Zaterdag 16/01/2021

De man zonder achteruitkijkspiegels

Guy Verhofstadt:

Guy Verhofstadt, acht jaar premier, dertig jaar fenomeen. Wat is er nog niet gezegd en geschreven? De factor Verhofstadt van boezemvriend Sus Verleyen, de vier Burgermanifesten, de biografie Numero uno en nog wel wat. Van het joenk, de baby-Thatcher, naar vandaag de older, sadder en wiser politicus, desondanks nog kind op zijn 54ste. Tot iemand uit de dichte kring opmerkt: je kunt Verhofstadt niet begrijpen vanuit de geschiedenis. Die bestaat voor hem namelijk niet. De man schudt het verleden telkens van zich af als een slang die vervelt. Alleen het nu telt, dat is zijn grootste kracht, maar ook zijn zwakte. Dus een schets van het nu en het net voorbije, een handleiding Verhofstadt in zes personae.

Door Yves Desmet en Liesbeth Van Impe

Foto's Stephan Vanfleteren

De hervormer

Mondelinge vragen, VRT. De drie kandidaat-premiers krijgen de onvermijdelijke, steeds weerkerende, uitentreuren al beantwoorde vraag toegeworpen: ik stem voor een partij en haar ideeën, maar ik moet telkens weer genoegen nemen met een compromis waarin ik dat programma niet meer herken. Leterme en Vande Lanotte zuchten nauwelijks verholen, geven een lesje in democratische besluitvorming, coalitiegesprekken en hoe dat werkt, en roemen het noodzakelijke compromis. Verveeld haast, wachtend op een vraag die er voor hen wél toe doet. Dan is het de beurt aan Verhofstadt: "U hebt daar een interessant punt. We zouden daar iets aan kunnen doen door ons verkiezingssysteem structureel en drastisch te hervormen..."

Een oud-VLD-voorzitter: "Dat is Guy ten voeten uit. De wereld veranderen is voor hem zo mogelijk nog belangrijker dan zijn ideeën verwezenlijken. Destijds deed hij dat vanuit het receptenboekje, vandaag is het meer doorleefd. Maar altijd die basisveronderstelling: als we niet vooruitgaan, gaan we achteruit."

Een andere oud-VLD-voorzitter: "Hij is de ultieme modernist, wil steeds de tijdgeest vatten en vernieuwen. Die honger blijft onvoorstelbaar groot na dertig jaar. Het is wat hem draaiende houdt, zijn zuurstof, de bron waardoor hij soms zo onuitstaanbaar energiek blijft. Kijk naar Leterme en Vande Lanotte, je ziet nu al de stress van de campagne op hun gezichten. Guy staat er na dertig jaar toppolitiek frisser bij dan zij."

Een minister: "Hij moet en zal de wereld veranderen. Dat het heelal niet voor dit leven zal zijn zal hij maar node aanvaarden."

Guy Verhofstadt: "Is dat zo, ja? (lacht) Maar het leven is toch voren trekken, zaaien, oogsten? De mens vooruit laten gaan, de zaken beter doen draaien?"

En daarom repeteert u na dertig jaar nog altijd waar u de spaties in elke toespraak moet leggen?

Guy Verhofstadt: "Ja, ik zou het niet anders kunnen, want dan is het niet goed. Dat is nu eenmaal passie, daarvoor weeg je niets af, daar doe je alles voor, daar sta je mee op en ga je mee slapen, dat kun je niet tussen de soep en patatten. Ik geef liever forfait dan ergens onvoorbereid naartoe te gaan. Mijn moeder is ook zeer onrustig, kan ook niet stoppen. Het altijd bezige type. Als je niet aan de weg timmert, verlies je tijd. En je timmert nu aan de weg, niet later. Als je de kans hebt, doe het dan, het zou anders een te erge verspilling zijn.

"Ik heb mij dit weekend in een traktaat van Ludwig Wittgenstein verdiept, taalfilosofie en wat die methode zou kunnen bijdragen tot hervormingsprocessen. Dan vraag je je wel af: Guy, is dit nu echt het moment, je zit in campagne. (lacht) Maar dat is ook aan de weg timmeren. Het gaat niet alleen om campagne en ministerraad en beleid, maar ook over grondstof opdoen, aarde verzamelen, compost om verder te kunnen zaaien. Ik sta daar niet eens bij stil."

Nu al dertig jaar...

Guy Verhofstadt: "Ik zal de oudste zijn, maar ik ben nog maar 54 jaar, toch nog een jonge mens, hé? Dat overvalt mij soms wel, ja, verdomme, ben ik al zo lang bezig?"

Waarom brandt u niet op? Van Miert, Dehaene, Martens, Stevaert, niemand heeft het meer dan twintig jaar aan de top volgehouden.

Guy Verhofstadt: "Omdat het voor mij eten en drinken is. Politiek is voor mij niet de agenda van de ministerraad afgaan. Of een stukje bijbreien aan het partijprogramma. Voor mij is dat heel divers: een speech geven en erop kicken als hij goed is, de juiste retoriek vinden, een kunst die door de audiovisuele media meer en meer verdwijnt ten gunste van de oneliner. Maar ook een boek lezen dat je niet kent. Roger Lallemand (oud PS-senator en boezemvriend van Verhofstadt, die hij zelfs zonder medeweten van de PS minister van staat liet maken, YD/LVI) heeft me nu net een boek van Alain Badiou aangepraat, een extreem linkse Franse filosoof, over de geschiedenis van de twintigste eeuw. Dat is ook politiek. Proberen te herkaderen, nieuwe ideeën opdoen. Gelden de uitgangspunten nog, moeten we er geen nieuwe ontdekken? De juiste spatie vinden, ja. Wat heeft individualisme met egoïsme te maken en moet altruïsme per se naar collectivisme leiden? Bepaalt de geschiedenis onze toekomst of niet? Dat is politiek, daar blijf ik gebiologeerd door, niet door hier 's morgens om acht uur toe te komen en je dossiertjes te doen en alleen dat. Maakt dat een verschil? Ik ben daarvan overtuigd, ja. Is het niet morgen, dan binnen vijf jaar. Het alternatief is dat je dichtslibt, op een dood spoor terechtkomt. Nee, ik word het niet beu, want er is nog zoveel te doen. Fysiek ga je naar beneden, maar intellectueel moet je toch naar boven? Is er dan een andere weg?"

Een vriend: "Hij is een Cubaan, meer Che nog dan Fidel. De revolutie op zich is het doel, niet eens zozeer waar die toe leidt. De romantiek ervan, de kick dingen in beweging te kunnen zetten. Het bestaande moet bestreden en vervangen worden, want het is niet mogelijk dat het heden het beste zou kunnen zijn. Daarom zat hij als een ramptoerist te smakken op het Wenceslasplein in Praag, hij was erbij toen Havel het daar overnam van de communisten. Hij sprong in de auto en reed de nacht door om bij de val van de Muur te kunnen zijn. Hij is een revolutionair in het diepst van zijn gedachten. Gelukkig is hij geen marxist, of er zouden echt ongelukken kunnen gebeuren."

Guy Verhofstadt: "Ik zou dat ook niet kunnen zijn. De utopie, vergeet het. De ideale samenleving is misschien te beschrijven, maar niet te verwezenlijken. Ik kan me niet indenken te geloven in absolute maakbaarheid, ik wil net het omgekeerde. Wat zijn de waarden en principes die de mens doen lopen, denken, werken, leven? Die mens is de maat van alle dingen, nooit een systeem. Alle systemen die zich boven die maat wilden stellen, zijn kapotgegaan, en gelukkig maar. Er is geen andere maat dan de mens."

Een voormalig coalitiepartner: "'Better to burn out than to fade away', dat zou zijn levensmotto kunnen zijn. En op zijn begrafenis moet Jim Morrison gedraaid worden: 'We want the world and we want it now.' Wie vindt na dertig jaar, na acht jaar premierschap, nog de tijd voor een vierde Burgermanifest? Het beste trouwens, er staan minder zotternijen in dan in de vorige. Hij moet steeds het slagveld kunnen overschouwen, zoekend naar het idee waarmee hij weer in de spits kan lopen. Altijd vooruit met de geit, en wil dat beest niet mee, dan verlegt hij desnoods de grond waarop het staat. Soms is het echt hallucinant, zie je hem over de kaarten met aanvliegroutes gebogen staan, begint hij er zelf nieuwe uit te tekenen. Zelfs als hij zelf in iets niet gelooft, kijkt hij in de spiegel en overtuigt hij eerst zichzelf. Hij zuigt alles op als een spons, leest en blijft leren, onvermoeibaar. Hij heeft een groot speelveld nodig, waarop hij spelverdeler en spits tegelijk kan zijn. Een beetje de Johan Cruijffachtige stijl, terwijl Leterme veeleer aan Marco Materazzi doet denken, catenaccio incarneert."

Een top-VLD'er: "Hij integreert meteen alle nieuw ideeën, ook al zijn die niet altijd even consequent. Onlangs is hij op een stafvergadering met de top een half uur college beginnen te geven over de vierde generatie kernreactoren. Hij kent daar nu ongeveer evenveel van als de ingenieurs zelf, weet welke proffen er top zijn in dat domein, wie hij zal gebruiken om dat idee naar de publieke opinie te pitchen. Dat wij daar op dat moment geen enkele boodschap aan hebben, omdat we de campagne georganiseerd proberen te krijgen, deert hem niet."

Een voormalig VLD-voorzitter: "Zijn vermogen zichzelf heruit te vinden, persoonlijk en politiek, is redelijk fenomenaal. De Burgermanifesten, de oprichting van de VLD, de Rwandacommissie, Zaal F in de Senaat, telkens staat hij er weer anders, en toch is hij nooit een karikatuur van zichzelf geworden. De Croo speelt De Croo, Guy is zichzelf gebleven."

Een VLD-minister: "Persoonlijk is hij niet anders. Eerst begint hij in een villaatje in Gent en zet dat in orde. Dan begint hij aan een modernistische, minimalistische balk, die hij daar ergens neerlegt om in te wonen, en als dat af is, koopt hij een oud huis in Mariakerke, dat hij meer restaureert dan verbouwt, er waar hij weer de ziel en het patina van toen aan wil geven. Hij koopt dan tientallen oude deuren op rommelmarkten en bij antiquairs en past die in dat huis in. Hooguit zal hij ze wat fixeren, zodat je niet te vuil wordt als je ertegen loopt. Zijn vrouw, Dominique, wordt er zot van, maar het resultaat is wel magnifiek. In Toscane is hij nu ook al aan zijn tweede bouwproject bezig, en ook daar lagen de oude deuren stapels dik op het erf."

Madras, dag drie van een slopende Indiareis. Woordvoerder Didier Seeuws en kabinetschef Wouter Gabriëls zitten in het restaurant van het hotel met stapels documenten voor zich. De premier is naar een officieel banket, zij zijn ontsnapt. De twee uurtjes zonder Verhofstadt zijn voor hen het moment dat het dichtst bij vrije tijd komt. Net lang genoeg om zich door een stapel papier te werken en de vergadering van straks voor te bereiden. Tegen tien uur wordt Verhofstadt opnieuw verwacht en dan heeft hij hen weer nodig. Vermoedelijk tot ver na middernacht.

Het is november 2006, de laatste beleidsverklaring is achter de rug en Verhofstadt gebruikt de herfstvakantie voor een promotoer van de notionele intrestaftrek in India. Het wordt een trip waarop de premier geen moment onbenut laat, al foetert hij bijna elke dag op de overvolle agenda. "Wie stelt nu zoiets op?" Hijzelf dus.

De dagen zitten vol met officiële bezoeken, meetings met bedrijfsleiders en toespraken. Maar ook de Indiase nachten zijn bijzonder kort. Elke avond sluit de premier zich met een kransje medewerkers op in zijn kamer. De meegereisde journalisten hebben het raden naar de reden, ze zien alleen de medewerkers elke dag wat bleker wegtrekken. Maar niet Verhofstadt. Op de terugvlucht naar België doet hij zijn gebruikelijke toer door het vliegtuig om de journalisten persoonlijk te vertellen dat ze er toch wel heel moe uitzien. Als Verhofstadt de joviale macho uithangt, is hij doorgaans zeer tevreden met zichzelf. De reden: in zijn tas zit de blauwdruk van het vierde Burgermanifest, bijeen geschreven in de nachtelijke uren.

De verleider

"Mogen we misschien als eerste vraag eventueel weten wat uw favoriete nummer van de Rolling Stones is?" De Poolse journalist weet niet helemaal zeker of hij die vraag wel aan de Belgische premier kan stellen, maar zijn radiostation houdt een Stonesweek en de consignes zijn duidelijk. "Geen enkel probleem", glimlacht Verhofstadt kamerbreed, terwijl hij gaat zitten. De setting in de ambassade van Warschau is enigszins amateuristisch: de presentator stelt zijn vragen in het Pools, zijn compagnon fluistert de premier de Engelse vertaling in het oor en vertaalt het antwoord van Verhofstadt achteraf weer in het Pools. Maar de premier antwoordt minzaam een half uur lang op alle vragen, over Europa, de grondwet, holebirechten, onderwerpen waar de gemiddelde Pool enigszins anders over denkt dan de premier. Je kunt nooit weten dat er hier en daar één van gedacht verandert.

Als het interview afgelopen is, hoort Verhofstadt in de koptelefoon dat ze zijn favoriete Stonesnummer spelen. 'If you start me up, I'll never stop', zingt hij enthousiast mee. De twee Polen kijken alsof ze net de oerconservatieve Kaczynskibroertjes de macarena hebben zien dansen. Maar ze vinden het wel fantastisch.

Verhofstadt heeft een onwaarschijnlijk charisma, daar zijn zelfs zijn tegenstanders het over eens. Wat erger is, hij weet dat ook, en misbruikt het schaamteloos. Zijn secretaresse verdient een standbeeld, weten de kabinetsleden, alleen om de grillen en de tirades die ze nu al zoveel jaren overleeft. Hijzelf beseft dat ook, maakt het de dag nadien dan weer goed door met de glimlach van de kleine jongen zijn innemendste zelf te spelen.

Een lid van de ministerraad: "Hij blijft op zijn 54ste het jongetje. Hij wil ook maar niet gaan schrijden, niet de presidentiële allure hebben die een Mark Eyskens al sinds zijn zesde levensjaar bezit."

Een top-VLD'er: "Ik heb hem eigenlijk nog nooit een gezagsargument weten te gebruiken. Telkens is het overtuigen, op je inpraten, tot je je goed in je vel gaat voelen omdat hij zoveel tijd in je steekt, zo zijn best doet. En je geeft je gewonnen voor je het weet. Of je denkt dat je gelijk gekregen hebt, terwijl hij je eigenlijk net in je zak gestoken heeft."

Een oud-woordvoerder: "Ik ben bij nogal wat gesprekken geweest, waar Guy zogezegd aan iemand iets beloofd heeft. Wel, met de hand op het hart kan ik getuigen dat hij dat nooit gedaan heeft. Alleen ontkent hij niet dat hij iets beloofd heeft. Het is een subtiele nuance, toegegeven, die weleens voor misverstanden heeft gezorgd. (lacht)"

Een VLD-minister: "Hij heeft de charme van een rattenvanger, roept soms de fascinatie op die je ook voor een roofdier voelt. En aan de andere kant weet hij ook een groepsgeest en een warmte te evoceren, in de partij, in de ministerraad, als het nodig is met grappen in het plat Gents en imitaties van zichzelf, vol zelfspot."

Een oud-VLD-voorzitter: "Soms roofdierachtig, ja. Hoe hij nu Leterme beloert, klaar om toe te slaan, te vermorzelen, te vernederen. Hoe durf jij van de 16 te dromen?, je ziet het hem denken. Wat hij met Annemie (Neyts, YD/LVI) heeft gedaan en met Karel (De Gucht, YD, LVI). Als het om Verhofstadt zelf gaat, zijn autoriteit en zijn leiderschap, kan hij echt gruwelijk kil en genadeloos zijn."

De oud-woordvoerder: "Hij lokt bewondering uit. Hij is ook nooit cynisch geworden, in tegenstelling tot alle anderen, hij wordt niet bezoedeld door de geschiedenis en de negatieve ervaringen. Rancune is hem vreemd, zeker persoonlijke. Hij hakt het hoofd van De Gucht af en maakt hem dan later minister van Buitenlandse Zaken, ook al omdat op die manier zijn vriend Johan Van Hecke weer in het Europees Parlement kon gaan zetelen. Iedereen toch content, vindt hij dan. Als Karel het dan schitterend doet op die post is Verhofstadt zeer fier, niet eens zozeer op Karel, maar op zichzelf, omdat hij dat toch weer fantastisch opgelost en gecast heeft. (lacht) Een narcist, ja, ken je er andere aan de top?"

Een VLD-minister: "Eigenlijk doet hij je dromen over jezelf. Zowat iedereen die ik ken in de politiek ziet in Verhofstadt de politicus die hij eigenlijk zelf had willen zijn, maar waarvoor onze beentjes te kort zijn. Meer te zijn dan de beheerder van dossiers, een stempel op de geschiedenis nalaten, meer te zijn dan boekhouder van de res publica, maar er de vormgever van zijn. Daarom laat je je inspinnen in zijn charme, daarom haat je hem soms ook."

Een vriend: "Hij is het ultieme zondagskind, het jongetje dat nooit het echt grote leed gekend heeft, gebukt ging onder zichzelf of de wereld. Hij heeft nooit de tragiek van Martens meegemaakt met zijn kinderen, nooit die van Dehaene, die kleinkinderen verloor, die gebukt ging onder zijn fysiek, zijn huidziekte en zijn voorkomen. Ook voor die mannen kon je bewondering opbrengen, maar je zou voor geen goud in hun schoenen hebben willen staan. Maar Guy straalt onbevangen geluk uit, dat is de sleutel van zijn charisma."

Guy Verhofstadt: "Zullen we wachten tot 10 juni om te zien of dat nog werkt? (lacht)"

U hebt twee voorzitters afgeslacht en ze zijn niet eens boos op u. Hooguit zit er een soms jeukend litteken op hun ziel. Niemand anders geraakt daarmee weg, dat beseft u toch?

Guy Verhofstadt: "(oprecht verbaasd) Is dat zo? Toch ook omdat je zelf toegeeft dat dingen soms fout lopen, dat we allebei dwaas hadden gedaan en het beter hadden kunnen oplossen."Een irrationele kant is mij ook niet vreemd, midden in een Sturm und Drangfase. Ik zie het dan wel meestal snel. Na 24 uur wist ik ook wel dat we grondig fout zaten. Dan moet je dat uitspreken. Maar de basis is toch: rancune moet je loslaten. Mocht ik niet meer praten tegen de mensen met wie ik ruzie heb gemaakt dan was ik een zeer eenzaam man."

Dat u niet rancuneus bent, is één ding. Dat u erin slaagt anderen een onvermogen tot rancune tegen u aan te praten, is nogal uitzonderlijk.

Guy Verhofstadt: "(even stil) Ik sta daar misschien te weinig bij stil, ja. Ik negeer het ook voor een stuk, verdring het door er niet meer over te praten. En als de ander dan toch nog eens een luchtbel uit de geschiedenis aan de oppervlakte laat komen is het ook niet meer dan dat. Een bel die bovenkomt, openbarst en weg is. Misschien projecteer ik mezelf te veel op anderen. Maar het kunnen erkennen dat je iemand gewond hebt, helpt om daarna verder te kunnen. Anders geneest het niet, dat klopt. Als je confrontaties hebt gehad, moet je ze samen verwerken, en de veroorzaker moet de eerste zijn om ze te erkennen.

"Ik denk niet dat ik een roofdier ben. De Steppenwolf van Herman Hesse wordt dan altijd geciteerd, een van de lievelingsboeken uit mijn jeugd. Maar dat is geen klassiek roofdier, dat is de eenling buiten de kudde. De steppenwolf trekt eenzaam rond, straalt melancholie uit. Dat is wat elke jonge adolescent op een bepaald ogenblik voelt, waarin hij zich herkent. Maar het is een fase, het gaat voorbij, al hou je er in meer of mindere mate waarschijnlijk wel iets van over. Het is niet omdat ik in de politiek zit dat alle menselijke kenmerken me vreemd zouden zijn, zoals sommigen menen te vermoeden."

De narcist

"Pas op, hij heeft honger." Het is vier uur 's nachts, het regeringsvliegtuig is net geland na een lange vlucht uit India, de delegatie staat op de koffers te wachten en woordvoerder Didier Seeuws krijgt te horen dat "de premier hem nodig heeft". De suggestie dat Verhofstadt nog wil gaan eten is slechts een half grapje. De medewerkers hebben iets te vaak meegemaakt dat Verhofstadt na een hazenslaapje op het vliegtuig een geniale inval krijgt, de keuken en de wijnkelder opengooit en iedereen voor een nachtelijke brainstorming verzamelt. De woordvoerder is altijd de klos, de anderen kunnen er een zeldzame keer onderuit muizen. Waarop Verhofstadt niet begrijpt hoe iemand een paar uur slaap kan verkiezen boven het onveranderlijk goede eten, de altijd excellente wijn en een vanzelfsprekend interessante discussie.

Als even later ook kabinetschef Wouter Gabriëls en speechschrijver Koert Debeuf bij de premier gesommeerd worden en iedereen zich begint af te vragen waar de bagage toch blijft, schakelen de medewerkers een alarmfase hoger. Het is vier uur 's nachts, hij zou toch niet echt...? Nee, toch niet. Verhofstadt heeft alleen beslist dat zijn Indiase inkopen dan toch niet over een paar uur op de Wetstraat 16 geleverd moeten worden, maar dat hij ze meteen wil meenemen naar huis. Als Verhofstadt iets in zijn hoofd heeft dan verzinken alle argumenten, en zeker de praktische bezwaren, in het niets. En dus staan zijn drie topmedewerkers in het holst van de nacht op het tarmac van Melsbroek de bagage te sorteren. Twintig minuten later zit de auto eindelijk vol, zwaait Verhofstadt nog even naar de intussen zeer ongeduldige delegatie en kan het luchthavenpersoneel zich met de koffers van alle anderen bezighouden.

Een top-VLD'er: "Natuurlijk is hij narcistisch. Het heelal is uitgevonden voor hem. Dat beschouwt hij overigens niet eens als een persoonlijke verdienste, dat is gewoon een gegeven feit. (lacht) Een mateloze ambitie ook: de ultieme ratio van Guy Verhofstadt is Guy Verhofstadt, kom daar niet aan of je hebt vodden. Daar moet alles voor wijken: ideeën, personen, structuren, zacht als het kan, hard als het moet. Dan is het echt numero uno, met alle afstotelijke en lieflijke kantjes van dien."

Een vriend: "Freya die in Humo weet te melden dat ze Karel zo mogelijk een nog fijnere man vindt dan Guy: dat hakt erin bij hem, ben ik zeker van."

Een oud-VLD-voorzitter: "Hij wil graag gezien worden. Iedereen wil dat, maar hij meer dan bovengemiddeld. Het is niet dat hij een dikke nek heeft, hij heeft niet dat verschrikkelijke arrogante van een Leterme, die niet eens een ambt nodig heeft om zo te worden. In Toscane leeft hij permanent in slacks en polo's, scheert hij zich weken niet. Zet hem daar op straat met een bord voor hem en je gooit er een euro in, want hij ziet er dan uit als de perfecte clochard. Hoewel, ook daar zal hij nooit een jeans dragen."

Een andere oud-VLD-voorzitter: "Ook een typisch narcistisch trekje is dat hij een permanente kring rond zich nodig heeft van mensen die hofhouding, relais en klankbord spelen. Het echte dichte netwerk van Guy is absoluut niet zo uitgebreid. Hij leeft met een paar mensen in symbiose, in commune, hij heeft dat ook nodig. Probleem is dat zulks niet vol te houden is, het is ook onmenselijk. Die mensen hebben een haat-liefdeverhouding met hem. Je kunt hem immers alleen doorgeven aan anderen, aan een administratie, als je hem begrijpt, weet hoe hij draait. Je moet ook de niet uitgesproken tussenstappen zelf kunnen invullen. Je hebt een roeping nodig om voor hem te werken, maar zelfs dan houd je het niet vol. Daar instappen is beseffen: oké, mijn leven is voor nadien. Op zijn eigen kabinet zijn er drie mensen die er echt toe doen. Didier, zijn woordvoerder, kan na 10 juni best een paar maanden bij een kraker langsgaan, die mens kan zijn nek niet meer draaien van alle spanning en stress."

Een vriend: "Typisch is ook dat de persoonlijke vrienden niets mis kunnen doen. Een paar mensen verdedigt hij tot in het onzinnige, ook al zijn ze niet altijd de beste selectie uit het menselijke geslacht. Zijn relatie met Pierre Chevalier, dat valt toch niet te begrijpen uit om het even welk politiek motief. Dat is een maat en maten mogen bij hem stukken meer. Hij heeft te weinig kritische vrienden die hem dan kunnen tegenhouden. Hugo Claus heeft hem kunnen weerhouden om zijn roman uit te geven, een turf van honderden pagina's met een paar behoorlijk stomende seksscènes die hij schreef bij zijn tocht door de woestijn. Maar veel meer voorbeelden zijn er niet. Sus Verleyen (de overleden oud-directeur van Knack, YD/LVI) was de enige die echt invloed op hem had."

Guy Verhofstadt: "Er is geen nieuwe Sus, nee, omdat er geen twee Sussen denkbaar zijn. Sus was (lang stil)... waar moet ik beginnen. Hij was een beetje alles: belezen, erudiet, altijd op zoek naar nieuwe tendensen, verandering, hij kon aanbidden wat hij eerder afgevallen had, en omgekeerd. Een echte renaissancemens, een intellectuele duizendpoot. Dat konden soms heel korte passies zijn, maar hij bracht ze altijd met de mooiste formulering. We waren twee zielen die elkaar heel goed aanvoelden. Een paar keer per jaar trokken we met de auto een paar dagen weg. Naar waar wisten we niet, we kwamen wel ergens uit. En dan maar praten, babbelen, redeneren, discussiëren, over van alles en nog wat. Waar ik spijt van heb: hij praatte toen al veel over muziek en literatuur en dat was terra incognito voor mij. Ik was destijds alleen en alleen met politiek bezig. We zogen elkaar leeg: hij mij over politiek, ik hem over kunst. We waren elkaars pispalen, ja. Voor mij was hij een soulmate. Zijn dood was een arm die werd afgesneden, iets vitaals. Voor een stukje ben ik verweesd achtergebleven, hij is niet vervangbaar. Ik heb die vriendschap zodanig intens beleefd dat ik altijd alles daaraan afmeet. Dat is je norm geworden. Ik heb waarschijnlijk nog wel vrienden, maar de lat ligt heel hoog, ja. Misschien heeft iedereen maar één echt grote vriend."

Hij had ook de neiging alles te willen weten over alles, van Schubert tot de kwantummechanica. U wilt toch ook die uomo universale zijn.

Guy Verhofstadt: "Ik ben gepassioneerd door alles wat voorbijkomt, ja. Ik heb een visueel geheugen, onthoud dan drie punten en gebruik die in elke context. Het is een trucje dat vaak werkt. (lacht)"

Het gaat verder. Dat leermeesterige van u, tot op het randje van het pedante af. Durf geen wijn te bestellen die u niet de beste vindt...

Guy Verhofstadt: "Maar dat is wat anders, daar kan ik echt pedant over zijn, dat klopt. Dat is een afwijking. In een groepsdiscussie over literatuur zal ik af en toe weleens een opmerking maken, maar luister ik voor de rest. Maar als het gaat over wijn dan durf ik tussenbeide te komen, en u te behoeden voor het bestellen van een slechte fles, in het besef dat er zoveel goede zijn. (lacht)"

Een VLD-voorzitter: "Vergeet dat maar: hij doceert en blijft doceren over sushi, sashimi, tempura, brunello's en bij uitbreiding iedere wijngaard van Italië, auto's van Bugatti's via Alfa's tot Audi's, oude deuren, architectuur en design, Toscane, en ik vergeet een paar dingen."

Een medewerker: "Soms werkt dat ook. Ik vergeet nooit de dag dat de bazen van Opel hier zaten. Hij leek zo'n jongetje met een plakboek vol autostickers. Binnen de kortste keren kan hij hen overtuigen dat hij ook een autogek is, net als zij, al was het maar door smakelijk het levensverhaal van de stichter van Bugatti te vertellen, en het verschil tussen Audi en Alfa in vijf emotionele kernbegrippen te duiden. Om vervolgens de audits van al hun vestigingen erbij te nemen, te laten zien dat hij van ieder de rendementscijfers tot na de komma kent, en hen dan te overtuigen dat verdere productie in Antwerpen op termijn een veel beter idee is dan een bouw van een nieuwe fabriek in Roemenië of weet ik waar. Het is echt freaky om hem dan bezig te zien. Maar Opel en Ford staan er nog wel; Renault is weg, niet?"

In de Belgische ambassade in Londen is een receptie aan de gang. Premier Verhofstadt is op bezoek en de Belgen zijn net naar een nieuw gebouw verhuisd, daar mag al eens op getoost worden. In een hoekje van de zaal zit de premier apart met een medewerker, de speech die hij later op de dag over Europa zal houden op de knieën. Zonder acht te slaan op passerende hapjes en discreet groetende gasten gaat hij zijn hoogstpersoonlijke gevecht aan met de uitspraak van het Engels. Om voor de zoveelste keer te constateren dat hij het woord 'genuinely' ondanks verwoede pogingen niet uit zijn strot krijgt.

Een detail? Het succes van een buitenlandse missie hangt van vele dingen af: het vormpeil van de premier, de contacten van de diplomaten, de voorbereiding van de talloze dossiers. Maar als het vliegtuig opstijgt voor een lange vlucht en de premier zich opmaakt voor een dutje klinkt er maar één dwingende vraag. "Martine, waar is mijn fles?" Verhofstadt reist niet zonder zijn Amaro Averna, een Italiaanse kruidenlikeur en zijn favoriete slaapmutsje. Het mag een detail lijken, maar het is geen bijkomstigheid. Integendeel, het is even belangrijk als het tijdig vervangen van elke 'genuinely' door 'really'.

De ideoloog

Een oud-woordvoerder: "Hij heeft kinderen gekregen, voor het eerst een verantwoordelijkheid die hemzelf oversteeg. Dat heeft zijn frisheid niet afgebot, maar er gelukkig wel voor gezorgd dat het drammerige eraf is gegaan. Hij is milder geworden, lees er gewoon de Burgermanifesten na elkaar op na. Maar hij zal de nooit de notaris worden van de ministerraad; hij blijft steeds de advocaat, de overtuiger."

Een oud-minister: "Hij heeft het vermogen de waarheid te veranderen. Toen hij het had over het 'uit de staat stappen', het meest waanzinnige idee uit zijn carrière, had De Standaard het over een provocerend en beklijvend idee. Je moet het maar doen, hé."

Een VLD-minister: "Hij voelt perfect the next big idea, heeft het voor de anderen gezien en bezet het. Ook al staat het desnoods niet echt op één lijn met zijn vorige opstellingen. Neem nu de klimaatopwarming van Al Gore: hij accepteert het en gaat het prompt belichamen."

Een vriend: "Oké, hij schippert, is niet altijd even recht in de leer, zeker niet op punten die hem in wezen geen bal interesseren, zoals de staatshervorming. Maar als je ziet hoe hij op de grondlijnen, het individu tegen de groep, de moderniteit tegen het ancien regime, de vrije wilsbeschikking tegen de godsdienst, de open wereld tegen het protectionisme op alle vlakken, al dertig jaar een consistent discours houdt... Hij heeft zijn gedachtegoed tot een filosofie gemaakt in Vlaanderen, veel meer dan het veredelde middenstandsdenken van zijn voorgangers. Hij heeft er nieuwe doelgroepen voor aangeboord en ze overtuigd. De ideologie gaat hem vooraf, ook dat onderscheidt hem van de meeste anderen. Ik overdrijf maar een beetje als ik hem de Cardijn van het moderne liberalisme noem."

Guy Verhofstadt: "Politiek is de voorbije twintig jaar weinig geëvolueerd, toch? Er zijn niet zoveel nieuwe inzichten ontstaan in de politiek, meestal komen ze van daarbuiten. Het ideologische tijdperk is waarschijnlijk definitief voorbij, de grote politieke tegenstellingen bestaan niet meer, de grote politieke vraagstukken moeten niet langer worden uitgevochten. Ik denk dat ik zelf minder ideologisch denk dan vroeger. Ook al omdat een paar van mijn ideeën van toen - privatisering, activering - ondertussen mainstream zijn geworden, zodat je ze niet langer te vuur en te zwaard moet verdedigen. Het is een misvatting te denken dat er daarom geen politieke, existentiële discussie meer mogelijk is of niet meer nodig zou zijn. De natuur van de strijd, het kader, de tegenstellingen veranderen en ik denk dat ze vandaag veel moeilijker onderkend worden dan in het verleden. Als summum van hoogmoed daarvoor kan de titel van Fukuyama gelden, Het einde van de geschiedenis, weet je nog. Als je dat vandaag bekijkt, kan dat wel tellen."

De condition humaine is belangrijker geworden dan de ideologie. Typisch voor de ouder wordende politicus, nee?

Guy Verhofstadt: "Ik heb Sus zien vertrekken, mijn vader, ik zie de aftakeling soms in de vriendenkring, je wordt je bewuster van de vergankelijkheid, de werkelijke wereld en het leven. Het maakt je allemaal milder, je raakt van het idee af dat alles in wit of zwart te catalogiseren valt. Het fanatieke gaat eraf omdat alles veel complexer en genuanceerder is dan wanneer je 25 bent. Het gevaar ligt bij mensen die de omgekeerde weg maken."

Waar haalde u toen eigenlijk de pretentie vandaan?

Guy Verhofstadt: "Toen stond je daar niet bij stil, je deed het, iedereen uit de weg, mijn weg. Vooruit is de enige richting, enfin, je kent het... (even stil) Terwijl nu: er zijn toch nog een aantal zaken die beter ontsluierd moeten worden. Filosofische, politieke dingen, een van de dingen waar ik mee worstel is: hoe kun je zonder te veel dwang toch het goede in de samenleving betrachten? Hoezeer heb je daar een staat voor nodig, waarvan je weet dat die tot het allerbeste en het allerslechtste in staat is? Wat is de rol van religie daarin? Waar zit de troost en waar zit de gruwel, wat doet het ene in het andere omslaan? Hoe komt het dat mensen met een heel verheven ideaal niet bestand blijken te zijn om weerstand te bieden tegen de wreedste dictaturen?

"Kijk naar de Franse intellectuelen in de jaren zestig en hun liefde voor het communisme, terwijl iedereen het toen toch al kon weten? Waarom deden ze niets? Wat kan de politiek doen? Met stapjes en beetjes, wetend dat het ideaal onbereikbaar is? Op een wolk gezeten is het makkelijker te aanschouwen dan als je midden op het slagveld staat, dat weet ik ook wel, maar waarom heeft de generatie van onze ouders niet meer gedaan tegen dat Oostblok? Hoe heeft men zo laks tegenover dat IJzeren Gordijn kunnen zijn, tegenover de Berlijnse Muur? Al die Roemenen, Tsjechen en Oost-Duitsers hebben het zelf moeten doen. Het is vandaag ontegensprekelijk beter dan 300 jaar geleden, materieel, ethisch, democratisch, noem maar op. Maar we hebben de afgelopen eeuw ook het grootste aantal collectieve slachtoffers uit de geschiedenis voortgebracht. We doen niets tegen oprukkende epidemieën, ook al hebben we wel wat remedies. Ik geloof in de vooruitgang, hartstochtelijk zelfs, maar het blijft onvolkomen, het is nooit wat het moet zijn. Het moet beter en sneller dan hoe we het nu doen. Er is nood aan duwen, sneller vooruitgaan... (betrapt) Daar ga ik weer. De aard van het beestje, zeker?"

Ideologische bochten zijn u niet vreemd: van Thatcherfan naar Blairs derde weg, nu eens Vlaams-nationalist, dan weer de behoeder van België, een partijverruiming langs rechts, dan weer linksom.

Guy Verhofstadt: "Blair heeft Thatcher verder uitgevoerd, toch? Links-rechts, dat is voorbij, niemand vraagt toch nog dat de productiemiddelen genationaliseerd moeten worden, ja? Of je een passieve dan wel een actieve sociale zekerheid nodig hebt: toch iedereen is het daarover eens? Die vragen zijn toch allemaal beantwoord? Elk tijdperk zoekt zijn tegenstelling. En nu is het paradigma het open versus het gesloten wereldbeeld. Ik moet van Gent zijn, gij zijt van Mechelen, en pas op voor alles wat vreemd is. Houd die Polen en die Indiase kenniswerkers zo lang mogelijk buiten. Pas op hé, want we gaan delokaliseren en alles gaat hier verdwijnen. We hebben zwaarder protectionisme nodig, dat soort onzin. Of de meest afschrikwekkende angst: we zullen onze identiteit verliezen, door een ander geloof, door de migratie. Dat constante aanpraten van angst, schrik, afgunst, dat muurtjes optrekken. De cohesiedwang, het terugtrekken op de eigen sociale groep, want het ik kan zich slechts verhouden tot de groep en bestaat anders niet, schrijft de huisideoloog van CD&V, Wouter Beke. Dat is toch een negatie van honderden jaren verlichting? Natuurlijk is de groep belangrijk, maar toch niet belangrijker dan het individu? In de Heilige Schrift staat: bemin uw naaste. Er staat niet in: bemin uw groep. De Bijbel zelf is dus verdorie meer individualistisch dan Wouter Beke. De slinger gaat in de richting van de gesloten samenleving, ondervind ik ook op iedere Europese Raad. Want de Pool is de Pool, de Deen de Deen en de Brit zal nooit zijn pond opgeven, want dan zou hij een stuk van zijn identiteit, zijn zekerheid moeten opgeven. Dat is de trend, ja, en ik vecht daartegen."

De strateeg

Eind 2005 heeft Verhofstadt zijn regering met het Generatiepact eindelijk weer vlot gekregen en die dynamiek wil hij niet opnieuw stil laten vallen. Meer nog, als het even kan, wil hij een versnelling hoger schakelen en wel met de tien werven. De ministers worden bestookt met vragen voor ideeën en de werven worden groots aangekondigd. Eentje springt eruit: de werf competitiviteit, die de loonkost verder moet verlagen en de sociale partners mee moet trekken in een nieuw akkoord. Alleen, de socialisten zien dat niet echt zitten en de vakbonden nog minder. Tot twee keer toe moet de premier in deze krant lezen dat het er niet van zal komen. En dat kan hij niet zomaar laten gebeuren. De hele Wetstraatpers wordt naar de 16 gesommeerd voor een informele briefing.

Verhofstadt stapt bijzonder strijdlustig binnen. We hebben er duidelijk niets van gesnapt. Ja, het klopt dat de werf wat vertraging oploopt. Maar de enige reden is dat de oorspronkelijke plannen alleen maar groter geworden zijn. De hervormingen zullen nog omvangrijker, ingrijpender en fundamenteler zijn. Of we dan misschien kunnen ophouden met zeuren over die paar weekjes uitstel? Tot zijn grote verbazing stuit hij op de scepsis van de voltallige Wetstraatpers.

Achteraf blijft hij nog even hangen. Of we echt denken dat de socialisten dwars zullen blijven liggen? Ja dus. "Ah bon, in dat geval..." Hij maakt de zin niet af, plukt wat aan zijn vest en zucht. "Wat kunnen we anders doen dan het proberen?"

De grote persconferentie 'Werf competitiviteit' is er nooit gekomen.

De man van de niet of net niet uitgevoerde beloften, het is dé kwalificatie die Verhofstadt een derde ambtstermijn kan kosten. Waarom doet hij het dan toch telkens weer? Hij is altijd gebiologeerd gebleven door een verhaal van wijlen Jean Gol, die met gretigheid vertelde hoe een volbloed koerspaard dat je in de ministerraad binnen doet komen in 27 stappen (overleg met de andere partijen, advies van de Raad van State, overleg met de sociale partners, met de parlementaire commissies, met...) uiteindelijk transformeert in een boerenknol. Verhofstadt heeft dat opgepikt: hij rijdt met een Ferrari de ministerraad binnen, in de hoop er met een koerspaard buiten te komen. Vaak lukt hem dat ook, alleen: hij had wel een Ferrari beloofd.

Guy Verhofstadt: "Voor electorale redenen is die strategie alvast niet goed gebleken. (schatert) Daar is niets aan te doen. Het is een van de nadelen van de manier waarop ik werk, door mezelf permanent met de rug tegen de muur te zetten. Maar objectief, niet politiek-perceptief, zal mijn resultaat wel beter zijn dan van degene die op het puur haalbare compromis werkt. Zo slecht draait het hier toch niet? De economische groei is er, de 200.000 banen. Waarover gaat het uiteindelijk? Achtentwintig gevangenen in Dendermonde, dat is dan de bottomline van het verhaal, ook al zijn dat 120 minder ontsnappingen dan vroeger. Zou Leterme ervoor zijn gaan staan of wat? Perceptie, zwijg me ervan."

Gruwelijk onrechtvaardig vindt u dat?

Guy Verhofstadt: "Het is gewoon de realiteit, het enige waarover je het nog mag hebben. De globale lijn, laat staan de toekomst, blijft onbesproken. Lees het programma van CD&V, dat is toch gewoon paars light? Daar zit geen enkele trendbreuk in, behalve misschien een beetje op het communautaire. Voor de rest is het allemaal hetzelfde, maar een beetje minder. Wel, we hebben niet minder nodig, maar meer. Niet iemand die voorzichtig een paar draaitjes minder aan een paar schroefjes geeft, nee, we hebben een forse stap voorwaarts nodig op al die vlakken. Is dat nu echt alles wat ze in huis hebben?

"De meeste beloften zijn ook uitgevoerd. De politie: van oorlog naar efficiëntie. Voedselcrisissen: toen van de een naar de ander, nu geen enkele meer. Van collectieve gratieverklaringen naar te overvolle gevangenissen. Strafuitvoering weg van politici. Massaal geïnvesteerd in alternatieve straffen, elektronische handboeien. Acht jaar geleden nul. (valt stil, schiet in de lach) Ik ben hier aan het repeteren voor een debat. Natuurlijk doe je meer stof opwaaien als je bezig bent: ik wil dat en dat en ook nog dat. En dan heb je dingen die wel beginnen te functioneren, eentje dat langzaam in gang schiet en nog onvolmaakt is en nog eentje waarmee het niet wil lukken. Je wordt afgerekend op die laatste twee. Dat is onafwendbaar en dat zal ook onder Leterme net hetzelfde zijn. Nee, verbetering: onder Leterme zal het stukken minder zijn."

Een VLD-minister: "Hij had op zijn Engels Onkelinx of Reynders moeten kunnen ontslaan, maar dat lukt in dit land natuurlijk niet zonder de regering te laten vallen. Ja, dan zit je afgevangen, net zoals Leterme, mocht hij de 16 halen, dan afgevangen zal zitten."

Een kabinetsmedewerker: "Hij krijgt soms het krediet niet dat hij verdient. Dat er vandaag, na zeventig jaar verlieslatend Sabena, opnieuw een rendabele vliegmaatschappij vanuit Zaventem opereert, met haast evenveel passagiers, is eigenlijk zijn verdienste. Hijzelf heeft al die industriëlen gebeld om hen te overtuigen startkapitaal op te hoesten. Hij heeft toen om drie uur 's nachts Prodi uit zijn bed gebeld. 'Premier, zou je dat wel doen, die mens slaapt nu, die staat in zijn pyjama.' Niets aan te doen, Prodi moest en zou aan de lijn komen, om te verzekeren dat er geen Europese concurrentieproblemen konden komen."

De hulpeloze

Als Verhofstadt het niet haalt op 10 juni is dat te wijten aan de eerste twee jaren van paars, toen echt alles fout ging wat fout kon lopen.

Een VLD-minister: "Iedereen kon die eerste twee jaar iedereen schaakmat zetten in de regering en iedereen deed dat ook met overtuiging."

Een kabinetsmedewerker: "De eerste fout was een te snel onderhandeld regeerakkoord, waarbij ze het migrantenstemrecht aan het parlement gaven. Van 'read my lips' naar een zekere nederlaag, het was niet meer te vermijden. Toen hadden ze moeten slikken en doorgaan, er niet die martelgang van maken. Ook grote leiders maken fouten, bleek toen. Wat ook meespeelt: niemand van de top was intellectueel tegen dat stemrecht, vandaar dat ze er geen echt punt van hebben gemaakt tijdens de regeringsonderhandelingen."

Een oud-VLD-voorzitter: "Dan krijg je het koningsdrama. Karel zocht voortdurend autonomie voor de partij, naast de regering, wat hem voor Guy deed uitgroeien van criticus tot pure ambetanterik. Het koningsdrama was de ontploffing, de catharsis, de boel was al naar de kloten toen. Karel heeft nooit willen inzien dat de partij van de premier niet autonoom kan zijn, alles in samenspraak met Guy moet doen, en slechts dissident kan zijn binnen de krijtlijnen die hij stelt. Anders werkt het niet."

Een andere VLD-minister: "Daarnaast was er de pure tjeven-kuiperij, georchestreerd zelfs. We doen onszelf de das om met het migrantenstemrecht, ze voelen onze zwakte, gaan de forcing voeren en CD&V komt weer in positie in 2004. Dan begint de perfide mantra van het 'goed bestuur'. Alsof er iemand in dit land rondloopt die voorstander van slecht bestuur is. Goed bestuur is Vlaams, de onuitgesproken kritiek is dus dat er federaal slecht bestuurd wordt. Maar dat kan Leterme niet met zoveel woorden zeggen, want dat zou betekenen dat de Vlaamse liberale ministers goed besturen, en de federale liberalen prutsers zijn. Het is de aanval zonder confrontatie, zonder het zelfs uit te spreken, zonder mogelijkheid ook tot verweer ertegen. Een tjeven-strategie, kortom.

"Daarbovenop beginnen ze vrolijk bananenschillen rond te strooien, dingen waarvan ze weten dat ze onoplosbaar zijn. B-H-V is ons gewoon tactisch klemrijden, wij moeten dat onderhandelen met de overkant, zij hoeven alleen de mislukking te noteren. Verhofstadt had dat niet op tijd door, maar waarom zouden ze hem verhinderen om tegen de muur te lopen? Bij de geluidsnormen had hij het eindelijk wel vast: dit kan ik niet oplossen, beste vrienden, het is ook niet mijn verantwoordelijkheid, los het zelf op. Ondertussen loopt Leterme rustig twee jaar campagne te voeren, zonder het te moeten zeggen, want hij was geen kandidaat, toch?"

Een VLD-minister: "En ondertussen amuseren we ons kostelijk met Dedecker, blijven we jaren intern zwalpen. Ook al had iedere hond met een hoed op in die context 34 procent gehaald, en dat had de trojka moeten beseffen, dat de basis hun even de vinger wilde tonen. Maar ja, bang voor het schisma, bang voor alles waren ze, terwijl die kerel ons hypersluw, want dat is hij wel, verder in de vernieling reed."

Een oud-VLD-voorzitter: "We hebben ook niet de cultuur om mensen buiten te zetten. De man had een zekere legitimiteit in de partij, de top drie was aangeslagen na het koningsdrama, we hadden ook klop gekregen in 2004, weken en maanden nadien was de basis kwaad op de top. Dedecker raakte die basisgevoeligheid en werd voor velen een verklaringsschema: we moesten naar rechts. Je installeert het mentale schisma: heeft hij echte aanhang, dekt hij echt een flank af, is hij onder controle te houden? De enige die juist zat in zijn analyse was Karel, maar die ademde toen te veel gekwetstheid uit om serieus genomen te worden. Zo is het een langzaam groeiproces geworden, achteraf bekeken veel te langzaam."

Een kabinetsmedewerker: "Zijn erfenis is niet slecht, we zijn niet de zieke man van Europa zoals Frankrijk. Alle begrotings-, economische en sociale parameters zijn beter dan acht jaar geleden, een historisch lage werkloosheid, de snelst groeiende economie in jaren, hij heeft ons niet meegesleept in de Irakoorlog zoals Blair, er zijn geen levensbeschouwelijke conflicten zoals in Nederland, er zijn in die acht jaar geen verscheurende besparingen geweest, geen beleid waarvoor je het verdient afgestraft te worden. Maar ja, ook Churchill is door de kiezer naar huis gestuurd toen hij net de Tweede Wereldoorlog had gewonnen."

Een vriend: "Dat is het drama van de persoonlijkheid van Verhofstadt, die hij afstraalt op de hele top. Altijd maar weer vooruit, vooruit, opzwepen, nooit een moment van bezinning en rust. Dat verklaart zijn resultaten en tegelijk zijn mislukkingen. Zowel migrantenstemrecht als Dedecker hadden vermeden kunnen worden, als er maar iemand de gave had gehad om even te temporiseren, zich af te vragen: zijn we wel goed bezig? Als hij het niet haalt op 10 juni is dat misschien een mooi politiek grafschrift: Guy Verhofstadt, de man die niet kon surplacen."

Guy Verhofstadt: "Jullie gaan er toch geen in memoriam van maken? Zo van, 't was ne goeie, maar het is nu wel gedaan? (lacht) Kunnen we wachten met de bouw van het mausoleum tot na 10 juni?"

Nee, ik word het niet beu, want er is nog zoveel te doen. Fysiek ga je naar beneden, maar intellectueel moet je toch naar boven? Is er dan een andere weg?

Een vriend:

Dat is het drama van de persoonlijkheid van Verhofstadt. Altijd maar weer vooruit, vooruit, opzwepen, nooit een moment van bezinning en rust. Dat verklaart zijn resultaten en tegelijk zijn mislukkingen

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234