Dinsdag 11/05/2021

De moeder van alle onderzoeksjournalistiek

Nooit heeft een journalistiek werkstuk zo'n impact en invloed gehad als Watergate. Niet alleen deed het voor de eerste en enige keer een Amerikaans president aftreden, het werd een lichtend voorbeeld voor een generatie journalisten. Yves Desmet

ortisgate, dioxinegate, hackergate, er kan vandaag nog altijd geen min of meer uit de kluiten gewassen schandaal opduiken of het wordt nog steeds voorzien van het epitheton -gate. Zo belangrijk was Watergate, dat speelde op een ogenblik dat veel van de huidige journalisten nog maar een belofte in de teelbal van hun vader waren. Om zo de tand des tijds te doorstaan, moet het wel heel speciaal geweest zijn. Dat was het ook.

Alles begon toen een team van in kostuums en rubberhandschoenen getooide inbrekers op 17 juni 1972 het hoofdkwartier van de Democratische partij in het Watergate-gebouw viseerden, en daarbij tegen de lamp van de politie liepen.

Ze werden voor de lokale rechtbank gebracht, samen met een reeks verkeersovertreders, buitenslapers en dronkelappen. Het was puur toeval dat een jonge stadsverslaggever van The Washington Post, Carl Bernstein, die ochtend niets beter te doen had dan daar in de publieke tribune te zitten en te luisteren. Verbaasd te zijn over het taalgebruik, de kleding, de rare locatie, de verdomd goede en dure advocaten die plots uit het niets opdaagden. Hij deelde zijn verbazing met een even jonge collega-stadsverslaggever, Bob Woodward, en samen besloten ze verder te gaan spitten in de zaak.

Vooral toen Ronald Ziegler, woordvoerder van het Witte Huis, al na vier dagen beweerde dat "sommigen deze zaak willen opblazen tot iets groots, terwijl het niet meer dan een derderangsinbraak is". Op dat ogenblik had niemand beweerd dat het iets meer was dan dat, en dat overtuigde Woodward en Bernstein net dat er wel degelijk iets meer aan de hand was. Alleen konden ze op dat ogenblik daar niemand op de krant van overtuigen.

Twintig jaar geleden interviewde ik Carl Bernstein over die periode, en maakte ondertussen mijn beklag over de moderne journalistiek en mediawereld, waarin jonge journalisten niet langer de tijd en de middelen krijgen om soortgelijk onderzoekswerk uit te voeren.

Hij haalde me onmiddellijk uit mijn droom: ook hij en Woodward werden niet vrijgesteld voor de job, maar deden die na hun uren. Toen ze ontdekten dat er tussen inbrekers, advocaten en andere betrokkenen geldstromen bestonden die alle terug te brengen waren tot het comité voor de herverkiezing van Nixon, zochten ze de leden daarvan een na een op, 's avonds en in hun vrije weekeinden. Vaker wel dan niet kregen ze deur op de neus, maar stukje bij beetje sprokkelden ze voldoende informatie bij elkaar om een onweerlegbare link tussen het Witte Huis en de inbraak hard te kunnen maken. Pas toen werden ze door hoofdredacteur Ben Bradlee voltijds op de affaire gezet, die nog twee jaar werk zou vergen voor Nixon uiteindelijk aftrad.

Vijf oorlogen

Bernstein en Woodward blikten deze week terug op de affaire, en moesten vaststellen dat ze eigenlijk nog maar alleen de top van de ijsberg hadden blootgelegd. Watergate was maar een onderdeeltje van de oorlogsvoering van een president die het Witte Huis had omgevormd tot zijn hoogsteigen criminele organisatie, en die voor zijn herverkiezing alle mogelijke legale en meer nog illegale middelen zonder enige schroom inzette. Hij combineerde een gebrek aan respect voor de wet ten dienste van zijn politiek voordeel met een niet aflatende zoektocht naar schandaaltjes, geheimen en chantagemateriaal over zijn politieke tegenstanders.

Hij ontwierp het Houston Plan, dat CIA en FBI middelen en toestemming gaf om in iedereen in het anti-Vietnamkamp af te luisteren en te bespioneren, omdat ze de 'binnenlandse veiligheid' in gevaar brachten, ook al waarschuwden zijn juridische adviseurs hem dat dit plan illegaal was, en tegen de Amerikaanse grondwet inging.

Hij was in oorlog met de media. Een door Nixon gefinancierd team brak in bij de psychiater van Daniel Ellsberg, de journalist die The Pentagon Papers had uitgebracht, in de hoop daar gegevens te vinden om zijn geloofwaardigheid te breken. Op de roemruchte Watergate-tapes hoor je Nixon fulmineren dat "we niet kunnen toestaan dat die jood die dingen steelt en er nog mee wegkomt ook". Juist, Nixon was behoorlijk antisemiet. Tijdens zijn ambtstermijn werden ook de telefoons van twintig journalisten afgetapt zonder enig rechterlijk mandaat.

Nixon was ook in oorlog met de Democraten. John Mitchell, campagneleider voor Nixon, die later ook in Watergate een hoofdrol zou spelen, organiseerde een '1 miljoen dollar'-fonds onder de schuilnaam Gemstone, erop gericht de tegenpartij te bespioneren en te saboteren. Er werd gedacht aan het in elkaar laten slaan van tegenstanders, het kidnappen ervan, het afluisteren, het verzamelen van bezwarende informatie over hen. Een van de leukste plannen luisterde naar de naam Operation Sapphire en had de bedoeling een boot met luxeprostituees en volgestopt met verborgen camera's en microfoons aan te laten meren op Miami Beach toen de Democraten daar hun partijconferentie hielden, en te kijken wie het aas oppikte. Dat plannetje werd Nixon uiteindelijk uit het hoofd gepraat. Watergate was een ander onderdeeltje van het masterplan dat wél doorging.

Nixon was in oorlog met justitie. Het hele Watergate-onderzoek werd jaren geblokkeerd met steekpenningen voor getuigen, meineed en het verbergen van gevoelige informatie. Hij gaf zelfs opdracht aan de CIA om te beweren dat het FBI-onderzoek tegen hem nationale veiligheidsbelangen zou kunnen schaden. De tape waarop dit bevel stond zou hem fataal worden: vier dagen nadat deze openbaar werd gemaakt, trad Nixon af, toen duidelijk werd dat hij ook binnen zijn eigen Republikeinse partij haast geen medestanders meer had.

Zijn laatste oorlog was er een met de geschiedenis. Ook na zijn aftreden bleef Nixon volhouden dat hij misschien wel inschattingsfouten had gemaakt, maar nooit echt de illegaliteit was ingegaan, daarmee formeel dossierkasten vol bewijzen ontkennend. Zijn bijnaam van 'Tricky Dick' had hij helemaal niet gestolen.

Ben, Katharine en Deep Throat

Bernstein en Woodward hadden het nooit gehaald, waren ze niet door dik en dun gesteund door hun hoofdredacteur Ben Bradlee, die hun permanent aanmoedigde en kritisch bleef bevragen, maar ook door hun uitgeefster Katharine Graham. Eerst huismoeder, nam ze het blad over toen haar depressieve man zelfmoord pleegde. En ook al behoorde ze zelf met huid en haar tot het establishment dat haar krant begon aan te vallen, nooit liet ze haar journalisten in de steek.

Ook in het eenzame jaar 1973, toen alleen de Post in de beerput wroette (de andere media hielden zich afzijdig) en Graham zich afvroeg of de waarheid ooit zou worden ontdekt, bleef zij bij een van de belangrijkste beslissingen in haar leven: doorgaan met zoeken en publiceren. Columnist Art Buchwald gaf haar daarom twee gouden hangertjes cadeau: een miniatuur wringer en een vrouwenborst.

Dat komt zo: 'All that crap! You're putting that in the paper? Katie Grahams gonna get her tit caught in a big fat wringer if that's published. Good Christ', schreeuwde Nixons campagneleider Mitchell door de telefoon tegen Carl Bernstein, toen die om een reactie vroeg op het verhaal over de geheime fondsen van Nixons herverkiezingscomité. Pikant is dat hoofdredacteur Ben Bradlee de verwijzing naar de 'tiet' van 'Katie' uit het voorpaginaverhaal van Bernstein schrapte. Alleen de wringer haalde de krant. Na het aftreden van Nixon kreeg de uitgeefster van Woodward een ouderwetse houten wasmachine met een wringer cadeau, die tot haar dood op haar kantoor bleef staan.

Watergate had ook nooit kunnen geschreven worden zonder de vele tips van Deep Throat, de bekendste klokkenluider en geheime bron uit de persgeschiedenis, genoemd naar de spraakmakende pornofilm die in hetzelfde jaar 1972 uitkwam. Zijn identiteit werd door de journalisten geheim gehouden, tot de man nog maar zeven jaar geleden zelf aan Vanity Fair toegaf dat hij het was. Mark Felt was onderdirecteur van het FBI, verfoeide de praktijken van Nixon, en was belast met het Watergate-onderzoek. Woodward en hij spraken altijd af in een ondergrondse parkeergarage. Het was er donker, verlaten en je kon er snel wegrijden. Woodward moest minstens één keer van taxi wisselen op weg ernaar toe en het laatste stuk te voet afleggen. Telefoneren met elkaar was taboe, brieven schrijven nog meer. Wanneer Woodward info nodig had, zette hij een lege plantenpot met een rode vlag op zijn balkon, wou Deep Throat iets kwijt, dan verscheen op pagina 20 van het New York Times-exemplaar van Woodward een klok die een uur aangaf.

Erfenis

De Watergate-berichtgeving is inmiddels een icoon voor de onderzoeksjournalistiek geworden, mede dankzij de verfilming met Robert Redford en Dustin Hoffman in All the president's men.

Regelmatig wordt de vraag gesteld of een dergelijk exploot nog mogelijk is. Zeker, nog maar het afgelopen jaar bewees Nick Davies van The Guardian dat, toen hij zowat op zijn eentje en na jarenlang speurwerk het persrijk van Rupert Murdoch en zijn afluistertechnieken onthulde, en het imperium bijna ten val bracht. Maar het blijven zeldzame voorbeelden, toen en nu.

De oorzaak daarvan is drieledig. De eerste reden heeft Nick Davies zelf beschreven in zijn boek Flat Earth News. In een media-omgeving waar steeds minder journalisten steeds meer mediakanalen moeten vullen, ontbreken vaker en vaker de middelen en de tijd om desnoods jarenlang en moederziel alleen met een dossier bezig te zijn.

Daarnaast zie je, vooral in de Amerikaanse media, een verschuiving van onderzoeksjournalistiek naar pundit journalism. De hoogtijdagen van Walter Cronkite en de zijnen zijn voorbij, nieuwsprogramma's als 60 minutes en het onthullen van feiten zijn minder populair geworden dan de opinieprogramma's van Fox News, waar feiten ondergeschikt zijn gemaakt aan het inspelen op vooroordelen en meningen, programma's die ook nog eens veel goedkoper te maken zijn.

En ten slotte is er de versnelling van het nieuws. Woodward en Bernstein hadden maanden nodig om te beginnen begrijpen dat Watergate iets mogelijks groot was, en twee jaar om Nixon tot aftreden te dwingen. In de huidige 24-uursnieuwseconomie is het niet ondenkbaar dat een nieuwe Watergate-inbraak hooguit de status van enkele Twitterberichten zou halen, voor het volgende thema al opduikt.

De koppen die rolden

Watergate kostte niet alleen Nixon zijn kop.

Deze mannen sleurde hij mee in zijn val

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234