Vrijdag 30/10/2020

De keizers van de parking

Ooit scheurden ze met de vlam in de pijp door de Brennerpas. Ze heetten Henk, Mario of Johnny. Maar ooit is voorbij. Iulian, Muammer en Genek zijn nu de kings of the road. Soms zit er nog een Cor tussen. Hun weekends slijten ze op de parkings van de E40 en de E17. In Wetteren of De Pinte, kruispunt van Europa. 'Door mijn werk heeft mijn familie een leven. Maar ik niet.'

Tekst Rik Van Puymbroeck

'My Endless Love':zaterdagochtend in Wetteren, de dj koos de soundtrack van de droefenis uit, blauwe handdoek onder de arm loopt Seamus Kenny naar de douches. "It's not the Ritz", glimlacht hij, "maar het is oké. Proper. Twee euro waard. Ik heb erger gezien." Vrijdagavond parkeerde de 41-jarige Ier zijn Scania op deze parkeerplaats in Wetteren, voor negen uur verplichte rust. Nu gaat hij zich wassen en scheren. "Scheren doe ik me maar om de andere dag. In deze job hoef je niet mooi te zijn." Bij Radio Nostalgie zijn ze al aan een nieuwe plaat bezig: 'Verdammt, ich lieb' dich'van Matthias Reim.

Al die liefde door de boxen. Terwijl de Durex-automaten stuk zijn. De verleiding nergens te vinden. En home Kilkenny is. Daartussen liggen Calais, de trein, een rit, een overzet en nog een rit. "Gisteravond had ik geen keuze", zegt Seamus. "Ik had in Duitsland een lading yoghurt opgehaald bij Danone en in Brussel kwam ik aan mijn limiet. Bijna negen uur rijden. Dus wilde ik stoppen in Groot-Bijgaarden, maar ik zag wat open trailers met open deuren. Dat vond ik louche. Soms zetten collega's hun deuren open om te tonen dat ze leeg zijn, maar die deuren zetten ze wel vast. Deze klapperden. Dus ben ik maar naar Wetteren doorgereden."

Seamus is zelfstandig truckchauffeur ("al 23 jaar, zoals mijn pa, ik heb nooit iets anders gezien"), binnen duwt hij de print-knop van zijn tachograaf in. Zijn rit van vrijdag rolt eruit. Vertrokken om 8.47 uur, effectieve reistijd: 9 uur en 7 minuten. "Dat is 7 minuten te lang. Als ik in Groot-Bijgaarden was gestopt, was ik binnen de limiet gebleven. Nu niet. Probleem is nu als de politie me doet stoppen. Ze kunnen 28 dagen teruggaan. Controleren ze me en zien ze die 7 minuten, dan is het simpel: 135 euro boete. Maar mijn hoogste boete had ik ooit in Frankrijk. Ik kwam uit Italië met een lading perziken. Je kent dat, vandaag geplukt in Italië en morgen in de winkel in Ierland. Het was een ratrace en ze hielden me tegen: 3.000 euro boete. Om dat terug te winnen, moet ik lang rijden hoor." Binnen is zijn truck om van te eten. Lederen interieur. Geen half stofje. Straks geeft hij gas op de tonen van 'Gypsy'van Fleetwood Mac, uit zijn iPod. In de kastjes boven liggen zijn kleren van een week mooi in de plooi. "This is my living room", zegt Seamus die even snel rekent: "In maart heb ik hem vier jaar, er staat 600.000 kilometer op de teller. Kost me elke vier jaar 200.0000 euro. Dat is telkens een huis. Van Scania dus, ik heb nooit een ander merk gewild. Heel Europa heb ik gezien. Allez, de motorways en bedrijfsterreinen. Een stad heb ik nooit bezocht, neen. Maar verder fijn. Alleen één keer in Italië bestolen. Ze kwamen mijn truck binnen, bonden me vast en roofden mijn trailer leeg. Maar mij deden ze niks en van mijn portemonnee bleven ze af. Ik had nog geluk."

Biefstuk

Geluk? Voor Iulian Stan zit het in een doos: doorweekt karton beschermt het vuurtje waarop aan de zijkant van zijn truck goulash pruttelt. Zijn nummerplaat is Roemeens. "Eén maand rijd ik door Europa, één maand door Roemenië", legt hij uit. "En ik heb geluk met mijn werkgever. Jostgroup (een transportfirma met basis in het onooglijke Luxemburgse Weiswampach, RVP)betaalt me 1.400 euro per maand. Ik klaag niet en mijn kinderen kunnen ermee naar school." Het siert Iulian dat hij niet klaagt, uiteindelijk staat hij wel 45 uur te staan. Verplichte rusttijd in het weekend. Schrale pils uit een nog schraler blik verzacht de heimwee. "Als ik ergens aankom, kijk ik of ik nog Roemeense trucks zie. Dan parkeer ik me naast die mannen, zo heb ik toch een beetje een sociaal leven." Zo zit troost in details. En de E40 over, terug richting Brussel, wordt 'verdienen'een relatief begrip. Twee rode Compan Plan-trucks vormen een hoek, een beetje beschut tegen de wind zitten drie Turkse collega's. In propere drukletters schrijft Nejmi Ulas zijn naam en die van Muammer Ata en Mete Evcan in mijn boekje. Mete rijdt al 25 jaar rond, "in heel Europa, maar ook in Syrië, Iran en Irak", zegt hij. "Alleen de laatste negen jaar niet in Irak." Dat ze hier eten en niet in het restaurant, heeft twee redenen. "Je weet nooit of ze je geen varkensvlees voorschotelen", zegt Nejmi. "Wij zijn moslims." De tweede reden is geld: "500 euro per maand", zegt Mete als we naar zijn loon vragen. 500? Hij knikt en biedt ons Turkse thee en een broodje met Turkse kaas aan.

Zo romantisch is life on the road dus, al klimt net Marcel Romer uit zijn Farm Frites-truck. Tot twee maand geleden runde de tot kok opgeleide Nederlander in badplaats Renesse op Schouwen-Duiveland Kado Shop Lashida, nu hangen zijn truckersklompen vol vuile grond. "Met het toerisme werd het toch steeds minder in Renesse", zegt hij. "En toen dacht ik: misschien is vrachtwagenchauffeur wel iets voor mij. Kijk, ik ben gescheiden en mijn kinderen zijn groter. Als ik er niet ben, zorgt mijn ex zelfs voor de hond. Niks hield me tegen." Leuk werk vindt hij het. Vijf dagen rijden, twee dagen thuis. "Ik vervoer alleen aardappelen. In Nederland, Duitsland, Frankrijk en België. Van bij de boer tot in een van onze fabrieken."

Niet dat hij al veel kan vergelijken, maar toch: "Meestal slaap ik wel goed in m'n truck. Alleen gisteravond was wat minder. Toen stond ik in Warneton, maar de parking was vol. Dus zat er niks op dan langs de weg te parkeren, vlak naast de vangrail. Maar dan hoor je ze dus de hele nacht passeren." Wat vreemd is: zelfs als hij vlak bij huis in Nederland toert, gaat Romer niet thuis slapen. "Beter kan ik die tijd al gebruiken om in de richting van mijn volgende doel te rijden", zegt hij. "Dat is weer tijd gewonnen. België is eigenlijk het minst leuke land om in te rijden. Als er in Nederland putten in de weg zitten, dan herstellen we die weg meteen een heel stuk. In België vullen ze de putten met stukjes. Maar rijd je nu met een lege truck van veertien ton of een volle met daarin nog eens dertig ton aardappelen over, bij élke put krijg je een klap."

Nog één keer naar de overkant. Tussen een Litouwse en een Poolse truck staat een Duits busje. Daarin zitten Beate en Frank. Ze staan hier maar eventjes: een kinderloos koppel met wel een collectie beertjes die allemaal een naam hebben. Eentje heet Bert. Een andere Tim. En hun Setra-busje is veertig jaar oud en heeft ruim een miljoen kilometer op de teller. Ook Beate en Frank klagen over de Belgische wegen. Maar van de truckers geen last. "We slapen wel in de bus", zegt Frank. "Maar nooit op parkings als deze. Dit is goed om even te rusten of eens naar het toilet te gaan. Slapen doen we vanavond wel op een camping in Honfleur." En dus rijden ze toeterend weer weg. In de open trailer naast hen bakken twee Sloveense chauffeurs een biefstuk.

Skypen

E17, De Pinte. Ritmisch staan Europese roadrunners gerangschikt: Eggers Fachspedition, Euroleasing, Freja Transport & Logistics, Willi Betz, Sandra-Trans. En uit die laatste hangt wat triest kijkend Genek, een Pool. "Wachten, wachten, wachten", zegt hij over zijn weekendlot. "Ik heb geen tv, geen internet en ook geen geld om lekker te gaan eten in het restaurant. Maar ook geen keuze. En maandag kan ik pas weer vertrekken." Genek komt uit Poznan. Hij reed vroeger vaak door Rusland. "Zo corrupt als wat", zegt Genek. "Werd je tegengehouden en kon je 50 euro dokken. Anders mocht je niet doorrijden."

Ook Wlodek komt uit Poznan. Al is dat een leugen, Wlodek is niet zijn echte naam. Hij werkt voor een Belgische transportfirma. Maar zijn truck mag niet in beeld, zijn kop niet, zijn naam moet fictief. Zijn verhaal wil hij wel kwijt. Wlodek is 26. "In Polen had ik goed gestudeerd", zegt hij. "Organisatieleer en reclame. Maar daarin vond ik niet meteen werk. Ik ging een tijdje bij de politie werken, maar uiteindelijk ging ik als truckchauffeur aan de slag." Eén probleem: in Polen verdiende Wlodek daarmee 1.000 euro per maand. "Dat was nog altijd meer dan de 700 euro die ik bij de politie ving. Maar als je al elke maand 400 euro kwijt bent aan de hypotheek van je huis, dan schiet er zelfs van die 1.000 niet veel meer over."

De oplossing kwam uit Nederland. Twee jaar lang kon Wlodek daar aan de slag. "Dat was goed, ik had er zelfs een huisje waar ik kon slapen. Maar toen de zaken slecht gingen, vlogen alle vijftig Poolse chauffeurs buiten. Ik ook dus."

Wlodek lacht vaak. Wat moet je anders? Vrijdagavond kwam hij op deze parking in De Pinte aan, de tachograaf zei: rusten, 45 uur. Zijn trailer koppelde hij los. Nu staat zijn trailer op de parking, maar met zijn truck reed hij tot net voor het Van der Valk-hotel. "Voor de gratis wifi", zegt hij. "Als ik me goed zet, kan ik het signaal vanuit mijn cabine opvangen. En dan kan ik skypen met thuis. Want nu ik voor een Belgische firma werk, heb ik zelfs geen woning meer hier. Leven doe ik in mijn truck. Vier weken na elkaar, dan worden we met een busje naar huis in Polen teruggebracht. En na een week weer naar België. Om dan weer vier weken door Europa te rijden. Dat skypen helpt me dan wel. Ik heb een vrouw en twee kindjes, we spreken af wanneer we voor de computer zitten." Dat het een eenzame job is, zegt hij nog. En waarom hij dat dan doet? "Voor het geld natuurlijk. Nu verdien ik zo'n 1.800 euro per maand. Voor mijn werkgever is dat een goeie zaak, Belgische chauffeurs zouden hem meer kosten. En voor mij? Dankzij mijn job heeft mijn familie een goed leven. Maar ik heb er geen." Aan het einde van deze parking grijzen drie Bulgaren. Kleine truck, vol machines, leren we uit handgebaren, een blokje hout onder de wielen zorgt voor evenwicht. En dus voor een betere nachtrust. Een handdoek met 'Bulgaria' wappert te drogen. Duim omhoog.

Kortverhaal

Een laatste keer wippen we de autostrade over, nog altijd in De Pinte dus, maar dan richting Antwerpen. We mogen boven in de cabine en daar zit Cor Kruiskamp met een laptop op het stuur. Surfend? Neen. Schrijvend. "Ik ben mijn derde boek aan het schrijven", zegt Cor, 59 jaar en over drie kwartier thuis in Hoek, bij Terneuzen. "Ik moest drie kwartier rusten en dan had ik nog geluk. Als ik deze week al twee keer tien uur en drie keer negen uur had gereden, kon ik hier 45 uur blijven staan. Op drie kwartier van thuis. Weet je hoe wij dat noemen: kut. Ik heb altijd Spanje gedaan, dat was mijn leven. Maar wat ik toen op vier dagen deed, daar heb ik nu acht dagen voor nodig. Dat is geen leven meer."

Ja, Cor begrijpt dat er regels moesten komen. "Maar het is duidelijk dat de mannen die in Brussel die regels maken, nooit met een truck rijden. Acht uur slapen, oké. En dan af en toe rusten. Maar nu? (toont een notitieboekje:)De hele dag door moet ik opschrijven hoeveel uur ik rijd, hoe lang ik stop, wanneer ik weer rijd. Plus moet ik de hele dag nadenken wat me volgende week te doen staan en moet ik daar nu al rekening mee houden. En dan dit. (wijst op zijn gps en zijn gsm)Als ik vroeger in Spanje was, kon ik 's avonds met de collega's iets eten. Waren we onbereikbaar, dan belde ik 's morgens terug. Maar nu kan mijn baas perfect zien waar ik zit, hoeveel uur ik nog kan rijden, en zo krijg ik voortdurend nieuwe planningen door. Het is te bezopen voor woorden. En ik verdien er het zout in de pap niet meer mee." Toch: koken doet hij nooit zelf. Nooit gedaan. "Als ik me geen restaurant meer kan permitteren, stop ik helemaal. Ik ben geen Litouwer of geen Pool, toch."

Het plezier is helemaal weg bij Cor. Nog eens zes jaar doorgaan ziet hij niet zitten. Met collega's plezier maken, die tijd is voorbij. "Ik ben een van de laatste Mohikanen uit Nederland die nog op Spanje rijdt, met de collega's kan ik niet meer praten." En dus schrijft Cor. "Ik ben een grote bluesfanaat. En toen ik op een avond in een cafeetje thuis naar een optreden ging, raakte ik met de gitarist aan de praat. Hij schreef nummers maar had geen teksten. Dat heb ik eens geprobeerd en toen bleek dat ik wat talent had. Toen zei m'n vrouw: 'Cor, waarom schrijf je geen kortverhaal?'Ze gaf me een laptop cadeau en ik ben beginnen schrijven. Dat werd een lang verhaal, maar mijn vrouw en ik vonden het uiteindelijk niet goed genoeg. Dus heb ik een tweede geschreven. De eenhoorn, helemaal zelf verzonnen." Vijf weken geleden was dat klaar en toen deed Cor zijn verhaal op de brievenbus. "Naar De Bezige Bij", zegt hij. "Maar neen, ik wacht niet in spanning af. Ze krijgen misschien wel 200.000 manuscripten per jaar. En op Giphart en Kluun zitten ze wel te wachten, maar niet op Cor Kruiskamp. Maar je weet nooit. Misschien vinden ze het wel iets en als dat lukt, dan ik die switch wel maken. Want dit leven ben ik echt rotmoe."

Hebben we net in de laatste truck gesproken met een toekomstige auteur in het fonds waar ook Erwin Mortier, Cees Nooteboom en Philip Roth onderdak hebben? Cor glimlacht: "Komen jullie me nog maar eens interviewen."

NIET OP RESTAURANT

Vanuit Turkije vlammen ze over Europese wegen en als ze elkaar kruisen, eten ze samen. Dat doen de Turkse truckers Nejmi, Muammer en Mete niet op restaurant, maar naast hun truck. 'Je weet nooit of ze je varkensvlees serveren', zegt Nejmi. 'We zijn moslims.' Er is Turkse thee, er is Turkse kaas en er is Turkse gastvrijheid. Ook wie amper 500 euro per maand verdient, deelt.

45 UUR WACHTEN

Geur zie je niet op een foto, maar de landelijkheid van dit beeld verspreidt die van koeien en varkens. In hun truck, geladen met machines, ruiken drie Bulgaarse chauffeurs dat niet. De truck staat op een houten blokje, voor het evenwicht en dus voor de nachtrust. Vijfenveertig uur staan ze in De Pinte. Truckchauffeur worden was een jongensdroom.

EEN BEETJE THUIS

Hun trailer is leeg, het bestaan tijdens een weekend Wetteren lijkt dat ook. En dan helpt een Turkse dvd, wat water en koffie de illusie van gezelligheid. Wordt deze truck ver van huis toch een beetje thuis.

Passende quote bij foto

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234