Maandag 05/12/2022

De legende van de kristallen schedels

Met een beetje pech zal Steven Spielberg een nieuwe titel moeten verzinnen voor de film waarin Harrison Ford herrijst als duivel-doet-al actieheld met de hoed. De twaalf kristallen schedels waar het allemaal om draait in 'Indiana Jones and the Kingdom of the Crystal Skull' bestaan echt, maar zouden niet authentiek zijn. Volgens archeologen zou de film beter 'Indiana Jones and the Kingdom of the Crystal Bullshit' heten.

Door John Lichfield

In de film vecht een ouder wordende Indy tegen Sovjetagenten (Cate Blanchett is één van hen) om een oude Aztekenschedel van kristal in zijn bezit te krijgen. De schedel bevat een geheim uit een ander sterrenstelsel, en is op de aarde terechtgekomen uit het heelal. Op aarde zijn effectief twaalf schedels te vinden die gemaakt zijn van kristal of kwarts. Negen ervan zijn in handen van privéverzamelaars, de drie andere behoren tot de nationale museumcollecties van Groot-Brittannië, Amerika en Frankrijk. De schedels zijn een geliefd onderwerp van new-ageschrijvers, die hen buitenaardse krachten toeschrijven. Als je de kristallen schedels een beetje schuin houdt, zodat het licht er vanuit een bepaalde hoek invalt, zie je naar verluidt de vorm van een vliegende schotel in het kristal verschijnen. Volgens een van de vele new-ageprofetieën moeten de twaalf schedels - en een dertiende die verdwenen is - in een rij voor een piramide worden gezet op de laatste dag van de Mayakalender, 21 december 2012. Anders zal de aarde van haar as draaien.

Er zijn al langer twijfels over de echtheid van de schedels, zo is er discussie of ze nu door de Azteken of de Maya's zijn gemaakt. Het British Museum, dat één schedel bezit, kwam elf jaar geleden al tot de conclusie dat de schedel gladgeschaafd is door een machine met een wiel. (Zie je wel, zeggen de new-ageschrijvers dan, de Maya's hadden het wiel nog niet uitgevonden. De aliens natuurlijk wel.)

De Franse schedel, die de Franse staat in 1878 in handen kreeg via een verzamelaar die bankroet was gegaan, ligt nu in het Musée du Quai Branly, het mooie nieuwe museum voor niet-westerse kunst naast de Eiffeltoren. Het C2RMF, het onderzoeks- en restauratiecentrum van de Franse nationale musea besloot enkele maanden geleden om de schedel die door de Indiana Joneshype opnieuw in de belangstelling staat, terug te onderzoeken. Ze stelden de schedel bloot aan de meest geavanceerde technieken, waaronder X-stralen met deeltjesanalyse en Raman-spectroscopie. Volgens hun analyse werd de schedel in de tweede helft van de 19de eeuw vervaardigd in een dorpje in Zuid-Duitsland. Van precolumbiaanse origine is dus geen sprake. Het kwarts is afkomstig uit de Alpen, niet uit Zuid-Amerika. Dat deze schedel - en dus ook de andere van precolumbiaanse origine zijn, is een verhaal dat de Franse avonturier en antiekhandelaar Eugène Boban de wereld instuurde in 1875, toen hij de schedel verkocht aan een rijke Franse verzamelaar. "De groeven en gaatjes in de schedel tonen duidelijk aan dat er gebruik is gemaakt van juweelboren en andere moderne bewerkingstechnieken", zegt Yves Le Fur, het diensthoofd collectie in het Musée du Quai Branly. "Het is ondenkbaar dat zulke precisie het werk is van precolumbiaanse kunstenaars." Niettemin zijn ze in het Musée du Quai Branly van plan om de schedel tentoon te stellen vanaf 21 mei, de datum waarop de film in première gaat. De schedel wordt 'verstopt' in het museum, en de bezoekers moeten aanwijzingen volgen om hem te vinden. De Franse museumdirecteurs hebben blijkbaar iets geleerd van het succes van De Da Vinci Code. Toen de film eerst uitkwam, distantieerden de hoofden van het Louvre zich van de film, die vol absurde en foute informatie zit. Nu kan je een gegidste Da Vincitour door het Louvre volgen.

Op www.archeology.org, de website van het Archeological Institute of America, worden alle twijfels over de echtheid van de schedels op een rijtje gezet. Antropologe Jane MacLaren Walsh van het Smithsonian Institute in Washington, een autoriteit op het vlak van precolumbiaanse kunst, vertelt daar het verhaal van de schedels, de vreemde weg die ze hebben afgelegd, en de legenden die errond gegroeid zijn.

De grootste van de twaalf schedels, 25 centimeter hoog en dus groter dan een mensenhoofd, arriveerde in 1992 in het Smithsonian Institute via een ongebruikelijke weg. Iemand had de schedel anoniem opgestuurd. Bij de unheimlich melkwitte schedel zat een briefje: "Deze Aztekenschedel heb ik in 1960 in Mexico gekocht. Ik schenk hem aan het Smithsonian zonder eigenbelang."

"In de academische wereld kijken we met scepsis naar de kristallen schedels, maar ze spreken nu eenmaal tot de verbeelding van het grote publiek vanwege hun mysterie", zegt Jane MacLaren Walsh van het Smithsonian. "Sommige mensen geloven dat ze het werk zijn van de Maya's of de Azteken, maar op veel websites wordt hen ook een meer occulte oorsprong toegeschreven. Er zijn mensen die ervan overtuigd zijn dat de schedels van een gezonken continent komen, of uit een verre melkweg. Een heleboel ouder wordende hippies en new-age-adepten zijn dol op de schedels."

Het misverstand, aldus Walsh, is begonnen bij Boban, de Franse antiekhandelaar. Verschillende zogezegde Mexicaanse schedels doken op in Europa nadat Frankrijk tussenbeide kwam in de Mexicaanse burgeroorlog van 1863 en Maximiliaan van Habsburg keizer werd. Boban, hofarcheoloog van Maximiliaan, stelde voor het eerst twee schedels tentoon in Parijs in 1867, op de Exposition Universelle. Boban ging als tiener naar Mexico waar hij Spaans leerde en Nahuatl, de taal van de Azteken. Hij koesterde een ware passie voor precolumbiaanse geschiedenis en kunst, maar hij moest natuurlijk ook ergens van leven. Daarom opende hij een antiekwinkeltje in Parijs, waarvan geweten is dat er naast authentieke artefacten ook nep van dubieuze oorsprong werd verkocht. Later verhuisde hij met zijn handeltje naar New York. Tiffany and Co., de bekende juwelierszaak in Manhattan, kocht in 1881 een kristallen schedel van Boban voor meer dan 600 euro. Het British Museum kocht de schedel later over voor hetzelfde bedrag. De schedel behoort nog steeds tot de museumcollectie in Bloomsbury, maar staat nu gecatalogiseerd als 'waarschijnlijk nep'.

Boban was niet de enige die het niet te nauw nam met de grens tussen fantasie en waarheid. In 1934 kocht Sidney Burney, een Londense kunsthandelaar een kristallen schedel die bijna identiek was aan degene in het British Museum. In 1943 werd deze schedel via Sotheby's verkocht aan de Britse avonturier en schrijver Frederick Arthur Mitchell-Hedges. Later beweerde die dat hij de schedel had ontdekt in Belize, op een oude woonplaats van de Maya's. In zijn autobiografie Danger My Ally schreef hij dat de schedel "minstens 3.600 jaar oud was en volgens de legende gebruikt werd door de hogepriester van de Maya's tijdens esoterische rites. Er wordt gezegd dat de hogepriester, wanneer hij iemand dood wilde de hulp van de schedel inriep. En de dood sloeg toe, telkens weer."

Deze schedel, die beter bekend werd als 'The Skull of Doom', bleef zestig jaar lang in de handen van zijn dochter, Anna Mitchell-Hedges. De schedel bleef in haar bezit tot aan haar dood, vorig jaar. The Skull of Doom speelt een grote rol in de meeste new-agetheorieën. Een blauw licht zou er in opgloeien, en de harde schijf van een computer die er te dichtbij komt, crasht. Volgens een van de new-agetheorieën zijn de schedels namelijk zelf computers, maar dan heel geavanceerde van buitenaardse makelij.

"Alhoewel zowat alle kristallen schedels worden toegeschreven aan de Azteken, Maya, Tolteken of Mixteken, toont geen enkele van hen de karakteristieke kenmerken van deze periode of cultuur", besluit Jane Walsh. Ze denkt dat enkele schedels in de 19de eeuw in Mexico vervaardigd zijn, en dat de andere van Europese makelij zijn. The Skull of Doom is waarschijnlijk ook een fake uit Europa. De bevindingen van Walsh komen overeen met de analyse van het C2RMF, het Franse onderzoekscentrum dat onder supervisie van het Louvre staat. Hun besluit: de Franse schedel in het Musée du Quai Branly en de Britse schedel uit het British Museum werden 'met een redelijke graad van zekerheid' gemaakt in Idar-Oberstein, een dorpje in Zuid-Duitsland. Het dorpje staat bekend om zijn ambachtsmannen, die in de periode tussen 1867 en 1886 gelijkaardige technieken gebruikten om crucifixen en andere objecten te vervaardigen. Dat zou meteen ook verklaren waarom de Franse schedel boven- en onderaan gaatjes heeft van identieke grootte. Een analyse van het kwarts wijst uit dat het uit de Alpen afkomstig is. De Britse schedel is gemaakt met kwarts van Braziliaanse oorsprong.

Zullen de bevindingen van de Franse wetenschappers Spielberg en Ford slapeloze nachten bezorgen? Niet echt. De vorige Indiana Jonesfilms waren allesbehalve historisch correcte documentaires, en werden niettemin de meest populaire avonturenfilms ooit gemaakt. Het succes van De Da Vinci Code bewijst ook dat je meer nodig hebt dan een paar wetenschappers die feitelijke fouten ontdekken om een goed verhaal tegen te houden. "Ook al zijn ze fake, het blijven betoverde voorwerpen", zegt Yves Le Fur van het Musée du Quai Branly. "Ik twijfel er niet aan dat er door de Indiana Jonesfilm een heleboel nieuwe legenden rond de kristallen schedels zullen ontstaan." n

Volgens analyses zou een van de schedels in de 19de eeuw vervaardigd zijn

De twaalf schedels stellen twaalf werelden of planeten voor waar ooit mensen woonden. Van al deze planeten was de aarde de jongste. De Itza's, een oud volk van een andere planeet, brachten de schedels naar de aarde om hun kennis aan de mensen hier te schenken. Een dertiende schedel werd vervaardigd op aarde en ze werden alle dertien bewaard in een grote piramide in Centraal-Amerika. Eerst door de Olmeken, daarna door de Maya's, en ten slotte door de Azteken, die zo dom waren de schedels te laten verloren gaan. Deze legende was de inspiratie voor de plot van de nieuwe film. Het verhaal doet de ronde dat Spielberg en Ford in het begin hun twijfels hadden bij het verhaal van de kristallen schedels als basis voor de eerste nieuwe Indiana Jonesfilm sinds 1989. Een van de redenen waarom het zo lang geduurd heeft voordat er een nieuwe Indyfilm kwam, is volgens kwatongen omdat Ford en Spielberg het schedelscenario maar niks vonden. Het was nochtans George 'Star Wars' Lucas die het script voor The Kingdom of the Crystal Skull had geschreven. Nadat het script een tiental keer werd herwerkt, waren Ford en Spielberg uiteindelijk toch overtuigd.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234