Woensdag 22/01/2020

De mathematica van de moederborst

Philibert Schogt. 'De wilde getallen' & Sue Woolfe. 'Wiskundige moeders'

Herman Jacobs

Gewoonlijk interesseert de pers zich niet voor wiskunde. Het schrikt mensen af, dat vak waar ze op school zo onder geleden hebben. Behalve een zeldzame foto van een fractal, die er mooi uitziet, of een sporadische verwijzing naar de chaostheorie, wat altijd interessant klinkt, is de wiskunde verbannen naar een hoekje van de puzzelpagina (....)."

Isaac Swift, hoogleraar wiskunde aan een Amerikaanse universiteit, weet waar hij het over heeft: als hij al mensen voor zijn persoon weet te interesseren, verliezen die meteen hun belangstelling zodra ze horen dat hij mathematicus is. Maar dat wordt nu allemaal anders: hij heeft (door te bewijzen dat er oneindig veel van zijn) het Wilde Getallen Probleem opgelost! Hij ziet de vette krantekoppen al voor zich - en, minstens zo interessant, "nu ik een beróemde wiskundige was, en niet slechts een wiskundige, zouden vrouwen mij plotseling aantrekkelijk gaan vinden, niet alleen excentriek of hooguit amusant". Voortbouwend op deze uitgangssituatie zet Philibert Schogt in zijn debuutroman De wilde getallen een klassieke vertelling van moedwil en misverstand op. Door toedoen van een gestoorde ex-wiskundeleraar, meneer Vale, komt er van publicatie van Isaacs grensverleggende artikel in het toonaangevende vakblad Number namelijk niets terecht. Vale beschuldigt Isaac van plagiaat en gaat hem in zijn kantoor zelfs te lijf. Dat zou allemaal niet zo erg zijn, als daardoor een begaafde maar streberige jonge collega, voor wie Isaac zijn publicatieplannen verborgen had gehouden, diens artikel niet toch in handen gekregen en binnen de kortste keren een fatale fout in zijn bewijsvoering ontdekt had. Wèg, dromen van roem, geld en wilde vrouwen. Waarna Swift van de weeromstuit de geneugten van het gewone leven ontdekt.

Het wordt allemaal niet onvaardig verteld, maar veel indruk maakt De wilde getallen als geheel toch niet. Het verhaal is dun, de stijl kleurloos en voor een toch als spannend bedoelde roman is het thrillerelement zwak. De wiskunde in dit boek wordt namelijk uiterst vaag gehouden en lijkt bovendien nonsensicaal. De 'wilde getallen' waar het om draait zijn zogenaamd in 1823 uitgevonden door de Franse wiskundige Beauregard. Het zijn een soort afgeleiden, door toepassing van "een aantal bedrieglijk eenvoudige bewerkingen", van de natuurlijke getallen, en wel zo dat bijvoorbeeld uit zowel 1 als 4 het wilde getal 67 te voorschijn komt, en uit 0 (!) het wilde getal 11. De "bedrieglijk eenvoudige" bewerkingen die dàt moeten bewerkstelligen zou ik weleens willen zien.

Aardig daarentegen is dat Schogt wel iets van de passie vermag over te brengen die in de verder zo schlemielige Swift opvlamt als hij gegrepen wordt door een mathematische uitdaging. Het zijn ook de enige passages in het boek waarin Schogt iets bevlogener formuleert: "Iedere stap die ik nam, ongeacht hoe klein, onthulde nieuwe bergtoppen en onverwachte ravijnen in het magnifieke en bizarre gebied van de wiskunde dat voor het eerst was verkend door Anatole Millechamps de Beauregard."

Maar nog aardiger zou het geweest zijn als de auteur zijn verhaal, waarvoor hij zich vrij duidelijk heeft laten inspireren door het wiskunstige epos van de Laatste Stelling van Fermat (zie Café des Arts van 10 juli jl.), boven de loutere stijloefening uit had weten te tillen.

Hartstocht voor en door de wiskunde, daar gaat het ook over in Wiskundige moeders van de Australische Sue Woolfe. Maar verder zou het verschil tussen beide boeken niet groter kunnen zijn. Bij Woolfe geen vrijwel lineair plot, maar een gefragmenteerde en toch hechte, meerstemmige compositie; geen braaf notuleren van de verhaalontwikkeling, maar een ongeremde, zinnelijke stijl; geen personages als zetstukken in een conte philosophique, maar eigenzinnige persoonlijkheden in een breed uitwaaierende roman.

"Ik denk dat het allemaal begonnen is met de vorm van mijn moeders borsten," zo begint dit merkwaardige boek. Of nee, in feite begint het met de genealogie van de Montroses in de Australische bush-negorij Blue Mountains. De moeder waarvan sprake is Juanita, geboren Fernandez ("huisvrouw en heimelijk wiskundige", staat in de stamboom bij haar naam vermeld). Zij is getrouwd met Frank Montrose, klusjesman en later burgemeester van Blue Mountains. Twee kinderen krijgen ze, een zoon, Matti, en een dochter, Frances ("lerares Engels en amateur-wiskundige"). Het is Frances' verhaal dat ons, door haar dochter Hypatia, verteld wordt.

Dat Hypatia dat in de ik-vorm doet is misschien ongebruikelijk, maar het klopt wel. "Het enige echte avontuur dat in mijn leven besloten ligt is mijn moeder te worden," laat ze Frances op zeker ogenblik zeggen, en dat is iets waar zij zich maar al te goed in kan verplaatsen: allebei voelen ze de onbedwingbare behoefte om de moeder die hen zo buitensloot terug te winnen en haar liefde te veroveren, haar in te nemen als het ware. Want meer nog dan over wiskunde en gefnuikt vrouwelijk talent gaat Wiskundige moeders over de strijd tussen drie generaties moeders en dochters.

De ellende met vicieuze cirkels is dat ze zo moeilijk te doorbreken zijn. Juanita's moeder bergt, nadat haar man, een Spaans-joodse immigrant, vermoord is, haar dochter tien jaar lang, van haar zevende tot haar zeventiende, op in een nonnenschool, waar ze haar nooit bezoekt of zelfs maar schrijft. Studeren mag Juanita, ondanks haar geniale aanleg voor wiskunde, daarna niet. Maar haar eigen dochter behandelt ze jaren later eigenlijk precies zo: al Juanita's liefde is voor haar eerstgeborene, Matti. Hij moet haar droom vervullen en de revolutionaire wiskundige theorieën die ze zelf niet heeft kunnen uitwerken uit haar aantekeningen distilleren en vervolmaken. Terwijl alleen Frances dat voor haar zou kunnen en ook dolgraag zou willen doen, want zíj heeft haar moeders opmerkelijke talent geërfd, niet Matti. Bij Hypatia herhaalt het scenario zich opnieuw. Zij voelt weliswaar niets voor wiskunde, maar wel veel voor haar moeder. Maar die moeder vergeet zelfs dat haar dochter een kind heeft gekregen.

Al deze verhaallijnen komen samen in Athene, waar Frances, op basis van Juanita's door haar uitgewerkte en verder ontwikkelde theorema's, is uitgenodigd op een internationale wiskundeconferentie. Daar kijkt ze terug op haar leven als kind, daar leest ze de bundel brieven die Hypatia haar net voor haar afreis naar Europa heeft bezorgd. Ze herinnert zich het slechte huwelijk van haar ouders, haar zachtmoedige, ongecijferde vader met zijn feilloos timmermansoog, haar moeders minnaar, die ten tonele verscheen toen zij zelf net in haar puberteit kwam en naar wie haar ontluikende begeerte uitging - waar hij dan ook misbruik van maakte. Net zoals hij nu misbruik blijkt te hebben gemaakt van haar moeder: de man is ondertussen professor in de wiskunde geworden en heeft Juanita's theorieën als zijn eigen werk uitgegeven.

Frances wordt op de conferentie totaal genegeerd, maar slaagt er toch in, voor het selecte publiek van één vrouwelijke hoogleraar en een journaliste - alle andere deelnemers zijn alweer naar huis - haar moeders werk te ontvouwen, en de kroon die zij daar zelf op heeft gezet: de ontdekking van een totaal nieuw soort getallen, die als 'de Getallen van Montrose' wereldberoemd zullen worden. Daarop keert ze naar Australië terug om Hypatia in haar armen te sluiten.

Een onalledaags verhaal is Wiskundige moeders zeker, maar wat het boek vooral de moeite waard maakt is hoe Sue Woolfe het heeft opgeschreven, waarbij ze wiskunde overtuigend weet te verbinden met liefde, hartstocht en lichamelijkheid. "Ik (...) keek door het raam naar mijn moeder, naar haar figuur, het woord dat de winkelassistente (...) had gebruikt. Ze had mijn moeders lichaam laten klinken als een getal. Een oneindig getal, besloot ik (...). Mijn moeder, de vorm van de oneindigheid," herinnert Frances zich van een bezoek aan de lingeriewinkel van het dorp, toen haar moeder een modieuze bh kocht. Deze mathematica van de moederborst (je hoeft niet echt een ziekelijke verbeelding te hebben om in oneindig, het wiskundig symbool voor oneindig, een schematische voorstelling van de boezem te zien, en omgekeerd) blijft als een motief het hele boek door terugkeren, en zo is er meer.

Het is dan ook echt zonde dat Woolfe het tegen het einde aan toch even verpest. Vlak voor Frances haar lezing geeft, is ze Athene namelijk vier dagen ontvlucht in een of ander vlek aan de kust. Ze vindt er onderdak bij een arme oude vrouw. Een beetje vreemd, maar alla. Dat het besje in haar jeugd door haar man gedwongen blijkt te zijn om al hun dertien dochters een na een te verkopen - de ene zoon mocht blijven - is echter toch wel iets van het goede te veel. Net zoals dit: Frances vindt in de vrouw haar moeder terug, en de vrouw in haar haar dochters. Catharsis, jawel. Een kind kan de was doen. Daarbij vergeleken is de bespottelijke macho-aanstellerij die de (vrijwel uitsluitend mannelijke) deelnemers aan de conferentie demonstreren nog als een vergeeflijke uitglijer van Woolfe te beschouwen. (Dat nergens duidelijk wordt wat Juanita's/Frances' theorieën nu eigenlijk inhouden, noch wat je je moet voorstellen bij die 'Getallen van Montrose', is overigens ook wel irritant.)

"De baby, mijn toekomst, neemt me mee naar het verleden," staat te lezen in Juanita's dagboek, waarmee Woolfe het boek besluit. Op dat eeuwige thema van de hardnekkigheid van het geheugen is Wiskundige moeders een mooie en, ondanks die enkele missers, geslaagde variatie. Onder meer daarop.

Philibert Schogt, De wilde getallen, De Arbeiderspers, Amsterdam/Antwerpen, 187 p., 599 frank. Sue Woolfe (uit het Engels vertaald door Annelies Eulen), Wiskundige moeders, Vassallucci, Amsterdam, 390 p, 890 frank.

Omslagillustratie van 'Wiskundige moeders'Detail omslag 'De wilde getallen'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234