Vrijdag 15/11/2019

'De kick van de eerste keeris moeilijk te evenaren'

A la recherche du pop perdu. Beter laat de muziek van das pop zich niet samenvatten. Het Gentse drietal - niet zo lang geleden waren ze nog met vijf - blinkt al sinds 1998 uit in zoete melodieën met een melancholische ondertoon, en daar zit de nostalgische inborst van Bent Van Looy voor veel tussen. 'Ik hou enorm van de jaren zeventig, al heb ik ze zelf nauwelijks meegemaakt. Maar er spreekt zo'n puurheid uit.' Herinneringen van een Antwerpenaar die woont in Gent en kijkt naar Berlijn.

zanger en drummer Bent Van Looy van das pop

Steven Heene / Foto's Stephan Vanfleteren

Bent Van Looy (28) ademt popmuziek. Dat doet hij sinds Michael 'King of Pop' Jackson in 1987 de wereld ervan te probeerde overtuigde dat hij 'Bad' was. De tienjarige Bent zag de videoclip van deze toenmalige wereldhit bij vrienden op de televisie. In zwart-wit weliswaar, maar de magie was er. De beats. De melodie. De danspasjes. De schijnbaar kwaaie attitude, waaronder toch duidelijk een hart van goud klopte. Was het niet Jackson die later, in een ander nummer, zong: "It don't matter if you're black or white"? Het lijkt lang geleden, en dat is het ook. Vandaag probeert de zwart-witte Amerikaanse zanger de wereld ervan te overtuigen dat hij onschuldig is, en dat mag, net als 'Bad', geld kosten.

Maar voor Bent Van Looy is het te laat: hij ademt nog steeds popmuziek. Met grote teugen. Dat zal ook blijken dit weekend op het podium van stubru.uit, het tweedaagse festival van Studio Brussel in Vooruit waar de crème van de Belgische pop en rock neerstrijkt voor een acte de présence. Van Looy treedt dan aan met zijn groepje das pop, meer bepaald met een handvol nieuwe nummers die later dit jaar worden opgenomen onder de titel Postcards from Fuckland. De release van die cd is voor eind dit jaar, maar de zanger-drummer vond er in afwachting geen graten in om de weg naar Fuckland uit te leggen. Eerst wil hij echter zijn nieuwste culinaire ontdekking op de wereld loslaten: spruitjes met parmezaan.

Van Looy: "Dat moet je zeker eens proberen. Spruitjes stomen, een beetje parmezaan erover. Echte schilfers, hé, geen parmezaan uit zakjes. Heerlijk. Simpel, maar heerlijk. Ik probeer de laatste tijd allerlei gerechten met parmezaan uit, en met spruitjes is het werkelijk legendarisch lekker. Beter dan wat ook."

We zullen het proberen. Bent u wel vaker aan het experimenteren in de keuken?

Bent Van Looy: "Valt wel mee. Ik ben zo iemand die in periodes eet. Dan vind ik iets lekker en eet ik dat continu. Ik heb dat met zoute stokjes lang gehad: elke dag moest ik van die stokjes eten. Tot ik er geen meer kon zien. Of pesto, zo'n periode heb ik ook gehad. Via pesto ben ik trouwens bij parmezaan uitgekomen. Hoelang dat nu al duurt? Dat zal zo'n maand of vier zijn. Ik heb toen maar meteen een grote blok kaas gekocht."

Keert die periodieke verslaving ook terug op andere vlakken?

"Nu je het zegt. Met muziek heb ik dat wel, ja, en met boeken. Dan stort ik mij een tijdlang op iets. Lees ik allerlei boeken van één auteur bijvoorbeeld. Daarna heb ik het meestal wel gehad. Ook in muziek: de meeste muziek is verbonden aan een bepaalde periode in mijn leven, daarna krijgt ze de waarde van een snapshot in een fotoalbum. Er is weinig muziek die ik consequent in de loop van de jaren beluister."

In welke muzikale periode zit u nu?

"Geen. Omdat we met das pop nieuwe nummers aan het schrijven zijn. Dan heb ik daar geen zin in. Maar boeken: altijd. Ik heb een echte letterverslaving. Ik lees alles wat ik in handen krijg, of het nu romans, reclameblaadjes of gebruiksaanwijzingen zijn. Echt, ik kan niet in een kamer zijn zonder letters. Daar zal wel een woord voor bestaan, maar ik ken het niet. En het is altijd zo geweest, als kind al.

"Ik kan ook niet stoppen voor een boek uit is. Zo heb ik me net door een gigantisch dik boek gesleept dat me was aanbevolen door een vriend: Jonathan Strange & Mr. Norrell (van Susanna Clarke, SH). Dat boek is volledig in een soort Jane Austen-taal geschreven, en het wordt overal aangekondigd als 'de Harry Potter voor volwassenen'. Man, wat een saai boek! Pas op de laatste veertig bladzijden gebeurt er iets. Dan moet je wel eerst de andere 750 pagina's doorploegen. Ik háátte het.

"Als kind waren er ook al 'periodes' in mijn lectuur. Met als een van de hoogtepunten het oeuvre van Astrid Lindgren, uiteraard. Ah, die Zweedse jeugdliteratuur! Op een gegeven moment ben ik ook gaan neuzen in de boekenkast van mijn ouders - we hadden geen televisie, dus wat kon je doen? - en daar ontdekte ik dan bijvoorbeeld Turks Fruit of zoiets. Spannende tijden waren dat: illegale boeken onder de dekens. Met bepaalde contexten die je nog niet kon snappen. Maar het belangrijkste was toch wel de sensatie dat je ergens op verboden terrein kwam, een kamer die eigenlijk nog gesloten moest blijven."

Gold dat ook voor muziek?

"Absoluut. Popmuziek was iets magisch, te meer omdat mijn ouders, vooral mijn vader dan, het niet zagen zitten dat er popmuziek in huis werd gedraaid. Niet dat er geen muziek was; mijn vader zong vroeger in opera's en is nog altijd actief als musicalacteur, maar hij verdroeg alleen klassieke muziek in huis. Dus ging ik bij vriendjes naar de radio luisteren, naar de Top 30 op zaterdagnamiddag en zo. Op die manier was ik natuurlijk zeer gemotiveerd om ook dat terrein te veroveren. En zo is het begonnen.

"Een van de belangrijkste aspecten aan popmuziek is het nieuwe. Het exclusieve. Iets ontdekken vóór je vrienden dat doen. Zo heb ik als jonge knaap echt willen uitpakken met Sign 'O' the Times van Prince. Die ging nog een stap verder dan Michael Jackson: soms psychedelisch, soms funky, soms gewoon heel lange nummers... Die plaat was een belangrijke ontdekking voor mijn muzikale ontwikkeling."

"Ik ben geboren in Antwerpen, maar we zijn al snel verhuisd naar ons vakantiehuisje in Kappellen. Het was een soort houthakkershut vlak bij een bos. Kappellen is nu bekend als een dure gemeente, maar dat was toen nog anders. Wij woonden in een soort tuinhuis, meer was het niet: twee verdiepingen van elk twee kamers, de douche was in een schuurtje... Maar er was ook een appelboomgaard, er waren bomen om in te klimmen, twee speelkameraadjes die even verderop woonden. Ik heb er echt goeie herinneringen aan. Op een bepaald moment wou ik per se naar de stad natuurlijk, maar dat is normaal.

"Ik ben de oudste van vier, met twee broers en een zus. We woonden dus met zessen samen. Er was geen luxe, maar dat stoorde niet. Als kind droomde ik er zelfs van om ver van de beschaving te gaan leven, zonder elektriciteit, met paard en kar rondrijden en weet ik wat allemaal. Ik maakte ontelbaar veel tekeningen over hoe mijn huis er dan zou uitzien. Je ziet: ik hou er een romantisch beeld aan over.

"Daarnaast was er mettertijd ook de lokroep van de popmuziek, van het leven in de stad. Door de televisie in belangrijke mate. We keken naar Toppop, naar Ad Visser. Arno! Die heeft me echt geschokt toen. Dat was in een programma met Bart Peeters en Bea Van der Maat. Ik meende tot dat moment dat zingen iets bepaalds, iets afgelijnds was. Maar daar stond Arno, hangend aan een microfoonstatief, te rochelen. Dat was met het nummer 'Jive to the Beat', weet ik nog. Een hele schok.

"Een andere schok was inderdaad Michael Jackson. Ik was een jaar of elf tijdens de periode van 'Bad'. Dat heeft mijn leven echt veranderd. Ik reageerde heel primair op die muziek. Ironisch is dat, als je weet wat er nu gaande is. Maar ik kan heel goed begrijpen dat kinderen gefascineerd zijn door Jackson en meegaan. Ik droomde indertijd zelf van Michael Jackson, niet erotisch of zo, maar wel dat hij ons kwam halen om naar de dierentuin te gaan of zo. We praatten daar ook over, mijn broer en ik. Voor ons was hij een soort Peter Pan-figuur.

"Ik had ook geen enkel referentiekader in popmuziek. Behalve wat er die week toevallig in de Top 30 stond. Met heel veel sterretjes die intussen verdwenen zijn. Heel prefab, heel plastic allemaal, maar voor mij was dat al behoorlijk rock-'n-roll. Ik wist ook al op jonge leeftijd dat ik drummer wou worden."

Waarom de drums?

"Dat had met de radio te maken, maar ook met de fanfares die ik in het dorp had zien passeren. Het volume van de troms, die schittering... Indrukwekkend vond ik dat. De fysieke impact der dingen, hé."

Size matters?

"Absoluut. Ik was een jaar of acht, negen. Gelukkig had mijn vader er geen probleem mee. Met zijn achtergrond vond hij het goed dat ik muziekschool volgde en instrumenten leerde te bespelen. Ik heb dat vier jaar gedaan en eerst trouwens klavecimbel geleerd. We hadden thuis een spinet staan en daarop leerde ik de basis van musiceren. Maar al snel wou ik maar één ding: drummen, drummen, drummen."

Klinkt bijna pastoraal: het leven in een boomgaard, een spinet in de woonkamer... Werd u als kind daar niet op aangekeken? Ging u ook voetballen bijvoorbeeld?

"No way. Ik háát sport. En jawel, ik werd gepest, zwaar gepest zelfs. Omdat ik niet meeliep met de rest. Op iets latere leeftijd, toen ik veertien was, bonden ze me zelfs vast aan palen op de speelplaats. Er werd met spelden op mij geschoten. Behoorlijk eng allemaal. En zeer hard om mee te maken op die leeftijd. Maar daarna werd het een troef, dat niet willen meelopen. Het heeft me ook behoorlijk gemotiveerd om te doen wat ik nu doe. Ik heb vaak gedacht: wacht maar, mijn dag komt nog wel.

"In het begin koppelde ik die gedachte nog niet aan muziek. Ik haalde toen veel voldoening, en dus ook zelfvertrouwen, uit tekenen en schilderen - iets wat ik altijd gedaan heb. Het gaf me een identiteit. Ik wou op een bepaald moment ook striptekenaar worden. Ik tekende soms albums van 70 pagina's, ingekleurd en al. Maar ik ben ook altijd muziek blijven spelen, en op mijn zestiende maakte ik een keuze die mijn leven zou veranderen.

"Ik moest echt weg uit Antwerpen - intussen woonden we weer in de stad - want ik had mijn leven op verschillende fronten tegelijk opgefuckt. Thuis, op school, zelfs bij mijn vrienden van toen. Dat laatste kwam door een bizarre driehoeksverhouding die ontplofte, en toen wist ik: ik moet weg. Het was snel duidelijk waarheen: in Gent was er ook een Steinerschool en plots ging het snel. Ik logeerde bij een gezin tijdens de week en in de weekends ging ik nog naar huis, en een jaar later zat ik op kot. Weer een cliché: ditmaal het cliché van de romantische zolderkamer. Het begin van een leuke periode. Gent was nogal overweldigend en ik ging steeds minder naar huis. In die tijd leerde ik ook Niek en Reinhard (van das pop, SH) kennen. Ik had ze al ontmoet toen ik de allereerste keer naar Gent kwam, en ze bleken in mijn klas te zitten, alsof het voorbestemd was. Maar toen wist ik nog niet dat ze ook muziek speelden. Intussen kennen we elkaar, eens kijken, bijna dertien jaar."

Op een mooie lentedag in 1998 werd das pop opgericht, aan een Gentse keukentafel. De vijf jonge leden bezwoeren elkaar dat de muziek altijd op de eerste plaats zou komen en het masterplan - eerst de Rock Rally winnen om bekend te worden en, vooral, betere instrumenten te kunnen kopen; vervolgens een single opnemen, enzovoort - werd verbazingwekkend vlot gerealiseerd. Voor de details: zie de website. Intussen is het vijftal ook een drietal geworden. Na het vertrek van toetsenist Tom Kestens zocht ook gitarist Lieven Moors andere oorden op, waardoor zanger-drummer Bent, bassist Niek Meul en multi-instrumentalist Reinhard Vanbergen voortaan definitief op elkaar aangewezen zijn.

Van Looy: "We waren altijd hecht, ook als vijftal. Maar het is geen toeval dat uitgerekend deze drie mensen zijn overgebleven. Noem het een organische evolutie. Er is ook niemand de baas in das pop. We kennen elk onze kwaliteiten en onze verantwoordelijkheden, zoals ze met de jaren gegroeid zijn. Ik ben meer de communicator van de groep, het uithangbord, al is dat eigenlijk per toeval zo gekomen.

"In de studio is Niek de baas; ik ga niet aan knoppen zitten draaien. Niek is ook altijd de lijm geweest in de groep. En Reinhard, tja, dat is ons muzikale genie. Geef hem om het even welk instrument en na een half uur haalt hij er iets moois uit. Hij kan ook arrangeren voor een groot orkest, noem maar op. Zeer belangrijk. Als ik met hem een discussie aanga, weet ik dus op voorhand dat hij gelijk heeft. Ik ben niet zo briljant. Wat ik wél kan, is een catchy nummer schrijven, een goede tekst leveren, en behoorlijk drummen. Maar ik heb niet zo'n brein als dat van Reinhard. Daar heb ik me allang bij neergelegd."

Waarom bent u overigens na vier jaar gestopt op de muziekschool?

"Omdat ik na vier jaar het gevoel had dat ik de taal 'muziek' voldoende meester was. Ik kon spreken in die taal en hoefde niet per se verder te studeren. Soms krijg je dan een vorm van maniërisme, of van schoolsheid en dat wou ik vermijden. Het volstond om de taal te begrijpen, het kwam er toen op aan om een eigen dialect te ontwikkelen. Ik wist op dat moment genoeg over ritmes, timing en technieken. Niet dat ik een erg veelzijdige drummer ben - je moet me niet om een salsa vragen - maar wat ik doe, doe ik goed. En daarin ben ik me nog altijd aan het verfijnen. Ook in het songs of teksten schrijven. Daarin zijn we allemaal beter geworden, want we schrijven onze muziek samen. Vroeger was er meer sprake van liedjes in elkaar knutselen, waarbij de arrangementen soms de zwakheden moesten verstoppen, maar vandaag durf ik te zeggen dat we songs echt schrijven. En wat de teksten betreft: in de nieuwe songs ben ik eerlijker dan ooit tevoren. Minder ballast, minder clevere lines. Meer essentie. Hoop ik."

Leg eens uit: waar ligt Fuckland nu precies? Als het een aanrader is, tenminste.

"Die term is voor het eerst opgedoken in een nummer maar keert nu als een begrip een aantal keren terug. Het is de naam die ik gegeven heb aan een bepaalde periode in mijn leven, en onder andere Niek bleek dat gevoel meteen te herkennen. Maar om dat uit te leggen, moet ik eerst iets anders vertellen, want het is allemaal enkele jaren geleden begonnen. Op een niet zo fijne manier nog wel.

"Wist je trouwens dat ik pas sinds een week weer koffie drink? Ik heb het jaren gelaten, op aanraden van de dokter indertijd. Ik heb ook lange tijd magnesiumpilletjes geslikt, braaf elke dag. Het was een vorm van houvast, van structuur. Het zat zo: ik was tot voor kort een echte hypochonder. En dat ging nogal ver. Ik lag soms nachten wakker, piekerde over allerlei mogelijke ziektes die ik zou oplopen en had angstvisioenen over de dood, compleet met onaangekondigde paniekaanvallen en een enkele keer met hyperventilatie als gevolg. Terwijl er in feite dus weinig verkeerd met mij was. Maar op de een of andere manier was ik ervan overtuigd dat het slecht zou aflopen - ik heb op een bepaald moment zelfs een hersenscan laten uitvoeren! Ik was in die periode ook tomeloos ambitieus, overigens. Vreemd als ik daar nu aan terugdenk. Nu, wat deed de dokter? Hij onderzocht me, verwees me door naar een goeie osteopaat en ik kreeg een paar tips die ik heel erg ter harte nam, waaronder het stoppen met koffie en nog wat dingen. Alcohol was ook niet echt een aanrader maar dát laten vond ik toch een brug te ver.

"Gaandeweg ging het beter met me, maar zo'n jaar of twee geleden gebeurden er twee dramatische dingen kort na elkaar, met niet meer dan twee weken ertussen. Eerst was het gedaan met mijn lief, na tien jaar, dus dat was een zware dobber. En vlak daarna brandt mijn huis af, wat ik overigens niet eens zo erg vond. Wat was er gebeurd: ik had kleren op een rekje gehangen om te drogen naast het vuur, dat rekje was omgevallen en van het een kwam het ander. Kleren verbrand, mijn platencollectie gesmolten... Merkwaardig genoeg kwam mijn spinet, dat ik van thuis had meegekregen en waar ik regelmatig op speel, er zo goed als ongehavend uit. Maar al de rest was weg. Verdwenen. Waar mijn huis had gestaan, was alleen nog een zwart gat.

"Echt een raar moment, hoor. Maar het voelde als een opluchting, echt waar. Een bevrijding. Net zoals ik op mijn zestiende naar Gent kwam en hier een nieuw leven kon beginnen, omdat niemand mijn achtergrond kende, zo had ik nu de gelegenheid om een nieuw hoofdstuk aan te vatten. En reken maar dat ik gemotiveerd was. Het was het begin van Fuckland.

"Het daaropvolgende jaar heb ik me echt laten meedrijven met de dingen, meestal met mijn volle goesting. Het zal inderdaad wel een soort inhaalmanoeuvre geweest zijn, bedenk ik achteraf. Op dat moment leefde ik vooral van dag tot dag, van nacht tot nacht. Fuckland slaat voor mij dan ook op een soort mentale staat van zijn. Ik deed van alles omdat het op dat moment spannend leek. Ik ging elke avond naar de Video (de club waarboven das pop repeteert, SH) tot zes uur 's ochtends, leerde internationale meisjes kennen, ging nachten niet naar huis, trok naar het buitenland: naar Oostenrijk, naar de Caraïben... Het was een tijd van duisternis die niet onaangenaam was - ik moest blijkbaar enkele demonen uitdrijven.

"Op een gegeven moment gingen we met de trein naar de Hoge Venen, zogezegd om een wandeling te maken, maar we raakten verdwaald, en 21 uur later stonden we ergens in een dorp in de buurt van Francorchamps, met doornen in onze benen. Totaal losgeslagen. Sommige mensen in mijn omgeving begonnen zich op den duur een beetje zorgen te maken, maar op een dag, na ongeveer een jaar, was het voorbij. En maar goed ook, want vermoeiend was het wel, dat jaar. Ik denk ook niet dat ik nog eens zo'n lost weekend zal meemaken, maar je weet maar nooit."

Was het echt zo heftig als het lost weekend van John Lennon waaraan u nu refereert? Hebt u het beest uitgehangen, met alle middelen die daartoe voorhanden waren?

"Het was heftig, zonder meer. Maar zoals ik zei: meer als een mentale kwestie. Wat alcohol betreft: ik heb vooral pintjes gedronken. Whisky of iets dergelijks zou niet bepaald bevorderlijk geweest zijn. Ik heb ook weinig met de aantrekkingskracht van een aantal 'verboden' dingen. Ik heb bijvoorbeeld nog nooit cocaïne gedaan. Ik ben er ook helemaal niet zo goed in, in het vertoeven in Fuckland, weet ik nu. Het goeie is dat ik er wel aan aantal liedjes aan heb overgehouden. En neen, dat was niet met opzet."

Heeft das pop ook niet een beetje het imago van brave popjongens?

"Is dat zo? Ik hoor soms dat we arrogant zijn, en dat vind ik in ieder geval niet kloppen. Maar dat we popjongens zijn, kunnen we moeilijk ontkennen natuurlijk. En braaf? Nee, dat vind ik echt niet."

Jullie worden gesubsidieerd door de Vlaamse overheid. Was dat een moeilijke beslissing?

"Helemaal niet. Ik weet niet of het subsidiesysteem de beste manier is om kunst te organiseren in een land, maar het komt in de buurt. Voordien was het gewoon illegaal om met muziek bezig te zijn. Tenzij je honderdduizend platen verkocht, wat we nog altijd niet doen. Maar stempelen mocht niet, terwijl we hard aan het werken waren om niet meer te moeten stempelen. We waren allesbehalve lui, maar dan krijg je een oproep om in een hamburgertent te gaan werken of achter de vuilkar te hangen. Dat was... moeilijk. Dus toen we de kans hadden om een dossier te schrijven, of beter: te laten schrijven door ons management, hebben we niet geaarzeld. Als toneelgezelschappen dat mogen, waarom wij niet? En dat hele idee van anti-establishment: het is niet cooler om te gaan doppen dan om subsidie te krijgen."

Waarvan akte. Is het leven als Vlaamse popjongen eigenlijk zoals u verwacht had?

"Over het algemeen wel. Het is helaas wel zo dat de kick van de eerste keer moeilijk te evenaren is, maar er blijven nog altijd spannende pistes open. Als ik denk aan de eerste tournee in het buitenland met een toerbus, wat een zaligheid was dat! Ik kon mijn geluk echt niet op. Vierentwintig uur per dag. Rondtrekken met een toerbus plaatst je ook eventjes buiten de werkelijkheid, je zit in een klein universum, waarbij je alleen van punt A naar punt B moet en dan spelen, en je weet weinig of niets over wat er gebeurt in de rest van de wereld. Dat hééft wel iets, toch voor een tijdje. Maar die roes van de eerste keer is nog moeilijk te evenaren. Maar dan nog: ik ben heel erg gelukkig met mijn leven nu.

"Zoals ik al zei, is de eerste keer, het nieuwe, zeer belangrijk in popmuziek. De directheid ook. De puurheid, misschien is dat nog een beter woord. Om een ander voorbeeld te geven: ik sta blijkbaar bekend als iemand die verzot is op de eighties, maar dat is een misverstand. Ik hou vooral van de jaren zeventig. Net vanwege de puurheid van die tijd. Zo komen die jaren toch op mij over, want ik heb ze als 28-jarige nauwelijks meegemaakt. Ik verzamel onder andere de soundtrack van Bilitis op vinyl - ik heb er al tientallen - en thuis heb ik een aantal posters van pornofilms uit die tijd. Ze hebben iets onschuldigs, terwijl het eigenlijk over gore en geile dingen gaat. De jaren zeventig zullen ook niet zo onschuldig geweest zijn, maar het beeld trekt me wel aan. Wat een mooie belichting kan doen."

Het leven gezien door een vaselinelens.

"Dat bedoel ik, ja. Vandaar ook mijn mooie herinneringen aan die Zweedse jeugdliteratuur. De seventies staan voor mij voor een late zomeravond, ergens eind augustus. ABBA op de stereo. Natuurgroen..."

U bent toch wel een groene jongen gebleven. Of niet?

"Ergens wel. Als kind liep ik trouwens op klompen rond. (lacht) Om maar te zeggen dat mijn imago als eightiespopstar zeer relatief is: ik verkleed me gewoon graag. En wat het buiten betreft: ik kan me voorstellen dat ik daar ooit zal eindigen, in de natuur. Liever dat dan sterven in de stad. Maar eerst staan er andere dingen op mijn verlanglijstje. Zo zou ik graag naar Berlijn verhuizen, alleen is het praktisch niet te doen. Ik had al rondgekeken voor een appartementje en zo, maar in deze fase met de groep is het onbegonnen werk om naar daar te verhuizen. Spijtig, want na Gent is Berlijn echt wel een stad die mij aantrekt. Ik hou van de sfeer daar, van die grijze sfeer, maar dan op de juiste manier. Dat is waarschijnlijk net als compensatie voor die groene jeugd. Ik hou ook enorm van saaie woonblokken, en zelfs van de Luchtbal in Antwerpen, terwijl veel mensen die plek juist uitermate deprimerend vinden."

Als u zou verhuizen dient er zich een Berlijnse periode aan. Bowie achterna.

"Stel je voor. Maar voor alle duidelijkheid: daar heeft het niets mee te maken hoor. Ik heb Bowie ook maar leren kennen toen mensen mij met hem begonnen te vergelijken. Dat was in het begin van das pop, de periode waarin ik veel pakken droeg. Maar zoals gezegd verkleed ik me gewoon graag, en dan het liefst als mezelf. Ik heb onlangs een lederen jas gekocht in Zwitserland. Een grote, puffy jas met veel plooien. Ik wil hem in het goud schilderen, want ik heb ergens gelezen dat David Hockney (Brits kunstschilder, SH) beroemd was vanwege zijn gouden jas. Ik vond dat meteen een geweldig idee."

Hoe ijdel is Bent Van Looy?

"Vrij ijdel, ja. Ik heb niet zoveel om ijdel over te zijn, maar de neiging is er wel. Tegelijk kan ik ook die dingen veel beter relativeren dan vroeger, zeker na mijn uitstapjes. Dat doet me ergens aan denken. Mijn vriendin volgt een cursus grime en is op het punt gekomen dat ze een filmbaard moet maken. Ik heb me meteen kandidaat gesteld om model te zijn, want als kind wou ik altijd al een baard hebben. Zo zag ik mezelf als 24-jarige, toen ik zelf nog maar negen jaar was. Ik zat op die smalle, steile trap van ons huisje in Kappellen en dacht na over het magische jaar 2000. Hoe ik dan zou zijn. Ik zag mezelf als een man met een baard, een vrouw en twee kinderen - niet noodzakelijk in die volgorde. Tja, ik heb altijd een uitgesproken visuele verbeelding gehad. Wel, voor die kinderen is het nog wat te vroeg, maar die baard wil ik nu wel eens uitproberen. Ik heb aan mijn lief zelfs al gezegd welk model ik het liefst zie: ik wil graag zo'n 'Benny van ABBA'-baardje. Geef toe, het is beter dan zo'n Coveliers-matje."

Das pop treedt vandaag op op stubru.uit in Vooruit, Gent. Alle concerten op dat festival zijn uitverkocht.

Meer info op www.daspop.be, www.studiobrussel.be of www.vooruit.be. Tournee van Aalst, de theaterproductie met muziek van das pop: meer info www.victoria.bel Geboren op 3 mei 1976 in Antwerpen

l Groeit als kind op in Kappellen als oudste in een gezin met vier kinderen

l Volgt steinerschool in Antwerpen

l Ruilt die school in 1992 voor een school in Gent; leert de latere leden van das pop kennen: Niek Meul, Lieven Moors, Reinhard Vanbergen, Tom Kestens

l Van 1994 tot 1998: studeert schilderkunst en grafiek aan Sint-Lucas Gent

l In 1998 wint das pop Humo's Rock Rally; ze bestaan op dat moment bijna een jaar

l Datzelfde jaar verschijnt de eerste ep: A different beat

Later volgt een aantal singles, waaronder 'Electronica for lovers' (1999), en de full-cd's I Love (2000) en The Human Thing (2003)

l 2005: das pop, intussen een trio, schrijft muziek voor de theaterproductie Aalst van Victoria; eind 2005, begin 2006 moet de nieuwe cd uitkomen, Postcards from Fuckland

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234