Zaterdag 16/01/2021

De moderne trekjes van Tony Blair

'Het is nu al zo dat ik meestal diegene ben die 's nachts opsta. Cherie heeft veel fantastische kwaliteiten, maar zodra ze slaapt is er een kleine nucleaire ontploffing nodig om haar weer wakker te krijgen''Ik denk dat een van de problemen is dat ik zo totaal overtuigd ben van datgene waarin ik geloof. Maar het is niet dezelfde overtuiging als de traditionele categorieën links en rechts, en daarom zeggen de mensen aldoor dat ik helemaal geen overtuiging heb'

Warren Hoge / Foto's Anthony Crickmay / VPM

Volgende week wordt de Britse premier Tony Blair voor de vierde keer vader. De nieuwkomer onderwerpt Blair in zijn eigen huis aan een cruciale test van zijn al zo vaak geuite opvattingen over een nieuw, beter, bijdetijds, sociaal vooruitstrevend, zelfs cool Groot-Brittannië. 'Ik zal vaker vrij nemen. Ik zal mijn officiële verplichtingen proberen te beperken. Maar je moet ook een beetje redelijk zijn. Ik bedoel maar: je wilt inderdaad meer tijd met de baby doorbrengen, maar daarom geef je je baan nog niet meteen op.' Een interview met de politicus en de vader.

Het was een doodgewone dag in het leven van Groot-Brittanniës beroemdste werkende koppel: Cherie Blair liep onaangekondigd even langs bij haar echtgenoot Tony, de Britse eerste minister, terwijl die vanuit zijn kantoor in Downing Street 's lands zaken bestierde. Tot zover niets opmerkelijks.

Er heerst tegenwoordig een nogal ongedwongen sfeer in de officiële ambtswoning van de premier. Medewerkers met opgestroopte mouwen en losgeknoopte dassen maken geregeld tijd voor een vrolijke babbel in de wandelgangen van de Britse macht, en te gepasten tijde komt de vrouw van de eerste minister vanuit de privé-vertrekken voorbij de bustes van William Pitt en Benjamin Disraeli de trap afgestormd, de beroemde zwarte deur met het witte nummer 10 uit op weg naar haar eigen baan als topadvocaat in het Londense stadscentrum.

Blairs tegenstanders proberen nu al bijna drie jaar met gering succes om de onwankelbare Britse leider uit evenwicht te brengen, maar zijn eigen vrouw had er op die septemberdag slechts een paar minuten voor nodig. "Ik zat hier aan mijn bureau aan mijn toespraak voor de partijconferentie te schrijven", herinnert Blair zich, terwijl een frisse lenteregen tegen de ramen klettert. Hij kijkt even om naar de eenvoudige, met leder beklede tafel in zijn kantoor ter grootte van een studeerkamer waar geen enkele vlag of portret of ander teken erop wijst dat hier een wereldleider werkt. "Ze kwam naar me toe en zei: 'Ik moet je wat vertellen, het is iets heel belangrijks over ons gezin.' Ik dacht natuurlijk onmiddellijk dat er iets ergs gebeurd was, dat er iets was met de kinderen of zo. Maar ze zei dat er niets aan de hand was met de kinderen die we hadden." Hij legt een vreemde nadruk op het laatste woord en rolt tegelijk met zijn ogen.

"'Maar Tony, ik denk dat we er nog eentje krijgen.' Het was geen moment om licht te vergeten, maar ik probeer het toch een beetje omdat ik zo perplex stond. Ik was erg blij, natuurlijk, maar ik stond ook echt perplex. Ik denk dat ik zoiets zei als: 'Dat meen je niet', en zij: 'Toch wel, toch wel'. Ik stelde alle gebruikelijke vragen, weet je wel, en ik denk dat ik er uiteindelijk toch toe kwam om te zeggen: 'Dat is fantastisch, schat.' Maar dat was toch pas na een paar minuten."

Deze maand verwachten Tony Blair (47) en Cherie (45) hun vierde kind, het eerste in twaalf jaar, en de nieuwkomer onderwerpt Blair in zijn eigen huis aan een cruciale test van zijn al zo vaak geuite opvattingen over een nieuw, beter, bijdetijds, sociaal vooruitstrevend, zelfs cool Groot-Brittannië. Hij ziet zich geconfronteerd met de algemene publieke verwachting dat hij een deel van het ouderschapsverlof zal opnemen dat zijn hervormingsgezinde regering zopas in de wet heeft ingeschreven. Op het spel staat niets minder dan zijn reputatie als moderne man.

In feite was het zijn vrouw, die gespecialiseerd is in arbeidsrecht, die de kwestie als eerste aankaartte. Zij vestigde de aandacht van een Londense gerechtelijke discussiegroep op de beslissing van de Finse eerste minister Paavo Lipponen (59) om in maart een week thuis te blijven met zijn pasgeboren dochtertje. "Ik pleit ervoor dat zijn goede voorbeeld algemene navolging zou krijgen", zei ze toen.

En dus waren plots alle ogen op Blair gericht, die de stabiliteit van het gezin tot een van de pijlers heeft gemaakt van zijn missie om zijn land te bevrijden van de nog resterende sporen van de traditie en om te vormen tot een moderne samenleving. In een van de typische uitdagende verklaringen over dat onderwerp zei de National Childbirth Trust (zowat de Britse tegenhanger van Kind & Gezin, nvdv) zelfs: "Wat Tony Blair doet als deze baby geboren wordt, zal een erg krachtig signaal zijn voor andere mannen over wat echte mannen in zo'n geval doen."

Echte mannen. Als ik de term laat vallen, begint Blair wat ongemakkelijk op zijn stoel heen en weer te schuiven. "Ik weet wat de mensen willen dat ik zeg, maar de waarheid is dat als ik zou weggaan en helemaal geen telefoons meer zou aannemen en geen gesprekken meer zou voeren, het gewoon niet echt zou zijn", zegt hij. "Ik zal vaker vrij nemen. Ik zal mijn officiële verplichtingen proberen te beperken. Maar je moet ook een beetje redelijk zijn. Ik bedoel maar, je wilt inderdaad meer tijd met de baby doorbrengen, maar daarom geef je je baan nog niet meteen op. Als de mensen van politici willen dat ze eerlijk zijn, dan moeten ze beseffen dat ik niet zomaar kan ophouden met eerste minister te zijn. Het is trouwens nu al zo dat ik meestal diegene ben die 's nachts opsta. Cherie heeft veel fantastische kwaliteiten, maar zodra ze slaapt is er al een kleine nucleaire ontploffing nodig om haar weer wakker te krijgen."

Het nieuws sloeg in november zelf ook in als een bom, en bevrijdde Blair meteen van een heleboel parlementair gekrakeel, geruzie binnen het kabinet en toenemende klachten over het falen van verschillende overheidsdiensten die ertoe leidden dat zijn Conservatieve tegenstanders zelfs openlijk voorspelden dat zijn verlengde politieke wittebroodsweken eindelijk ten einde liepen.

Ondanks tegenvallende resultaten bij plaatselijke verkiezingen eerder deze maand, zal de geboorte van de eerste baby van een premier in functie sinds honderdvijftig jaar het politieke lot van Blair dus weer een nieuw duwtje in de rug geven. Het is overigens niet de eerste keer dat Blair op een soortgelijke manier aan echte politieke moeilijkheden weet te ontsnappen. Precies om die reden bedacht de rechtse Daily Telegraph hem eerder al met de bijnaam Teflon Tony.

Blair oefent zijn functie uit op een uitgesproken persoonlijke manier die meer doet denken aan een Amerikaanse president dan aan een Britse premier, en daardoor is hij de meest van nabij gevolgde en, ondanks wat gemor hier en daar over zijn ongenaakbare greep op het Britse openbare leven, ook de populairste eerste minister uit de geschiedenis. Hij wordt op handen gedragen door alle buitenlandse leiders die Whitehall aandoen en zelfs als rolmodel naar voren geschoven door de meeste politieke leiders op het Europese continent, waar men vroeger nogal meewarig over het Kanaal keek en meestal niet snel geneigd was om de vreemde gewoonten van de mensen daar zomaar over te nemen. In het eerste bedrijf van wat wellicht een erg lang stuk zal worden is Blair al uitgegroeid tot een leider van wereldformaat. De opiniepeilingen blijven Labour een voorsprong van 20 procent geven op de Conservatieven, en de enige vraag over de uitslag van de volgende verkiezingen, wellicht over ongeveer een jaar, is hoeveel zetels Blair zal weten te behouden van de meerderheid van 179 die hij in 1997 behaalde.

Tegelijk heeft hij ook in het buitenland een betrouwbare reputatie opgebouwd met zijn doortastende optreden op momenten dat er in andere westerse hoofdsteden vooral getwijfeld werd. Hij was de eerste westerse leider die zijn solidariteit betuigde met president Clinton toen het Lewinsky-schandaal losbrak, hij was de meest uitgesproken voorstander van de Navo-bombardementen op Kosovo, en hij is de voorman van de geallieerden als er contacten gelegd moeten worden met de nieuwe Russische president Vladimir Poetin. Toen Poetin in maart nader kennis wilde maken met het Westen, belde hij eerst en vooral Londen op. Beide mannen brachten elkaar een topbezoek, eerst in Sint-Petersburg in maart en een maand later in Londen, en de Britse leider vereerde de Rus zelfs met wat zowat neerkomt op een blairistische zegening, namelijk de titel die hij uitsluitend voor zichzelf en zijn trouwste aanhangers voorbehoudt: die van 'vernieuwer'.

De hele operatie gold als de bevestiging van Blairs verlangen dat het moderne Groot-Brittannië zou worden gezien als een scharniernatie tussen Europa, een continent dat hij naar eigen zeggen wil helpen leiden, en de Verenigde Staten, een land dat hij naar eigen zeggen zonder bezwaren volgt. "Dat is onze grote sterkte", zegt hij. "Ik koester niet de minste twijfel dat Groot-Brittannië een belangrijke rol heeft in Europa en een sterke band met de Verenigde Staten, en beide vullen elkaar aan. Ik zal blijven vechten tegen het idee dat Groot-Brittannië voor Amerika moet kiezen in plaats van voor Europa, of voor Europa in plaats van voor Amerika. Dat is volslagen contraproductief voor dit land."

Blair evalueert zijn vernieuwingsproject graag aan de hand van de technologische vooruitgang die het land boekt, van de scholingsgraad op de arbeidsmarkt en van de internationale concurrentiepositie. Maar nu er een baby op komst is in Downing Street worden de zaken ook in wat menselijkere bewoordingen voorgesteld. Het vorderen van de missie kan niet langer zomaar berekend worden in gigabytes, in het aantal nieuwe banen of in handelscijfers, maar ook in minder tastbare dingen zoals het aantal uren dat hij aan zijn gezin besteedt, het aantal keren dat hij 's avonds thuis eet, het aantal schoolactiviteiten dat hij bijwoont, de postnatale plichten die hij deelt en - voor wie toch meer van tastbare zaken houdt - de stapel luiers die hij 's nachts verschoont.

Blair loopt op dat vlak trouwens niet de risico's die veel anderen wel lopen die een met verleidingen overladen openbaar leven leiden en zich zo graag opwerpen als de grote verdedigers van de gezinswaarden en het huwelijk. Hij heeft al twintig jaar een hechte en volstrekt onbesproken band met een vrouw die zelf ook een opmerkelijke professionele carrière wist uit te bouwen, en is aantoonbaar erg toegewijd als het eropaan komt een verstikkend druk professioneel leven te verzoenen met voldoende aanwezigheid thuis.

Toen hij in Downing Street arriveerde, nam hij een werkroutine aan die moest garanderen dat hij voldoende tijd overhield voor zijn vrouw en zijn drie kinderen, Euan (16), Nicky (14 )en Kathryn (12). Staatsdiners zijn zoveel als mogelijk vervangen door staatslunches. Het ochtenduurtje tussen halfacht en halfnegen, als hij boven ontbijt met zijn gezin, is heilig. En 's avonds vertrekt hij ook netjes om halfacht voor het avondeten. De rode koffer met dossiers die de Britse kabinetsleden elke dag mee naar huis vergezelt, gaat bij de Blairs pas na het kwaliteitsuurtje open.

"Ik heb de indruk dat hij een goed evenwicht heeft gevonden tussen werk en gezin, waardoor je begint te denken: wel, dit is eindelijk eens iemand die wat meer is zoals wij allemaal, en daardoor neemt hij wellicht ook vaker de juiste beslissing", zegt een ambtenaar van Downing Street die er al sinds de vorige Conservatieve regeringen zit. "Dat komt doordat hij het allemaal tegen een normalere achtergrond doet dan, zeg maar, politici die alleen maar werken en zich nooit ontspannen, zoals Thatcher, die om vier uur 's ochtends naar beneden kwam om te werken."

's Namiddags komen Blairs kinderen langs, en volgens bezoekers die het al meemaakten geeft dat de vrolijke chaos die je bij dergelijke taferelen zou verwachten. "We zijn een heel hecht gezin, maar ik denk dat je er versteld van zou staan van hoe doodgewoon ons gezinsleven eigenlijk wel is", zegt Blair. "Ik bedoel maar, ik doe dezelfde dingen, of toch min of meer, die iedereen doet met zijn kinderen."

In de weekends gaat het dikwijls naar Chequers, het officiële buitenverblijf van de premier in Buckinghamshire, waar de Blairs overdag een balletje trappen en 's avonds geregeld bezoek ontvangen. Ze brengen dan meestal oude vrienden van buiten de politiek samen met deze of gene kabinetsmedewerker of met beroemdheden uit de wereld van sport en ontspanning. De Blairs zijn ook trouwe maar discrete kerkgangers, en fotografen worden actief aangemoedigd om weg te blijven. Het koppel is bijzonder bekommerd om de privacy van de kinderen. Ze verschijnen maar één keer per jaar als gezin in het openbaar, en dat is tijdens de zomervakantie op het Europese continent. Anders staat er helemaal geen maat meer op, en, zegt Blair: "Ik moet eerlijk zijn, in dat opzicht heeft onze pers zich tot nu toe vrij behoorlijk gedragen."

Maar zodra iemand zijn boekje te buiten gaat, staan de Blairs klaar om terug te slaan. Toen de sensatiekrant Mail on Sunday een volstrekt goedaardig relaas wilde afdrukken dat een voormalig kindermeisje van hun gezinsleven schetste, liet Cherie Blair op zaterdagavond de publicatie nog in kortgeding tegenhouden en dreigde ze ermee de jonge vrouw te vervolgen tenzij ze beloofde om de vertrouwelijkheidsclausule van haar arbeidscontract na te leven. Het koppel had er dus een beschuldiging dat ze de pers aan banden legden voor over om toch maar duidelijk te maken dat elke indiscretie over hun privé-leven, zelfs in gunstige zin, volstrekt uit den boze was.

Ik vraag Blair of hij zijn kinderen goed heeft kunnen vrijwaren voor de gevolgen van het feit dat ze op Groot-Brittanniës beroemdste adres opgroeien. "Tot nu toe, touch wood, hebben we geluk gehad", zegt hij. "Dat is erg belangrijk omdat het niet hun schuld is dat hun vader eerste minister is. Zij moeten nog de hele rest van hun leven leven, en mijn functie zorgt in dat verband voor twee problemen. Het eerste is dat hun vriendjes op school er te zeer van onder de indruk komen, en het tweede is dat ze het in zekere zin zelf gewoon worden en niet beseffen dat ik op een dag geen eerste minister meer zal zijn. Heel wat mensen zullen hen dan al heel wat minder graag mogen, om maar iets te zeggen. We leren hen om hun vrienden heel zorgvuldig te kiezen, om vrienden te kiezen die echte vrienden zijn, en gewoon om te beseffen dat dit hier in sommige opzichten een erg uitzonderlijke situatie is."

Terwijl ik 's middags in Downing Street met zijn medewerkers ga praten, doorstaat Blair eerst het slopende vragenuurtje in het Lagerhuis, wisselt hij luide beledigingen uit met Tory-leider William Hague, keert hij naar nummer 10 terug voor een gevoelige ontmoeting met David Trimble, de leider van de Ulster Unionist Party, en springt hij vervolgens haastig met Cherie in de auto voor een ouderavond op de school van Kathryn. Anji Hunter, zijn persoonlijke assistente die al met hem bevriend is sinds ze tieners waren in Schotland, zegt dat Blair altijd al zo geweest is. "Zelfs als backbencher (gewoon parlementslid, nvdv) bleef hij nooit in de cafetaria of de bar hangen", zegt ze. "'s Avonds stemde hij gewoon en daarna ging hij naar huis."

Tony Blair werd op 6 mei 1953 in Edinburgh geboren en groeide op in de Noord-Engelse stad Durham, waar zijn vader universiteitsprofessor rechten en een opkomende figuur in de Conservatieve partij was. Cherie komt uit een arbeidersgezin uit Liverpool dat uiteenviel toen ze zeven was. Haar moeder werd op dat moment in de steek gelaten door haar vader, een televisieacteur die Tony Booth heette en achteraf in drie huwelijken en een hele reeks andere relaties nog vijf kinderen zou voortbrengen. Cherie zag haar dwalende vader weinig tijdens haar jeugd, maar aan die vervreemding kwam een eind toen hij in 1979 zwaar verbrand raakte bij een ongeluk en stopte met drinken. Hij en zijn vierde vrouw Stephanie zijn nu trouwe bezoekers van Downing Street en Chequers.

Toen Blair de kleurloze John Major opvolgde als eerste minister, begon hij Groot-Brittannië onmiddellijk te promoten als een flitsende natie. Het duurde dan ook niet lang voor modellen, popzangers en filmsterren elkaar vonden in een land dat ze Cool Britannia noemden, met de stralende nieuwe eerste minister als hun ceremoniemeester. Charles Falconer, een andere oude vriend en Hogerhuislid die ooit kamers met Blair deelde toen ze allebei jonge advocaten in Londen waren, zegt echter dat dat beeld misleidend is. "Hij verkiest een privé-leven veruit boven het sociale leven dat je automatisch leidt als je oppositie- of regeringsleider bent. Hij heeft altijd in Londen gewoond, en zijn gezin is altijd in de buurt geweest. Hij heeft zijn gezin meer gezien dan veel van zijn leeftijdgenoten tijdens de jaren tachtig deden, en nu werkt hij zelfs in hetzelfde gebouw waar zijn gezin woont. Bovendien onderneemt hij geen grote binnen- of buitenlandse reizen en is hij dus nooit lang van huis weg."

Blair beweert dat zijn regering altijd rekening zal houden met de invloed van haar maatregelen op de gezinsstabiliteit, en een van de vijf pijlers van de campagne voor de volgende verkiezingen is dan ook de hulp aan die gezinnen. Ik vraag Blair hoe zoiets openbaars en logs als de overheid een doeltreffende rol kan spelen in de stabilisering van iets wat zo privé en vluchtig is als het gezin.

"Ik worstel daar zelf ook al tien jaar mee, omdat ik hartstochtelijk geloof in het gezinsleven", zegt hij. "Het is een belangrijk onderdeel van de stabiliteit van de samenleving. Dat is gewoon een kwestie van gezond verstand en niemand zal dat ontkennen. Maar als je anderzijds als politici zowat begint te preken tegen de mensen over hun privé-leven, dan kom je heel erg snel in de problemen."

Op zijn lijstje van manieren waarop de overheid hier aandacht aan kan besteden staat onder meer het belastingbeleid, meer steun voor kinderopvang, scholen, het aanpakken van spijbelen, banen voor jongeren, soepele werkuren, ouderschapsverlof, seksuele opvoeding en een specifiek kansenbeleid dat gericht is op de binnensteden. "De overheid kan natuurlijk de plaats van de ouders niet innemen", zegt hij, "maar je kunt het gezinsleven wel overal steunen waar dat mogelijk en zinvol is."

Blair praat gemakkelijker over gezinswaarden in het algemeen dan over zijn eigen gezin, maar in de dagen na de aankondiging van Cheries zwangerschap kon hij het onderwerp natuurlijk maar moeilijk ontlopen. Het journaille brak zich het hoofd over allerlei rekensommetjes en kwam uiteindelijk tot de conclusie dat het allemaal begonnen moest zijn tijdens de laatste zomervakantie van de Blairs. Toen ze vroegen of het kind verwekt was in Engeland, Frankrijk of Italië, kon Blair niet aan de verleiding weerstaan om gretig op te merken dat het allemaal mogelijk was. Later zei hij dat hij toch dacht dat het in Engeland gebeurd was, maar, zo voegde hij eraan toe: "Dat wil niet zeggen dat Toscane niet romantisch was."

Met dertien erg concurrentiegerichte landelijke kranten, die samen elke dag meer dan veertien miljoen exemplaren verkopen, houdt Groot-Brittannië zijn politici wel erg nauwlettend in de gaten. "We hebben tegenwoordig niet veel aanhang meer bij de media", zegt Blair. "De rechterzijde heeft de neiging om ons aan te vallen omdat we Labour zijn, en de linkerzijde omdat we New Labour zijn."

Het vrij algemene gezeur over de regering op dit ogenblik is wellicht niets meer dan een noodzakelijke correctie op de nationale tolerantiemeter voor triomfalisme. "Tony Blair is nu al zo lang zo succesvol", zegt Sion Simon, een politieke auteur die hem een warm hart toedraagt, "dat elke Brit, zelfs de meeste van zijn dichte vrienden en bondgenoten, hem onderhand wel een keer op zijn bek willen zien gaan."

Maar de man die ik in zijn werkkamer in Downing Street aantref, lijkt niet meteen geneigd om hen dat plezier snel te gunnen. "Kijk", zegt Blair, "het was onvermijdelijk dat dit zou gebeuren. Ik bedoel maar, dat hele eerste jaar door dacht ik soms van: laten we in 's hemelsnaam weer normale politiek gaan bedrijven."

De kritiek op de eerste minister komt in grote mate van de traditionele stromingen binnen de partij, die vinden dat New Labour best wat guller mag zijn met overheidssteun voor de armen en de behoeftigen, en die vinden dat Blair de partijprincipes verraadt. Maar Blair wil van geen wijken weten.

"Als ik zou terugkeren naar de oude recepten van links zou ik onmiddellijk van bepaalde groepen mensen heel wat steun krijgen", zegt hij. "Het zou dom zijn omdat dat niet is wat het land nodig heeft, maar de mensen zouden me dan wel kunnen plaatsen. Weet je, ik denk dat een van de problemen is dat ik zo totaal overtuigd ben van datgene waarin ik geloof, en dat ik er ook het volste vertrouwen in heb. Maar het is niet dezelfde overtuiging als de traditionele categorieën links en rechts, en daarom zeggen de mensen aldoor dat ik helemaal geen overtuiging heb."

Blair spreekt de berichten tegen dat hij zich gekraakt zou voelen door de kritiek, ondanks het feit dat hij over ongeveer een jaar bijna zeker herverkozen zal worden. "Ik ben niet ontmoedigd, maar het debat moet wel wat blijven opleveren. Onze tegenstanders klampen zich vast aan de stelling van 'Ze zijn arrogant' of 'Laten we het land cynisch maken over deze regering' omdat ze geen andere sterke argumenten hebben. Als ze nog zouden zeggen: 'Jullie verkwanselen de Britse economie', of: 'Kijk, jullie leiden het land verkeerd, jullie sturen het de verkeerde richting uit, en hier zijn de redenen'... Maar dat doen ze niet."

Blair ziet zichzelf graag als meer dan zomaar een Labour-leider die de partijreputatie als chaotische bestuurders wist te overstijgen, of een eerste minister die zijn macht gebruikte om een bekwame beheerder van de natie te worden. Hij noemt zijn beleid graag 'een project', wat niet zomaar een herschikking van de Britse politiek impliceert maar een permanente herstructurering.

"Ik denk dat we de intellectuele discussie in Groot-Brittannië aan het winnen zijn", zegt hij. "In ieder geval zie ik geen enkel ernstig alternatief. En als je even rondkijkt in de wereld, zul je zien dat de meest succesvolle regeringen allemaal in min of meer dezelfde richting evolueren. Er is vandaag nog een rol voor de overheid en voor de samenleving, maar het is een ondersteunende rol, de rol om dingen mogelijk te maken. Het is niet de oude, grootsprakerige overheid die van bovenaf verregaande interventies oplegt. En haar rol is ook om ervoor te zorgen dat er niemand uitgesloten wordt, dat iedereen bij dit politieke project betrokken wordt."

Het project gaat ervan uit dat Blair en zijn opvolgers binnen Labour Groot-Brittannië nog vele jaren zullen leiden. Ik vraag Blair of hij, drie jaar na het begin ervan, het project wel gaande kan houden zonder de publieke uitbundigheid waar het mee begon. "Geen enkele regering vervult aan het einde van de rit ieders verwachtingen", zegt Blair. "Maar je moet je afvragen: 'Sturen we het land de juiste richting uit? Moderniseren we het land voldoende om het hoofd te kunnen bieden aan de enorme veranderingen van vandaag, en doen we dat op zo'n manier dat iedereen daar de vruchten van kan plukken? Kortom, realiseren we die dingen waarvoor we destijds in de politiek gestapt zijn?' Ik denk dat ik op al die vragen met een behoorlijk gerust geweten ja kan antwoorden."

© The New York Times Magazine

Vertaling: Wim Coessens

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234