Zaterdag 23/01/2021

'De IJzerbedevaart was dé uitstap van het jaar'

'De toren is veel belangrijker dan de manifestatie', zegt Lies Laridon, burgemeester van Diksmuide. Dat de IJzerbedevaart in 2013 van eind augustus naar 11 november verhuist, maakt dus geen verschil. Vinden zelfs oud-gedienden. Al sinds 1948 reed Willy Kuijpers elke laatste zondag van augustus naar 'Vlaanderens Dodenveld'. 'Wapenstilstand is het beste symbool voor de wereldvrede.' Rik Van Puymbroeck

et IJzerbedevaartcomité heeft besloten de jaarlijkse IJzerbedevaart vanaf 2013 te organiseren op 11 november." Het was een eenvoudig zinnetje, als een streepje onder een lange geschiedenis. Niet dat alle edities van de IJzerbedevaart, in 1920 begonnen, op de laatste zondag van augustus plaatsvonden. Dat leert het historisch overzicht van 76 bedevaarten op de website: de allereerste was een hulde aan de in de Eerste Wereldoorlog gestorven kunstenaar Joe English, in Steenkerke-Veurne, het was de eerste zondag van september. Wel was meteen de teneur gezet. Het was een dodenherdenking. Uniek Vlaams? Neen, al sprak professor Frans Daels deze woorden: "Gelijk moeders hoekske in vaders huis, zo bemin ik Vlaanderen in België." Waarna een eucharistieviering, een sobere plechtigheid, toespraken, een bloemenhulde en een vlaggenoptocht volgden.

Die ingrediënten lijken na meer dan 90 jaar amper veranderd. Maar gezapigheid is een woord dat de geschiedenis van de IJzerbedevaart niet meteen vat. Ze is woelig, die geschiedenis. En Willy Kuijpers, nog altijd burgemeester van Herent, bevestigt dat. Hij is 75, toen hij in 1948 voor de eerste keer met zijn vader naar Diksmuide mocht, was hij 11. De reis gebeurde overigens met de fiets. "Dat dat indruk maakte, is logisch", zegt hij vandaag. "Rond Diksmuide was er een kordon van rijkswachters gezet", herinnert Kuijpers zich. "Na de Tweede Wereldoorlog was alles in wit en zwart verdeeld. Thuis hadden ze helemaal niks met de collaboratie te maken, daar die dag zijn vergde moed hoor. Mijn vader was zelf een oud-strijder. Ik herinner me nog dat we in Esen moesten stoppen en dat onze fietszakken zelfs doorzocht werden."

Dat was 1948, de Tweede Wereldoorlog had voor een onderbreking in de officiële geschiedenis van de IJzerbedevaart gezorgd. Een bedevaart die wel sinds 1922 op die laatste zondag van augustus plaatsvond, sinds 1924 in Diksmuide. Of beter: in Kaaskerke. Een dorp dat geen mens kent buiten een straal van enkele kilometers rond Diksmuide. Maar daar was grond gevonden, de aankoop ervan gefinancierd door de uitgifte van tweeduizend aandelen van elk 20 frank, daar zou in 1930 de IJzertoren ingehuldigd worden. Met, zegt de geschiedenis: liefst 32 extra treinen en 16 extra trams, ingelegd voor de inwijdingsdag van de toren. Aan de vier zijden en in vier talen stond dezelfde boodschap. 'Nooit meer oorlog'. Het Vlaams Verbond voor Oud-Strijders (VOS) tekende mee voor die boodschap. "Ook vandaag is dat een zeer indrukwekkende boodschap", zegt Lies Laridon, CD&V-burgemeester van Diksmuide. "Op die site zit je letterlijk op een stoeltje tussen de graven. En dan zie je, heel sereen, die pacifistische boodschap. Die nog altijd hedendaags is."

Uitgerekend die vredestoren werd kort na de Tweede Wereldoorlog herleid tot puin. Wranger kan en kon de geschiedenis niet zijn. Toen in 1948 de IJzerbedevaart opnieuw werd georganiseerd, werd de algemene vredesboodschap opnieuw opgepikt. "Ik kom uit dezelfde streek als mensen als Louis Paul Boon", zegt historicus Frans-Jos Verdoodt, zelf lid van het IJzerbedevaartcomité en medestichter en voorzitter van het Archief en Documentatiecentrum voor het Vlaams Nationalisme (ADVN). "Net zoals andere communisten en links-flaminganten reageerde Boon met afkeuren op het dynamiteren van de IJzertoren. Er bestond in die periode een breed front voor de site die de piëteit voor de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog moest uitdragen. De beweging die nu gemaakt wordt, is dezelfde."

Verdoodt, geboren in 1939, kwam zelf uit een Vlaams nest. "Wat voor de socialisten 1 mei was en voor de ACW'ers Rerum Novarum, was voor ons de IJzerbedevaart. Echt, de uitstap van het jaar. Waar we op zaterdag al met de fiets naartoe reden of op zondagochtend heel vroeg met de trein. De grote gebeurtenis van het jaar. En wat voor andere jonge mensen een roeping was om missionaris te worden of om in Zuid-Amerika voor de revolutie te gaan, was dit voor ons. Al kan ik niet zeggen dat de IJzerbedevaart mijn leven bepaald heeft. Dat ik historicus werd, heeft daar geen kiem. Maar op die leeftijd hoorde het erbij. En tot vandaag ben ik zo goed als altijd geweest, op een uitzonderlijke keer dat ik in het buitenland was na."

Dat van die hoogdag, dat herinnert ook Willem-Frederik Schiltz zich. Zoon van wijlen Hugo Schiltz, boegbeeld van de Volksunie. De IJzerbedevaart was een vaste waarde in het gezin, "je voelde de spanning de dagen voordien", zegt de Open Vld-volksvertegenwoordiger. "Het was de plek waar belangrijke statements gebeurden. (glimlacht) Daar was mijn vader het overigens helemaal niet altijd mee eens. En zelf stelde ik me ook vragen. Bijvoorbeeld toen de voorzitter van het IJzerbedevaartcomité 'België barst!' riep. 'Waarom zegt die mijnheer dat', vroeg ik mijn vader. 'Barsten is toch altijd slecht, dan gaat iets kapot.' Mijn vader, die nochtans geen grote separatist was, heeft me toen uitgelegd waarom barsten niet altijd slecht moest zijn. Uiteindelijk kreeg ik daar op die weide mijn eerste politieke lessen. Al vond ik het soms toch ook beangstigend. Toen de spanning tussen gematigde en extreme flaminganten uitbarstte, maakte me dat als kind toch angstig. Vaders met kinderen in hun nek die je je eigen vader ziet en hoort uitschelden als 'verrader', dat raakt je."

Vlaamse Leeuw

Nog wat geschiedenis: in 1953 wappert de Belgische driekleur voor het laatst naast de Vlaamse Leeuw en de Pax-vlag. In 1958 houdt de jonge Wilfried Martens als voorzitter van het Jeugdcomité voor de Wereldtentoonstelling een pleidooi voor zelfbestuur op basis van de Vlaamse en Waalse volksgemeenschappen. In 1962 vallen de woorden amnestie en federalisme. En in de jaren 70, als politiek Brussel zich over het Egmontpact en het Stuyvenbergakkoord buigt, wordt de taal wat harder. 'Hier ons bloed, wanneer ons recht', is maar één leuze. 'Volk, word staat!', klinkt het in 1984. Toch ook altijd 'Nooit meer oorlog'. Maar in 1992 zegt de voorzitter: "Waalse vrienden, laten we scheiden."

"In die periode heeft de Volksunie natuurlijk geworven voor de IJzerbedevaart", zegt Frans-Jos Verdoodt. "En men wist ook wel dat de IJzerbedevaart een randje had. Meer politiek. Maar men nam dat erbij. Tot in 1996. Toen werd het heel duidelijk."

Toen werd duidelijk wat een deel van de Vlaamse Beweging, in het spoor van enkele jaren verkiezingsoverwinningen van het toenmalige Vlaams Blok, hard was. Er werd gefloten en gejouwd, er werd geklopt, de 'Nooit meer oorlog'-boodschap werd er bij wijze van spreken uitgeramd. Legendarisch zijn die beelden. Van Vic Anciaux die met brede armbewegingen een dam probeert op te werpen. Van Hugo Schiltz die met bier en water overgoten werd. De zwart-wit bevlekte regenjas. "Ik zag het op tv", zegt zijn zoon Willem-Frederik. "Zoals elke zoon was ik trots op mijn vader. En dus zeer verontwaardigd over wat er gebeurde. Ik dacht vooral: 'Arm Vlaanderen. Arm Vlaanderen, dat met pinten moet beginnen gooien om je standpunt kenbaar te maken."

Ook Willy Kuijpers zat toen op de weide. "Ik ben blijven zitten", zegt hij. "Ik ben niet overhoop geklopt, ik heb alleen ook mijn lading pinten over me heen gekregen. Maar voor pinten ging ik niet wijken. Ik kon alleen denken dat er in de buurt van de IJzer nog voldoende andere beekjes waren waar die mensen zich een plek konden uitzoeken om hun ding te doen."

Dat ding kwam er in 2003. Het heet de IJzerwake en wordt een week voor de IJzerbedevaart gehouden. Tussen 1996 en 2003 was er echter nog een belangrijker dag. Tijdens de IJzerbedevaart van 2000 sprak Frans-Jos Verdoodt het ondertussen legendarische 'Historisch pardon' uit. Een citaat: "Het is een pardon over de vergissingen, de beoordelingsfouten en de verkeerde allianties uit een verleden dat straks bijna zestig jaar achter de rug ligt." Verdoodt durfde met andere woorden de collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog veroordelen. "Een magnifieke toespraak", zegt Kuijpers vandaag.

"Ik ging er toen met een kamikazegevoel naartoe", herinnert Verdoodt zich vandaag. "Toch op voorhand. Belangrijk was dat er een publiek was en dat de pers er was. Bovendien moest het zeer discreet voorbereid worden en mocht dat pardon niet op voorhand uitlekken in de pers. Voor het ADVN kon dat een enorm risico betekenen. Er staan en die woorden uitspreken, dat lukte wel. Dat had ik als historicus goed ingeschat. Al werd ik daar natuurlijk wel uitgejouwd. Ook door jongeren van het VNJ. Dat noem ik de pijn van de geschiedenis."

Kuijpers: "De voorbije vijftig jaar waren toch accenten gelegd waar ik ook meer afstand van nam. Komaan, je kan op een vredesmanifestatie toch geen boodschap van haat verspreiden. Tegelijk kun je, op dezelfde vredesmanifestatie, niet op voorhand mensen uitsluiten. Dat maakte het moeilijk. Maar die boodschap van vrede was voor mij altijd het belangrijkst. Met Pasen was ik nog in Bastenaken, daar zijn de klokken geschonken door Amerikaanse en Duitse oud-soldaten. Dat is een prachtig symbool en daarom was de toespraak van Verdoodt zo belangrijk."

Wat vreemd kan klinken, is dit: net in een periode dat N-VA zo hoog scoort, bleek de IJzerbedevaart aan populariteit te verliezen. Bij de laatste editie van 2011 telden men amper 2.000 bezoekers. Een week voordien waren er meer tijdens de IJzerwake. Mensen zijn weggebleven, Willem-Frederik Schiltz overigens al veel langer. "Niet dat ik vind dat het niet meer terzake was, ik had er alleen nog maar weinig voeling meer. De tijd van 'Leuven Vlaams' en van de verdrukte Vlaming ligt al lang achter de rug, ik heb nooit moeten knokken om Nederlands te spreken en de IJzerbedevaart heeft haar rol in de klassieke ontvoogdingsstrijd verloren. Maar daarom vind ik het niet slecht dat ze zich heroriënteren, die vredesboodschap is nuttiger." De indrukwekkendste editie was voor Schiltz die waarin zijn voordien overleden vader herdacht werd. "Mijn vader had ooit nog in de gevangenis gezeten omdat hij de brug in Diksmuide wilde opblazen", zegt Schiltz. Die man, zijn eigen vader, mogen herdenken was een bijzonder moment. "Normaal zat ik altijd op de wei, nu moest ik zelf een krans neerleggen."

Terreurdaden

"Natuurlijk lagen de topjaren al lang achter de rug", zegt Willy Kuijpers. "Maar vandaag komen 100.000 bezoekers per jaar naar de site, ook de kinderen van de scholen van Herent gaan er elk jaar heen. Er zijn misschien wel dertig manifestaties per jaar. Terwijl je vroeger alleen maar die IJzerbedevaart had. Dat is het grote verschil. De vredesboodschap vind ik nu ook belangrijker. Ooit zijn er 800 soldatengraven stukgeslagen, dat is je reinste incivisme. Of het opblazen van de IJzertoren in 1946... dat vind ik erger dan de terreurdaden die in Bagdad zijn gehouden. In totaal hebben soldaten van 78 verschillende volkeren hun leven gelaten in de Westhoek. Die 'Nooit meer oorlog'-boodschap in vier talen is dan veel belangrijker. Dat vind je trouwens nergens anders in Europa."

Ook Lies Laridon ziet het zo. In haar stad met 16.000 inwoners leidt ze een CD&V-s.pa-coalitie. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 vormde ze in Diksmuide overigens geen kartel met N-VA. CD&V had er elf zetels, N-VA twee. "Eigenlijk is de IJzerbedevaart vooral buiten Diksmuide altijd populairder geweest dan in Diksmuide zelf", zegt ze. "Natuurlijk kom ik er nu, maar eigenlijk zijn daar weinig Diksmuidelingen aanwezig. En of die manifestatie nu doorgaat eind augustus of op 11 november, dat maakt voor ons weinig verschil uit. De toren, met ruim 80.000 bezoekers per jaar, is belangrijker dan de IJzerbedevaart."

"Het succes van N-VA en het Nationaal Zangfeest en de lagere opkomst op de IJzerbedevaart, dat zijn twee totaal verschillende zaken", besluit Frans-Jos Verdoodt. "In de jaren dat de Volksunie de rode draad was, hing alles aan elkaar vast: de IJzerbedevaart, het federalisme, de roep om zelfbestuur, de Vlaamsgezindheid. Dat was één cluster. Vandaag zijn dat allemaal autonome punten. De evolutie die ik de voorbije twintig jaar in het IJzerbedevaartcomité zag, is eigenlijk de evolutie binnen de hele Vlaamse Beweging. Veertig jaar geleden stonden er twee mensen van de BOB achteraan in de zaal toen ik in Gent een referaat hield over federalisme. Dat kun je je niet meer voorstellen. Het heeft na dat historisch pardon dan wel nog twaalf jaar geduurd voor we tot deze beslissing kwamen om weer meer aandacht te besteden aan de vredesboodschap en over de Tweede Wereldoorlog en het interbellum heen terug te keren naar waar het mee begon: de positieve boodschap om de doden te herdenken, piëteit en respect te betonen aan de soldaat. Of die nu Belgisch was of flamingant. Nu maken we die beweging en dan is 11 november toch de beste datum."

Waarom dat uiteindelijk twaalf jaar moest duren? "Dat is het grote probleem met evoluties", besluit Verdoodt. "De mensen voor wie we de verandering snel wilden doorvoeren, kwamen op dat moment toch niet naar de IJzerbedevaart. En de trouwe bezoekers zouden zo'n beslissing op zo'n moment niet aanvaarden. Nu kan dat wel."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234