Maandag 21/06/2021

De mythe regeert

Kenners van de islam zijn verdeeld over de toekomst van de moslimwereld.

Malise Ruthven

Islam. A Very Short Introduction Oxford University Press, 157 p., 5,99 £R. Stephen Humphreys Between Memory and Desire University of California Press, 297 p., 40 $

Michiel Leezenberg

Islamitische filosofie. Een geschiedenis Bulaaq, Amsterdam, 287 p., 926 frank.

Daniël De Smet en Jan Van Reeth

De islam is modern Davidsfonds, Leuven, 153 p., 795 frank.

De islam en de islamitische wereld verkeren in een diepe crisis. Het theologische of filosofische debat over de rol van de islam bestaat nauwelijks meer. Slogans als 'De islam is de oplossing' zijn ervoor in de plaats gekomen. Pluralisme is taboe en de mythe regeert. Zoals die van de Gouden Eeuw, toen de profeet Mohammed nog leefde en er vrede en rechtvaardigheid heersten. Of die van de tijd dat vrome kaliefen uitgestrekte moslimrijken bestierden, waar welvaart heerste en grote schrijvers, dichters en filosofen onvergankelijke werken schiepen.

De islamitische wereld kampt met ideologische onzekerheid, economische stagnatie en overbevolking. Oplossingen op korte termijn zijn niet in zicht. Voor veel moslims, fundamentalisten voorop, ligt het Westen ten grondslag aan alle problemen. Keer op keer laat dat Westen in de islamitische wereld zijn funeste sporen na. De ene keer gebeurt dat in de vorm van geestelijk imperialisme dat - onder het mom van globalisering - de islamitische cultuur ondergraaft door haar aan verderfelijke seculiere waarden bloot te stellen. Dan weer is het imperialisme met vertoon van spierballen. Westerse legers brachten de grote moslimrijken ten val en in de overgebleven brokstukken maakten islamitische heersers de dienst uit, die in werkelijkheid vazallen van het Westen waren.

Met de aanstaande val van het Taliban-bewind wordt, in de ogen van deze moslims, die lijn voortgezet. Het Westen grijpt met geweld in in een islamitisch land, nestelt zich in de regio en zal deze daarna als uitvalsbasis gebruiken om zijn normen en waarden op te leggen aan moslims. Daarna zijn andere moslimlanden aan de beurt, te beginnen met Irak. Het is, in de ogen van islamisten, het zoveelste bewijs dat het Westen de islam haat en dat moslims - indien nodig met geweld - de goddelozen uit de dar al islam, het 'huis van de islam', de moslimwereld, dienen te verdrijven. Al islam huwwa al hall, de islam is de oplossing, luidt het motto van militante moslims. Maar welke islam? De islam die de wereldpers haalt, zit in een keurslijf geperst dat van fundamentalistische makelij is. Traditioneel was het 'huis van de islam' een woning met vele kamers en ruimte voor verschillende bewoners. Maar een voor een worden die kamers dichtgetimmerd, omdat de bewoners in de ogen van islamisten niet islamitisch genoeg zijn. Het Westen en alles wat na de Gouden Eeuw van de islam kwam, dient te worden afgewezen. Of zoals het Algerijns Islamitisch Heilsfront (FIS) het stelt: "Il ne faut pas moderniser l'islam, mais islamiser la modernité." De islam hoeft zich de Verlichting en de ideeën over liberalisme, autonomie, de scheiding tussen kerk en staat of het postmodernisme niet eigen te maken. Integendeel, alleen een bestaan conform de islam is aanvaardbaar. Maar weer dringt de vraag zich op: welke islam? Islam betekent zelfovergave aan God, volgens de leer zoals deze door de profeet Mohammed en diens manier van leven is geopenbaard. Maar wat is de juiste islamitische manier van leven en welke richtsnoeren hanteren moslims daarvoor?

In zijn boekje Islam. A Very Short Introduction behandelt islamspecialist Malise Ruthven alle basisbegrippen uit de islam en schetst hun historische context. Voor hem is islam zowel een religieus geloof als een politieke ideologie en verschaft de islam zowel individuele gelovigen als de gemeenschap identiteit. De islam is een rijk reservoir van begrippen, symbolen en spirituele technieken waaruit gelovigen kunnen putten en die hen helpen in het dagelijks bestaan en hun zoeken naar God. Ruthven beschrijft de plaats van de profeet Mohammed, de koran, de wet en de rol van de jihad. Ook de positie van vrouwen in de islam komt aan de orde en zelfs aan de veelbesproken 'botsing der culturen' die aanstaande zou zijn, wijdt hij ruimte. Hij wijst erop dat niet alleen in het Westen latente angst voor de islamitische wereld bestaat. Die gevoelens zijn vaak wederzijds.

Moslims worden heen en weer geslingerd tussen herinnering en wens; tussen de herinnering aan het glorieuze verleden en de droom van een glorieuze toekomst waarin de islam de rol speelt die hem eigenlijk toekomt. Een toekomst die maar nooit lijkt aan te breken, schrijft R. Stephen Humpreys, hoogleraar geschiedenis en islam aan de Universiteit van Californië. Hij beschrijft de wortels van de huidige crisis van de islam en de islamitische wereld in zijn boek Between Memory and Desire. Humpreys constateert een afmattende en frustrerende strijd van moslims in het Midden-Oosten - dat bij hem van Noord-Afrika tot Afghanistan loopt - om waardigheid en morele richtlijnen te vinden in samenlevingen die worden gedomineerd door corruptie en economische malaise. De hoogleraar wijdt de eerste helft van zijn boek aan vier constanten die de moderne geschiedenis van de islamitische wereld hebben bepaald, om in de tweede helft de islam en zijn rol in de politiek van het Midden-Oosten te behandelen. Die constanten zijn economische stagnatie, de zwakke positie van de landen van het Midden-Oosten in de internationale arena, politieke instabiliteit en ideologische verwarring met radicaal fundamentalisme als de recentste uiting daarvan.

Humphreys, een vooraanstaand islamkenner die de regio vaak bezocht, hield als leidraad voor dit boek aan dat "mensen veel dingen weten die niet zo zijn". Dat heeft geleid tot een fraai geschreven boek met onverwachte invalshoeken, waarin de auteur zijn liefde voor het Midden-Oosten en de islam niet onder stoelen of banken steekt. Maar tegelijk maakt hij een realistische inschatting van de mogelijkheden en onmogelijkheden van de regio om uit de crisis te komen.

Het eerste wat iemand die de regio wil begrijpen, moet weten, schrijft hij, is dat de gemiddelde leeftijd van de bevolking ongeveer zestien jaar is, dat twee derde van de bevolking in de islamitische wereld jonger dan vijfentwintig is, dat de bevolking in het Midden-Oosten in 2025 700 miljoen zielen zal bedragen en dat dat aantal iets na 2050 zal zijn opgelopen tot meer dan een miljard. De merendeels jonge bevolking van nu is beter opgeleid dan ooit, maar er is geen werk. Humphreys beschrijft waarom het in het Midden-Oosten economisch zo slecht gaat en constateert dat de impasse waarin de economieën zich bevinden, de eerste decennia zal aanhouden. Omdat er geen oplossingen lijken te zijn, neemt de ideologische onzekerheid toe. Niets lijkt te helpen, alleen de islam biedt houvast en belooft snelle oplossingen.

Islam, schrijft hij, kan duizend verschillende dingen betekenen en pluralisme is een integraal onderdeel geweest van de geschiedenis van de islam. Dat was meer een kwestie van praktijk dan een uitgesproken principe. De menselijke geest heeft, leerde de traditie, door God gegeven beperkingen en dan past een zekere mate van ruimhartigheid en tolerantie. Eensgezindheid op dogmatisch of juridisch gebied werd onhaalbaar en ook onwenselijk geacht. Die instelling is verdwenen, constateert Humphreys. De fundamentalistische stroming, getalsmatig klein maar daarom niet minder invloedrijk, domineert en het debat is afgeschaft. Hoe dat zo snel is kunnen gaan, beschrijft Humpreys helaas niet.

Vooralsnog kijken moslims vooral naar het verleden als bron van inspiratie en zelfbewustzijn, naar een onherroepelijk verloren 'Gouden Eeuw', die historisch gezien niet heeft bestaan. Als moslims nieuwe wegen willen inslaan, moeten ze zich ooit eens bevrijden van dat verleden, zegt Humphreys. Veel gevaarlijker dan de herinnering aan dat verleden vindt hij de wens die bij een groeiende groep moslims leeft, om een nieuwe wereld te scheppen in plaats van de huidige te verbeteren, met de islam als wegbereider. En de moslimbevolking is jong, ongeduldig en wil uitzicht op een betere toekomst. Dat leidt tot een catastrofe, voorspelt Humphreys.

Hoe rijk en veelomvattend de theologische en filosofische traditie van de islam is, blijkt uit het boek Islamitische filosofie van de wetenschapsfilosoof Michiel Leezenberg. Daarin beschrijft hij de bloeiperiode van de islam en de relatie van islamitische denkers met de Griekse filosofie. In tegenstelling tot wat vaak wordt beweerd, heeft de islamitische filosofie een volstrekt eigen inbreng gehad, en kan zij niet als afgeleid van de Griekse wijsbegeerte worden beschouwd, benadrukt Leezenberg. Na een kort overzicht over de islam en de Griekse wijsbegeerte schetst hij uitvoerig het islamitisch denken uit de voormoderne periode. Leezenberg heeft lezers met filosofische belangstelling voor ogen, die geïnteresseerd zijn in een islamitische traditie waarnaar ook moderne islamitische filosofen steeds verwijzen. Alle groten uit deze traditie - Avicenna, Ghazzali, al Farabi, Averroes en de bij fundamentalisten zo geliefde Ibn Taymiyya - passeren de revue. De auteur is niet direct op zoek naar bronnen van irrationaliteit of fanatisme, waarmee het islamitisch denken nogal eens wordt geassocieerd. Evenmin zoekt hij in de omvangrijke filosofische traditie naar islamitisch tegengif voor zulke kwalen. Wat hem fascineert is "een visie op kennis, mens en maatschappij die op centrale punten afwijkt van de onze". Net als in de christelijke Middeleeuwen bewoog de islamitische filosofie, waarvan de bloeiperiode zich van de achtste tot en met de veertiende eeuw van onze jaartelling uitstrekte, zich binnen de grenzen van de religie. Het islamitisch denken is sindsdien binnen die grenzen gebleven en verdord. Het doordenken over de invloed van het Westen en van modernisering op de islamitische filosofie en theologie en de rol van de islam daarin, moet daarom in feite nog plaatsvinden.

Toch is er hoop, stellen Daniël De Smet en Jan Van Reeth in hun boek De islam is modern. De beide islamkenners constateren dat het islamisme zijn langste tijd heeft gehad en zijn er zeker van "dat fundamentalisten die terroristische aanslagen uitvoeren, een achterhoedegevecht leveren", dat ze zeker zullen verliezen. Onder Arabische intellectuelen vinden volgens hen nieuwe debatten plaats over de islam nu en is "het fundamentalistische discours in de meeste islamitische landen al lang passé". Misschien is hier de wens de vader van de gedachte. De Smet en Van Reeth baseren zich voor hun optimisme op een handjevol islamitische denkers zoals Aboe Zaid, een naar Nederland gevluchte Egyptische hoogleraar, Mohammed Arkoun en de Iraanse denker Soroush. Het boekje is af en toe een beetje wollig en erg positief van toon, maar het geeft toch een aardig inzicht in de ideeën en opvattingen van die paar moedige islamitische intellectuelen die een brug proberen te slaan tussen het westerse gedachtegoed en de islam. Het zijn pioniers, maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat het vooralsnog vooral roependen in de woestijn zijn.

Henk Müller

De islam die de wereldpers haalt, zit in een keurslijf geperst dat van fundamentalistische makelij is

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234