Dinsdag 22/10/2019

Interview

‘De maatschappij maakt ons wijs dat je niet oké bent zodra er een L voor je kledingmaat staat’

Jitske Van de Veire: ‘Ik heb al vier jaar niet meer op een weegschaal gestaan, ik werd er zo ongelukkig van.’ Beeld Johan Jacobs

Niets krijgt zo vaak het label ‘perfect’ opgeplakt als het vrouwenlichaam. En toch moeten we de eerste vrouw die haar eigen lichaam perfect vindt, nog tegenkomen. Deze week hebben drie vrouwen het over hun vermeende imperfecties, het mysterie van het zwarte haar en bevallen op handen en knieën. ‘Het is de schuld van de maatschappij: die maakt ons wijs dat je niet meer oké bent zodra er een L of een 4 voor je kledingmaat staat.’


Lees ook het eerste deel uit deze reeks met Lize Feryn, Evi Hanssen en Lieve Blancquaert.

Jitske Van de Veire: ‘Ik heb al vier jaar niet meer op een weegschaal gestaan’

Jitske Van de Veire (26) – dochter van radiomaker Peter Van de Veire, maar vooral ook eigenares van haar eigen kapsalon – was de perfecte lijven op Instagram beu. Dus deed ze wat kledingstukken uit en toonde iedereen hoe een echt lichaam eruitziet, inclusief ‘appelsienbillen, vetjes en hangtieten.’

Er was een tijd dat je iedereen op Instagram door een ringetje kon halen. Intussen gaat het de andere kant op. Jij bent goed op weg het boegbeeld van die tegenbeweging te worden.

Van de Veire: “Iedereen heeft onzekerheden, maar op sociale media worden die vaak verstopt onder filters en een dikke laag perfectie. Door zelf heel eerlijk te zijn – ‘Hallo, dit ben ik: ik heb ook een buikje en cellulitis’ – voelen mensen zich misschien minder raar en gaan ze zichzelf wat liever zien.”

Zie jij jezelf graag?

Van de Veire: “Het ene moment lukt het beter dan het andere. Er is een tijd geweest dat ik mezelf echt niet graag zag. Ik zal nooit vergeten dat ik in Joepie las dat Paris Hilton 2 kilo was bijgekomen. Opeens had ze – de horror! – een buikje. Meer dan een schaduw was er niet te zien. Als 15-jarige met een écht buikje lees je dat en denk je: shit, dan ben ik abnormaal. Ik werd daar ongelofelijk onzeker van.”

“En dan mocht ik nog van geluk spreken: de 15-jarigen van vandaag zitten op Instagram en volgen de meiden van ‘Pink Ambition’. Die zijn allemaal perfect! Niet dat ik iets tegen perfectie heb – mij zul je niet horen zeggen dat magere meisjes niet oké zijn – maar dat soort perfectie is niet iedereen gegund.”

“Mensen vragen me soms of ik dan tegen sporten ben. Helemaal niet! Ik sta ook drie keer per week af te zien met mijn personal trainer. Maar ik doe het niet omdat ik mager wil zijn. Ik heb sport nodig om mijn hoofd leeg te maken, om even niet met die gsm bezig te zijn. Ik heb geen streefgewicht waar ik naartoe wil. Integendeel: ik heb al vier jaar niet meer op een weegschaal gestaan. Ik doe het niet meer. Ik werd er zo ongelukkig van.”

“Ik ben in mijn puberteit in korte tijd erg veranderd. Opeens waren die borsten er. Daar kon ik nog wel mee leven: ik had lange tijd weinig en opeens had ik keiveel. Lekker al mijn vriendinnen voorbijgestoken. (lacht) Maar opeens had ik ook een buikje en billen. Die vond ik minder leuk. Toen begon het uitgaan en het feesten, en opeens was er twintig kilo méér Jitske. Het maakte me vreselijk onzeker. Daarna kwam Instagram opzetten en was het hek helemaal van de dam.”

“Rond mijn 21ste was ik zo ongelukkig met mijn lichaam dat ik niet meer in de spiegel wilde kijken. De onzekerheid verlamde me. Shoppen vond ik verschrikkelijk. Ik liep verloren in mijn eigen lichaam. Het is de schuld van de maatschappij, die ons wijsmaakt dat je niet meer oké bent zodra er een L of een 4 voor je kledingmaat staat.”

Bij je foto’s plaats je opmerkingen van anderen over je lijf die zijn blijven nazinderen.

Van de Veire: “Mensen kunnen hard zijn voor elkaar. Zoals die keer toen iemand zei dat ik ‘appelsienbillen’ had. Of dan ben je wat vermagerd en zeggen ze: ‘Amai, vorig jaar stond je nog wat vetter.’ En dat zijn dan vrienden, hè. Mensen staan niet stil bij hoe venijnig dat is. Dat is ook een deel van mijn boodschap: wees lief voor elkaar.”

Hoe evolueer je van niet in de spiegel willen kijken, tot halfnaakt op Instagram staan?

Van de Veire (lacht): “Iedereen vraagt me hoe ik dat doe. Op de allereerste foto die ik postte in mijn ondergoed, zag je een beetje buik. Daarna postte ik een spiegelselfie van mijn cellulitis. Ik had vreselijke stress, maar toch wilde ik het per se doen. Op die eerste foto’s kreeg ik 99 likes; nu zijn het er soms 4.000.”

Je krijgt ook weleens negatieve reacties te slikken.

Van de Veire: “Sociale media zijn nu eenmaal een shit show. Bij één foto schreef een kerel: ‘Nog maar 24 en nu al hangtieten. Je kunt er iemand mee doodmeppen.’ Op mijn 15de vertelde een jongen me dat je van hangtieten mag spreken als je een potlood onder je borsten kunt stoppen zonder dat het valt. Ik ben dat thuis meteen gaan uittesten en natuurlijk bleef dat ding steken. Ik heb vrij zware borsten, dus het is normaal dat die wat gaan hangen. Dat heet ‘zwaartekracht’. Ik heb het onlangs nog een keer geprobeerd: de hele shampoofles kan er intussen onder. (lacht) Maar nu boeit het me niet meer. Door bewust met mijn lichaam bezig te zijn, ben ik er veel rustiger in geworden. Ik ben blij met mijn borsten. De welving ernaartoe vind ik zelfs één van de mooiste plekjes van mijn lichaam. Net een springschans.”

Geeft het je rust om samen te zijn met een vrouw? Ze weet wellicht beter waar de gevoeligheden van een vrouwenlichaam liggen.

Van de Veire: “Ja, maar toch... Mijn lief heeft een heel schoon lichaam: platte buik, pronte borsten, een thigh gap...”

Een wát?

Van de Veire: (lacht) “Thigh gap. Dat je dijen zo smal zijn dat je ertussendoor kunt kijken wanneer je met je knieën tegen elkaar staat.”

“Dan lig je in bed naast dat perfecte lichaam en denk je: ‘That could be me.’ Als lesbienne heb je meer om te vergelijken dan wanneer je naast een man in bed ligt. Maar mijn lief heeft me gerustgesteld: ‘Jitske, je bent mooi en ik zie je graag.’”

We geloven graag dat het mannen zijn, die vrouwen opleggen hoe ze eruit horen te zien. Maar doen lesbiennes dat ook met elkaar?

Van de Veire: “Dat valt goed mee. We hebben allemaal borsten, dus niemand zal snel over hangtieten beginnen.”

“Maar dat betekent niet dat vrouwen niet hard kunnen zijn voor elkaar. Ik heb al veel kwade reacties van vrouwen gekregen. Dat ik maar beter wat kan vermageren. Of dat ik alleen maar aandacht zoek door in mijn blootje te gaan staan.”

Piercings en tattoos zijn overduidelijk aanwezig op je lijf.

Van de Veire: “Niet allemaal zichtbaar: ik heb ook een piercing door mijn tepel. Die heb ik ooit laten schieten in een louche piercingshop in Boedapest. Mijn tatoeages vallen intussen bijna niet meer te tellen. Mijn esthetiek is: wandelend schetsboek. Mijn huid is van mij en ik kan ermee doen wat ik wil, dat vind ik een fijne gedachte.”

Draag je goed zorg voor je lichaam?

Van de Veire: “Vroeger werd ik al overvallen door een schuldgevoel na één hap pizza, maar dat heb ik nu niet meer. Als ik zin heb in een stuk chocolade of een zak chips, dan doe ik dat gewoon. En als ik een keer te veel drink, heb ik een kater. Dat is dan maar zo. Ik ga echt geen week detoxen met grassapjes om de alcohol uit mijn lijf te krijgen.”

“Ik smeer heel graag crèmes. Ik doe dat al sinds mijn 13de, toen ik de puistjes probeerde te bestrijden met Clearasil. Niet dat het hielp, maar ik vind het leuk om mezelf in de watten te leggen. Ik móét mezelf ook verzorgen, want ik sta godganse dagen tussen de spiegels. Op dagen als vandaag – mijn haar neigt naar een pluizenbol – is dat vervelend.”

Heeft kapper zijn je anders naar lichamen doen kijken?

Van de Veire: “Het lijkt een oppervlakkig beroep, maar het heeft me wel bewuster gemaakt van andermans onzekerheden. Vooral bij mannen. Vroeger dacht ik dat zij geen last hadden van complexen, maar nu krijg ik geregeld mannen in mijn stoel die zich schamen over hun neus of hun oren. Meestal heb ik dat dan niet eens opgemerkt. Die kennis heeft me ook rustiger gemaakt. Nu maak ik me niet meer druk, als ik een dikke puist op mijn voorhoofd heb. Nobody cares, niemand ziet dat. We zijn zo hard bezig met wat anderen over ons denken, maar eigenlijk denken die anderen vooral aan zichzelf.”

Welk deel van je lijf zul je nooit op Instagram zetten?

Van de Veire: “Ik heb niks met lichaamsbeharing op Instagram – ik heb sowieso niet veel haar op mijn lichaam. Tegenwoordig zie je wel vaker behaarde oksels online, met als statement: niks mis met haar op een vrouwenlijf. Dat is helemaal oké, maar niks voor mij. Ik sta hier elke dag met mijn armen in de lucht mensen hun kapsel te drogen.” (lacht)

“Voor de rest zou ik ook mijn blote tepels niet zomaar online zetten. Nu zie je ze wel, maar zitten ze nog achter een doorschijnend stukje stof. Frontaal naakt is toch nog iets anders. Mijn vagijn is ook van mij – daar hoeft verder niemand iets over te weten.”

Assita Kanko: ‘Ik ben blij dat ik zonder Instagram ben opgegroeid: ik zou vandaag niet graag een tienermeisje zijn.’ Beeld Johan Jacobs

Assita Kanko: ‘Ik zal nooit weten hoe mijn lichaam had gevoeld als die verminking niet was gebeurd’

Een tip voor de lobbyisten in het Europees Parlement: als je Assita Kanko (39), EU-parlementslid voor de N-VA, wilt paaien, kun je maar beter je aandacht op haar voeten richten.

Assita Kanko: “Het is waar: ik hou enorm van voetmassages. Ik krijg geregeld een bon voor een pedicure cadeau van mijn familie. Wie mijn voeten masseert, krijgt véél van mij gedaan.” (lacht)

Zijn er nog andere manieren waarop je je lichaam verwent?

Kanko: “Elke dag, na het douchen, smeer ik me van kop tot teen in met olie. Dat is een Afrikaanse traditie. In Burkina Faso smeerde mijn moeder geregeld alle zes de kinderen in met karitéboter. Het is niet alleen heerlijk voor je huid, het houdt je ook soepel, omdat je je in allerlei bochten moet wringen om elk puntje van je lichaam aan te raken. Alsof je jezelf een knuffel geeft, zo voelt het.”

Besteed je ook zoveel dagelijkse aandacht aan je haar?

Kanko: “Ik doe mijn haar niet zelf, ik vind het een irritante bezigheid. Vroeger ging ik zelfs twee tot drie keer per week naar de kapper. Mijn kapster weet dat ik liever niet praat terwijl ze met mijn haar bezig is. Ik wil dan vooral genieten van het hele proces. Ooit heb ik een babbelende kapper gehad: vreselijk!”

“In Burkina Faso ga je niet op een stoel zitten om je haar te laten doen. Je legt je neer met je hoofd in de schoot van je moeder of een andere vrouw. Het is een moment van liefde geven. En intussen praat je met elkaar over intieme vrouwenzaken, die je niet bespreekt als de mannen erbij zijn. Soms duurt het uren, zeker als je fijne vlechtjes laat leggen.”

Is jouw haar dan ingevlochten?

Kanko: (vinnig) “Dat ga ik je niet vertellen. En ik zal je een tip geven: vraag nooit aan een zwarte vrouw hoe ze haar haar doet. Of toch niet als je geen ruzie wilt. (lacht) Ik vraag jou toch ook niet of je schaamhaar blond is? Voor mij komt dat op hetzelfde neer. Zwarte vrouwen beschouwen het als een deel van hun intimiteit. Ook onderling praten ze er zelden over. Het ligt te gevoelig.”

Wat een vreemde omerta.

Kanko: “Noem het eerder een mysterie. Een beetje mysterie is altijd mooi, over welk lichaamsdeel dan ook.”

“Je moet ook begrijpen: veel zwarte vrouwen hebben een haat-liefdeverhouding met hun haar. Vraag het aan Michelle Obama of aan een boerin in Burkina Faso, ze zullen je hetzelfde zeggen: haar is dé moeilijkheid in het leven van een zwarte vrouw.”

Hoe tevreden ben jij over je lichaam?

Kanko: “Moeilijke vraag. Ik heb me nooit vragen gesteld over mijn lichaam, tot ik op mijn 27ste een kind kreeg. Toen pas besefte ik dat ik altijd, gratis en voor niks, een mooi lichaam had gehad. Ik had nooit moeite moeten doen voor mijn maatje 36 en mijn mooie taille, tot ik plots moest vechten voor een platte buik. Ik heb moeten leren dankbaar te zijn voor mijn lichaam. Ik zie mezelf nog onder de douche staan en tegen m’n niet meer zo platte buik zeggen: ‘Dank je wel dat je me geholpen hebt om een kind te krijgen.’”

“Ik ben ook dankbaar dat ik vrij ben om van mijn lichaam te genieten, zonder dat ik het moet verstoppen. Niet elke vrouw heeft dat geluk.”

Moest je je lichaam verstoppen in Burkina Faso?

Kanko: “Alleen bij mijn grootouders moesten de meisjes een hoofddoek dragen, maar na een tijd ging ik er niet meer op bezoek en daarmee was het klaar.”

“Het was niet zozeer dat ik vroeger mijn lichaam verstopte, ik was er gewoon niet mee bezig. Ik heb lange tijd liever gefocust op mijn brein.”

Kwam dat door de genitale verminking die je als 5-jarig meisje is aangedaan?

Kanko “Dat kan, ja. Maar ik heb spontaan gekozen om er geen determinerend element van te maken. In plaats daarvan redeneerde ik: ‘Ik ga me focussen op mijn hoofd en studeren. Dan maakt het niet meer uit wat voor lichaam ik heb.’”

“Toen die verminking me op mijn 5de overkwam, had ik het gevoel dat mijn lijf onteigend was. Ik ben zo blij dat het nu niet meer zo voelt. Ik weet nog dat ik in Brussel naar mijn eerste job moest en ik speciaal daarvoor een beige rok was gaan kopen in de H&M. Op kantoor zei iedereen: ‘Wat een mooie outfit!’ Ik schrok daar zo van. Toen had ik nog niet het gevoel dat mijn lichaam van mij was. Nu wel. Lichaam en brein zijn weer samengevallen, zeg maar. Dat moment is er gekomen toen ik moeder werd en ik mezelf beter leerde kennen.”

Een jaar geleden ging je langs bij de Franse dokter Pierre Foldès, die zich gespecialiseerd heeft in hersteloperaties bij genitaal verminkte vrouwen.

Kanko: “Ieder levend wezen, van mens tot kat, heeft de reflex zich terug te trekken als hij wordt aangevallen. Een kind dat wordt verminkt, verzet zich en beweegt. Daarom zijn de littekens altijd uniek. De clitoris is de meest gevoelige plek van het vrouwenlichaam. Als die agressie voelt, dan trekt die zich ook terug. Door de genezing vormt zich nadien een litteken, waarachter de clitoris begraven zit. Wat dokter Foldès doet – en ik vond het heel mooi dat hij het zo formuleerde – is de clitoris bevrijden, door het littekenweefsel weg te werken.”

Voorlopig zie je zo’n operatie nog niet zitten.

Kanko: “Ik heb het nog niet gedaan, omdat ik bang ben – zo simpel is het. Het is de plek op mijn lichaam waar ik het meest bedrogen werd, dus daar laat ik niet zomaar aankomen. Het heeft geen zin dingen te doen zolang je je er niet klaar voor voelt. Gun jezelf een beetje rust, denk ik dan.”

“Ik zal nooit weten hoe mijn lichaam had gevoeld, als de verminking niet was gebeurd. Soms vraag ik het me wel af: had ik zonder die verminking dezelfde dingen gedaan? Of was ik dan een totaal ander mens geworden? Wat mis ik? Ik zal het nooit weten. Ik weet alleen dat het me heeft geleerd heel erg in het heden te leven en ten volle te genieten. Ik steek niet zomaar, zonder nadenken, een mandarijntje in mijn mond, vlak voor ik ’s ochtends de deur uitren. Ik probeer bij elk partje stil te staan bij waar het vandaan komt en hoe het smaakt. Dat heb ik geleerd uit een boek van een Frans-Vietnamese monnik. Met mijn lichaam doe ik hetzelfde: ik probeer zo gelukkig mogelijk te zijn met het lichaam dat ik heb.”

Beeld Johan Jacobs

Heleen Debruyne: ‘Ik ben niet van plan om voor een epidurale te gaan’

Het lijf van Heleen Debruyne (30) bevindt zich overduidelijk in gezegende toestand. Haar buik is kogelrond en haar navel puilt al een beetje uit, alsof iemand zich via die weg naar buiten probeert te wurmen. Hoe gaat een zwangere vrouw om met dat veranderende lichaam?

We wagen een gokje, Heleen: een kind baren was niet je ultieme meisjesdroom.

Heleen Debruyne: “Nee. Ik heb zelfs nooit met poppen gespeeld en heb altijd een hekel gehad aan babysitten. Wat er dan gebeurd is? Tja, ik ben voor het eerst iemand tegengekomen met wie ik oprecht zin had om een kind te maken. Er is zelfs niet lang over nagedacht. We waren pas een maand of acht samen toen ik zwanger werd. Voor mij was dat de beste manier. Als ‘De Vraag’ zich pas na vijf jaar had opgeworpen, dan was ik alles te veel gaan overdenken en had ik allerlei filosofische bezwaren gemaakt.”

En, hoe valt het mee?

Debruyne: “De eerste drie maanden waren een hel. Ochtendmisselijkheid is een misleidende term. Als het zich had beperkt tot een ochtendlijke kotsbeurt, dan was het nog te doen. Maar het gevoel van onbehagen bleef de hele dag sluimeren. Te veel eten maakte me misselijk, te weinig ook. Ik snap niet hoe ik ben blijven functioneren.”

Wat heeft zwanger zijn je al geleerd over je lichaam?

Debruyne: “Dat het best goed werkt: mijn lichaam doet wat het moet doen. Toch is zwanger zijn fysiek best lastig. Ik ben extreem moe en heb nu al pijn in mijn bekken. Op de werkvloer heb ik er zwangere collega’s zelden over horen klagen, misschien uit angst om voor zeur te worden versleten. Je hoort niet vaak dat het negen behoorlijk zware maanden zijn, en iedereen blijft gewoon doorwerken. We doen graag alsof dat allemaal maar normaal is. Misschien omdat we bang zijn dat het de emancipatie anders gaat remmen?”

“Als zwangere vrouw raak je jezelf een beetje kwijt. Er zit een vreemd lichaam in mij, dat ook aan het bewegen is – op dit eigenste moment, zelfs. Dat lichaampje is nog geen individu, maar wordt het straks wel. Een vreemde toestand.”

“Wat ook vreemd is: ons enige vertrouwde beeld van barende vrouwen, is dat vanop tv. Een vrouw wordt overvallen door gruwelijke pijnen en gaat dan in een ziekenhuisbed liggen om te baren. Maar dat beeld spoort niet. Ik ben erover gaan lezen: op handen en knieën gaan zitten blijkt de beste houding te zijn om te baren, omdat de zwaartekracht dan meewerkt. Gehurkt kan ook, maar zeker niet liggend.”

Jou krijgen ze dus niet in een bed.

Debruyne: “Dat is het voornemen. Liefst wil ik ook thuis bevallen, maar als het moet, dan ga ik natuurlijk naar het ziekenhuis. Ik ben niet zo’n gek die vindt dat we allemaal maar in de bossen moeten bevallen. Ik ben niet tégen de medicalisering. Het is goed dat er ingrepen bestaan die levens redden, alleen zijn die niet altijd nodig.”

Heb je het over de knip?

Debruyne: “In andere landen, waar de kindersterfte even laag is, wordt veel minder geknipt. Hier is het kennelijk een gewoonte. Dat is allemaal goed en wel, maar het gaat wel over mijn kut. Ik zou liever hebben dat de dokters daar hun gewoontes niet op botvieren. Ik zou zelfs liever scheuren dan te worden geknipt. Dat herstelt makkelijker, heb ik gelezen.”

“Ik ben ook niet van plan meteen voor een epidurale verdoving te gaan. Er wordt vrouwen veel angst aangepraat. Natuurlijk zal het pijn doen en iedereen beslist zelf of je die wilt verdragen of niet, maar het is niet goed om op voorhand al te denken: ik ga het niet kunnen. Ik wil het moment zelf afwachten. Plus: die verdoving maakt het persen er niet makkelijker op.”

Ik weet niet hoe het bij jou zit, maar ik heb me nooit vrouwelijker gevoeld dan tijdens die negen maanden.

Debruyne: “Snap ik. Misschien komt dat door de zichtbaarheid: je kunt er niet naast kijken, hè. Met die buik zie ik er zo vruchtbaar uit. En het verschil met mannen wordt nu wel heel duidelijk.”

Plots zit je als vrouw in een soort machtspositie.

Debruyne: “Sommige antropologen zeggen dat de vrouwelijke mogelijkheid tot baren de reden is waarom ze altijd zo onderdrukt zijn: dat vrouwen mensen kunnen voortbrengen, maakte mannen bang. Vrouwen zijn zelfs in staat mannen voort te brengen. Niet dat ik me nu plots enorm machtig voel, maar mensen gaan wel voor me rechtstaan in de tram. Ook best prettig.” (lacht)

Breng jij straks een man voort?

Debruyne: “Het is een jongen, ja. Er zit dus op dit moment een piemel in mij. Zo bizar.”

Mis je je oude lichaam?

Debruyne: “Nee. Ik mis alleen driekwart van mijn kleerkast, maar dat is niet zo erg. Ik vind het net interessant om te zien hoe mijn lichaam verandert. Al ben ik wel bang voor wat erna volgt, dat de dingen niet meer zo goed zullen werken. Denk maar aan uitgerekte buikspieren, incontinentie, en al die dingen waar niemand ooit over praat, maar waar veel vrouwen last van hebben. Daar heb ik uiteraard ook al uitvoerig over gelezen, dus ben ik al flink mijn bekkenbodemspieren aan het trainen.”

Ben je ook bang dat de seks anders zal zijn na de bevalling?

Debruyne: “Niet echt. Gelukkig bestaat er meer dan alleen penetratie. Dat de zin in seks tijdens een zwangerschap blijft en niet vermindert, vind ik ook best mysterieus. Puur biologisch zou een lichaam kunnen zeggen: ‘Ik ben nu al bevrucht, dus het hoeft even niet meer.’ Maar dat is niet zo. Integendeel: tijdens de misselijkheid was dat het enige dat nog wat soelaas bood.”

“Sommige mannen gruwen van het idee dat er door die vagina een kinderhoofd is gepasseerd en kunnen daardoor nog moeilijk het seksuele in hun partner zien. Maar ik heb er vertrouwen in dat hij straks niet gillend wegloopt, nadat hij gezien heeft dat er uit die kut kinderen komen. Wat een rare gedachte, ook. Op de één of andere manier zijn we baren en seksualiteit los van elkaar gaan zien. Terwijl het ene het gevolg is van het andere.”

Even iets helemaal anders: jij liet een tijd geleden je haren kortwieken.

Debruyne: “Ik was dat lange haar gewoon beu. Vervelend waren vooral de geschrokken reacties. Onbekende mannen stuurden me plots Facebook-berichten: ‘Oei, toch zonde!’ Voordien werd ik vaak nagefloten op straat, maar sinds mijn korte coupe: niks meer. Ga maar na hoe oppervlakkig de ideaalbeelden van die fluiters zijn: zolang het lang haar heeft, is het vrouwelijk en aantrekkelijk, anders niet. Nu, niet dat ik het leuk vond om nagefloten te worden.”

Ben je tevreden met hoe je eruitziet?

Debruyne: “Op sommige dagen ben ik er best blij mee, op andere vind ik het allemaal een beetje raar bij elkaar gegooid. Daar sta ik dan liever niet te lang bij stil. Ik kijk weinig in de spiegel, sta niet graag op de foto en kijk ook niet naar opnames van mezelf. Ik doe ook weinig make-up op, omdat ik dan misschien teleurgesteld zou zijn over wat ik ’s avonds in de spiegel zie, wanneer ik die laag er weer moet afhalen. Het contrast mag niet te groot zijn.”

“Vroeger, als tiener, ben ik wel even niet zo tevreden geweest over mijn lijf. Dat vind ik nu wel straf, want ik ben al bij al behoorlijk ‘normaal’ gebouwd. Ik ben opgegroeid in een tijd zonder Instagram, dus dat kon niet de oorzaak zijn. Kennelijk werd meisjes toen ook al aangeleerd: dit is de norm en jij wijkt ervan af. Intussen ben ik daar allang over, maar ik denk soms wel: ik zou vandaag niet graag een tienermeisjes zijn.”

“Ik geloof niet dat er de voorbije 10 jaar veel veranderd is aan hoe vrouwen naar hun lichaam kijken, behalve dan dat er nog méér plaatjes van vrouwenlichamen passeren. Het enige wat wél is veranderd, is dat mannen er nu óók meer last van hebben dan vroeger. Dat is niet hoe ik me de emancipatie had voorgesteld. (lacht) Maar het valt nog altijd beter mee voor mannen dan voor vrouwen. Toen ik te horen kreeg dat het een jongen is, dacht ik even: oef, misschien zal hij minder last hebben van alle shit en normen over uiterlijk.”

© HUMO

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234