Donderdag 15/04/2021

De Mont Ventoux is het nieuwe Lourdes

De Ronde van Frankrijk houdt zondag halt op de mythische Ventoux. Onze man bracht de afgelopen dagen door op de flanken van deze reus. En zag hoe de berg het Lourdes van de Belgische wielertoerist is geworden.

Donderdagmiddag op de flanken van de Ventoux, 'le Géant de Provence'. Het is nog drie volle dagen wachten op de doortocht van de Tour, maar langs de lange lange weg naar boven heeft zich al een lint van campers gevormd. Daarbij, dat spreekt bijna vanzelf, nogal wat Belgen.

Soort heeft hier duidelijk soort gezocht. De verschillende nationaliteiten staan hier netjes per land gesorteerd. De Nederlanders bij de Nederlanders, de Fransen bij de Fransen, die ene Brit bij die andere Brit, en de talloze Belgen bij de talloze Belgen.

Tussen hun Belgisch en Vlaams bevlagde campers zitten Willy Heps en Rita Truyens, uitbaters van café Tempo in Kessel-Lo, te genieten van een glaasje rosé. De twee waren er vroeg bij, dit jaar. Ze parkeerden hun camper hier maandagavond al, liefst zes dagen voor de doortocht van de Tour. Of dat lange wachten dan niet een heel klein beetje vervelend is? Nee, zegt Rita. "Nee, helemaal niet. De dagen vliegen hier voorbij." Bovendien, zegt hun buur, is de Ventoux de mooiste aller bergen. "Dat vind ik niet, dat is gewoon zo."

Hun dagen op de flank van de allermooiste vullen ze met wandelen, eten, drinken, en praatjes slaan met hun Belgische buren. En op dagen als deze is er natuurlijk ook voortdurend passage.

Rita en Willy hebben zich geposteerd op negen kilometer van de top, nog net binnen de beschutting van het beruchte bos.

Voor hun neus passeert een niet aflatende stroom wielertoeristen. Sommigen klimmen en danseuse en lijken nauwelijks te ademen. Anderen, verreweg de meesten eigenlijk, leveren hier een duidelijk zeer pijnlijk gevecht met de zwaartekracht.

En dan is er nog die derde categorie van 'Ventouristen'. Noem ze de curiosa. Terwijl we tussen de Belgische campers staan te keuvelen, klimt er een man naar de top met slechts één arm. Een wonderbaarlijk spektakel, maar Willy vertelt dat er nog straffer bestaat. Op de Ventoux-special van het VRT-programma Vive le vélo zag hij een man die - letterlijk - op één been 'de kale berg' opreed. In razende vaart, voorwaar. En er wordt hier nog meer bijzonder volk verwacht. Zo doet morgen vrijdag een groep Belgische vroegdementerenden een aanvalspoging, in gezelschap van een kleine tros bv's.

En zo schrijft iedereen die deze berg oprijdt zijn eigen heldenverhaal. De ene is een held omdat hij of zij zo snel is, de ander omdat hij of zij ondanks die handicap of dat overgewicht de top van de Ventoux zal bereiken.

Allemaal helden dus, maar één kapitale vraag moet hier nog een antwoord krijgen. Waarom moeten al die heldenverhalen uitgerekend hier worden geschreven?

Wat heeft deze berg dat andere legendarische bergen als pakweg Galibier of Tourmalet niet hebben? Zou het kunnen dat de Ventoux zoveel zwaarder is dan alle andere? Het antwoord is nee.

Of toch zeker niet in theorie.

In een ranking van de gespecialiseerde website Climbbybike staat de beklimming van de Ventoux vanuit Bedoin genoteerd als de op 137 na moeilijkste ter wereld. De Galibier en de Tourmalet staan maar net iets lager geklasseerd.

Veel moeilijker zijn volgens deze ranking de grote Dolemietencols. De Stelvio, bijvoorbeeld, die in de ranking op plaats 77 staat. Of de Zoncolan, het nummer 106 in dit klassement.

Tot zover echter de theorie. Want in de praktijk moet je op de Ventoux altijd rekening houden met de omstandigheden. Weersomstandigheden als de wind, bijvoorbeeld.

De Ventoux dankt zijn naam aan die wind, le vent, die zeker boven de boomgrens verschrikkelijk hard kan waaien. Ter illustratie, een anekdote van Hendrik Vos, onze eigen monsieur Ventoux, een man die hier zodadelijk nog veel uitgebreider aan bod zal komen.

Vos beklom de Ventoux ooit toen de mistral door de Provence aan het jagen was. De wind werd strakker per hoogtemeter, om stormachtig te worden eens hij de boomgrens was gepasseerd. Op de top waaide de wind zo hard dat Vos zich verplicht zag om te gaan liggen. "Samen met twee andere mannen lagen we daar op de grond, onze beide handen geklemd rond het kader van onze fiets, die anders zonder twijfel was weggevlogen."

De dood rijdt mee

Lang, relatief zwaar, een soms zeer bar klimaat en daarbovenop dat unieke, woeste en ledige landschap. Hierzie slechts een paar van de elementen die van de Ventoux een mythe hebben gemaakt. We schrijven 'slechts een paar', want het belangrijkste element hebben we hier nog niet genoemd.

"De dood hangt aan die berg", zo vertelde de Volkskrant-columnist en schrijver Bert Wagendorp onlangs in een interview met deze krant. Aanleiding van het gesprek was zijn nieuwe roman, voorzien van een even eenvoudige als wervende titel. Ventoux.

Wagendorp was ooit wielerjournalist. En wielerjournalisten weten als geen ander hoe dat moet, een mythe onderhouden en aanwakkeren. Het is per slot van rekening hun vak.

In zijn boek laat Wagendorp een jonge dichter in de afdaling van de Ventoux ten val komen. Hij overleeft de klap niet. Dood op de Ventoux. Nooit was deze berg zo mythisch geworden als de man met de zeis er niet zo theatraal had toegeslagen.

Vandaag precies 46 jaar geleden, op 13 juli 1967, vertrok de Britse toprenner Tom Simpson in Marseille voor zijn laatste etappe, een rit met aankomst op de top van de Ventoux. Twee kilometer voor die top zakte hij in elkaar.

Veertig minuten lang probeerde de Tourdokter hem te reanimeren. Tevergeefs. Simpson had amfetamines in combinatie met alcohol gebruikt, in die mate dat hij de pijnsignalen die zijn lichaam uitzond niet meer kon voelen en zich doodreed.

De dood van Simpson valt samen met de geboorte van de grote mythe Ventoux. Een mythe die in de loop der tijden zeer vakkundig verder werd aangeblazen. Zo kwam er een Simpson-memoriaal, een kilometer verder dan de plek waar hij in werkelijkheid instortte. Kwestie van het drama nog wat verder aan te dikken.

Het memoriaal werkt tot vandaag als een magneet op elke passerende wielertoerist. Nog dagelijks worden hier drinkbussen, tubes en andere wielergerelateerde prullaria achtergelaten. Kleine offers zijn het. Offers ter ere van de mens Simpson, maar ongetwijfeld ook ter ere van een berg die in alle opzichten buitengewoon, ja zelfs wat buitenaards is.

Dat klinkt religieus, en zo is het ook bedoeld. Want is de Ventoux niet een soort Lourdes geworden? Een bedevaartsoord met de wielertoerist in de rol van pelgrim, de coureurs als heiligen? Belofte op genezing is er hier niet bij, maar de pelgrim krijgt onderweg wel een paar wondermooie illusies cadeau. De illusie van heldendom, uiteraard, maar zeker ook die van onsterfelijkheid. Op de top ben je Tom Simpson voorbij.

Recordtijd

Belgen met een passie voor de Ventoux, je wilt ze niet te eten geven. En die passie gaat soms ver. Neem Hendrik Vos. Bij de denkende mens geniet professor Vos waardering als Europakenner, bij de fietsende mens wordt hij hogelijk bewonderd omwille van de tijd waarin hij ooit de Ventoux wist te bedwingen: 1 uur en 9 minuten, alstublieft.

Voor wie die cijfers betekenisloos zijn: een normale, goed getrainde wielertoerist mag al blij zijn als hij de klus in minder dan twee uur kan klaren. Vos kan dat dus bijna dubbel zo snel, en nadert met zijn recordtijd zelfs tot op tien minuten van die van Lance Armstrong in zijn meest geprepareerde jaren.

Redelijk fenomenaal dus, maar dat wil natuurlijk nog niet zeggen dat hij van die berg houdt. Om dat te weten te komen stuurden we Vos dinsdagavond jongstleden een mail, net voor we per sneltrein naar de Provence zouden vertrekken.

Het antwoord kwam pijlsnel. "Het is pure liefde", zo schreef Vos, die ons ook nog liet weten dat hij "toevallig" ook de volgende dag naar de Ventoux zou vertrekken. "Naar Mormoiron om precies te zijn. Ik heb er net een appartementje gekocht met frontaal zicht op de berg. Ik kwam er de laatste tijd zo vaak, en ook meer en meer in de winter, dat het de moeite is geworden om er een vaste uitvalsbasis te hebben."

Twee dagen later zitten we op zijn terras in Mormoiron. Frontaal voor ons: een glaasje rosé, wat meer op de achtergrond, maar even frontaal, de Reus, badend in een zacht, wat nevelig zomerlicht.

Vos vertelt dat hij de de berg ondertussen al minstens honderd keer is opgereden, een keer of tien ook in wedstrijdverband. Het was trouwens in een wedstrijd voor amateurs dat hij die fabelachtige 1u09 reed. Een wedstrijd die hij niet eens won. "In de sprint werd ik verslagen. Mijn tegenstander, een jonge coureur uit Grenoble, zakte na afloop in elkaar. (lacht) Maar hij leeft nog hoor. Ik kom hem nog wel eens tegen in andere wedstrijden."

Vos vertelt dat hij als renner een late roeping is. En dat hij er wel eens spijt van heeft dat hij de sport niet vroeger heeft ontdekt. "Wie weet had ik wel een goeie kunnen worden. Wie weet, want ik zal het dus nooit weten."

Ondanks de spijt is Vos vandaag zeer fanatiek met zijn geliefde sport bezig. Zo geeft hij maar de helft van het jaar les, om de andere helft op zijn fiets te kunnen zitten. Niet zelden gaat het dan naar de Ventoux. "In de eerste plaats omdat het zo'n mooie berg is.Het uitzicht verveelt ook nooit. Hij ziet er elk ogenblik anders uit, en is in al die verschillende omstandigheden even mooi. Zo is hij ook mooi als het regent, of in de winter, als het maanlandschap wel een ijswoestijn lijkt."

"De Ventoux is hier ook alomtegenwoordig. Binnen een straal van honderd kilometer domineert hij het landschap. Dat verklaart ook waarom zoveel mensen hem willen beklimmen. Ik vind het in elk geval niet gek dat je, zittend op je terras en turend naar die berg, de vraag stelt: hoe zou het daarboven zijn? Iedereen die een beetje nieuwsgierig is, wil dat toch weten?"

Pijn, veel pijn

Een waar woord. Al is daarmee nog niet verklaard waarom we dat ook per se allemaal met de fiets willen doen.

"Logisch is dat niet te verklaren, nee. Een beklimming van de Ventoux doet pijn. En ze duurt altijd veel te lang. Al die pijn lijd je bovendien om bij een punt te geraken waar je eigenlijk helemaal niet moet zijn. Het is koud, daarboven, en het waait er bijna altijd.

"En toch is daar die magnetische kracht. Iets dat je naar boven zuigt. Iets dat mensen boven zichzelf doet uitstijgen, en dieper doet gaan dan ze eigenlijk kunnen.

"Ik kan er met open mond naar kijken. Al die mannen met licht tot zwaar overgewicht die zich hier naar boven hijsen, en zoveel pijn lijden zonder een duidelijke reden. Ik zou daarmee kunnen lachen, maar eigenlijk lach ik dan met mezelf. Want ik doe mezelf tijdens zo'n beklimming natuurlijk ook heel veel pijn. Het enige verschil is dat mijn pijn minder lang duurt."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234