Donderdag 26/11/2020

'De markt is niet hongerig,

Schilderijen van Warhol en Rothko geveild voor recordbedragen

maar vraatzuchtig'

Met een bedrag van 72,8 miljoen dollar is dinsdagavond in New York het veilingrecord voor naoorlogse kunst verpulverd. Het schilderij White Center van Mark Rothko brak het vorige record, dat op naam stond van Willem de Kooning (27,12 miljoen dollar). Een dag later en in dezelfde stad werd het nieuwe record al meteen bijna geëvenaard. Voor een door Andy Warhol geschilderd auto-ongeval werd 71,7 dollar geboden, oftewel vier keer meer dan voor de sinds kort tweede duurste Warhol, zijn portret van Mao. Rothko en Warhol nestelen zich dankzij de twee recordveilingen op de respectievelijk zesde en zevende plaats in de lijst van duurst geveilde schilderijen ooit. Het relaas van twee dolle veilingavonden.

door Eric Rinckhout en Jeroen de Preter

De afgehamerde bedragen lagen zowel dinsdag- als woensdagavond torenhoog boven de schattingen. Om te beginnen het bedrag voor de Rothko, die geschat was op 40 miljoen dollar. "Te hoog", hadden specialisten vooraf gezegd. Ze kregen al snel ongelijk: het schilderij bracht 32 miljoen dollar meer op dan de geschatte waarde. "Een duidelijk bewijs hoe sterk de markt voor naoorlogse kunst wel is", klonk het bij Sotheby's in New York.

Die sterkte - of is het oververhitting? - werd een dag later nog bekrachtigd door concurrent Christie's, waar een vroeg maar kunsthistorisch zeer belangrijk werk van Andy Warhol de show stal. Zijn Green Car Crash (Green Burning Car I) had volgens de optimistischere schattingen 30 miljoen dollar kunnen opleveren. Opnieuw lagen de schattingen belachelijk ver onder het uiteindelijke resultaat. Het doek haalde 71,72 miljoen dollar, 'slechts' een miljoen dollar minder dan het nieuwe record van Rothko.

Het werk van Mark Rothko (1903-1970), dat voluit White Center (Yellow, Pink and Lavender on Rose) heet, werd op de markt gebracht door David Rockefeller (91), bankier, filantroop en telg van een van Amerika's beroemdste dynastieën. De opbrengst van het schilderij zal naar verluidt naar filantropische organisaties gaan.

Het werk dateert van 1950, een scharniermoment in de carrière van Rothko. White Center wordt beschouwd als het eerste schilderij dat Rothko maakte in zijn voldragen stijl. Het is een bijzonder zintuiglijk, sensueel en uitgepuurd werk, het begin van een artistiek parcours dat Rothko enkele tientallen jaren lang zou bewandelen.

Het doek werd in 1960 door David Rockefeller voor minder dan 10.000 dollar (!) aangekocht door bemiddeling van Dorothy Miller, de toenmalige conservator van het Museum of Modern Art, MoMA, in New York. Het werk is 47 jaar in zijn bezit gebleven, hing in zijn persoonlijke kantoor in het Rockefeller Center en werd nooit eerder aangeboden op een veiling.

Op het moment van de aankoop in 1960 was Rockefeller naar verluidt niet echt geïnteresseerd in abstracte schilderkunst en ging zijn aandacht veeleer uit naar impressionisten en postimpressionisten. Het was Dorothy Miller die er bij hem op aandrong Rothko met zijn bijna lichtgevende kleurbanen te kopen.

Het is die Rothko die nu records verpulverde. Met een afgehamerd bedrag van 72,8 miljoen dollar (53,6 miljoen euro) overvleugelt hij de vorige recordhouder voor naoorlogs werk, Willem de Koonings Untitled XXV, met 45 miljoen dollar. Dat werk wisselde vorig jaar voor 27,12 miljoen dollar (19,9 miljoen euro) van eigenaar.

Nog spectaculairder is dat Rothko meteen in de top tien van de duurst geveilde schilderijen ooit binnendringt en op de zesde plaats terechtkomt, na Rubens, en net voor de woensdagnacht geveilde Warhol.

Warhols Green Car Crash (Green Burning Car I), een werk uit 1963, maakt deel uit van zijn vroege, erg dramatische Death and Disaster-reeks. Het schilderij, gebaseerd op een fotoreportage in het Amerikaanse magazine Newsweek, toont vanuit verschillende gezichtspunten een dodelijk auto-ongeval. De man die het werk verkocht, is een van de belangrijkste Warholverzamelaars ter wereld.

Het recordbod kwam er na een bloedstollende veiling, waar vijf kandidaat-kopers de prijs beurtelings opdreven tot een fabelachtig record. Het definitieve bod kwam per telefoon, via een vertegenwoordiger van Christie's in Azië. Mogelijk bood hij in naam van Joseph Lau, een verzamelaar uit Hong Kong, die onlangs een andere Warhol kocht, het uit 1973 daterende portret van de Chinese keizer Mao. De 17,3 miljoen die hij ervoor neertelde, was toen - november vorig jaar - het hoogste bedrag dat ooit voor een Warhol werd betaald. Dat werk werd woensdagavond in een klap naar de derde plaats verwezen, want ook een andere overbekende Warhol, Lemon Marilyn, verwisselde tijdens deze veiling voor een nog dikker pak geld van eigenaar. Verkoper Richard Solomon, die het werk al bezat sinds het in 1962 gemaakt werd, kon het voor 28 miljoen dollar verkopen.

Voor wie van veilingrecords nooit genoeg kan krijgen: niet alleen schilderijen van Rothko en Warhol verwisselden de afgelopen dagen voor nooit eerder geziene bedragen van eigenaar. Zo was er het schilderij Study from Innocent X van Francis Bacon, dat dinsdagavond met 52,6 miljoen dollar (38,9 miljoen euro) het persoonlijke record van de Brits-Ierse schilder brak. Hij komt ermee terecht op de twaalfde plaats van de duurst geveilde schilderijen ter wereld, na Van Goghs Blauwe irissen en voor Picasso's Zittende vrouw in een tuin. Bijkomend werden op deze veiling individuele records gehaald voor werk van Jean-Michel Basquiat (14,6 miljoen dollar), Robert Rauschenberg, Dan Flavin, John Baldessari en Tom Wesselmann. In totaal braken vijftien kunstenaars hun persoonlijke record op de veiling.

Hetzelfde verhaal bij Christie's, waar er woensdagavond persoonlijke records werden genoteerd voor onder andere Damien Hirst, Jasper Johns en Gerhard Richter. Van de 78 aangeboden werken raakten er maar vier niet verkocht. De totale opbrengst kwam in de buurt van de 400 miljoen dollar, wat de veiling tot de op een na meest lucratieve veiling ooit maakt. In een reactie achteraf wist een verblufte veilingmeester Christopher Burge nauwelijks wat hij gezien had. "De markt toonde zich niet hongerig", stelde hij vast, "ze was vraatzuchtig."

Over de oorzaak van die extreme belangstelling voor vooral naoorlogse kunst is het afgelopen jaar al veel gezegd en geschreven. Oliver Barker, hoofd hedendaagse kunst bij Sotheby's Londen, zei onlangs in een gesprek met De Morgen dat moderne kunstenaars als Warhol, Pollock, De Kooning, Bacon en Rothko het zo goed doen bij nieuwe verzamelaars in Rusland, China en het Midden-Oosten wegens hun hoog icoongehalte en onmiddellijke herkenbaarheid. Dat blijkt ook nu weer, al werd de precieze identiteit van de koper naar goede gewoonte niet vrijgegeven. Wel liet Christie's weten dat bijna 20 procent van de kopers uit Azië afkomstig was.

Meer in het algemeen worden de grote recorddansen van de afgelopen jaren ook verklaard door het ontstaan van een nieuwe klasse van überrijken, voor wie klassieke statussymbolen als racewagens of dure villa's niet geschikt zijn om het verschil te maken met de gewone rijken.

Een dergelijke drijfveer zat wellicht ook achter de aankoop van het schilderij dat tot nader order nog altijd het duurste ter wereld is, Number 5 van Jackson Pollock. Dat werk, eveneens een naoorlogs, werd evenwel niet geveild. In november vorig jaar werd het onderhands verkocht voor een bedrag van 140 miljoen dollar. In de lijst van duurste kunstwerken wordt het gevolgd door Woman II van De Kooning (137 miljoen dollar) en Portret van Adèle Bloch-Bauer van Gustav Klimt (135 miljoen dollar). Het duurst geveilde werk, Jongen met pijp van Pablo Picasso, volgt op enige afstand. Het schilderij werd in 2004 geveild voor 104,2 miljoen dollar in hetzelfde veilinghuis dat dinsdagavond getuige was van het recordbod op naoorlogse kunst.

Naoorlogse kunst is erg populair bij de nieuwe klasse van 'überrijken', die zich met deze nieuwe statussymbolen willen differentiëren van 'gewone' rijken

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234