Woensdag 30/11/2022

De maffia krijgt eigen museum

In Las Vegas gaat deze week het National Museum of Organized Crime and Law Enforcement open. Eén belangrijke focus is de portrettering in Hollywood.

Las Vegas, de stad die het decor vormde van vele maffiafilms, heeft nu zijn eigen maffiamuseum. Het National Museum of Organized Crime and Law Enforcement wil onderzoeken waarom de georganiseerde misdaad zo veel mensen fascineert. Er wordt onder andere gefocust op de portrettering van maffiosi in Hollywoodfilms.

Hollywood is altijd gefascineerd geweest door de onderwereld, en omgekeerd doet de gangster inspiratie op in Hollywood. Zo adoreerde de echte gangster Benjamin 'Bugsy' Siegel acteur George Raft, die in de oorspronkelijke Scarface speelde.

De eerste belangrijke gangsterfilm die bewaard is gebleven is D.W. Griffiths The Musketeers Of Pig Alley uit 1912. Maar velen beschouwen Joseph von Sternbergs Underworld (1927) als de eerste echte gangsterfilm omdat hij een aantal prototypische kenmerken bezit: de beste vriend, het gangsterliefje, de jaloerse gangster en de tragische shoot-out aan het einde. Maar het is pas met de komst van geluid dat de wiseguys beginnen te schitteren in de bioscoop. Plots kunnen toeschouwers stoere dialogen, gierende banden in achtervolgingen en het geratel van machinegeweren horen.

Het gouden tijdperk van de gangsterfilm, de jaren dertig, brengt drie klassiekers voort: Little Caesar, The Public Enemy, Scarface. Ze vertellen het verhaal van gangsters aan het begin van de twintigste eeuw. Italianen, joden en Ieren komen aan in New York en vestigen zich in de Lower East Side. Ze worden gediscrimineerd en om de toekomst van hun kinderen te garanderen zoeken ze hun inkomsten buiten de reguliere maatschappij.

Zo ontstaat het klassieke gangsterverhaal: kleine kruimeldief en zijn beste vriend klimmen pijlsnel op in het maffiamilieu. De baas merkt zijn ambities op en probeert hem uit te roeien, maar dat mislukt en de held neemt wraak door de baas uit te schakelen en zijn plaats in te nemen. De wereld ligt nu aan zijn voeten - wat in Brian De Palma's Scarface uitgebeeld wordt met het motto "the world is yours" - hij heeft het geld, de kleren, de macht, en last but not least het meisje. Maar dat is het begin van het einde.

De drooglegging was een godsgeschenk voor de georganiseerde misdaad. Mensen wilden drinken, dus de maffiosi werden ontvangen als helden. Het publiek adoreerde gangsters alsof ze filmsterren waren. En de gangsters adoreren op hun beurt de acteurs die hen vertolken. Drie acteurs steken er bovenuit: James Cagney als het prototype van de psychopatische moordenaar die iedereen uit de weg ruimt, Edward G. Robinson als de manipulatieve gangsterbaas, en Humphrey Bogart als de introverte speelbal van omstandigheden.

Na de drooglegging werd de gangster minder een romantisch individu en meer een zakenman die met zijn tijd meegaat. Hij schuilt achter een dekmantel van legitieme bedrijven. Las Vegas wordt het decor voor de nieuwe maffioso.

Eind jaren 60 staat een nieuwe generatie regisseurs op: Martin Scorsese, Brian De Palma en Francis Ford Coppola. In 1973 maakt Scorsese Mean Streets. Hij groeide zelf op tussen de bendes in New York, en dat voel je aan de film. Maar pièce de résistance is de Godfather-trilogie van Coppola. De film schetst een romantisch portret van de Corleonefamilie. Het is een episch verhaal over familiebanden, loyaliteit en omerta. Maffiafilms zouden nooit nog hetzelfde zijn.

In de jaren tachtig maakt De Palma een ultragewelddadige remake van Scarface, met Al Pacino als het titelpersonage. Bootlegging wordt vervangen door drugshandel en Chicago door Miami. Scarface wordt een voorbeeld voor wannabegangsters. Twee kruimeldieven uit Gomorra citeren hem geregeld. En ook in The Sopranos wordt naar de film verwezen. Vooral de zeer wrede shootout aan het einde van de film is iconisch geworden. Op dit moment staat alweer een nieuwe remake gepland.

Terwijl je in de jaren dertig een duidelijk onderscheid had tussen de good guys en de bad guys vervaagt de grens tussen beiden met de jaren. Niemand is nog volledig goed of slecht. In Carlito's Way moet advocaat David Kleinfeld, gespeeld door Sean Penn, zogenaamd de wet vertegenwoordigen. Maar dat personage is moreel veel slechter dan Carlito, de gangster.

Eind jaren negentig maakt het publiek kennis met de nieuwe maffiaman. Tony Soprano is de guy next door. Hij kan je schedel inslaan met een baseballbat, maar hij is ook de man die wil dat zijn dochter gaat studeren en die in therapie gaat om van zijn paniekaanvallen af te raken.

In het nieuwe millennium lijkt het spel van de Italiaans-Amerikaanse maffiabazen uitgespeeld. Fernando Meirelles portretteert in zijn energieke film Cidade de deus de straatbendes van Brazilië, in Eastern Promises maken we kennis met de Russische maffia, Takashi Miike toont de Japanse maffia, de Yakuza - sinds de jaren zestig vervingen Japanse regisseurs de Samurai al door Yakuza - en Gomorra is de maffiafilm die de laatste tijd het meeste stof deed opwaaien. In de verste verte zijn geen stijlvolle mannen met dure auto's te zien. De prent speelt zich af in een troosteloos flatgebouw en toont de desastreuze invloed die de maffia op de samenleving heeft. Het rijk van de Italiaanse dons is dus definitief uit.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234