Zondag 18/08/2019

De man die België bouwde

De KBC-hoofdzetel in Leuven, VTM in Vilvoorde, de nieuwe luchthaven van Zaventem, Kinepolis Brussel, Technopolis Mechelen, de Jacqmotte-fabriek in Brussel en het shoppingcenter Wijnegem. Waar je ook bent in België: je komt er een - al dan niet omstreden - gebouw tegen van de 66-jarige architect Michel Jaspers. 'Ik ben geen theoreticus', antwoordt hij op de kritiek aan zijn adres. 'Ideeën zijn niet het belangrijkste. Het belangrijkste is wat er gebouwd wordt.'

Brussel / Van onze medewerker

Ward Daenen

In Geert Bekaerts monumentale overzicht van de Belgische hedendaagse architectuur krijgt hij hoop en al vijf regels. Zijn gebouwen worden getaxeerd als "opgeblazen vormen", "zogenaamd postmoderne kantoorkolossen, van de Cera/KBC-zetel in Leuven tot de zetel van de KBC in Brussel". Marc Dubois, eveneens criticus, wilde in een bondig gesprek met De Morgen kwijt: "Ach jongen, Jaspers... dat geen enkel zichzelf respecterend architectuurtijdschrift over hem publiceert en dat hij op een hotel in Moskou na geen buitenlandse opdrachten krijgt, zegt toch genoeg." Jaspers reageert minzaam: "Ik ontwaar in die kritiek soms een tikkeltje jaloezie of frustratie."

Binnenlandse opdrachten daarentegen heeft Jaspers immers te over. Of het bankiers en verzekeraars zijn, hotelketens, overheden en ministeries of scholengemeenschappen, shoppingcentra, telecom- en technologiebedrijven: allemaal gingen ze met Jaspers in zee. "Zonder al die mensen hebben we heel wat klanten (bouwheren, WD) die graag met ons werken. Momenteel zijn we met honderd dossiers bezig. Er iets dat de critici ontsnapt, want architectuur is een complexe materie. Architectuur begint met stedenbouw, techniciteit, structuraliteit en ruimtelijkheid, maar gaat verder met budgetten en timing. Die laatste twee interesseren hen totaal niet. In de States, waar ik mijn Masters Degree heb gehaald, legt men je dat wel uit. Wanneer iemand zich met een klein team intensief toelegt op enkele werken, kan ik dat heel goed begrijpen, ik ben ook zo begonnen. Je hebt echter grote architectenteams nodig om de wereld op te bouwen."

"Ik ben geen grote theoreticus, maar een man van de praktijk. Je mag de beste architect van de wereld zijn, als je geen relaties opbouwt, kom je er niet. Allez, waarom heb ik Buitenlandse Zaken (60.000 vierkante meter kantoren, WD) gekregen? Ik wist dat Buitenlandse Zaken al zijn diensten wilde verzamelen. Zij zaten op dat ogenblik op dertien plaatsen verspreid, wat hen jaarlijks 360 miljoen aan huur kostte. Voor die prijs kun je een gebouw afbetalen. Ik heb dan aan de Regie gevraagd of ze ook de oude BBL-gebouwen naast het Egmontpaleis wilde opkopen en we zijn gaan spreken met de eigenaars van de oude kazerne even verderop. Minister Tindemans hoorde van mijn voorstel, was meteen enthousiast en gesteund door openbare werken hebben we het gekregen. Er was een probleem en we hebben een oplossing gezocht en gevonden."

"Op zeker ogenblik kon je in Brussel niet bouwen of het moest postmodern zijn. Dan ben ik ook praktisch en dan zeg ik jongens kom, laten we er het beste van maken. Voor de Kredietbank hebben we een heel traditioneel concept gemaakt - we moesten ons aan de achterliggende wijk aanpassen - en dat was ook de enige manier om een snelle bouwtoelating te krijgen. Je moet weten dat de Brusselaar tegenover de Antwerpenaar of de Gentenaar heel conservatief is. Hoe meer je naar Ukkel (een van de rijkste gemeenten van België, WD) gaat voor een toelating, hoe conservatiever men is. In Sint-Joost (een van de armste gemeenten van België, WD) heb je dat probleem veel minder.

"Ik heb een structuur opgebouwd om te kunnen antwoorden op grote opdrachten. Dat is uiteraard gegroeid. Ik ben in 1960 samen met Delhaise een bureau van vijf mensen in Hasselt begonnen, omdat we heel goed voelden dat het in Brussel niet mogelijk was. We kozen een provincie waar veel mocht en zou worden gebouwd in plaats van te vechten tegen de grote Brusselse bureaus als Polak, Stapels, Montois en Lambrichs. In de jaren zestig had je in Limburg geen enkel groot bureau. Als er een groot werk was, ging het automatisch naar Antwerpen of Brussel. Stilaan hebben we ervoor gezorgd dat de Limburgse opdrachten in Limburg zouden blijven."

Jaspers liet intussen een spoor van gebouwen achter in het Limburgse: van Omob Hasselt over het Provinciaal Administratief Centrum tot het Limburgs universitair centrum in Diepenbeek. Jaspers heeft in Lommel warempel één - en slechts één - project van 50 sociale woningen neergeplant. "Dat Omob-gebouw heeft veel succes meegebracht", zegt Jaspers. "Dat was ons eerste kantoorgebouw dat we rondom een atrium hebben opgericht. Daarna heb ik er misschien 25 rond datzelfde concept ontworpen. Het idee achter dat project was dat mensen optimaal moeten kunnen communiceren in een kantoorgebouw, vandaar het atrium."

"Door de Omob heb ik Cera gekregen, het is mede door Cera-ervaring dat we de KB gewonnen hebben enzovoort. De ene klant brengt de andere mee."

Jaspers zou nog tot 1986 met Delhaise samenwerken, maar in 1980 richt hij ook al een eigen bureau op. Vijf jaar later gaat hij terug naar Brussel en sinds 1992 heeft Jaspers samen met Johnny Eyers ook een zetel in Lubbeek (Leuven). "Ik heb nu drie autonome structuren met 25 à 30 mensen. Dat zijn drie teams waar iedereen nog weet wat hij doet en fier kan zijn over de prestaties die hij levert. Je kunt ons beroep vergelijken met de advocatuur. Bij de grote advocatenkantoren heb je specialisten fiscaal recht of strafrecht, ik heb afdelingen die alleen shoppings doen, anderen die enkel industriële ontwerpen maken en derden die uitsluitend kantoren ontwerpen.

"We discussiëren veel samen, maar de eindbeslissing ligt bij mij (tekent een piramidestructuur). Soms komt er iemand van buitenaf bij. Associaties: geen probleem. We zijn bezig met KPF, een groot Amerikaans architectenbureau voor Airport Gardens, een businesspark in Zaventem. De projectontwikkelaar had er graag een Amerikaanse architect bij, omdat hij het project dan achteraf aan Amerikanen kon verkopen. We schrijven ook samen in voor de nieuwe gebouwen van de Navo: 180.000 vierkante meter. We zouden het alleen kunnen, maar ik denk dat iedereen wel begrepen heeft dat de Navo liever een team van architecten heeft."

"De associatie met Phillippe Samyn voor de Rogiertoren is helemaal anders. Artesia (de voortrekker van kwalitatieve hedendaagse architectuur in België en voor twee derde financier van de Rogiertoren, WD) heeft mij benoemd, en Immobel, die met een derde in de toren zit, had Samyn er graag bij. Dat is associatie: de promotors hebben beslist. De samenwerking met Samyn verloopt trouwens perfect"

"Het verhaal van de Noordwijk in Brussel is het verhaal van een goede samenwerking met één projectontwikkelaar: Patrick De Pauw. Dat is mijn groot geluk geweest. Ik ben bijna de enige architect van het Noordkwartier! Ik ga niet beweren dat het resultaat ideaal is, maar het is een formidabele verbetering van een probleem dat vlug opgelost moest worden. We hebben kantoorruimte geschapen en enorme trottoirs en een park (op de middenberm van de Koning Albert II-laan, WD) laten aanleggen. De Noordwijk is een perfecte omgeving om te werken en te wandelen. Nu de Albert II-laan klaar is, gaan we de kanaalkom met het Noordstation linken. Ik hoop dat men uit dit systeem lessen trekt voor de herwaardering van het Zuidstation en de Wetstraat."

"Dat ik beïnvloed ben door anderen, is zeker. Maar wie niet. Norman Foster is een man die ik heel graag heb, ik vind het Guggenheim van Frank Gehry een wonder en Tadao Ando vind ik eveneens uitstekend. Ik denk dat wij in België ook formidabele architecten hebben. Ik heb veel bewondering voor de oplossing van Stéphane Beel voor het justitiepaleis in Gent. b0b Van Reeth is nu de Vlaamse Bouwmeester. Ik hoop dat er nu ook wat jonge architecten grote werken zullen krijgen. Het probleem van de jonge Belgische architecten is dat zij geen toegevingen willen doen. Zij hebben een idee..." En dat is het? "Ja, maar ik durf het bijna niet te zeggen. Hun ego is zo belangrijk dat een samenwerking niet meer mogelijk is. Misschien is dat wel mijn geluk. In feite zijn die ideeën niet het belangrijkste. Het belangrijkste is wat gebouwd wordt. Ze zullen moeten leren wat het is om een groot kantoor te runnen en om te gaan met de problematiek, de kritiek en de politiek."

Michel Jaspers herstructureert momenteel zijn bureau, zodat hij binnen tien jaar de fakkel kan doorgeven aan Johnny Eyers en aan zijn zoon Jean-Michel Jaspers. "Jean-Michel heeft zijn studie afgemaakt aan de AA in Londen, nu leer ik hem architect zijn. De school is één manier van denken en de realiteit is een andere. Voor de administraties rond de stations zal het nog goed gaan. Wij, in onze wereld van businessparken, kantoren en onderzoeksdepartementen, hebben nog heel wat te doen in de secundaire steden rond Brussel. Zaventem, Diegem en Vilvoorde raken stilaan verzadigd. Mechelen, Aalst en Leuven gaan een prachtige toekomst tegemoet."

Meer info: www.jaspers.be.

Dit was de laatste aflevering van onze reeks 'Bouwplannen'. De vorige afleveringen verschenen op 7, 9, 10 en 12 april.

'Het probleem van de jonge Belgische architecten is dat zij geen toegevingen willen doen'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden