wakker met zijn debuut La cache, waarvoor hij op slag de Prix Femina ontving. Daarin reconstrueerde hij op hoogst originele wijze de kleurrijke geschiedenis van zijn eigengereide familie met Joods-Russische roots. Als een entomoloog die zijn insectenverzameling onder de microscoop legt en vervolgens opprikt, zo bestudeerde de alziende Boltanski zijn huisgenoten.

Op zijn dertiende koos hij er zelf voor om bij zijn geliefde grootouders in te trekken. Ook zij genoten de nodige faam. Grootvader Etienne was een gevierd arts, afkomstig uit Odessa. Zijn al vroeg door polio getroffen echtgenote Marie-Elise ('Myriam') schreef aan de lopende band katholiek geïnspireerde romans onder het pseudoniem Annie Lauran, hoewel ze communistische sympathieën had.

Het bonte gezelschap bewoonde een hôtel particulier in de statige Rue de Grenelle in de faubourg Saint-Germain en verschanste zich grotendeels voor de buitenwereld, volgens het heilige principe 'pour vivre heureux, vivons cachés'. Aan de hand van de plattegrond van het rondom een cour gebouwde huis ontrafelt Boltanski de grillige familiegeheimen. 'Hoe hoger of dieper in het gebouw, hoe dichter bij het intieme', zo ontdekt hij. Hij schetst vlijmscherpe én gevoelige tableaus van zijn extravagante gezinsleden. Het waren bohémiens: 'Ze woonden in een paleis en leefden als clochards. (...) Luxe grensde aan behoeftigheid.'

Eten was bijzaak, al werd er soms gepicknickt met door patiënten geoffreerde champagneflessen. Ondanks hun ijdelheid wasten ze zich niet: een vleugje maskerende parfum volstond. 'In een schone wereld moet je juist vuil zijn. De bacteriën beschermen ons.' Angsten kwelden hen dag in, dag uit. Ze leefden provisorisch, alsof alles op stel en sprong kon veranderen.

Het boek opent met een betekenisvolle scène die je meteen inpalmt. Zijn grootouders weigerden zich te voet op de Parijse straten te vertonen, de mankende Myriam omdat ze uit trots niet met krukken gezien wilde worden. Om zich door de stad, naar het ziekenhuis of school te begeven, werd de hele familie in een piepkleine Fiat 500 gepropt, 'een vissenkom, een mini-onderzeëer'. Passagier Christian voelt zich 'als een marsmannetje dat naar een onbekende planeet geschoten werd'.

Altijd weer cultiveerden ze die drang naar afgeslotenheid, trokken ze zich terug in hun cocon. Boltanski wijdt indringende pagina's aan Myriam, die 'kinderen verzamelde zoals anderen postzegels' en trekkebenend door het huis laveerde, 'tussen de obstakels door, volgens een onveranderlijke choreografie'.

En over zijn zeer consciëntieuze grootvader-arts: 'Hij was net zo bang de kwaal te missen als hem te vinden. Hij hield niet van zijn beroep.' Etienne was zijn hele leven getraumatiseerd door de twee wereldoorlogen en barstte later bij het minste in tranen uit. Toch stond de levensangst van de Boltanski's hun scheppingsdrang niet in de weg.

Clandestien binnen het eigen gezin

Op een prachtige, delicate manier cirkelt Boltanski rondom het gedragsbepalende familiegeheim. Het had alles te maken met de Joodse roots van grand-père.

Tussen 1942 en 1944 verschanste Etienne zich in een piepkleine ruimte van 1,2 meter hoog en 1 meter breed, om aan deportatie door de nazi's te ontkomen: ziedaar de schuilplaats, la cache. Etienne fungeerde als clandestien binnen het eigen gezin. De grootvader-arts dreef zijn verdwijntruc tot het uiterste. Hij liet de autoriteiten geloven dat hij was verhuisd en gescheiden van zijn vrouw, adresseerde fictieve brieven aan zichzelf en werd diep katholiek.

Pas later zou hij Myriam opnieuw huwen. De schuilplaats bleef na WO II een obsessie, uitmondend in het verlangen van de Boltanski's naar heimelijkheid en het schuwen van de openbaarheid.

Boltanski vergelijkt zijn zoektocht ergens met een Cluedo-spel. Maar bijna vanzelf moet je denken aan Georges Perec. Hij maakte in zijn roman Het leven, een gebruiksaanwijzing (1978) een dwarsdoorsnede van een appartementsgebouw, om via het principe van de paardensprong de verhalen achter de muren met elkaar te verbinden.

Proustiaanse precisie

Boltanski's boek heeft een minder ingenieuze structuur, maar is geschreven met Proustiaanse precisie, vol zintuiglijke herinneringen en wonderlijke anekdotes. Geamuseerd slaat hij zijn familieleden gade en laat ze volkomen in hun waarde. Boltanski schrijft elegant, beeldend en zwierig, steeds met een humoristische toets en een milde warmte, een stijl die door de vertaalster overigens uitstekend is gecapteerd. Af en toe speelt de Franse praatzucht hem parten of stapelt hij de fragmenten op als een blokkendoos. Spoedig neemt hij je weer op sleeptouw door de familiale vesting en zijn diverse tijdperken, van het interbellum tot nu, alsof hij lagen behangpapier afpelt.

Boltanski is een meesterlijk betrapper van de neuroses en peripetieën van zijn geniale familie. En je moet toegeven: excentriciteit is een weldaad voor de literatuur.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234