Maandag 05/12/2022

De laatste getuigen

Edgar Hilsenrath kreeg het afgelopen jaar met twee romans over de Shoah eindelijk de aandacht die hij verdiende. In De nazi en de kapper werd de lezer een dreun van jewelste verkocht. Een Duitse beul die na de oorlog in Israël als Jood onderduikt? Deze keiharde satire werd niet door iedereen op prijs gesteld. Een Joodse auteur had de herinnering aan de Shoah bezoedeld! Een morele grens was overschreden! Het boegeroep werd evenwel overstemd door het applaus. Grenzen zijn er om afgetast te worden, oordeelden de fans van Hilsenrath. Ook in Nacht tastte de auteur een grens af. In een getto vechten de Joden om te overleven. Bij dat gevecht komen de kleinste kanten van de mens naar boven. De kleinste kanten van de Joden, dus. Met De thuiskomst van Jossel Wassermann slaat Hilsenrath een volledig andere toon aan. Hier geen meedogenloos verteld verhaal over falende mensen of over een universum van duisternis en wanhoop, wel een poëtisch verhaal in Jiddische stijl over een wereld waar Joden zich thuis voelen. Wanneer Jossel Wassermann zijn einde voelt naderen, vraagt hij aan zijn advocaat en zijn notaris om zijn testament op te stellen en zijn herinneringen op te schrijven aan het sjtetl waar hij is geboren. De bejaarde Jood, de kinderloze eigenaar van een goed draaiende matsefabriek in Zwitserland, maakt zijn fortuin over aan zijn neef Jankl de Waterdrager en aan de arme Joden van zijn geboortedorp aan de Pruth in Pools Oekraïne. Het is 31 augustus 1939. De volgende dag zal Duitsland Polen binnenvallen. Het boek is zowel een ode als een treurdicht. Of preciezer: omdat het een ode is, is het ook een treurdicht, want terwijl Jossel Wassermann op onnavolgbaar komische manier zijn herinneringen rangschikt, weet de lezer al dat de Joden van het sjtetl de oorlog niet zullen overleven. Het effect daarvan is overdonderend. De stemmen die de officiële geschiedschrijving van de Shoah zullen optekenen, maken hier plaats voor de stemmen van doodgewone mensen met doodgewone levens. Maar zijn die stemmen wel de moeite waard? De advocaat en de notaris hebben zo hun twijfels. Jossel Wassermann trekt zich van hun scepsis niets aan. “Mottel en ik maakten af en toe de kettinghond Chotko los en ook Bogdan het paard. Wat we met die twee deden? Wilt u dat weten?” Wassermann wacht niet op een antwoord. Hij vertelt en vertelt en vertelt. Hilsenrath begrijpt dat we zulke stemmen moeten koesteren. Een verhaal dat voor de niet-Joodse notaris helemaal geen verhaal is, dringt in feite tot de kern van de Shoah door. “De gojim zijn bang voor ons, omdat we meer hersens hebben en op het idee zouden kunnen komen de wereld te overheersen. Maar de wereld is van de goede God. Wij willen helemaal niet heersen, we willen alleen vrolijk rondscharrelen in Zijn wereld en een beetje van dittum doen en een beetje van dattum.” De thuiskomst van Jossel Wassermann is literatuur van de bovenste plank. De dialogen zijn verrukkelijk, de stijl is wondermooi, de Joodse humor kostelijk.

Menselijk drama

Bloemen der duisternis van Aharon Appelfeld speelt zich ook aan de Pruth in Oekraïne af. Maar zwemmen in die idyllische rivier is er voor de 11-jarige Hugo Mansfeld niet bij. Zijn moeder heeft hem immers het getto uit gesmokkeld en aan de goede zorgen van de niet-Joodse Mariana toevertrouwd. Mariana, een prostituee in een bordeel, verstopt de jongen in een hok achter de kamer waar ze haar klanten ontvangt. Hugo is te beschermd opgevoed om te weten wat Mariana met al die Duitse soldaten en officieren uitspookt. Hij hoort natuurlijk de ruzies en verwensingen en klappen. Ook duurt het niet lang voordat hij merkt dat zijn beschermengel luimen heeft. “Alleen als ze drinkt, is ze vrolijk en kust ze hem stevig.” Appelfeld blijft trouw aan zijn principes. Net zoals in Het verhaal van een leven, Badenheim 1939 en Het tijdperk der wonderen bereikt hij met een minimum aan middelen een maximaal effect. De stijl is beheerst en onopgesmukt, de personages houden niet van grote gebaren, de thematiek blijft braaf in de bedding van de Shoah stromen. Maar achter die onopvallende façade spelen zich altijd spannende dingen af. Zo ook hier. Hoe zullen de overige prostituees de komst van Hugo verteren? Zal Hugo verraden worden? Zal Mariana, die walgt van de smerige dingen die ze voor haar klanten moet doen, in het bordeel mogen blijven? Zal Hugo zijn ouders terugzien? Toch is die spanning nooit de motor van de roman. Appelfeld gebruikt haar alleen om het grote menselijke drama van de Shoah in beweging te zetten. Hugo is een stille, gevoelige, piekerende jongen. “De gedachte dat het leven voorbij zou gaan en dat de doden niet meer tot leven zouden komen deed hem toen (hij was nog geen tien!) al pijn.” In Bloemen der duisternis blijft de oorlog meer dan ooit op de achtergrond. Op de voorgrond staat de groeiende liefde van Hugo voor Mariana. De jongen wordt stilaan een man. Bij Edgar Hilsenrath verwijst Jossel Wassermann op onverbloemde wijze naar die overgang. Bij de Joden ben je meerderjarig op je dertiende, zegt hij, “omdat je dan je piemel overeind krijgt en kinderen kunt en moet verwekken”. Appelfeld maakt van die overgang een wonderlijk ontwaken, een ontdekkingsreis die Hugo ertoe zal verleiden om samen met Mariana het bordeel uit te vluchten wanneer de Russen arriveren.Opvallend is de plechtstatige woordenschat. Woorden als wederom, onderwijl, dralen, subiet, offreren, recalcitrant, verhelen, gadeslaan, bewerkstelligen e.a. lijken uit een antiquarisch woordenboek gebloemleesd. Maar bij Appelfeld is niets toevallig. Deze woorden met een stijve boord zijn de laatste getuigen van een wereld van vrede en verdraagzaamheid, een wereld van cultuur en fatsoen en keurige mensen, een wereld die de oorlog onder de hakken van zijn laarzen heeft vertrapt.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234