Dinsdag 30/11/2021

AnalyseArbeidsmarkt

‘De lat voor sollicitanten ligt tegenwoordig tien centimeter onder de grond’: werkgevers hebben de grootste moeite personeel te vinden

Eugene Haesaerts van restaurant Ciro’s in Antwerpen.  Beeld Wouter Van Vooren
Eugene Haesaerts van restaurant Ciro’s in Antwerpen.Beeld Wouter Van Vooren

Er is een probleem waar bijna elke werkgever van wakker ligt: het nijpend tekort aan werkkrachten. Nog nooit hadden ze het zo moeilijk om personeel te vinden.

“Ik ben één meter zestig, maar soms zit er niets anders op. Dan trek ik een overal aan en ga ik zelf mee vrachtwagens wassen.” Bouchra Hashassi heeft in de Antwerpse haven een carwash voor trucks en andere grote voertuigen. Vijf mensen stelt ze vast te werk, in de vakanties kan ze teren op een pool van 25 jobstudenten. “Maar ik zou zo tien mensen kunnen aannemen. Werk genoeg. Alleen: niemand biedt zich aan. Dat is frustrerend, want ik wil vooruit maar het lukt niet.”

Bouchra Hashassi van Washville in Antwerpen: ‘Ik zou zo tien mensen kunnen aannemen. Werk genoeg.’ Beeld Wouter Van Vooren
Bouchra Hashassi van Washville in Antwerpen: ‘Ik zou zo tien mensen kunnen aannemen. Werk genoeg.’Beeld Wouter Van Vooren

Katty Vercouillie kent het probleem. Ze runt de Engelbewaarder, een kinderdagverblijf en naschoolse opvang in Izegem, en als we haar bellen, is elke vacature ingevuld. Zeer uitzonderlijk, noemt ze dat. Want ook in haar sector zitten ze met de handen in het haar: de VDAB telt 746 vacatures voor begeleiders, en 67 voor verantwoordelijken. “Het duurt makkelijk zes, zeven maanden om iemand te vinden. Niet evident, want hier werken vooral jonge vrouwen en die gaan tijdens hun zwangerschap preventief in moederschapsverlof: zodra iemand zwanger is, moet ik dus meteen op zoek naar vervanging.”

Afgelopen weken ook in het nieuws: het tekort aan poetshulpen was nog nooit zo nijpend. Zo’n 5.600 vacatures raken niet ingevuld, dubbel zoveel als vijf jaar geleden. Hetzelfde verhaal bij de transportsector: daar zoeken ze 5.000 vrachtwagenchauffeurs.

“Van de zorg over de technische sectoren tot de bouw, elke werkgever die ik tegenkom, klaagt over hoe moeilijk het is om personeel te vinden”, zegt arbeidseconoom Stijn Baert (UGent). “Dit is hét probleem dat hen ’s nachts wakker houdt.”

Nog nooit was het tekort aan werkkrachten zo groot. Je ziet het ook op de autosnelweg als je langs bedrijfsterreinen rijdt en grote banners schreeuwen dat er jobs in de aanbieding zijn. Of aan de bestelwagen op de baan, die afficheert dat er collega’s worden gezocht. Je ziet ze op Facebook, de jobadvertenties, tussen vakantiefoto’s en andere nieuwtjes.

Afgelopen augustus kreeg de VDAB 34.000 vacatures binnen, en dat is veel. Ter vergelijking: in augustus 2019 waren dat er 11.000 minder. In Europa heeft enkel Tsjechië het moeilijker om genoeg werkkrachten te vinden. “Dit is echt een uitzonderlijke situatie”, stelt Andy Vanderheyden vast, die als zakelijk directeur van ASAP Interim de arbeidsmarkt kent.

Bijna acht op de tien bedrijven snakken naar vers volk, zo gaven 717 ondernemingen drie weken geleden aan in een enquête van ondernemersorganisatie Voka. En ze noemen het allemaal een moeilijke zoektocht. “Veel bedrijven hebben het laatste anderhalf jaar gewacht op betere tijden. Maar nu de coronacrisis grotendeels voorbij lijkt en de economie weer aantrekt, worden al die vacatures tegelijk opengesteld”, verklaart arbeidsmarktexpert Sarah Vansteenkiste (KU Leuven) de schaarste.

Leegloop

Elders zorgde corona voor een leegloop. Als u de voorbije maanden al eens een terrasje deed, dan is de kans groot dat u wat langer op uw bestelling moest wachten. En ongetwijfeld zag u bij tal van cafés en restaurants de briefjes hangen: ‘Wij zoeken personeel’.

Eugene Haesaerts van restaurant Ciro’s in Antwerpen. ‘De lat voor sollicitanten ligt tegenwoordig tien centimeter onder de grond.’ Beeld Wouter Van Vooren
Eugene Haesaerts van restaurant Ciro’s in Antwerpen. ‘De lat voor sollicitanten ligt tegenwoordig tien centimeter onder de grond.’Beeld Wouter Van Vooren

Moe van het lange thuiszitten zonder perspectief zochten obers en keukenpersoneel andere professionele oorden op, net als de podiumbouwers, geluidstechnici en andere medewerkers uit de evenementsector. Hun voormalige werkgevers zien het met lede ogen aan: zo kondigde het bekende Antwerpse restaurant Ciro’s onlangs aan dat er niets anders opzit dan een extra sluitingsdag in te voeren omdat er geen volk is om de bestellingen rond te dragen.

“We zijn twee mensen verloren door corona, onder wie één heel ervaren medewerker die nu een minder goed betaalde job heeft, maar wel vrij is tijdens de weekends en avonduren”, zegt uitbater Eugene Haesaerts. Idealiter draait zijn zaak op zeventien voltijdse krachten, vandaag moet hij het met twaalf man stellen.

“Sinds corona hebben er meer horecamedewerkers ontdekt dat ze in het weekend liever thuis zijn. De lat voor sollicitanten ligt tegenwoordig tien centimeter onder de grond. Ik moet al content zijn als ze weten hoe ze de messen en vorken op tafel moeten leggen. En zelfs dat is niet evident. Mijn cliënteel verjongt en kan dat wel verdragen, maar een vingerafdruk in een glas vindt niemand leuk.”

Maar er speelt meer dan enkel het corona-effect, weet Haesaerts. “Ik zie namelijk overal problemen. Mijn frietvet wordt geleverd door een Rus, mijn groenten door een Pool. Dat zijn geen zware of hoogtechnologische jobs, en toch moeten mijn leveranciers erg ver gaan zoeken naar mensen die ze willen.”

Zwaar en vuil werk

De lijst van knelpuntberoepen is lang en tikt elk jaar aan: we tellen er al 190. “Inmiddels is een derde van alle beroepen een knelpuntberoep”, zegt Joris Ghysels van de studiedienst van VDAB. Over het acute lerarentekort en het gebrek aan verpleegkundigen in ziekenhuizen is al veel inkt gevloeid. Maar bij de VDAB staan ook 512 vacatures voor boekhouders open en er worden 475 werfleiders gezocht. Hebt u enig verstand van residentieel elektrotechnische installaties, dan kunt u op 462 plaatsen beginnen. Wegenwerker: 417 vacatures. ICT: 1.659 openstaande jobs. Technicus industriële installaties: 598 vacatures.

Elke sector heeft zo zijn eigen problemen. De bouwsector staat bekend om zijn vuil en zwaar werk. Het is geen toeval dat bij de instorting van de nieuwe school in Antwerpen, net voor de zomervakantie, de slachtoffers vooral buitenlandse werkkrachten waren. Schoonmaken is niet alleen een job met weinig status en een karig loon, het is ook fysiek erg belastend werk.

Technische functies raken al jaren niet ingevuld omdat er simpelweg te weinig mensen de nodige technische bagage hebben, alle STEM-campagnes ten spijt, en voor ICT-profielen geldt hetzelfde. “We merken ook dat mensen soms verkeerde beroepskeuzes maken”, zegt Ghysels van VDAB. “Ze willen per se een job als winkelbediende, terwijl daar een overschot aan kandidaten is. Mensen zijn zich daar nog niet altijd bewust van.”

“In de buitenschoolse opvang kunnen we nauwelijks voltijdse jobs aanbieden”, vertelt Vercouillie over de problemen in haar sector. “Jonge meisjes vinden die halftijdse contracten te weinig en haken af. En voor mensen met een eigen gezin zijn die naschoolse uren moeilijk.” Dat onderwijsminister Ben Weyts (N-VA) zopas aankondigde dat hij 550 kinderverzorgsters zou aanwerven voor het onderwijs, zorgt nu voor extra paniek in de sector. “Sorry, maar tegen de voorwaarden die hij in het onderwijs aanbiedt, kunnen wij niet op.”

Vercouillie vindt trouwens dat ook de opleiding aan meer waardering toe is. “Veel meisjes kiezen niet voor de richting kinderzorg, maar belanden daar door het watervalsysteem. Wij zijn op een heel pedagogische manier met de kinderen bezig, maar helaas denken mensen nog vaak dat we enkel pampers verversen.”

Wat onze arbeidsmarkt ook parten speelt, is de vergrijzing. Tussen 2014 en 2019 zwaaiden zo’n 261.100 55-plussers af (zie grafiek), en die mensen moesten vervangen worden. Alleen: de jonge generatie komt niet in hetzelfde tempo de arbeidsmarkt op. Dat heeft te maken met demografie - door lagere geboortecijfers zijn ze simpelweg met minder - en omdat jongeren langer studeren. De uittrede zal de komende jaren bovendien nog fors toenemen: tussen 2019 en 2024 ligt het aantal vertrekkers op 381.600 werkenden. De roep om langer werken zal alleen maar luider klinken.

Ook bijzonder is dat we hier relatief weinig werkzoekenden tellen, maar in vergelijking met andere landen wel veel inactieven: mensen die niet werken en ook geen werk zoeken. In Vlaanderen gaat het om 20 procent van de 25- tot 64-jarigen. Het gaat dan om onder meer langdurig zieken, mensen met een leefloon, vervroegd gepensioneerden of huisvrouwen en -mannen. Dat maakt de poule alweer fors kleiner voor werkgevers, die tegenwoordig flink uit hun pijp moeten komen om hun vacatures gevuld te krijgen.

“Het zijn niet langer de kandidaten, maar wij die moeten solliciteren”, zegt Evelien Vermandere, hr-directeur van Agristo, een West-Vlaams bedrijf dat aardappelen verwerkt in diepvriesproducten zoals puree of kroketten. Voor een nieuwe, volcontinue productielijn zoekt ze honderd nieuwe medewerkers: operatoren, ploegchefs en andere technische profielen. “Onze regio kent een heel lage werkloosheid, terwijl er veel gelijkaardige bedrijven zijn. We vissen met velen in dezelfde vijver.”

Jobzoekers hebben maar al te goed in de gaten dat ze kieskeurig kunnen zijn. Vanderheyden (ASAP Interim): “Wie werk zoekt, kijkt kritisch naar de voorwaarden. Heeft het bedrijf een goed imago als werkgever? Hoe zit het met het loon en de balans tussen werk en privé? Kan ik groeien in de job en is er zekerheid op lange termijn? We zien mensen ook sneller switchen: sommigen zijn na een dag of een week alweer weg.”

Er zijn ratingwebsites als Glassdoor waar werknemers (potentiële) werkgevers recenseren, maar werkgevers klagen ook over mensen die nooit komen opdagen voor hun sollicitatieafspraken. “Ik heb onlangs iemand uitgenodigd voor een proefdag, maar ik ben nog altijd aan het wachten”, zegt Haesaerts van restaurant Ciro’s.

Herkenbaar, zucht Bouchra Hashassi. “Sollicitanten zijn heel veeleisend. Ze willen niet om zeven uur ’s morgens beginnen want dat is te vroeg, maar ze willen ’s avonds ook niet te laat werken want ze gaan ook nog voetballen.”

Cv is passé

Agristo doet, net als veel andere bedrijven, tegenwoordig aan ‘employer branding’: een campagne die niet het product maar het bedrijf als werkplek in de kijker zet. Vermandere: “Wij noemen onze medewerkers potatoholics. Je moet tegenwoordig creatief zijn.”

“Agristo is geen merk dat je in de supermarkt vindt, dus we moeten inzetten op naambekendheid. Maar we willen ook onze bedrijfscultuur tonen. Ons nieuw hoofdkantoor is erg comfortabel, met koffiehoekjes en zelfs een bar. We hebben een wellbeing-manager die onze mensen ondersteunt waar nodig. Waar het kan, zetten we in op flexibele verloning en extralegale voordelen.”

Een vijfde van de bedrijven zet in de zoektocht naar personeel ook in op betere werkomstandigheden, zoals meer mogelijkheden voor thuiswerk, zo blijkt uit die eerder vermelde Voka-enquête. Zeventien procent biedt betere looncondities. “Sommigen vinden het overdreven om te spreken over de ‘war on talent’, maar de concurrentie tussen bedrijven is pittig”, weet Vansteenkiste.

Ook opvallend: ruim een vijfde biedt extra trainingen en opleidingen aan. Of zoals het mantra in hr-middens tegenwoordig luidt: opleiden is het nieuwe rekruteren. Want geen kat die nog hoopt op de witte raaf.

Bij Agristo evenmin. De technische kennis van de productiemachines en de geheimen van de aardappel: de gemotiveerde kandidaat kan het on the job leren. “We organiseren trouwens niet enkel technische opleidingen, maar investeren ook in persoonlijke groei, zoals leiderschapstraining of cursussen om te leren omgaan met stress.” Anders gezegd: het klassieke cv is passé, wat vandaag telt is motivatie.

Dat merken ze ook bij ASAP Interim. “Vroeger zagen we bij veel werkgevers toch behoorlijk wat weerstand, vandaag zijn velen bereid om potentiële krachten zelf op te leiden”, zegt Vanderheyden. “Wie een positieve attitude heeft en bereid is zich te laten bijscholen, die is tegenwoordig vertrokken. En er zijn best wat mensen die in hun jonge jaren om een of andere reden niet gestudeerd hebben en zo’n kans met beide handen grijpen.”

Stijn Baert: “Het mantra is niet enkel jobs, jobs, jobs, maar heropleiden, heropleiden, heropleiden.”

Maar de kans dat u zelf ooit in uw zoektocht naar werk een opleiding volgde, is behoorlijk klein. Want los van het feit dat niet iedereen het ziet zitten om jarenlang te blokken om verpleegkundige te worden, staat de Belgische werknemer niet bepaald bekend als bijster flexibel.

Baert noemt dat de gouden kooi van het vast contract: “Uit onderzoek blijkt dat we niet per se bijzonder gelukkig zijn met onze job, maar we zijn honkvast, gehecht aan onze functie, de voordelen van onze sector en onze anciënniteit.” We hebben evenmin de neiging om te verhuizen naar West-Vlaanderen als daar vlot werk te vinden is en blijken ook niet echt geïnteresseerd in allerhande opleidingen.

Eurostat onderzoekt elk jaar of Europese burgers de afgelopen maand een opleiding of training volgde. Terwijl in Scandinavische landen zo’n 30 procent ‘ja’ antwoordt, is dat hier amper 8 procent. En 42 procent van de volwassen Vlamingen zegt niet bereid te zijn om een opleiding te volgen. Dat aantal neemt toe bij kwetsbare profielen zoals 55-plussers en laaggeschoolden.

Als deel van het relanceplan na corona heeft Vlaams minister van Werk Hilde Crevits (CD&V) daarom 2021 “het jaar van de opleiding” gedoopt. “Die versnelling is echt nodig, we missen hier grote opleidingsprogramma’s”, zegt Sonja Teughels van Voka.

Atypische profielen

Carwashbedrijf Washville zou met meer volk zijn omzet minstens kunnen verdubbelen, zegt Hashassi, Ciro’s zou elke dag open willen. En bij Agristo moet volgend jaar die nieuwe productielijn open.

Maar de gevolgen van deze schaarste gaan verder dan verloren klanten en gemiste omzet. “Het risico bestaat dat bedrijven elders oplossingen gaan zoeken: meer automatiseren, geplande uitbreidingen schrappen of bepaalde afdelingen outsourcen naar het buitenland”, zegt Baert.

Er zit niets anders op, zo stellen de experts, dan om die visvijver te vergroten. Migratie is een oplossing, net als meer mensen aan het werk te zetten, ook uit die groep die niet per se op zoek is. Activeren dus, een heet hangijzer. “Maar er zijn best wel wat mensen die meer willen werken”, zegt Vansteenkiste.

Gezondheidsminister Frank Vandenbroucke (Vooruit) wil alvast coaches inzetten om langdurig zieken weer richting werk te begeleiden, en Voka pleit voor meer soepelheid voor mensen die al jarenlang niet meer werken. “Voor hen is een voltijdse job wellicht niet haalbaar. Maar zorg dat bedrijven flexibel met hen in zee kunnen gaan en dat die mensen ondersteund worden. Vaak vallen immers alle uitkeringen en sociale voordelen, zoals een sociaal tarief voor energie, volledig weg als ze een job aanvaarden”, zegt Teughels. Voka is alvast tevreden dat de Vlaamse regering de jobbonus wil invoeren, zodat werken voor deze profielen aantrekkelijker wordt.

We eindigen dit stuk graag met goed nieuws. Mensen die wat ouder zijn, die een vreemde achternaam hebben of op een of andere manier beperkt zijn, hebben het al jaren moeilijk op de arbeidsmarkt. Maar stilaan lijkt voor hen het tij te keren: de krapte dwingt werkgevers om te kijken naar mensen die voorheen moeilijk aan de slag geraakten.

“Vroeger haalde geen enkel bedrijf het in haar hoofd om te investeren in opleidingen voor 55-plussers, vandaag is dat anders: zo’n werknemer kan nog tien jaar meedraaien, dat is best lang”, zegt Gheysels. Vansteenkiste: “Vacatures staan soms vol met eisen en competenties die eigenlijk niet zo noodzakelijk zijn. Is het altijd belangrijk dat je Nederlands perfect is of kun je je talenkennis bijschaven op de werkvloer?”

Voor Ciro’s vindt Haesaerts Nederlands heel belangrijk voor zijn zaalpersoneel, maar sinds een tijdje stelt hij een Tibetaanse tewerk in de keuken. “We hadden wel een inloopperiode nodig, omdat zij toch andere eetgewoonten heeft. Maar nu gaat het heel goed.”

Afghaan Akrem Khowejeekrin aan het werk bij fietsenfabrikant Ludo in Kortenberg. ‘Mijn Nederlands is niet perfect, maar ik begrijp wat ik moet doen.’ Beeld Wouter Van Vooren
Afghaan Akrem Khowejeekrin aan het werk bij fietsenfabrikant Ludo in Kortenberg. ‘Mijn Nederlands is niet perfect, maar ik begrijp wat ik moet doen.’Beeld Wouter Van Vooren

In Kortenberg vond Akrem Khowejeekrin, een erkende vluchteling uit Afghanistan, dan weer vlot werk bij fietsenfabrikant Ludo. “Ik heb een opleiding tot fietsenmaker gevolgd bij vzw Velo, na tien maanden kon ik hier aan de slag. Mijn Nederlands is niet perfect, maar ik begrijp wat ik moet doen.” Logistiek directeur Tim Panneels geeft toe: “Vroeger stonden we wellicht minder open voor zijn profiel.”

Bij Washville heeft Hashassi al jaren een neus voor minder evident talent. “Een van de eerste mensen die ik heb aangeworven, was een dakloze man. Dat was een verhaal van ups en downs: ik heb zijn statuut geregeld, voor hem een fiets en een douche gekocht, maar het heeft geloond. Een andere werknemer heeft autisme en vond moeilijk werk, en ik heb iemand in dienst die enkel Spaans spreekt, maar die heel gedreven en ervaren is en duidelijke leiderscapaciteiten heeft. Ik geloof heel erg in kansen geven. Alleen: je kunt als bedrijf niet groeien op enkel atypische profielen. Als ik zie hoe de ingenieursstudenten hier in de vakanties meedraaien, dan is dat heel confronterend. Dan zie ik wat ons bedrijf zou kunnen zijn.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234