Donderdag 17/10/2019

De lijstjes!

Ze zijn er weer, de eindejaarslijstjes van onze recensenten. Door de enen gewaardeerd, door de anderen verguisd, maar door iedereen gelezen.

Fred Braeckman

l Harlan Coben, De onschuldigen (De Boekerij). Knap geplotte thriller, uitstekend verteld.

l Paul Jaskunas, Verscholen (Cargo/De Bezige Bij). Opmerkelijk debuut en een bijzonder ongewone thriller.

l Arnaldur Indridason, Engelenstem (Signature). Gevoelige misdaadroman van de man die IJsland op de literaire misdaadkaart heeft gezet.

Geert Buelens

l Kees Ouwens, Ben jij het, ik? (Meulenhoff).

l Deel 1 van de verzamelde Emily Dickinson (Van Oorschot).

Poëzie is vaak het aangrijpendst wanneer ze de grenzen van het zegbare aftast. Dat deden Ouwens en Dickinson, elk op hun manier. Grootse gedichten over wezenlijke dingen.

Bert Bultinck

l Jonathan Safran Foer, Extreem luid & ongelofelijk dichtbij (Ambo/ Anthos). De intelligente, gedurfde en aangrijpende Catcher in the Rye van het post-9/11-tijdperk.

l Alan Hollinghurst, De schoonheidslijn (Prometheus). De Thatcher-jaren als excuus voor nog maar eens boek over de neer- en opgaande liefde, alsof we er nooit genoeg van krijgen.

l E.L. Doctorow, Verhalen van een beter land (De Bezige Bij). Briljante, meedogenloze verhalen vol mededogen.

l Ook nog zeer goed: Salman Rushdie, Shalimar de clown (Contact); Bohumil Hrabal, Harlekijntjes miljoenen (Prometheus); Bret Easton Ellis, Lunar Park (Anthos); J.M. Coetzee, Langzame man (Cossee); Norbert Gstrein, Een wrede zomer (Cossee); Dave Eggers (ed.), The best of Mc Sweeney's Vol. 1 en Julian Barnes, De citroentafel (Atlas).

Pascal Cornet

l Een van de boeken die ik het afgelopen jaar uit de ramsjbrand heb proberen te redden omdat ze een waardiger lot verdienen, was Het verkoolde alfabet (De Arbeiderspers) van Paul de Wispelaere, nog steeds een van de best geslaagde autobiografische geschriften in ons taalgebied.

l Een jaar voor kraai spelen op boekenbegraafplaatsen leverde gelukkig ook ontdekkingen op. Oscar van den Boogaards Een bed vol schuim (De Arbeiderspers) vond ik heel overtuigend.

l Van Guus Middag kocht ik in de solden van de ramsj voor 1 euro het bijzonder geestige kinderboek Ik maak nooit iets mee en andere verhalen (De Bezige Bij).

Paul Demets

Drie springlevende doden.

l Gaston Burssens schreef woordspelige poëzie met een maatschappelijke onderlaag. Hij was een non-conformist en een cynicus. Een buitenstaander die daardoor een prachtig overzicht had. De verzamelde gedichten Alles is mogelijk in een gedicht (Meulenhoff/Manteau) bewijzen dat.

l Hugues Pernath had een masker nodig om zijn ware ik te laten zien. Pernath leed aan steeds toenemende doofheid. In zijn gedichten gaat het wel vaker over communicatieproblemen, zoals in 'De tien gedichten van de eenzaamheid'. Lees zijn nauw luisterende Verzamelde gedichten (Lannoo/Atlas).

l Met Kees Ouwens verdween de lichtdrager uit onze poëzie. Hij was de verliezer op zoek naar de lichtbron. Ook in zijn laatste, postume bundel, Ben jij het, ik? (Meulenhoff), die hij afwerkte toen hij al ernstig ziek was, spaart de dichter zichzelf helemaal niet.

Patrick De Rynck

l Van Dale XIV, natuurlijk (Van Dale Lexicografie). Volgehouden genot van aagtappel tot zwoelplakker. Mijn persoonlijke collectie bevat intussen vier edities. Ik heb nog zo'n zes keer de Dikke te gaan, gemiddeldeleeftijdgewijs.

l Paul Claes, De gouden lier (Athenaeum-Polak & Van Gennep). Grootmeesterlijk vertaal- en commentaarwerk, mét het Grieks erbij, een zeldzaamheid in de lage landen. Goudzoekerspoëzie, met tussen het stof pareltjes. Jeugdsentiment ook, uit de tijd dat een zonderlinge leraar Grieks met een gedicht van Mimnermos over de oude dag je toekomst kon bepalen. O zinvolle nutteloosheid in ons onderwijs, mi lanct na di.

l Marc Van den Bossche, Wielrennen (Lemniscaat). Of hoe we door voor ons lijf te zorgen aan levenskunst doen en de oude Grieken achterna rennen (en fietsen). Een filosoof met body. Geluk is dopamine en serotonine.

Bernard Dewulf

l Patricia de Martelaere, Het onverwachte antwoord (Meulenhoff). Een zinnelijk en zinnig boek over de onoplosbaarheid van de liefde. En de kracht van genade én ongenade.

l Thierry De Cordier, Dessins / Drawings (Centre Pompidou). Het is ook mogelijk tekeningen te lezen. In niets heb ik het afgelopen jaar langer gelezen. Bladzijden vol eeuwige sneeuw.

l Leonard Nolens, Een dichter in Antwerpen en andere gedichten (Querido). Omdat dit grote poëzie is en blijft.

Jos Geysels

l 2005 was een heerlijk boekenjaar, zeker wat fictie betreft. Ik denk aan James Meek, Uit liefde van het volk (De Arbeiderspers); Zadie Smith, Over schoonheid (Prometheus); Stefan Brijs, De engelenmaker (Atlas).

l Topauteurs als Brett Easton Ellis, Lunar Park (Anthos) en J.M. Coetzee, Langzame man (Cossee) ontgoochelden niet. Michel Houellebecq, De mogelijkheid van een eiland (De Arbeiderspers) wel.

Wil Hansen

l Boeken die je nooit zult kunnen lezen omdat ze verloren zijn gegaan, hoewel je weet dat ze hebben bestaan - en daar dan weer een boek over schrijven: The Book of Lost Books van Stuart Kelly, een intelligente en humoristische en daarom ook troostende studie (Penguin/Viking).

l Lev Tolstoj schreef Oorlog en vrede, een van de grote klassieke boeken uit de wereldliteratuur. Er blijkt een kortere oerversie van te bestaan (met een verrassend ander einde), die dit jaar voor het eerst in Nederlandse vertaling is verschenen (Ambo), overigens nog altijd een dikke pil van negenhonderd pagina's. Vergis ik me of vind ik deze eerste versie beter dan de latere?

l Van de mij tot nu toe volslagen onbekende Ierse schrijver Colm Tóibín las ik The Master, een prachtige roman die vier eenzame jaren beschrijft uit het leven van Henry James (Picador, en inmiddels ook in Nederlandse vertaling verschenen bij De Geus).

l En op de uiterste rand van het jaar, net verschenen: het eerste deel van de vertaling van alle gedichten van Emily Dickinson (Van Oorschot).

Steven Heene

l Als liefhebber van non-fictie mocht ik in hoge mate genieten van Party tijdens de blitz van Nobelprijswinnaar Elias Canetti (De Arbeiderspers). Zijn driedelige autobiografie 'De behouden tong', 'Fakkel in het oor' en 'Het ogenspel' is het mooiste verslag van een mensenleven dat ik al heb gelezen. Meesterlijk proza.

l Veruit de beste roman op mijn boekentafel het voorbije jaar: Underground van Vladimir Makanin, vertaald in 1999 (De Arbeiderspers), maar ik heb deze meedogenloze Rus pas onlangs ontdekt.

l Van eenzelfde verslavende weemoed zijn de verhalen van Vladimir Nabokov, in 2003 verzameld onder de titel Een Russische schoonheid (De Bezige Bij).

Bart Holsters

l In een matig misdaadjaar was er toch een hoogvlieger: Martin Cruz-Smiths Wolf eet hond (Ambo/Anthos). Cruz-Smith zal het succes van Gorki Park waarschijnlijk nooit evenaren, maar dat belet hem niet om schitterende boeken te schrijven.

l Neem een portie Charles Dickens en een scheut Victor Hugo, doe er een mespuntje Borges bij, een flinke schep Doyle en een royale portie Cervantes, breng op smaak met Poe, voeg twee scheuten Dumas toe en laat goed roeren door het Spook van de Opera. Het resultaat zou onverteerbaar moeten zijn, maar in de handen van Carlos Ruiz Zafón wordt De schaduw van de wind (Signature) puur plezier, een spannend, magisch verhaal in een mysterieus Barcelona, gesitueerd in de nadagen van het Franco-regime.

l Een must voor de rechtgeaarde Sherlock Holmes-fan: The New Annotated Sherlock Holmes: The Novels. Vol. 3 (WW Norton & Co Ltd). Een prachtig uitgegeven boekwerk met de vier grote romans van Conan Doyle: A Study in Scarlet, The Sign of Four, The Hound of the Baskervilles en The Valley of Fear. Allemaal rijk voorzien van de oorspronkelijke illustraties, foto's uit Doyles tijd en meer dan 1.000 notities van de hand van Doyle- biograaf Leslie S. Klinger.

Dirk Leyman

l In de Franse letteren vielen er heel wat krenten te rapen. Ik heb zeer genoten van Een Frans leven van Jean-Paul Dubois (De Arbeiderspers), een zwierig vertelde roman over de herinneringen van de fotograaf Paul Blick, waarin de Franse geschiedenis sinds 1958 haar mondje meespreekt. Een leven op het scherp van de snee in een melancholieke maar tegelijk luchthartige verpakking. De geliefden Annie Ernaux en Marc Marie lieten ons diep in de ziel van hun erotisch verkeer kijken in het intelligente en vaak pakkende egodocument L'Usage de la photo (Gallimard). Jean-Philippe Toussaint schreef met Fuir (Editions de Minuit) een uitgekiend vervolg op Faire l'amour.

l De Nederlandse literatuur telde (te) weinig wow!-boeken dit jaar. Tommy Wieringa zette de borst vooruit met Joe Speedboot (De Bezige Bij), een tragikomische schelmenroman vol branie en taalvernuft. Stefan Brijs imponeerde als volleerd verteller die alle touwtjes strak in handen houdt met de bizarre dorpssaga annex kloonroman De engelenmaker (Atlas).

l Het non-fictieboek dat ik koester als een goudklompje is So Many Books van de Mexicaan Gabriel Zaid (Sort of Books/Penguin), een verfrissende rêverie over het belang van boeken en de mondiale leescultuur.

Annemie Leysen

l Toon Tellegen, Pikkuhenki, met illustraties van Marit Törnqvist (Querido). Een prachtig multimediaal project, met een intrigerend, bizar en 'grimmig' sprookje in onvervalste Tellegen-stijl, indrukwekkend en tijdloos geïllustreerd én met een bijzondere muzikale interpretatie van Klaas ten Holt. Een verademend alternatief voor de oprukkende digitale wansmaak.

l Gerda Dendooven, Soepkinders (Querido). Niet echt een rozig, wollig 'Tiny-kinderboekje', maar een fascinerend, eigenzinnig en verfrissend sprookje over twee kleine meisjes, naïef op zoek naar een knuffelende, verhalenvertellende moeder. Gerda Dendooven zet hier in woord en beeld de wereld op zijn kop. Of toch niet?

l Geert De Kockere, Dulle Griet, met illustraties van Carll Cneut (De Eenhoorn). Een magistraal, overvol boek met een heel eigen apocalyptisch geïllustreerde interpretatie van een woest Breugel-verhaal over oorlog, hel, razernij en gekte. Cneut lichtte Dulle Griet uit het doek en gaf haar een nieuw en eigentijds leven mee.

l Floortje Zwigtman, Schijnbewegingen (De Fontein). Met verve de mythe van een tijd doorprikt. Een overtuigende en boeiende roman over de purperen hofhouding van Oscar Wilde.

Ann Meskens

l Peter Watson, Grondleggers van de moderne wereld (Spectrum/Manteau). Een betaalbare paperbackuitgave van een sprankelende geschiedschrijving van vorige eeuw. Watson vertelt meeslepend over leven en werk van honderden relevante personen uit diverse disciplines.

l Rüdiger Safranski, Nietzsche (Olympus). Nietzsche stierf op de valreep van de twintigste eeuw maar zijn invloed op de eeuw die kwam, was verpletterend. Deze midprice-editie van Safranski's biografie blijft een voortreffelijke inleiding op de beruchte filosoof.

l Robert Musil, De man zonder eigenschappen (Pockethuis). Een noodzakelijk boek uit de afgelopen eeuw, eindelijk uitgebracht in een knappe pocketuitgave. Filosofisch relevant, literair indrukwekkend en jawel, met heel wat humor.

Eric Min

l Michel Houellebecq, La Possibilité d'une île (Fayard). Omdat de grote kleine jongen Houellebecq andermaal overeind blijft op het slappe koord tussen irritant, pretentieus, hartstochtelijk, aandoenlijk pathetisch, virtuoos en krukkig.

l Rokus Hofstede, Jürgen Pieters e.a., Memo Barthes (Van Tilt). Stukken van en over de onuitputtelijke, razend actuele Roland Barthes, samengebracht in een inspirerend boek dat trek doet krijgen in meer van hetzelfde - het verzamelde werk van de meester, bijvoorbeeld.

l Elisabeth Young-Bruehl, Hannah Arendt. Een biografie (Atlas), samen te lezen met Peter Venmans' studie De ontdekking van de wereld (Atlas). Over leven en werk van een kroongetuige van de twintigste eeuw, maar eigenlijk over zowat alle thema's waarmee ook vandaag het opiniekatern en de politieke rubriek van de kranten ons om de oren slaan.

Hans Muys

l George Packer, The Assassin's Gate (Faber). Niet omdat dit het laatste non-fictieboek is dat ik in 2005 heb gelezen, maar gewoon omdat er over voorspel en gevolgen van de oorlog in Irak tot nu toe geen completer, duidelijker en leesbaarder boek is verschenen. Packer combineert achtergronden en ooggetuigenverslagen tot een helder geheel. Een absolute aanrader.

l Steven D. Levitt & Stephen Dubner, Freakonomics (Allen Lane). Hoezo, economie is toch zo saai? Levitt gebruikt economische wetten om te bewijzen dat (om maar één voorbeeld te noemen) het legitimeren van abortus de misdaadcijfers heeft gedrukt. En zo zitten er nog heel wat pareltjes van onconventioneel economisch denken in dit boek. Over sumo-worstelaars bijvoorbeeld.

l Ian McEwan, Saturday (Jonathan Cape). Omdat, in McEwans toch al indrukwekkende oeuvre, dit verhaal over een zaterdag-met-grote-gevolgen - tegen de achtergrond van de sfeer in Londen tussen 9/11 en de nakende oorlog in Irak -, een nieuw hoogtepunt vormt.

Walter Pauli

l Richard Bosworth, Mussolini's Italy: Life Under the Dictatorship, 1915-1945 (Allen Lane History). In de hausse van vaak interessante, maar soms ook overbodige boeken die dit jaar verschenen over de Tweede Wereldoorlog, maakte Richard Bosworth een uniek boek. Zijn biografie van Mussolini werd al beschouwd als de beste ooit, maar de auteur was nog niet tevreden, en deed zo mogelijk nog beter met deze magistrale synthese van wat het fascisme met Italië deed op het sociale, politieke, economische en vooral ook menselijke vlak.

l Mazarine Pingeot, Bouche cousue (Julliard). Wie dit boek leest om het verhaal van Mazarine, de beruchte 'geheime' dochter van François Mitterrand, leest een te melige vorm van zelfbeklag. Maar het is de meest ongenadige, want meest precieze deconstructie van het zorgvuldig opgebouwde imago van haar papa. Verplichte literatuur voor wie nog iets zinvols wil zeggen over 'politiek en media'.

l En verder: in misschien wel het slechtste politiekeboekenjaar van het laatste decennium was er Steve Stevert met Ander geloof. Naar een actief pluralisme in Vlaanderen (Davidsfonds). Een gedurfde stap, die helaas geen vervolg kreeg, ook niet binnen zijn eigen partij. Luc Barbé schreef met Kernenergie in de Wetstraat. Dissectie van de deals het beste groene boek ooit, dat helaas nog altijd maar alleen op het internet verscheen en nog geen uitgever vond. Ooggetuige. Niemands meester, niemands knecht (Van Halewijck) is het tweede deel van het postuum gebundelde werk van Johan Anthierens. Het mag in geen bibliotheek ontbreken, deze ode aan het onafhankelijke denken, de stoute bek, de scherpe pen en de goede smaak.

Joseph Pearce

l Ruth R. Wisse, Een reis door de moderne Joodse literatuur (Meulenhoff). Een Joodse canon? Eigenlijk een reis door het allerbeste proza uit de wereldliteratuur van de twintigste eeuw. Van Sjolem Aleichem naar Franz Kafka, van Isaak Babel naar Saul Bellow, van Isaak Bashevis Singer naar Philip Roth. Verhelderend en uitdagend.

l Diarmaid MacCulloch, Reformatie (Spectrum/Standaard Uitgeverij). Geschiedenis op haar best. Erudiet, evenwichtig, elegant. En met een vleugje ironie. Een historicus met een nuchtere boodschap voor de godsdienstfanaten van vandaag.

l Michael André Bernstein, Samenzweerders (De Bezige Bij). Een meesterlijk geschreven debuut. Een onstuitbare maar uiterst gepolijste en verfijnde stijl. Psychologische portretten van de allereerste orde. Een verhaal om je vingers bij af te likken.

Filip Rogiers

l Jonathan Safran Foer, Extremely Loud and Incredibly Close (Houghton Mifflin). Het soort roman dat zo eens in een generatie het licht ziet en erin slaagt om iets wezenlijks van de tijd te vatten, zonder in de val van het 'actualiteitsproza' te trappen. 9/11 is pas écht iets gaan betekenen door deze roman. Geen mooier kind-ouderboek gelezen dan dit.

l Jenny Diski, Stranger on a Train (Virago Press), van 2002 maar pas dit jaar in het Nederlands verschenen onder de titel Vreemdeling in een trein. Een reisverhaal dat er geen is. Diski reist per trein door Amerika, maar eigenlijk vooral door haar hoofd en leven. De meest trefzekere schrijfster van haar tijd: zeer diepe gronden, maar zo uitgepuurd op papier altijd. Ook aan te raden van deze auteur: After These Things (Little, Brown), een 'verdichting' van de geschiedenis van het geslacht van Abraham uit het Oude Testament. Ik wil het Etienne Vermeersch graag aanbevelen.

l Tom Naegels, Los (Manteau). Zoals Jonathan Safran Foer, maar op kleinere schaal: Naegels slaagt erin om zonder hijgerigheid of pose iets wezenlijks over Vlaanderen en deze tijd te zeggen.

Rudi Rotthier

Twee boeken over het Engeland van de late achttiende en de vroege negentiende eeuw.

l Het eerste is non-fictie: Bevrijd de slaven! van Adam Hochschild (Meulenhoff), over een handvol geschifte individuen die met overtuiging en wilskracht de antislavernijbeweging in het Verenigd Koninkrijk op gang brachten.

l Het tweede is enigermate fictief: This Thing of Darkness van Harry Thompson (Headline Book Publishing Ltd). Thompson schetst de carrière van Robert Fitzroy, de bijwijlen manisch-depressieve kapitein van de Beagle, het schip waarmee Darwin op ontdekkingstocht trok.

l Derde op de lijst is Een verhaal van liefde en duisternis, de autobiografische exploratie van Amos Oz (De Bezige Bij), een man die een boek wou zijn, en die de wonderbaarlijke frisheid en rijkdom aan anekdotes bereikt die ooit Les Mots van Sartre onweerstaanbaar maakte.

l Twee vermeldingen: Istanbul van Orhan Pamuk (De Arbeiderspers). Niet diens beste, maar hij is toch beter dan bijna iedereen. En Mao, de biografie (Forum). De schrijvers zijn tastbaar vooringenomen maar ze hebben hun huiswerk gedaan en ze tonen enkele verbijsterende beslissingen van de grote roerganger.

Fien Sabbe

l Vladimir Makanin, Underground (De Arbeiderspers). Vladimir Makanin is bijna zeventig en pas in 1998 voorgoed op de literaire wereldkaart gezet bij het verschijnen van deze roman, dit jaar in het Nederlands vertaald. Een stoet van aan lager wal geraakte, maar zeer menselijke figuren passeert de revue. Geschreven met een groot mededogen. Slaat je compleet uit je sokken.

l Michel Houellebecq, Mogelijkheid van een eiland (De Arbeiderspers). De wereld is vergaan en de laatste mensen zijn gereduceerd tot kleine groepen wilden. Klonen hebben de mensheid overleefd en leveren commentaar op de ondergang van de mens. Inktzwart en weinig hoopvol. Maar ook om te lachen. Houellebecq als geniale observator van de moderne wereld.

l Tom Naegels, Los (Manteau). Naegels stelt de vragen die u en ik zich stellen in deze multiculturele samenleving. Hij neemt daarbij zichzelf graag op de korrel en schrijft met veel gevoel voor humor. Eerlijk, warm en herkenbaar.

Annick Schreuder

l Jean-Paul Dubois, Een Frans leven (De Arbeiderspers). Een revelatie.

l Amos Oz, Een verhaal van liefde en duisternis (De Bezige Bij). Dwingend en prachtig geschreven.

l Nicole Krauss, De geschiedenis van de liefde (Anthos). Mooi, verrassend.

Fleur Speet

l Kristien Hemmerechts, De waar gebeurde geschiedenis van Victor en Clara Rooze (Atlas). Omdat dit boek alles bevat wat elk goed boek moet bevatten: het dieptelood gaat neer in de zoektocht naar de waarheid van de schrijver: dat wordt liegen met groot vernuft.

l Josien Laurier, De verhalenbundel (Querido). Omdat Laurier speelt, met inzet van alle knikkers. Omdat ze durft. Omdat het gewoon wordt dat een eenzame vrouw het met een muis doet, of dat iemand een gedetineerde als diner krijgt en van tevoren nog even kennismaakt. Tart alle wetten, en is daarom weergaloos.

l Henk van Woerden, Ultramarijn (Podium). Omdat dit boek zo scherp en liefdevol is, zo zacht en verfijnd. Omdat Van Woerden, die dit jaar helaas van ons is heengegaan, poëzie schildert in alle kleuren blauw en daarmee alles omvat, van water tot hemel, van dag tot nacht, van verleden tot oneindigheid.

Johan Vandenbroucke

l De verzamelde poëzie van Leonard Nolens gelezen en herlezen (Querido). Met telkens hernieuwde bewondering stelde ik vast hoe hier een dichter, wars van de dagelijkse waan, gestaag verder bouwt aan een waarlijk indrukwekkend oeuvre. Na de vorig jaar gepubliceerde 'dikke Nolens', de verzamelbundel Laat alle deuren op een kier, verscheen dit jaar Een dichter in Antwerpen en andere gedichten, een nieuwe bundel plaatsbepalende gedichten.

l De engelenmaker van Stefan Brijs (Atlas) is een meesterlijke roman over geloof & wetenschap, waarheid & rumoer. Een ijzersterk verhaal, knap geconstrueerd en meeslepend geschreven.

l Ultramarijn van Henk van Woerden (Podium) is een suggestieve, van broeierigheid zinderende roman, die duidelijk maakt hoe groot het verlies is voor de Nederlandstalige literatuur na de onverwachte dood van de schrijver.

Margot Vanderstraeten

l Suketu Mehta, Bombay, mateloze stad (Globe). Een boek dat even indrukwekkend is als Bombay (nu Mumbai) zelf. Mehta, die journalist is, vermengd harde feiten met de geuren van curry en samosa's. Hij reist door zijn land en door zijn geheugen; en neemt niet alleen zijn familie, maar ook de lezer mee.

l Patricia De Martelaere, Het onverwachte antwoord (Meulenhoff). Een intrigerend boek over het meest intrigerende onderwerp dat er bestaat: de liefde, en de onmogelijkheid ervan.

l Patrick Modiano, Stamboek (Querido). Ik heb de Franse versie gelezen. Heb al sinds mijn jeugd een boon voor de raadselachtige Modiano, en toen ik, in dit autobiografische relaas van hem, las dat zijn moeder nog in mijn Antwerpse straat gewerkt heeft (ze was actrice), wist ik dat de liefde nooit meer stuk kan.

Dirk Van Hulle

l Ze steekt een sigaret op en schrijft de eerste zin: "Mrs Dalloway said she would buy the flowers herself." Zo zou Virginia Woolf (Nicole Kidman) volgens The Hours aan Mrs Dalloway zijn begonnen. De realiteit is veel complexer en dus boeiender. Het waren aanvankelijk bijvoorbeeld geen bloemen, maar iets heel anders. Dat blijkt uit Julia Briggs' Virginia Woolf: An Inner Life, een fascinerende biografie waarin het schrijven centraal staat.

l Twee belangrijke antwoorden op 9/11 vielen op: Extremely Loud and Incredibly Close van Jonathan Safran Foer (Houghton Mifflin) is extreem aangrijpend en ongelofelijk raak.

l Tegen de achtergrond van fundamentalistisch geweld toont Ian McEwan met Saturday (Jonathan Cape) en met Darwin aan dat er wel degelijk een alternatief verhaal is.

David Van Reybrouck

l Frank Van de Veire, Neem en eet, dit is je lichaam (Sun). Een rijke essaybundel. groots en noodzakelijk, soms wat taai, maar de inspanning loont beslist. Zelden zoveel doorleefde filosofie in het Nederlands gezien. Erudiet en existentieel ineen en volstrekt compromisloos.

l Gaston Burssens, Verzamelde gedichten (Meulenhoff/Manteau). Eindelijk is het werk van die grote meneer weer beschikbaar. Het boek verdient de prijs voor de mooiste vormgeving.

l Per Olov Enquist, Blanche en Marie (Ambo). De meester van de 'non-fiction novel' toont eens te meer aan dat literaire non-fictie meer kan zijn dan een combinatie van reisverslag met onderzoeksjournalistiek.

Peter Venmans

l Een gruwelijke maar prachtig opgebouwde en aangrijpende roman: De engelenmaker van Stefan Brijs (Atlas).

l Een biografie die de bakens werkelijk verzet: Eichmann van David Cesarani (Anthos/ Manteau).

l En ten slotte het nieuwe boek van de grootmeester van de filosofische biografie: Friedrich Schiller of de uitvinding van het Duitse idealisme door Rüdiger Safranski (Atlas).

Koen Vergeer

l Kees Ouwens, Ben jij het, ik? (Querido). Nog éénmaal een bundel van Ouwens, vol gloednieuwe zinnen die mijn bevattingsvermogen oprekken, te buiten gaan. Op het scherp van zien en zijn, en nog dramatischer, toch, door zijn letterlijk nabije dood.

l Esther Jansma, Alles is nieuw (De Arbeiderspers). Absoluut een vernieuwing in een hecht oeuvre. Mooi meanderende zinnen en regels die de lezer nog steviger betrekt bij de wereld uit deze poëzie, die ook gewoon onze wereld is.

l Mark Boog, De encyclopedie van de grote woorden (Cossee). Meesterlijke bundel. Grote woorden als angst, dood, liefde, schoonheid en verlangen opnieuw geijkt.

Dirk Verhofstadt

l Piet de Moor, Schemerland (Van Gennep). Twintig jaar lang reisde de auteur door Midden-Europa, bezocht er historische steden als Berlijn, Warschau, Boedapest en Sarajevo en voerde er gesprekken met gerenommeerde schrijvers. Het resultaat is een fascinerend boek over de geschiedenis van een van de meest getroffen regio's van de twintigste eeuw, waarin vooral de Joden het zwaar te verduren kregen.

l Eric-Emmanuel Schmitt, Mijn leven met Mozart (met bijbehorende CD) (Atlas). In een reeks gefingeerde brieven aan Mozart beschrijft de auteur op subtiele, intieme en tedere wijze hoe de componist zijn leven heeft veranderd.

l Fernando Savater, De moed om te kiezen (Bijleveld). De auteur wil niet dat de mens iets doet omwille van een dogma of wet, maar omwille van zijn menszijn. Dit boek is een hartstochtelijk pleidooi voor de vrijheid.

Marnix Verplancke

l John Banville kreeg dit jaar de Booker Prize voor The Sea, in feite doodzonde aangezien zijn vorige boek, Shroud, stukken beter was. Schijngestalte, zoals de Nederlandse titel luidt (Atlas), geeft ons in de figuur van de literatuurwetenschapper Axel Vander een blik op de staat van het westerse denken: doordrongen van de loop der geschiedenis, zwartgallig, cynisch, maar o zo interessant.

l Stilistisch gezien misschien nog wel beter dan Banville schrijft de Zweed Per Olov Enquist. Van hem verscheen Blanche en Marie (Ambo), een historische roman over de relatie tussen Marie Curie en Paul Langevin enerzijds en die tussen haar vriendin en medewerkster Blanche Whitman en de psychiater Charcot anderzijds.

l Op non-fictievlak stak één boek er met kop en schouders bovenuit: Martha Nussbaums Oplevingen van het denken (Ambo). Ze legt erin uit hoe we al te lang de rol van onze emoties genegeerd hebben bij het vormen van onze ideeën over goed en kwaad. Emoties zijn volgens Nussbaum middelen waarmee we iets te weten komen over onze wereld. En ze zijn heel waardevol omdat ze ons in staat stellen van deze wereld ook een beter oord te maken voor iedereen. Als dat geen mooie eindejaarsgedachte is.

Catherine Vuylsteke

l By the Sea (The New Press, 2001) van de bij ons nagenoeg onbekende Zanzibarese Abdulrazak Gurnah is een van de meest indringende romans over het universum van een asielzoeker en de definitieve breuk die migratie onvermijdelijk inhoudt.

l Even lezenswaardig én onbekend is The Sympathetic Undertaker and Other Dreams (Heinemann, 1991) van de Nigeriaanse auteur Biyi Bandele, over het Nigeria van de generaals, door de ogen van een schizofrene jongen.

l Dichter bij ons: Zadie Smith's Witte tanden (Prometheus, 2000) voor het droog tragikomische verteltalent waarmee ze in dit debuut de lotgevallen van de Bengaalse Iqbals en de Brits-Jamaicaanse Jones in Londen verhaalt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234