Dinsdag 23/07/2019

Reportage

De ‘homeless tour’ als alternatieve citytrip: de Europese versie van poverty porn?

Op dit pleintje naast het water werd in de jaren 60 voor het eerst heroïne gedeald. Beeld Kevin Faingnaert

Overal in Europa steken ze de kop op: stadswandelingen met een (ex-)dakloze als gids. De ultieme vorm van authentiek reizen, of aapjes kijken in de zoo? Wij deden de test in Amsterdam.

Elke citytripper kent de Zeedijk: de lange straat links van Amsterdam Centraal, waar toeristen in kudde doorheen sjokken op weg naar het o zo spannende Wallengebied. Het is ook de straat waar mijn vriend even een peperdure studenten­kamer bezette, en die ik dus ken als mijn broek­zak. Dat ik net hier nu met een gids ga rondlopen, lijkt dan ook nog meer geldverspilling dan de kaasbollen of klompensets die er gretig worden verpatst.

Maar Michel (47) is niet zomaar een gids. Hij is een ex-heroïne­verslaafde vrijwilliger, die zelf jaren op de Zeedijk woonde. Nu ja, woonde: hij overleefde er in een coffeeshop, heroïnehotel, koelkast­doos en zelfs de goot. Op zijn cv geen bachelor in toerisme, wel een grimmig verleden van winkel­roof, smokkelen en véél drugs.

Beeld Kevin Faingnaert

Die herinneringen verleent hij vandaag als namiddagactiviteit bij stadsgidsenbureau Amsterdam Underground, tijdens een macabere tocht die volgens Tripadvisor het adrenalinepeil van de (oké, best overschatte) Amster­dam Dungeon zou overstijgen. Of hoe de organisatie het kopt: ‘Pure verhalen over het leven op straat. Ontdek de rauwe kant van de Amsterdamse binnenstad!’

Nu, echt warm werd ik daar aanvankelijk niet van. Tijdens je vakantie zitten neuzen in het leven van verslaafden en daklozen, mij klonk het vooral als voyeurisme, ramptoerisme pur sang.

Nochtans zijn de zogeheten
homeless tours een wijdverspreid succes, van Londen tot Barcelona, Praag, Berlijn, Edinburgh, Athene, Wenen en zelfs Ljubljana.

Onze gids, Michel. Beeld Kevin Faingnaert

Probleem: wanneer de tour eindigt, zijn de gidsen nog steeds even arm en dakloos. De toeristen keren terug naar hun luxehotel, de gids naar de inham onder een snelweg die hij hen eerder toonde. Is dit dan, na ritjes door sloppen­wijken in India of Zuid-Afrika, de Europese versie van poverty porn?

Mijn gloeiende nieuwsgierig­heid wint het uiteindelijk van al die ethische bezwaren. Bovendien: in tegenstelling tot het gros van bovengenoemde steden, hebben alle gidsen van Amsterdam Underground tours een min of meer vaste verblijfplaats.

Michel herken ik al van ver: met zijn capuchontrui en gepiercete skinhead heeft hij precies het soort uiterlijk dat je van een ex-drugs­verslaafde verwacht (al verraadt zijn ietwat knullige glimlach tege­lijk het tegendeel). Als ijsbreker vraag ik naar zijn lievelingstattoo. “Only god can judge me”, zegt hij, terwijl hij naar het citaat op zijn schedel wijst. Voor hem meteen het startschot om zijn halve levensverhaal erdoor te jagen. Alles mag ik weten: van het jaren­lange misbruik door “de fucking pedofiel” van de voetbalclub, tot zijn eerste ervaringen als smokkelaar. Zelfs over zijn druggebruik is hij bloedeerlijk: “Toen ik 17 was, begon ik met heroïne. Daar heb ik misschien twee weken lol aan gehad, vervolgens was ik zo ziek als een hond. De verslaving had me in haar greep.”

Met een rietje toont hij ons minutieus hoe hij het poedertje destijds oprookte op zilverpapier. Geregeld maakt hij een snoevend geluid, en wrijft even langs zijn kale, onbehaarde neusholtes. “Mijn neusschot is helemaal weg. Als ik nu nog eens rook, krijg ik geheid een hersenvliesontsteking.” We zijn nog maar een paar meters opgeschoten, maar nu al lopen de ijskoude rillingen over mijn rug.

Voor we verdergaan, toch alvast een kleine spoiler: het komt goed met Michel. Intussen heeft hij een eigen appartementje, blijft hij al jarenlang van de drugs en bouwde hij in het deftige Amstelveen een nieuwe vriendenkring op.

Heroin highway

“In de eerste plaats is dit een dag­bestedings­project, om ex-ver­slaafden van de drugs te houden”, vertelt projectleider Victor van der Storm. “Naast steun en structuur, krijgen de gidsen een podium, om een andere kant van zichzelf te tonen. Bovendien leggen we sterk de nadruk op voorlichting, om voyeurisme te voorkomen.”

Vooral dat laatste vind ik een hele opluchting: meer dan enkel te graven in zijn persoonlijke psyche, vertelt Michel ook honderduit over het Amsterdam van de jaren 80 en 90. Over steekpartijen, maffia, tippelzones en heroïnehotels. Dat wij de Nederlandse hoofdstad nu vaak als goed voorbeeld aanhalen, zouden buurtbewoners toen waarschijnlijk een goeie grap gevonden hebben.

De Wallen. Beeld Kevin Faingnaert

“In mijn tijd was de Zeedijk dé heroin highway van Europa”, zegt Michel. “Nergens vond je zulke goeie drugs als hier. Maar wie er niets te zoeken had, kreeg al schrik bij het naambordje alleen. Zelf zag ik mensen er elkaar neersteken voor een tientje. Waar wij nu staan, had je twee opties: omkeren of beroofd worden. Agenten kregen doodleuk hun envelop zwijggeld.”

Ik probeer me de onderwereld van destijds voor te stellen, maar makkelijk is dat niet – trendy burgerbars en geplamuurde gevels versluieren netjes de ongure herinneringen die aan de huizen plakken. Toch zijn er nog sporen. Achter een open raam hangt een foto van Chet Baker, de notoire jazzzanger die er naar beneden viel tijdens zijn laatste heroïnetrip. De zijsteegjes zijn nog steeds afgeslo­ten met puntige, angstaanjagende hekken, ooit geplaatst in de hoop dealers af te blokken. En zelfs enkele cafés hinten nog vaag naar een vroegere hel, al werd het merendeel eind jaren 80 onherroepelijk dichtgetimmerd. “Zelfs handelszaken die niets misdeden, moesten op slot. Ook de kerk langs de Zeedijk stond jaren leeg door de drugsoverlast.”

Maar nog meer dan al die zichtbare souvenirs, verraadt vooral de blik van verstandhou­ding tussen de vroegere bewoners hun gedeelde nachtmerrie. Dat merk ik wanneer we tatoeëerder Eddy tegenkomen, een lotgenoot die Michel al sinds zijn prille verslaving kent. Eddy was de laatste ziel die nog op de Zeedijk bleef wonen, hoewel zijn tattoo­shop moest verhuizen. Ze zijn er goed vanaf gekomen, daar zijn ze het beide over eens. “Van alle mensen die hier destijds rond­hingen, is misschien vijf procent zoals wij”, zegt Michel. “Tachtig procent stierf aan een overdosis of aan aids, en de rest dwaalt nog steeds rond.”

Ik vraag me af waar die laatste groep dan uithangt, nu het stadsbestuur de teugels zo strak in handen houdt. Daklozen worden van de bankjes gejaagd, en elke straathoek wordt nauwgezet bewaakt met camera’s en een lijvig politiekorps. Is er in deze opge­kuiste buurt nog wel plaats voor wie niet binnen de lijntjes past?

Mijn antwoord krijg ik op de meest intense manier mogelijk: Michel laat me de nieuwe thuis­haven voor drugsverslaafden zien. Daarvoor dringen we nog dieper door in de krochten van de Wallen, richting inloophuis de Princehof, het nogal omstreden goede doel waar ook de opbrengsten van Amsterdam Underground naartoe vloeien. In dit grachtenpand kunnen daklozen niet alleen terecht voor een ­boter­ham, douche of koffie, maar mo­gen ze ook crack of heroïne roken.

In deze tattooshop werkt Michels makker Eddy. Beeld Kevin Faingnaert

Trainspotting

“Na de opkuisacties werden zo verschillende huizen opgericht, om verslaafden van de straat te houden. Hier worden ze niet als vuile ratten behandeld, maar als patiënten”, vertelt Michel, terwijl hij ons door het inkomhalletje leidt. Meteen voel ik de adrenaline door mijn lichaam razen. Heroïne­verslaafden kende ik enkel uit films als Trainspotting, maar ineens sta ik er middenin.

Naast me zie ik een magere jongen zonder schoenen het halletje inlopen, waarna hij met wazige glimlach de gebruikers­ruimte inslaat. Tegelijkertijd bestelt een doorleefde man ongeduldig een insulinespuit. Een stokoude Surinaamse man fezelt: “Ze hebben ons allemaal beduveld! Wie er nu aan begint, wéét hoe verslavend het is, maar wij konden er niets aan doen.”

Michel gaat met de oude man in gesprek. Mij suizen hun woorden om de oren. Even beklaag ik me dat ik niet voor mijn gebruikelijke uitje naar de Negen Straatjes of het Rijksmuseum heb geopteerd – dit komt te dicht, is te hard. Ook Michel is zichtbaar uit zijn lood geslagen; de Surinaamse man kent hij nog van vroeger. “Soms heb ik het ook moei­lijk om hierheen te komen, ik ken de pijn die ze voelen maar al te goed.”

Voor het eerst zie ik de weke kant van Michel, en bekruipt me een vreselijk gevoel. Is het wel oké dat hij voor ons entertainment weer maar eens door dat leed moet klieven?

Maar the tour must go on. Met vernieuwde energie loodst hij ons nog langs de Pillenbrug (“hier verkocht ik vroeger methadon”), een voormalig heroïnehotel (“twee keer zag ik er iemand sterven aan een overdosis”) en hoerenkot (“de enigen die echt vriendelijk tegen me waren”). Voort­durend wijst Michel me op dingen die ik wel tientallen keren zag, maar nooit naar kéék. Bedelaars die ik achteloos voorbijloop, geeft hij steevast een centje of bemoedigende glimlach. En geen vage kennis passeert hij zonder hen stralend te begroeten. Net die warme details maken dit méér dan een tour van wanhoop en miserie. Zowel Michel als de Amsterdamse binnenstad verrezen als een feniks uit hun as, en doen er nu alles aan om goed te maken wat ooit misliep.

Dit steegje was een paradijs voor dealers. Beeld Kevin Faingnaert

“Als kind droomde ik er heus niet van om crimineel te worden”, vertelt Michel. “Daarom ben ik zo blij met wat ik nu doe: ik draag bij aan mensen die in dat schuitje zitten, en kan jongelui waarschuwen om niet in de val te trappen. Wat ik nu heb bereikt, kan ik nooit meer opnieuw opbouwen als ik herval. En ik heb nog dromen, hoor. Mijn eigen tattooshop, zou dat niet geweldig zijn?”

We nemen afscheid. Ik een buitengewone ervaring rijker die ik de hele Thalys-rit nog stilletjes verwerk, Michel het aanzien dat hij verdient. 

Praktisch

Wij gingen op privétour (90 minuten) met Amsterdam Underground, elke weekdag beschikbaar tussen 10 en 18u.

Prijs: 12,50 euro p.p. Voor groepen tot 4 personen geldt een starttarief van 50 euro. Daarnaast zijn er ‘haak-aan-tours’ op zaterdag om 14u15 en ­woensdag om 15u15 voor 12,50 euro p.p.

Meer info via amsterdamunderground.org 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden