Maandag 22/07/2019

De 'nerds' die het nieuwe België maken

De jongste is amper 24, de oudste moet nog 35 worden. Vier jonge juristen werken koortsachtig aan het nieuwe België. Op het kabinet van Servais Verherstraeten (CD&V) gieten zij het akkoord over de staatshervorming in wetteksten. 'Als carrièrezet is dit niet zo verstandig, maar we willen dit voor geen geld missen.'

Is het omdat de menselijke hersenen na het vijfentwintigste levensjaar beginnen te krimpen? Is het omdat jongeren nog kneed- en wendbaar zijn? Of is het genie voorbehouden aan de jeugd? Wat er ook van zij, het valt op dat heel wat belangrijke juridische teksten - zowel de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring (Thomas Jefferson was 33) als de Belgische grondwet (Paul Devaux was 30 en Jean Baptiste Nothomb amper 25) - geschreven werden door jonge mensen. Ook de legendarische Toshiba-boys die in 1988 de Financieringswet schreven voor Jean-Luc Dehaene waren toen dertigers.

In de schaduw van de Congreskolom, waar een met duivenstront besmeurde Leopold I een beetje beduusd zijn land overschouwt, schrijven op dit eigenste moment vier jonge juristen de wetteksten die het nieuwe België vorm moeten geven. De oudste is Helmut De Vos (34), een jurist die gedetacheerd werd van de FOD Volksgezondheid. De jongste is Claire Fornoville (24), die pas in juni afstudeerde. 'Oude' rot in het vak is Benjamin Dalle, amper 29 maar al vier jaar actief als adviseur van verschillende CD&V-ministers voor Institutionele Hervormingen. Advocaat Jürgen Vanpraet (28) heeft de meeste publicaties op zijn naam. Hij werkte voor gerenommeerde kantoren als Eubelius, Publius en Laga.

Unieke kans

Benjamin Dalle herinnert zich nog precies dat hij op 6 december 2011, de dag dat de regering werd beëdigd, telefoon kreeg van Servais Verherstraeten. "Ik had in 2008 al meegewerkt aan de zogenaamde 'borrelnootjes', een hele reeks bevoegdheden die zonder veel problemen konden worden overgeheveld naar de deelstaten. Omdat er daarna geen akkoord kwam over Brussel-Halle-Vilvoorde en geen verregaande bevoegdheidsoverdrachten, was al dat werk voor niets. Ik was fel ontgoocheld. Toen Elio Di Rupo voor de zomer zijn nota op tafel gooide, schreef ik een analyse: 'Overzicht van de communautaire onderhandelingen sinds 2007. Straatje zonder einde of de weg naar verandering?' Ik concludeerde daarin dat na meer dan een jaar onderhandelen een communautair akkoord wel degelijk mogelijk was. De CD&V heeft daarop voort onderhandeld, terwijl de N-VA de handdoek in de ring wierp. De onderhandelingen zijn toen in een stroomversnelling gekomen."

"Toen Servais Verherstraeten me vroeg om zijn kabinetschef te worden, ben ik samen met hem op zoek gegaan naar medewerkers. Hij drukte me op het hart dat we clevere jonge mensen moesten kiezen uit de administratie, de academische wereld en de advocatuur. Kwaliteit en werklust primeerden. Het was niet de bedoeling om trouwe CD&V-partijsoldaten te belonen."

"Ik heb geen moment geaarzeld", zegt Jürgen Vanpraet. "Ik schreef mijn doctoraat over de bevoegdheidsverdeling in het federale België. Dit werk is me op het lijf geschreven."

Claire Fornoville, dochter van een Vlaamse vader en Waalse moeder, liep school in Massachusetts voor ze in Antwerpen rechten ging studeren. Een jaar daarvoor won ze de Best Delegate Diplomacy Award op de World Model United Nations, een groot rollenspel voor studenten van de universiteit van Harvard. "Het was in Amerika dat ik interesse begon te krijgen voor staatsrecht", vertelt ze. "In de VS leer je in het secundair onderwijs alles over de Declaration of Independence, over de grondwet. Dat boeide me enorm."

Helmut De Vos is categorisch: "Dit is iets unieks. Meewerken aan de zesde staatshervorming van België is een unieke kans. Dit willen we voor geen geld missen."

"Als carrièrezet is dit misschien niet zo verstandig", zegt Vanpraet. "Je krijgt natuurlijk een stempel wanneer je op een kabinet gaat werken. Die partijkleur geraak je later moeilijk kwijt."

Claire Fornoville heeft alle tijd van de wereld. "Over twee jaar, wanneer de legislatuur voorbij is, ben ik 27. Daarna kan ik nog doen wat ik wil."

Historisch

Voor buitenstaanders kan het werk van het kwartet van Servais Verherstraeten veeleer saai lijken. Het akkoord dat na meer dan vijfhonderd dagen onderhandelen werd gesloten, moet in wetteksten worden gegoten. Veel creativiteit komt daar op het eerste gezicht niet bij kijken.

"Wij zijn inderdaad de trouwe uitvoerders van het akkoord", zeg Vanpraet. "Wij waren ook niet aanwezig tijdens de onderhandelingen, en daarom moeten we vaak terugkoppelen naar de onderhandelaars. Die hebben soms beslissingen genomen die ogenschijnlijk eenvoudig zijn, maar die niet zo eenvoudig kunnen worden ingepast in de bestaande wetten."

"De wetteksten die we schrijven, moeten zo rechtszeker en zo eenvoudig mogelijk zijn", zegt Dalle. "Soms verandert er maar één woord. Maar de toelichtingen zijn zeer uitgebreid omdat ze alle nuances van het politieke akkoord moeten bevatten. De wet mag niet anders geïnterpreteerd kunnen worden dan de onderhandelaars bedoeld hebben."

Volgens Dalle is dit wel de laatste staatshervorming 'oude stijl' die ons land zal kennen. "In 1993 werd België een federale staat. Daarna zijn ad hoc een aantal aanpassingen gedaan. Die werden telkens toegevoegd aan de bestaande grondwet. De volgende keer zullen we moeten streven naar een nieuw concept. Het systeem waarbij we blijven voortborduren op de bestaande teksten, heeft zijn limieten bereikt."

De Vos is strijdlustig. "We hebben nu net het akkoord over Brussel-Halle-Vilvoorde afgewerkt. Dat gaat naar het parlement. Op zich is dat een historische gebeurtenis. Wij leerden op school al over B-H-V en hoe dat probleem al decennia lang de Belgische politiek domineert. Ik ben benieuwd welke argumenten de oppositie zal gebruiken om dit akkoord te bekampen. Laat ze maar komen. Ik maak me sterk dat onze teksten de toets van het Grondwettelijk Hof zullen doorstaan. Ik ben ook nieuwsgierig naar de kritiek van De Wever op 'ons' B-H-V-akkoord. De splitsing die in zijn voorstel stond, was lang niet zo zuiver als de 'onze', want hij koppelde geen voorwaarden aan de 500 miljoen die Brussel in ruil zou krijgen."

De kabinetsmedewerkers geven toe dat hun teksten voor een leek onbegrijpelijk zijn. Dat staat in schril contrast met de vaak ontroerende eenvoud van de Amerikaanse grondwet.

"Dat klopt, maar België is ook een erg ingewikkeld land", zegt Dalle. "We hebben bovendien een traditie om symbooldossiers te bureaucratiseren, om zo het sacrale ervan te temperen. Dat is de techniek van Jean-Luc Dehaene. Destijds loste hij het probleem-Voeren op door het zo technisch te maken - met arrondissementscommissarissen en een college van provinciegouverneurs - dat niemand er nog iets van begreep. Daarna werd het gewoon een administratief probleem, dat ook administratief werd opgelost. Met Brussel-Halle-Vilvoorde hebben we hetzelfde gedaan. Het is een erg omvangrijk compromis. Het resultaat is wel heel straf: een zuivere splitsing. In Vlaams-Brabant kun je niet meer voor Franstalige Brusselse kandidaten stemmen, behalve als je in een faciliteitengemeente woont. Daar was het de Vlamingen toch altijd om te doen. Om dat akkoord door de Franstaligen te doen aanvaarden, zijn er wel politieke koppelingen geweest, zoals extra geld voor Brussel, een regeling voor de benoeming van de burgemeesters. Maar dat neemt niet weg dat de zuivere splitsing een feit is."

Oppositie

De jonge 'nerds' raken opgewonden als ze meer in detail gaan over de staatshervorming. De kritiek van grondwetsspecialisten dat de grondwet opzij wordt geschoven om deze hervorming door te voeren, maakt hen kregelig. Boos zelfs.

Vanpraet: "Men verwijt ons dat we artikel 195 verkrachten. Dat artikel bepaalt dat enkel het volgende parlement de grondwet mag wijzigen. Dat klopt, maar het vorige parlement heeft artikel 195 voor herziening vatbaar verklaard. Dit parlement is dus wel degelijk bevoegd. We doen dat - zoals de grondwet bepaalt - met een meerderheid van twee derde. Ik zie het probleem dus niet."

De Vos: "Het is trouwens nogal vreemd dat de N-VA ons verwijt dat we de grondwet als een vodje papier beschouwen, om daarna zelf te zeggen dat ze na de volgende verkiezingen de grondwet opzij willen schuiven om een confederatie te vormen."

De Vlaamse oppositie tegen deze regering vindt dat de staatshervorming niet ver genoeg gaat. Aan Franstalige kant wordt het akkoord echter node geslikt. Daar ziet men met lede ogen aan hoe er steeds minder België is.

Dalle: "Dit is een erg belangrijke staatshervorming. Er worden voor 17 miljard euro bevoegdheden overgeheveld en er komt fiscale autonomie voor 10,7 miljard. Dat is du jamais vu. Maar naar mijn mening was de staatshervorming van 1993 in institutioneel opzicht toch belangrijker. Toen werd België écht een federaal land."

Als medewerkers van een CD&V-minister moeten ze natuurlijk de oppositie bekampen, maar toch is er ook respect voor wat Bart De Wever tijdens de onderhandelingen geprobeerd heeft.

Dalle: "De Wever kreeg tien dagen om een nota te schrijven. Hij heeft daarin eenzijdig de contouren geschetst van een akkoord. Hij stelde dat zijn voorstel een evenwicht vormde, dat alleen kon worden aangepast als er elders compensaties zouden zijn. Dat was allicht niet erg strategisch. Normaal gezien doe je een openingsbod bij onderhandelingen en hou je een aantal toegevingen achter de hand. Toen De Wever voorstelde om de justitie te regionaliseren in Vlaanderen en Wallonië, maar federaal te houden in Brussel, wíst hij dat dat onaanvaardbaar zou zijn voor de Franstaligen. Dergelijke voorstellen boden de Franstaligen de mogelijkheid om zijn nota gewoon af te wijzen. De voorstellen van De Wever verschilden eigenlijk niet zo veel van die van Di Rupo. Er is tijdens de onderhandelingen altijd een grote continuïteit geweest. Het is wel de verdienste van De Wever dat hij zijn voorstel op papier heeft gezet. Maar dat maakt het de N-VA niet makkelijk om nu kritiek te leveren, dunkt me."

Vaarwel België?

De mensen die het nieuwe België uittekenen (voor de goede orde: op het kabinet van cdH-staatssecretaris Melchior Wathelet sleutelen ook vier Franstalige juristen aan de staatshervorming, KvdB) zijn geen bevlogen belgicisten die elke ochtend de Belgische driekleur groeten. "Ons engagement heeft weinig met patriottisme te maken", zegt Vanpraet. "Vlaanderen ligt nu eenmaal dichter bij Wallonië dan bij Trinidad en Tobago. Alleen al om puur pragmatische redenen moeten we proberen samen te werken."

De Vos: "Ik kom uit een Volksunie-nest. Wij gingen altijd naar de IJzerbedevaart. Toen Lionel Vandenberghe (toenmalig voorzitter van het IJzerbedevaartcomité, KvdB) in 1992 zei 'Waalse vrienden, laat ons scheiden', was dat voor mij een brug te ver. Ik wilde helemaal geen scheiding."

Dalle: "Wij zijn allemaal legalisten. Wij geloven in evolutie, niet in revolutie. De bigbang zou een zeer slechte zaak zijn voor de Vlaamse economie. Wie pleit voor een soort revolutie of Vlaamse onafhankelijkheid speelt met de koopkracht van de burgers."

De Vos ziet ook nog een toekomst voor België. "Ik ben een federalist en ik denk dat we nog veel verder kunnen gaan dan nu. We moeten bij een volgende staatshervorming samen met de Franstaligen beslissen wat we nog op federaal niveau willen doen. Dat moet in een apart grondwetsartikel worden vastgelegd (het beruchte artikel 35, KvdB). In confederalisme geloof ik niet: een confederatie is een verdrag dat je sluit tussen twee onafhankelijke landen die elk hun eigen grondwet hebben. België moet een federatie blijven met één grondwet. Dat is voor mij cruciaal."

Vanpraet nuanceert. "Confederalisme of federalisme: hoe je het kind ook noemt, we moeten naar een land waar het zwaartepunt veel meer bij de deelstaten ligt. Als de twee bevolkingsgroepen elkaar op het federale niveau blijven blokkeren, lonkt de 'joint decision trap' en wordt België onbestuurbaar. Een status-quo is geen optie."

De Vos: "We moeten de Franstaligen daar wel nog van overtuigen. Zij beschouwen elke overdracht van bevoegdheden aan de deelstaten als een ontmanteling van België. Vreemd genoeg hebben ze niet dezelfde kritiek op Europa. Er zijn al meer bevoegdheden naar Europa overgeheveld dan naar Vlaanderen en Wallonië. Toen ik nog op de FOD Leefmilieu werkte, moest ik wetten maken die rechtstreeks van Europa kwamen. Ik kon enkel wat details wijzigen."

Vanpraet: "De Franstaligen gaan nooit zo'n lijst met ultieme federale bevoegdheden willen opstellen voor artikel 35. Mijn prof zei altijd: als je de Kemmelberg niet over geraakt, moet je niet proberen de Mont Ventoux te beklimmen. Juridisch klinkt zo'n lijst goed, maar politiek ligt het erg gevoelig."

Claire Fornoville: "Het probleem is dat België de omgekeerde beweging maakt van bijvoorbeeld Amerika. De VS zijn ontstaan uit een confederatie. De staten hadden de wil om meer samen te werken. België was unitair en de deelstaten eisen altijd maar meer macht op. Dan is het moeilijk om de bevoegdheden van het federale niveau limitatief op te sommen."

Solidariteit

Hoe dat nieuwe België er volgens de vier juristen uit moet zien en welke bevoegdheden nog federaal moeten blijven, is niet zo duidelijk. Het lijstje begint altijd met defensie en politie. "Er zal ook altijd een vorm van solidariteit moeten bestaan tussen de gemeenschappen. Hoe die solidariteit concreet vorm moet krijgen, is een andere zaak en zal het voorwerp uitmaken van het debat de komende jaren", zegt Vanpraet.

Dalle, plechtig: "Het is de taak van onze generatie om een zinvolle federatie uit te bouwen. De kern van de sociale zekerheid zal zeker federaal moeten blijven. Op Brussels niveau kun je zo'n systeem niet uitbouwen. Ondanks onze tegenstellingen zijn er toch nog vele zaken die ons binden. We mogen dan in twee aparte democratieën leven, met een gescheiden pers en een gescheiden publieke opinie, toch heeft iemand uit Mons vaak meer gemeen met iemand uit Mol dan iemand uit Amiens."

Vanpraet: "Er zit ook een paradox in het systeem. Wallonië wil Vlaanderen nu niet loslaten vanwege de solidariteit. Maar op het ogenblik dat het economisch beter gaat in Wallonië, zal dat veranderen en zal de bereidheid in Wallonië groeien om Vlaanderen los te laten. Het valt af te wachten of de solidariteit dan ook in omgekeerde richting zal werken."

Het interview is gedaan. De fotograaf wil nog wat beelden maken. Hij lonkt naar de Belgische driekleur die in het kantoor staat. "Je gaat ons toch niet voor de vlag fotograferen", grapt Helmut De Vos. "We moeten nu ook weer niet overdrijven."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden