Woensdag 15/07/2020
Eunice Yahuma naast Leopold II in Halle: ‘Het is pijnlijk om zo’n beeld te zien als je weet welke gruweldaden de man heeft aangericht.’

Reportage

De koloniale monumentenroute: en u dacht dat Leopold II al erg was?

Eunice Yahuma naast Leopold II in Halle: ‘Het is pijnlijk om zo’n beeld te zien als je weet welke gruweldaden de man heeft aangericht.’Beeld Bas Bogaerts

Hij heeft het land geplunderd en miljoenen ­mensen vermoord. Zelf is koning Leopold II nooit in Congo geweest, daar had hij personeel voor. Maar ook veel van díé plunderaars staan vandaag nog op sokkels te gloriëren in onze steden.

“Ik krijg weleens de vraag: racisme en politiegeweld, wat hebben die dingen nu met ons te maken?”, zegt Eunice Yahuma, een 22-jarige studente, voorzitster van Jong CD&V Halle en lid van Belgian Youth Against Racism. Voor haar valt de vraag samen met het koloniale verleden van ons land en koning Leopold II.

Eunice Yahuma: “Onder zijn regime zijn talloze mensen in Congo uitgebuit en vermoord. Daar ligt de basis van het racisme waar Belgen van Afrikaanse afkomst nog dagelijks mee te maken krijgen.”

Vorig weekend trokken meer dan tweehonderd mensen naar het Albertpark in Halle, naar de levensgrote buste van de koning, om er samen een vuist te maken. “De actie was er niet op gericht om het beeld weg te halen”, zegt Yahuma. “Wel om samen stil te staan bij wat discriminatie vandaag betekent.”

Sinds de dood van George Floyd gaan er in het hele land stemmen op om alle Leopold II-beelden weg te halen. In Ekeren werd Leopold II eerst beklad, dan in brand gestoken. 

In Oudergem (Brussel) werd een buste van de sokkel getrokken. Ook het beeld in Halle werd vorig weekend besmeurd. MOORDENAAR, stond er. Ondertussen is het alweer schoon, maar sommige verfsporen zie je nog.

“Om het beeld te beschermen hebben we er tijdens de manifestatie doeken over gehangen”, zegt Yahuma. “Ik vind het pijnlijk om zo’n beeld te zien, omdat ik weet welke gruweldaden die man heeft aangericht.”

Leopold II kreeg Congo toegekend op de Koloniale Conferentie van Berlijn in 1884-1885. Hij maakte aanspraak op het gebied, waar hij eerder de Britse ontdekkingsreiziger Henry Morton Stanley naartoe had gestuurd. De andere Europese landen stemden toe, op voorwaarde dat hij de levens van de bevolking zou verbeteren.

Terreurbewind

Leopold II installeerde er meteen een terreurbewind. Vooral de moordpartijen en de afgehakte handen worden vandaag geassocieerd met de 23 jaar dat Leopold II Congo onder zijn hoede had. Niemand weet precies te zeggen hoeveel mensen het leven lieten. Schattingen variëren van twee, drie tot tien miljoen doden.

Voor Leopold was Congo vooral een kans om zichzelf te verrijken. Eerst met de handel in ivoor, later ook rubber. Toen er internationaal veel kritiek kwam op zijn bewind, nam de Belgische staat de kolonie van hem over.

Het monument in Halle dateert uit 1953. Het kwam er in opdracht van een vereniging van kolonialen, om duidelijk te maken waar het kolonialisme over ging: ‘Arbeid en vooruitgang’. De letters komen aan de achterkant van het monument uit de steen, naast een kaart van Congo.

België verloor z’n kolonie bijna 60 jaar geleden, op 30 juni 1960 om exact te zijn. Pas in 2009 voelde het stadsbestuur van Halle de noodzaak voor een zogeheten duidingsbord. Daarop staat dat zijn regime ‘een zware tol aan Congolese levens’ heeft geëist.

Eunice Yahuma: “Je kunt gewoon niet het hele verhaal vertellen op een plaatje. Daarom pleit ik ervoor om het beeld over te brengen naar een museum, waar er echt op deze geschiedenis kan worden gewerkt.”

Maar het gaat om meer dan alleen Leopold II-beelden. Wij trokken met voor- en tegenstanders naar vijf andere koloniale beelden, in Diksmuide, Brussel en Wilrijk.

Het monument voor Jacques de Dixmude in Diksmuide. Beeld Bas Bogaerts

Generaal Jacques de Dixmude: ‘De Dirty Harry van Leopold II’

Waar? Diksmuide

Heeft daar een serieus probleem mee: Koen Coupillie (N-VA)

Het staat er nu al zo lang, laat het maar staan: burgemeester Lies Laridon (CD&V)

‘Je tiendrai’, staat er in de sokkel gebeiteld van Jules Jacques de Dixmude (1858-1928).

De veldslagen waarmee hij de Duitsers afhield tijdens de Eerste Wereldoorlog staan erop gebeiteld. Maar ook: M’Pala 1892. Want ook hij was daar actief. Het bronzen beeld werd twee jaar na zijn dood opgetrokken. Onder hem kijken vier figuurtjes in volle adoratie naar hem op. Een van hen is een slaaf met een ontbloot bovenlijf en de handboeien nog rond de pols. Ook Jacques de Dixmude wordt afgebeeld als bestrijder van de slavernij.

Hij trok op zijn negenentwintigste naar Kongo-Vrijstaat. Hij leidde expedities voor gebiedsuitbreiding en werd in 1895 districtscommissaris van Leopolds eigen rubberwingebied. Zijn naam viel geregeld in de rapporten van de Britse gezant E.D. Morel en de parlementaire commissie die in 1908 de wandaden op de rubberplantages in Congo ging onderzoeken.

Leopold II heeft nooit zelf handen van lui bevonden arbeiders afgehakt. Generaal Jacques beval dat wél. Hij zou er zich ooit op hebben beroemd in één dag 700 Congolezen te hebben gedood.

In 2007 richtte arts Roger Mabiala Zimuangu een brief aan het Diksmuidse schepencollege. Hij vertelde daarin dat hij is opgegroeid in het dorp Kingambula, op 5 kilometer van de plek waar de generaal rond de eeuwwisseling actief was. Toen hij kind was, mocht de naam Jacques niet hardop worden uitgesproken. Oudere dorpelingen hadden hem verteld dat als je hardop ‘Jacques’ zei, er iets rampzaligs zou gebeuren. Jacques was een vloek.

De brief: ‘Aan het begin van de vorige eeuw stuurde luitenant Jacques twee militairen naar ons dorp om dragers te rekruteren. De dorpelingen wisten wat dat betekende. Ze weigerden mannen af te staan en hebben de twee militairen gedood. Enkele dagen later, bij nacht, is een contingent van de Force Publique uit Boma gekomen. Zij hebben het dorp omsingeld en alle mannen vermoord. Sinds die dag heet het dorp Mboma Simbi.”

Wat betekent: dorp zonder mannen.

Ook in Halle staat een beeld van generaal Jacques de Dixmude.Beeld Bas Bogaerts

N-VA-fractieleider Koen Coupillie stelde in de gemeenteraad van Diksmuide in februari van vorig jaar al voor om de bescherming van het standbeeld op te heffen en er een andere locatie voor te zoeken.

Koen Coupillie: “Er werd mij toen beloofd dat er een bord naast het standbeeld zou worden geplaatst met historische duiding. We wachten al meer dan een jaar. Generaal Jacques was de Dirty Harry van Leo­pold II. Hij brandde dorpen plat. En dan zie je die adorerend kijkende Congolees. Het is hallucinant hoe dat daar staat, op ons mooie marktplein. Ik heb mij altijd laten vertellen dat het standbeeld van Jacques de Dixmude een tegenreactie was van Belgische nationalisten op de IJzertoren. Ik ga de kwestie opnieuw aankaarten op de volgende gemeenteraad.”

Burgemeester Lies Laridon (CD&V) benadrukt dat het de afgelopen week rustig is gebleven in Diksmuide en ze zegt te hopen dat dat zo blijft.

Lies Laridon: “U noemt dit een koloniaal standbeeld, maar de reden dat het daar staat situeert zich in de Eerste Wereldoorlog, toen deze generaal tijdens de Slag om de IJzer in Diksmuide de Belgische troepen aanvoerde. Ja, oké, er staat een Congolees afgebeeld, maar u moet dat allemaal zien in de context van toen. Ons marktplein is vorig jaar heraangelegd, en toen was er wat discussie. Nu is de controverse gaan liggen. Het is een beschermd monument, het kan eenvoudigweg niet meer worden verplaatst.”

Generaal Emile Storms.Beeld Bas Bogaerts

Generaal Emile Storms: ‘Hij liet hun hoofden afhakken’

Waar? Elsene

Heeft daar een serieus probleem mee: Ecolo-burgemeester Christos Doulkeridis

Het staat er nu al zo lang, laat het maar staan: Guido Gryseels (AfricaMuseum)

Het is een klein beeldje op de De Meeûssquare in Elsene. Het brengt hulde aan Emile Storms (1846-1918), stichter van M’Pala, de tweede koloniale post van Leopold II in Afrika. Generaal Storms leverde strijd met lokale sultans van de Tabwabevolking. “Hij liet hun hoofden afhakken en bevestigde die als afschrikkingsmiddel op de palissade van de nieuwe koloniale post”, schrijft Lucas Catherine in zijn boek Kongo, een voorgeschiedenis. “Drie van die hoofden werden later door deze koppensneller als trofee meegebracht naar België, waaronder dat van sultan Lusinga Iwa Ng’ombe. Zij bevinden zich nu in het Brusselse Museum voor Natuurwetenschappen.”

Het standbeeld van generaal Storms staat op het grondgebied van de gemeente Elsene. Maar niet lang meer, zo kondigde burgemeester Christos Doulkeridis (Ecolo) laatst aan tegenover mediacongo.net: “Ik heb gevraagd om de buste te verplaatsen naar een museum, en dat werd geaccepteerd. Generaal Storms vertegenwoordigde een bepaald tijdperk. Hij verbleef enkele decennia in de openbare ruimte. Nu kan hij ergens anders heen.”

Helaas blijkt dekoloniseren iets omslachtiger dan het aankondigen van dekolonisering.

Guido Gryseels, de directeur van het AfricaMuseum in Tervuren: “Er is nooit een akkoord gekomen over het verplaatsen van dat beeld. We hébben al een buste van Storms, en zijn verhaal wordt ook gedaan in de permanente collectie. In het depot kunnen we het beeld wel zetten, maar dat wilde Elsene niet. Er is ook geen akkoord over wie de kosten voor het transport zou dragen. De laatste drie maanden heb ik er verder niets meer over gehoord.”

Naast dat van Lusinga zouden nog zo’n 300 Congolese schedels in Belgische collecties zitten. Wat moeten we met al die schedels? Gryseels: “Er is in principe geen enkel bezwaar om de schedel van Lusinga terug te geven. Alleen moeten de modaliteiten bepaald worden. Gaan we die teruggeven aan de overheid, de familie of de lokale gemeenschap? Twee jaar geleden zou er door de staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid, eerst Zuhal Demir en dan Sophie Wilmès, een werkgroep opgericht worden om de teruggave van menselijke resten te bespreken. Daar is niet veel meer mee gebeurd.”

Monument voor de Belgische pioniers in Congo. Beeld Bas Bogaerts

Monument voor de Belgische pioniers in Congo: ‘Laat de beelden staan en voer er ieder jaar actie rond’

Waar? Brussel

Het staat er nu al zo lang, laat het maar staan: Lucas Catherine (auteur)

‘Ik heb het Congowerk ondernomen in het belang der beschaving en voor het welzijn van België.’

Het citaat bovenop het monument aan het Jubelpark wordt toegeschreven aan Leopold II, maar de beelden gaan over militairen en ontdekkingsreizigers. Rechts geeft een militair zijn leven om zijn overste te beschermen. Links verplettert een Belgische officier het hoofd van een Arabier met een tulband. Ook hier weer voeren de Belgen een nobele strijd tegen slavendrijvers.

“Eigenlijk was dat een rookgordijn”, zegt Lucas Catherine, auteur van het vorig jaar verschenen boek Het dekoloniseringsparcours. “In werkelijkheid ging die oorlog gewoon om de ivoorhandel. Die werd in Oost-Congo gedomineerd door de Zanzibar Swahili. Dat waren geen Arabieren, maar wel gearabiseerde zwarte Afrikanen, die weliswaar slaven hadden.”

Pas in de jaren 80 veroorzaakt het monument opschudding, nadat enkele tientallen meters daar vandaan in 1978 de Grote Moskee van België z’n intrek nam in het Oosters Paviljoen. Vooral het opschrift: ‘De Belgische militaire heldenmoed verdelgt den Arabische slavendryver’ viel niet zo goed bij de islamitische gemeenschap.

In 1989 vroeg de imam van de moskee samen met de Jordaanse en Saoedische ambassadeurs om de inscriptie aan te passen, wat ook gebeurde. Er ging een slijpmachine over de woorden ‘Arabisch’ en ‘Arabe’. Koloniale verenigingen herstelden het toch weer in zijn oorspronkelijke staat. Onbekenden verwijderden het woord ‘Arabe’ opnieuw in 2005 – ook het Nederlandse woord is ondertussen alweer verdwenen.

Lucas Catherine: “Veel beelden voor Leopold II zijn in de jaren 1920 opgericht door zijn opvolger Albert. Omdat ze het Belgische prestige en de eenheid symboliseerden. De kolonie was een project waarin de industrie, het leger en het kapitaal samenkwamen. Bovendien had je missionarissen die ook het christendom gingen verspreiden. Er wordt nu een zondebok gekozen, Leopold II, maar de rijkdom die het Belgisch establishment toen door de kolonie vergaarde, blijft onbesproken.”

Leopold II financierde de gebouwen in het Jubelpark. Maar een van de grote ondernemers van toen, Albert Thys, heeft hier ook een standbeeld staan. Thys richtte bedrijven op, werd een van de grootste privéproducenten van rubber en ging de concurrentie aan met Leopold II. Hij was ook actief in de spoorwegen. Die rijkdom wordt in zijn monument gesymboliseerd door een beeld van een zwarte vrouw, die een hoorn des overvloeds draagt. 

Lucas Catherine: “Het idee dat zwarte mensen grote kinderen zijn die een strenge vader nodig hebben, bestaat nog altijd. Dat is precies het paternalisme van de kolonisatie. Je kunt erover nadenken om koloniale monumenten te verplaatsen. Ik ben er voorstander van om die beelden te laten staan. Je kunt er dan ook ieder jaar een actie rond voeren, om mensen de geschiedenis te leren kennen.” 

Pater Constant De Deken .Beeld Bas Bogaerts

Pater Constant De Deken: ‘Gelukkig ging hij niet terug naar het marktplein

Waar? Wilrijk

Heeft daar een serieus probleem mee: Hicham El Mzairh (sp.a)

Het staat er nu al zo lang, laat het maar staan: districtsburgemeester Kristof Bossuyt (N-VA)

‘Pater De Deken, missionaris-ontdekkingsreiziger’, staat er.

Zijn knie steunt op een zo goed als naakte en knielende Congolees. Constant De Deken (1852-1896) was een kleine eeuw lang een beroemdheid in Wilrijk, zeker nadat striptekenaar Jef Nys van Jommeke in 1960 het album De stoutmoedige voortrekker over hem had gemaakt. Het beeld stond eerst op de Bist, het grote marktplein, en verhuisde bij de heraanleg tijdelijk naar een minder prominente plek. En daar staat het nu nog.

Pater De Deken werd in 1892 door koning Leopold II belast met het “verdedigen van de kolonisatie van Kongo-Vrijstaat tegen de aanvallen van de internationale pers”. Hij reisde twee jaar door Congo en schreef daar een boek over, dat in 2002 nog werd heruitgegeven. De uitgever koos voor deze flaptekst: ‘Jaarlijks worden duizenden mensen opgegeten. Er is maar één remedie: enkele van die menseneters fusilleren. We moeten dus geen belang hechten aan het gebazel van diegenen die schrijven over de ‘wreedheden’ die de blanken hier begaan.’

Heftige kerel, zo te lezen. Op pagina 25 beschrijft hij zijn impressies van de eerste Afrikanen die hij zag toen zijn boot de haven van Monrovia bereikte: ‘Konden zij hun bespottelijke verwaandheid nog maar door een aangenaam of flink voorkomen doen vergeten! Zij vertonen haast niets anders dan apengezichten, dikvlezige lippen, omgekruld en uitspringend als een snuit.’

Nog eentje: ‘Men zal nog veel stroppen verslijten voor die domme ­koppigaards hun dwalingen inzien.’

Hicham El Mzairh, fractieleider voor sp.a in de Antwerpse gemeenteraad, werd in 2012 op straat staande gehouden door een Afrikaanse moeder.

Hicham El Mzairh: “Haar kinderen hadden haar gevraagd wat die grote mijnheer met z’n baard nu eigenlijk aan het doen was. Juist in die periode had de zittende bestuursploeg het idee opgevat om het standbeeld terug midden op het marktplein te zetten. Men ging daar 70.000 tot misschien wel 150.000 euro voor vrijmaken. Toen dat uiteindelijk toch niet gebeurde, eiste het Vlaams Belang dat er een spot op het standbeeld zou worden gezet, zodat het beter tot z’n recht kwam. Die verlichting is er dan ook gekomen. Ik kan hier echt kwaad van worden.

“Het is al een kleine mijlpaal dat het beeld is blijven staan waar het nu staat, maar ik ben iets alerter geworden voor dit soort dingen. Wist u dat wij hier in Antwerpen een Bothastraat hebben, een Pretoriastraat en een Krugerstraat? Dat dateert allemaal uit de tijd dat we hier een blijkbaar vrij invloedrijke organisatie van ‘Vrienden van Zuid-Afrika’ hadden, die openlijk het apartheidsregime steunde.”

Het standpunt van districtsburgemeester Kristof Bossuyt (N-VA) komt er min of meer hierop neer dat hij er liever geen heeft.

Kristof Bossuyt: “Laat mij vooraf meteen al zeggen dat er bewakingscamera’s gericht staan op het standbeeld. Als daar iets gebeurt zoals in Ekeren, dan heeft de politie beelden. Het is goed dat de mensen dat weten. Men heeft op een gegeven moment geprobeerd het Nederlandse Zwarte-Pietdebat te importeren naar Wilrijk, maar die discussie is daarna wat gaan liggen. Ik verwacht nu wel een heropleving. 

“Sommigen zien een missionaris die zijn knie zet op de rug van een Congolees, anderen zien iets anders. Een pose, eerder. Constant De Deken is als missionaris trouwens vooral in Tibet actief geweest, veel meer dan in Congo.

“Het zou een dure zaak zijn om het standbeeld te verplaatsen - weze het nu naar een museum of naar een andere plek. Het is een erg imposant beeld. Nu staat het naast de faculteit vergelijkende godsdienstwetenschappen en ik zou niet meteen een betere plek kunnen bedenken. Ik ben hier eerder pragmatisch in. Laten we geen nodeloze kosten maken.”

De 'Weggelopen slaven'.Beeld Bas Bogaerts

‘Weggelopen negerslaven verrast door honden’: ‘Grote fascinatie voor hoe de hond de slaven verscheurt’

Wat? Beeld met titel 

Waar? Brussel

Heeft daar een serieus probleem mee: staatssecretaris Brussels Hoofdstedelijk Gewest Pascal Smet (sp.a)

Het officiële verhaal was dat de Belgen naar Congo trokken om de lokale bevolking te beschaven en de Arabische slavernij te bestrijden. Dat is wat dit beeld de Brusselaars moest vertellen. Hoe wreed slavernij is.

Het is een werk van de Nijvelse beeldhouwer Louis Samain (1834-1901). Zijn eerste versie was er een in gips, en was geïnspireerd op een fragment uit het boek De hut van oom Tom van Harriet Beecher Stowe uit 1851. Het was een van de grote inspiratiebronnen van de in de VS nog volop woedende strijd tegen de slavernij. Samain kreeg in 1894 opdracht van de regering om een kopie te maken van zijn gipsen beeld. Wat groter, en van uit het Italiaanse Carrara geïmporteerd marmer.

In een 19de-eeuwse vertaling van het boek wordt Tom geconfronteerd met slavendrijver Legree, omringd door een paar bloeddorstige honden: ‘Ziedaar wat ik u heb meegebracht, zei Legree, terwijl hij de honden met een woeste uitdrukking van tevredenheid de koppen streelde, en zich vervolgens tot Tom en de overige slaven wendde: ‘Gij ziet, wat u wacht als gij tracht te ontvluchten. Deze honden zijn erop afgericht om slaven te vangen. Onthoudt dat tot uw eigen best.’

Het beeld werd in 2013 onder de aandacht gebracht door student journalistiek Jonas Dalala Gilles, die het opmerkte toen hij op de Louisalaan op de tram stond te wachten: “De kunstenaar heeft met zin voor detail uitgebeeld hoe de hond de man en zijn zoon verscheurt. Het werk lijkt vooral te getuigen van een grote fascinatie voor de manier waarop.”

Beeld Bas Bogaerts

Brussels staatssecretaris voor Stedenbouw Pascal Smet (one.brussels) kondigde deze week de oprichting van een expertengroep aan die de regering moet adviseren. In 2018 leverde een onderzoek naar koloniale monumenten een lijst op van 74 stuks, waaronder ook het werk van Samain.

Pascal Smet: “Wat wij een beetje aan het vergeten zijn, is dat binnenkort die Hollywood-productie van Ben Affleck op ons afkomt, een film over de plunderingen van Congo door Leopold II. Ik kreeg deze week al telefoon van nieuwsdienst Reuters en The Washington Post. Dit gaat dus meer en meer worden opgemerkt en opgepikt en dat kan een kosmopolitische stad als Brussel zich niet veroorloven. Er zijn twee stromingen. De ene zegt: laat ze staan, dat is deel van onze geschiedenis. De andere benadrukt dat standbeelden altijd bedoeld zijn om te vereren.

“Ik wil dat in die expertengroep ook mensen zitten uit de Congolese of Rwandese gemeenschap. Ik hoop dat we binnen het jaar tot een breed gedragen conclusie kunnen komen. Gaan we ze allemaal overbrengen naar één park? Gaan we er andere zaken tegenover zetten? Gaan we ze wegdoen? Simpel wordt het niet. Veel van deze werken zijn beschermd, en dat moet je ongedaan maken via een procedure. Voor elk beeld dat ooit is geplaatst, is een vergunning afgeleverd. Wil je een beeld weghalen, dan heb je ook daar een vergunning voor nodig.”

In kaart: bekijk hier welke beelden van koloniale plunderaars er in uw gemeente staan

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234