Vrijdag 27/05/2022

'De Nacht blijft een feest voor iedereen'

Geen twee atleten hebben zoveel te danken aan de Nacht van de Atletiek en geven er nu zoveel aan terug als Christophe Impens (37) en Marc Corstjens (40). Ze doen hun uiterste best om ervoor te zorgen dat de Nacht een meeting voor alle atleten blijft. 'Elk jaar komen hier 800 jongeren hun record lopen.'

Door Piet Desmet

HEUSDEN l Ooit stond één naam symbool voor de Limburgse Nacht van de Atletiek: Paul Eerdekens, schooldirecteur. Hij was als organisator de godfather. Anderhalf jaar geleden overleed hij.

"We werkten járen samen in een klein kotteke", vertelt Corstjens. "Paul kon atleten heel goed inschatten. Hij bepaalde zelf wie welke baan kreeg. Zo perfectionistisch was hij." Impens: "Paul kon met weinig middelen toch heel grote namen naar Limburg halen. Veel meetings gingen failliet omdat ze te kwistig met de centen strooiden. Van Paul heb ik veel geleerd. Ik maakte hem mee op zijn sterfbed. Hij fluisterde: 'De Nacht, de Nacht, laat de Nacht niet vallen.'"

Christophe Impens is nog steeds de snelste Belg ooit op de 1.500 meter (3.34.13). Hij verbeterde op de Nacht van de Atletiek van 1996 het twintigjarige record van Ivo Van Damme tot 3.35.72. Het was 'de meeting van de laatste kans' voor hem: de laatste mogelijkheid om het minimum te lopen voor de Spelen van Atlanta. De magische sfeer van de Nacht - met publiek dat bijna op de piste staat - hielp hem om zichzelf te overstijgen.

Impens volgde Eerdekens na diens overlijden op als meetingdirecteur. In opdracht van het bedrijf Octagon Cis organiseert hij atletiekevenementen, waaronder de Nacht. Impens: "Vroeger werd de Nacht georganiseerd door een man of zes die twee weken lang geen oog dicht deden. Sinds Octagon eerst de rechten en daarna de hele organisatie overnam, is de meeting professioneler geworden. Dat komt de finesse ten goede. Toch blijft het zeventig uur per week werken. De mensen denken dat ik alleen maar wat moet onderhandelen met atleten. Maar dat is nu net het enige wat ik niet doe."

Atleten contacteren en vastleggen is immers de job van Marc Corstjens, de Belgische recordhouder op de mijl (3.54.57). Corstjens stelt het wedstrijdveld van de Nacht samen, in overleg met de enige andere door de IAAF erkende manager in België, Wilfried Meert.

Blijft de meeting er één - zoals Eerdekens wilde - voor de Belgen, ook de minder goede? "De Nacht blijft een feest voor iedereen", verzekert Impens. "Dat past ook volledig in de filosofie van hoofdsponsor KBC. Anders worden we een copy-paste-versie van de Memorial. En dat werkt niet. Elk jaar komen hier 800 jongeren hun record lopen op de 1.000 of 800 meter. De formule met supporters die tijdens de 5.000-meternachtreeksen nog een laatste pint pakken, zullen we niet veranderen. We hebben zelfs het IAAF Grand Prixlabel laten vallen. Geen sponsor die daar wakker van ligt. En van de IAAF zouden we daarvoor 250.000 dollar op de prijzentafel moeten leggen."

"Behalve Kim Gevaert en Tia Hellebaut krijgt hier trouwens niemand startgeld. Atleten kunnen een smak geld meegraaien. Maar ze moeten ervoor presteren. We hebben voor de eerste keer ook de meeting van Luik in het premiestelsel betrokken. Wie aan het tweeluik deelneemt, kan op de Nacht meer verdienen."

Drie jaar geleden organiseerde Corstjens een barbecue voor al zijn atletiekvrienden, omdat zijn Belgische record op de mijl tien jaar overeind bleef. Eind deze zomer mag ook Impens aan de houtskool. Dé kandidaat om Impens' tienjarige 3.34 te verbeteren, Joeri Jansen, viel vorige maand uit met een stressfractuur. Op de vraag of er nog andere kandidaten zijn, lacht Impens: "Hassan Mourhit. Maar dat hoor ik elk jaar. Zoals ik ook ieder jaar hoor dat hij wereld- of Europees kampioen gaat worden."

Hassan is de jongere broer van Mohamed Mourhit, die vorig jaar in Heusden zijn rentree maakte na een dopingschorsing van twee jaar. Impens: "Iedereen verdient een tweede kans. Dus ook de atleet die zijn straf heeft uitgezeten. Veel meetings hebben vorig jaar een fatwa uitgesproken tegen Marion Jones. Nu gaan ze allemaal hun staart weer intrekken. Het grote publiek maakt zich er trouwens niet druk om. Maar dat is de organisator in mij die spreekt. Als atleet zou ik gevloekt hebben als Mourhit mijn 1.500-meterrecord had gebroken. We wisten allemaal dat hij in 1996 al 's nachts aspirientjes à volonté pakte om zijn bloed te verdunnen. We hebben er destijds nog goed over gezwegen. Gelukkig is het toch een keer uitgekomen. Maar arme Miel Puttemans. Arme Vincent Rousseau. Die zijn al hun records kwijt."

Marc Corstjens zegt dat hij niet inzit met zijn record. Impens: "Dat is hypocriet. Ik wil dat mijn record er nog honderd jaar staat. Punt uit. Anderzijds... ik was een half orthopedisch misbaksel met een beenlengteverschil van 2 centimeter, en mijn record is al tien jaar oud. Dat is een veeg teken voor de Belgische halve fond. Nu zijn het allemaal profs, en toch kunnen ze mijn record niet pakken. Ik zal nu wel als een ouwe bal klinken maar in mijn recordjaar ben ik niet eens op stage geweest, terwijl dat nu voor sommigen het doel van het seizoen lijkt. Wíj zochten mekaar op. We betaalden een haas en baf, we vlogen er in."

"Ik kon diep gaan, tot het melkzuur uit mijn oorlellen gutste." Corstjens kijkt nóg woester uit zijn gebeitelde hoofd wanneer hij vertelt dat hij als jonge atleet niet mocht starten in de Memorial. Als geen ander weet hij hoe belangrijk het is voor atleten om kansen te krijgen in sterke meetings.

Organiseren van evenementen als de Nacht vergelijkt Impens met trainen naar een piek. "Ik sterf op D-day meer dan vroeger tijdens een koers." Corstjens: "Ik drink mijn eerste pint pas nadat de laatste A-reeks binnen is, 's avonds na 10 uur. Dan heb ik niet meer gegeten sedert 's middags. Je staat in de namiddag de vips te woord terwijl je gsm continu zit te trillen in je broek: weer een manager die nog iets wil regelen..." De Nacht is dus geen avondje genieten? Impens: "Toch wel, en ik leef mee. Toen Kim Gevaert vorig jaar het Belgische record brak, heb ik een gat in de lucht gesprongen. Waar ik nooit van geniet: de 1.500 meter. Dan sta ik altijd op mijn chronometer te kijken."

Toen een van de grote atletiekmanagers, de Nederlander Hermens, hem een voltijdse baan aanbood, twijfelde Corstjens even. Maar hij bleef atletenmanager na zijn uren in het onderwijs. "Dan zou ik mijn brood moeten verdienen op de kap van de atleten. Dat is een heel ander uitgangspunt. Nu kijk ik met spanning uit naar de resultaten van de atleten die ik in een wedstrijd plaatste. Als ze blij terugkeren, ben ik dat ook. Het is nooit zo bevredigend als zelf lopen maar het maakt veel goed."

Christophe Impens:

Ik maakte organisator Paul Eerdekens mee op zijn sterfbed. Hij fluisterde: 'De Nacht, laat de Nacht niet vallen'

Marc Corstjens:

Als de atleten blij zijn, ben ik dat ook. Het is nooit zo bevredigend als zelf lopen maar het maakt veel goed

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234