Vrijdag 27/05/2022

De lange reis naar huis

Soms lijken de interpretaties van Isokoski getelefoneerd, maar in het eerste bisnummer vindt deze grote zangeres dan toch haar ding

klassiek l Soile Isokoski in de Vlaamse Opera HHH

Stephan Moens

Wie herinnert zich nog de sopraan die jaren geleden Sigiswald Kuijkens Fiordiligi was in Così fan tutte? Soile Isokoski is inmiddels een ster. Volgende maand zingt ze in de Parijse opera Desdemona in Verdi's Otello. Tussendoor was zij even in Antwerpen voor een liedavond.

Twee Scandinavische componisten en een rist klassiekers, het is een standaardprogramma voor een Finse sopraan. De Zweed Ture Rangström is een van die componisten die in 1924 nog net zo schreven als anderen zestig jaar tevoren. Sommigen noemen dat tijdloos, anderen reactionair. Zijn cyclus Den mörka blommen (De donkere bloem) is uitstekend geschreven, met de voor het romantische lied typische afwisseling tussen dramatisch, lyrisch en volks. Vooral de dramatische aspecten ervan liggen Isokoski goed, zoals in het eerste lied, dat de cyclus zijn naam geeft. In de twee laatste, het droevige 'Afscheid' en het balladeachtige 'De boom die sterft', gaan Russische invloeden en die van Richard Strauss hand in hand. Eigenaardig genoeg leek Strauss ook al de peter van de voorafgaande liederen, van Mozart. Daarin mist Isokoski lichtheid. Haar interpretatie is kunstmatig, de effecten klinken 'getelefoneerd'.

In Brahms legt ze een sterke nadruk op het legato, de opbouw van crescendo's en dergelijke elementen die je conventioneel aan de componist toeschrijft. In een lied als 'Das Mädchen spricht' wordt echter opnieuw duidelijk dat dat eerder haar dan Brahms' stijl is. Dat lied kan beslist genuanceerder en lichter geïnterpreteerd. Zelfs een 'groot' lied als 'Von ewiger Liebe' klinkt bij haar uiteindelijk te weinig gedifferentieerd, te monochroom. Misschien heeft dat te maken met haar stemtype, dat tussen sopraan en mezzo lijkt te twijfelen en geschikter lijkt voor Strauss of de lichte Wagner-rollen dan voor het subtielere liedrepertoire.

De Vier droomliederen van Aulis Sallinen zijn vertellend geschreven met emfatische accenten. Hier vindt Isokoski wel het juiste idioom en gaat ze veel verder in de expressie. In het derde lied botst ze op een prachtige manier tegen de grenzen van haar stem, in het laatste speelt zij uitstekend met de tegenstellingen tussen parlando en legato, tussen ritme en melodie.

Daarna zijn Debussy's Ariettes oubliées een stap terug. Ze missen weer nuance. Heeft dat misschien ook met pianiste Marita Viitasalo te maken? Haar spel straalt vooral academisme uit. De aanslag is vaak levenloos en het rubato voorspelbaar. 'C'est l'extase langoureuse' illustreert dat goed: elke pianootnoot komt bij haar als een voorspelbaar antwoord in plaats van als een in het luchtledige zwevende vraag.

Pas in het eerste bisnummer komt Isokoski echt thuis, namelijk bij Richard Strauss. En in het laatste, 'Del Cabello más sutil' van Fernando Obradors, doet ze vermoeden dat ze misschien geen slechte operettezangeres zou zijn. Daar is geen sarcasme mee gemoeid: Isokoski is een grote zangeres maar ze moet haar repertoire streng selecteren.

Wat Liederen van Mozart, Rangström, Brahms, Sallinen en Debussy Wie Soile Isokoski (sopraan), Marita Viitasalo (piano) Waar en wanneer Antwerpen, Vlaamse Opera, 29 januari

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234