Zondag 23/02/2020

De Japanner en de zee

De Japanse regisseur Takeshi Kitano over 'Kikujiro'

Film

Toen regisseur Akira Kurosawa in 1950 de Gouden Leeuw kreeg voor zijn inmiddels tot klassieker geconsacreerde film Rashomon, betekende dat de doorbraak van de Japanse film in het Westen. In 1997 schonk het Festival van Venetië opnieuw zo'n Gouden Leeuw aan een Japanse film, Hana-bi, en dit keer betekende dat de doorbraak van regisseur Takeshi Kitano in eigen land. Momenteel loopt Kikujiro, zijn achtste film, bij ons in de bioscopen.

In het Westen heeft Takeshi Kitano al zo'n beetje een cultreputatie opgebouwd sinds zijn film Sonatine uit 1993 in de Un Certain Regard-sectie in Cannes vertoond werd. Hij werd toen zelfs een tijdje 'de Japanse Tarantino' genoemd. In Japan zelf was Takeshi Kitano (°1947) op dat moment nochtans geen onbekende meer. Hij was en is daar nog steeds razend populair: verschillende televisieshows per week, radioprogramma's, columns in diverse kranten en tijdschriften, romans en poëziebundels. Zijn grote bekendheid dateert uit de jaren zeventig, toen hij furore maakte met het oneerbiedige, (zwart) humoristische duo The Two Beats, waar hij trouwens de bijnaam 'Beat' Takeshi aan overhield. Tegelijk was het juist die komische reputatie die zijn erkenning (althans in eigen land) als filmacteur en -regisseur een tijdlang tegenhield. In dat verband vertelt Kitano graag hoe het publiek in Japan spontaan begon te lachen toen men hem (tegenover David Bowie) zag opduiken als de brutale sergeant Hara in de absoluut niet grappig bedoelde film Merry Christmas, Mr. Lawrence van regisseur Nagisa Oshima uit 1983. Afgelopen zomer stond Kitano trouwens opnieuw als acteur voor de camera van regisseur Oshima. Na Max Mon Amour, nu reeds dertien jaar geleden, is Nagisa Oshima uiteindelijk weer aan de slag kunnen gaan met Gohatto, een historische samoerai-film.

Over de redenen waarom een wereldberoemde cineast als Nagisa Oshima geen sant in eigen land is en dus (net als Kurosawa indertijd) nog steeds veel moeite heeft om zijn filmprojecten gefinancierd te krijgen, wenst Takeshi Kitano liever geen uitspraken te doen. Maar hij wil wel vertellen waarom zijn eigen erkenning als filmmaker in Japan zo'n moeizaam proces is geweest.

"In Japan verandert men nu eenmaal niet graag zijn visie op bepaalde personen. Ik ben bekend geworden als komiek en dus barstte men in lachen uit toen men mij plots zag opduiken in de film van Oshima. Toen ik daarna nog andere, eveneens ernstige rollen vertolkte in enkele Japanse films, werd ik evenmin serieus genomen. Dat heeft dus ruim tien jaar geduurd. Toen ik dan ook nog eens als filmregisseur aan de slag ging, moest er opnieuw enige tijd overheen gaan vooraleer ook dát geaccepteerd werd. Japanners zijn niet gewoon dat iemand verschillende petjes draagt of verschillende talenten demonstreert. Het was wellicht ook een beetje mijn eigen schuld, want in het begin sprak ik over film als over een prachtig speeltje. En dus vond men het ook niet nodig om iemand serieus te nemen die toch maar wat aan het spelen was. In mijn eigen land heeft het dus geduurd tot de Gouden Leeuw in Venetië voor Hana-bi en tot de selectie in Cannes van Kikujiro, met daarbij nog eens het Légion d'Honneur, vooraleer mijn films op positieve recensies konden rekenen. Er is nu zelfs sprake van een totale ommekeer. Het is tegelijk verbijsterend en lachwekkend. Dezelfde recensenten die nooit een woord, laat staan een goed woord over hadden voor mijn vroegere films, schrijven nu vol lof over die eerste films, waaruit volgens hen al blijkt hoe getalenteerd ik toen wel was. Die vroege films worden nu dus herontdekt op video, wat eigenlijk jammer is want ze waren wel degelijk gemaakt voor de bioscoop."

Met Kikujiro heeft Takeshi Kitano nu een opvallend tedere en grappige film afleverde. Opvallend, want 'Beat' Takeshi raakte als regisseur immers vooral bekend met enkele harde, gestileerde gangster- of zogenaamde 'yakuza'-films. Met Kikujiro heeft hij resoluut voor een minder gewelddadig register gekozen, maar zijn stijl is wel degelijk herkenbaar gebleven, onder meer door het inlassen van enkele speelse visuele gimmicks. Het verhaal lijkt een Japanse versie van de Braziliaanse film Central do Brasil, waarin een jongetje op zoek gaat naar zijn vader die hij nooit goed gekend heeft en daarbij begeleid wordt door een oudere, cynisch geworden vrouw.

Hier wordt het verhaal verteld van de negenjarige Masuo, die bij zijn grootmoeder woont en die tijdens een zomervakantie op zoek gaat naar zijn moeder, van wie hij alleen een foto heeft. Hij wordt begeleid door een man, die daar eigenlijk helemaal geen zin in heeft. Die rol wordt vertolkt door Takeshi Kitano zelf, die ook nog het scenario schreef en de film ook zelf produceerde. Kikujiro blijkt een semi-criminele nietsnut, die vooral graag scheldt en die steeds te vinden is voor wat snel geldgewin. Tijdens deze als een 'road-movie' opgebouwde film zal dit ongewone duo in allerlei bizarre, vaak grappige situaties terechtkomen (die soms herinneringen oproepen aan de Chaplin-klassieker The Kid) en ook verschillende kleurrijke personages ontmoeten. De humor wordt regelmatig afgewisseld met momenten van (goed in de hand gehouden en dus niet al te sentimentele) tederheid en sprookjesachtige magie.

Met Kikujiro wilde Takeshi Kitano naar eigen zeggen een 'andere' film maken, een film waarop niet meteen het yakuza-etiket gekleefd zou worden. Wilde hij daarmee vermijden dat zijn films té voorspelbaar zouden worden voor het publiek? Of wou Kitano in de eerste instantie zichzelf verrassen?

"De twee redenen speelden mee. Ik denk dat zowel het publiek als ikzelf een beetje uitgekeken waren op die gangsterfilms. En dus leek het mij, voor beide partijen, tijd om eens iets anders te proberen."

Toch heeft Kitano in het verleden niet alleen maar gewelddadige gangsterfilms gemaakt. Een film als Ano Natsu, Ichiban Shizukana Umi ('A Scene at the Sea') uit 1991 bijvoorbeeld, waarin de regisseur zelf niet meespeelde, vertelde over een dove tiener, die in een kuststadje een kapotte surfplank vindt waarmee hij, na herstelling, zichzelf leert surfen. Het resultaat was een gevoelige en poëtische film, met een mooi liefdesverhaaltje en zonder gewelduitbarstingen.

"Dat klopt", geeft Kitano toe. "Mijn eerste twee films, Violent Cop en Jugatsu (Boiling Point) waren echte gangsterfilms en toen had ik al zin om iets anders te maken. Dat werd dus A Scene at the Sea, maar die film is grotendeels onopgemerkt gebleven, wat mij uiteraard ontgoocheld heeft. Maar ik heb die film toen inderdaad met dezelfde bedoeling en in dezelfde geest gemaakt als Kikujiro nu."

In 1993 draaide hij dan Sonatine, opnieuw een gangsterfilm, met zichzelf in de hoofdrol als een gedeprimeerde yakuza. Het is met die film dat hij 'ontdekt' wordt door cinefiele regisseurs als Martin Scorsese en Quentin Tarantino, die zich trouwens inzette om Sonatine aan een carrière in de Amerikaanse bioscopen te helpen. Het gevolg was dat de Japanse regisseur binnen de kortste keren cultstatus verwierf als de 'tough guy du jour'.

Voor Kitano zelf betekende die film ook een soort scharnierpunt, waarbij hij als het ware wou uitzoeken hoe het nu verder moest met zijn carrière als filmmaker en in welke richting hij wilde evolueren. In interviews gebruikte Kitano, die op dat moment trouwens pianolessen volgde, daarvoor een muzikale beeldspraak die in de titel vervat ligt. Een sonatine is namelijk nog een eindje verwijderd van een sonate; een pianist die een sonatine onder de knie gekregen heeft, moet voor zichzelf beslissen of hij ook groter/moeilijker werk zal aankunnen. Hij kan op dat moment besluiten om een klassiek pianist te worden; zoniet kan hij altijd nog in een meer populaire of jazzy richting evolueren. Voor een filmmaker betekent dit dat hij soms kan/moet kiezen tussen het grote publiek en het prestigieuzere, maar kleinere art house-circuit.

De keuze van Kitano leek op dat moment de meer populaire richting uit te gaan, want in 1994 leverde hij met Minna Yatteruka ('Getting Any?') een absurde klucht af, vol burleske seksgrappen (rond de hilarische pogingen van een jongeman om zijn maagdelijkheid te verliezen) en satirische speldenprikken in de richting van het filmbedrijf (vermits de jongeman in kwestie als acteur aan de slag gaat in een of andere samoerai-film). Getting Any? was de eerste Kitano-film die sterk scoorde in de Japanse bioscopen, maar net vóór de film daar in roulatie kwam, raakte de regisseur, na een avondje uit, betrokken bij een zwaar motorongeval dat hem bijna het leven kostte. Hij hield aan dat accident niet alleen enkele littekens en een gedeeltelijke gelaatsverlamming over, maar ook een andere, minder wilde levenswijze. Tijdens zijn herstelperiode begon Takeshi Kitano ook te tekenen en te schilderen. De kleur- en fantasierijke resultaten daarvan zijn trouwens te zien in zijn films Hana-bi en ook in Kikujiro.

In de films van Takeshi Kitano komen de personages nogal regelmatig bij de zee terecht. Dat is in Kikujiro niet anders. Toeval of zit daar iets meer achter?

"Daar zijn verschillende redenen voor", legt hij uit. "Vooreerst hou ik zelf van de zee. Een tweede reden is dat de zee vaak een mooie achtergrond levert. Er zijn de verschillende kleuren van de hemel en van het water zelf, waartegen de personages beter afsteken. Dat geldt vooral voor Aziatische personages. In tegenstelling tot westerlingen zijn wij nogal monochroom: donkere ogen, zwarte haren en een matte huidskleur. Als de achtergrond té kleurrijk is, dreigen we daarin te verdwijnen. Daarom gebruik ik bij buitenopnames wel vaker éénkleurige achtergronden. Een derde reden is meer van symbolische aard: de zee als oorsprong van alle leven. Daar komt alles vandaan. En dus keert de mens, als laatste schakel van de evolutie, terug naar die plaats als het om belangrijke zaken gaat. Dat kunnen dan zowel momenten van stille bezinning als van misdadig geweld zijn. Die locatie maakt dergelijke momenten meteen veel dramatischer en indrukwekkender."

De titel van zijn vorige film Hana-bi hield in zichzelf een soort statement verborgen. Hana betekent namelijk bloem en bi staat voor vuur. Maar door het koppelteken krijgt Hana-bi de betekenis van vuurwerk. Zit er in Kikujiro ook zo'n taalkundige boodschap verborgen?

"Helemaal niet. Dat is gewoon de naam van mijn vader. Maar de film is absoluut niet op hem gebaseerd en dit is dus zeker geen autobiografisch verhaal. Hoogstens zou je kunnen stellen dat het personage van Kikujiro een beetje verwijst naar het soort vader dat ik zelf gewild had. Aan mijn eigen vader hou ik alleen maar slechte herinneringen over. Ik was zéér bang voor die man. Hij was zeer gewelddadig, sloeg mijn moeder, schopte de tafel omver waaraan wij zaten te eten. Met mijn broers fantaseerde ik zelfs hoe wij hem uit de weg konden ruimen. Hij is uiteindelijk gestorven zonder dat het tussen ons nog goedgekomen is. Pas veel later, toen ikzelf ouder werd, begon ik mij te realiseren dat hij, op zijn manier, wellicht ook zeer eenzaam en erg ongelukkig moet geweest zijn: thuiskomen als vader en dan zien hoe je eigen kinderen zich wegstoppen of hoe ze jou alleen maar met schrik kunnen aankijken, zonder enige vorm van affectie. Ik vind dat nu natuurlijk wel spijtig, maar we hebben de tijd niet gehad om ons vooralsnog te verzoenen. Ik realiseer mij nu dat er altijd redenen zijn waarom onze ouders zich gedragen zoals ze dat doen of gedaan hebben. Laat ons dus proberen toch van hen te houden zolang ze nog in leven zijn."

TITEL: Kikujiro. REGIE en SCENARIO: Takeshi Kitano. FOTOGRAFIE: Katsumi Yanagishima en Hitoshi Takaya. MUZIEK: Joe Hisaishi. PRODUCTIE: Takeshi Kitano, Masayuki Mori en Takio Yoshida. VERTOLKING: Takeshi Kitano, Yusuke Sekiguchi, Kayoko Kishimoto, Kazuko Yoshiyuki, e.a. Japan, 1999, kleur, 116 min. Gedistribueerd door Cinélibre.

'Japanners zijn het niet gewoon dat iemand verschillende petjes draagt of verschillende talenten demonstreert'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234