Zaterdag 06/06/2020

'De grote winnaar van de crisis in Oranje is Geert Wilders'

Wat gebeurt er als de Nederlandse regering zonder dialoog 1.400 asielzoekers naar een dorpje van 140 inwoners brengt? Dan krijg je een kleine volksopstand die het nationale nieuws haalt en vooral Geert Wilders in de kaart speelt. Het geschiedde in het noordelijke dorpje Oranje.

Kleiner dan Oranje kan een dorp niet zijn. Twee rijen knusse huisjes in een groen landschap, gescheiden door een kanaal. Honderdveertig mensen wonen hier. Ze blijven vandaag allemaal binnen wegens het hondenweer: koude, regen, windvlagen. In de verte zien we een visser onder een grote groene paraplu zitten. Maar voor de rest, niemand. Desolaat, er is geen ander woord voor.

Je zou niet zeggen dat Oranje twee jaar geleden het toneel was van volksprotest en schermutselingen. In de herfst van 2015 kondigde de liberale staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Klaas Dijkhoff aan dat er in het vlakbij gelegen vakantiepark 700 extra asielzoekers opgevangen moesten worden; op dat moment woonden er al 700 vluchtelingen in het centrum.

Toen Dijkhoff dit nieuws tijdens een infovergadering in Oranje rauw meedeelde, brak spontaan protest uit. Inwoners hielden de vertrekkende BMW van de staatssecretaris tegen en bij een kort handgemeen met veiligheidsagenten liep een van de bewoners een zware kneuzing op aan haar arm. Cameraploegen filmden het gevecht waarna de vrouw in kwestie, Hilda van der Heide, gedurende enkele weken een nationale beroemdheid werd. Ze verscheen in allerlei talkshows; was gehaat en geliefd. De helft van Nederland leek haar als een moedige burger te omhelzen, de andere helft schilderde haar af als racist.

Tijdens een uitzending van Pauw vertelde Van der Heide dat de in Nederland wonende Congolese schrijver Alphonse Muambi haar een bos bloemen had gestuurd om haar beterschap te wensen en haar te vertellen dat zij geen racist is maar een verontruste burger die het slachtoffer was van arrogante politici. De geste van Muambi gaf het Oranje-verhaal een opmerkelijke twist.

Vandaag, twee jaar na de opstand, staan we met diezelfde Alphonse Muambi in het natte Oranje. "Ik ben nog steeds blij dat ik die bloemen heb gestuurd", zegt de Congolese Nederlander uit Den Haag terwijl we langs het kanaal lopen. "Dat beeld van die agent die een vrouw op de grond sleurt - dat kwam ook bij mij hard aan. Natuurlijk waren de mensen van Oranje boos. Wat had je anders verwacht? Als politicus moet je burgers respectvol behandelen en oog hebben voor proportionaliteit. Meer dan duizend vluchtelingen in een dorpje van 140 inwoners, dat is niet verstandig."

Omdat er niemand op straat is en de enige kroeg van Oranje gesloten is, besluiten we bij het eerste huis van het dorp aan te bellen. Een man doet open en als we vertellen dat we Belgische journalisten zijn, schudt hij het hoofd. "Sorry, ik ben eigenlijk niet meer zo geïnteresseerd om met journalisten te praten. U moet weten dat ons dorp al een paar keer is platgewalst door de media."

Muambi vraagt of hij misschien een glaasje water kan krijgen. "Ik kom uit Afrika, en daar is een glas water een teken van gastvrijheid." De Oranjenaar gaat naar binnen om even later met een glas water terug te keren. Gaandeweg ontstaat er toch een gesprek. De man stelt zich voor als Gerard Wiechers. Hij vertelt dat het asielcentrum in oktober de deuren zal sluiten. "Dat is ons toch beloofd", voegt hij eraan toe. "Ik ben blij dat het bijna voorbij is. U gaat mij niet horen zeggen dat die mensen niet voor overlast zorgen. Ze slenteren door de straten, als het mooi weer is, zitten ze altijd op het ponton aan het kanaal waardoor wij er geen gebruik van kunnen maken. En ook het openbaar vervoer wordt vooral door asielzoekers gebruikt. Voor ons is er geen plaats meer op de bus."

Wiechers vindt dat de asielzoekers een luxeleventje krijgen aangeboden. "Wist u dat hun kinderen soms met de vip-bus van voetbalclub FC Groningen naar school worden gebracht? Terwijl onze kinderen gewoon met de fiets moeten. En ik zie dat de asielzoekers bijna allemaal over dure smartphones beschikken. Ik gun hen dat, maar ik vind het toch wel raar dat ons belastinggeld daarvoor wordt gebruikt."

Saddam Hoessein

Alphonse Muambi blijft kalm en beleefd maar vraagt Wiechers wel of hij weet waarom die asielzoekers naar Nederland komen. "Meneer Wiechers, u weet toch wel dat deze mensen verschrikkelijke oorlogen in Syrië en Somalië ontvluchten. En u weet toch wel dat de Nederlandse regering medeverantwoordelijk is voor die conflicten? Wij namen destijds deel aan de oorlog tegen Irak en de onbestaande massavernietigingswapens van Saddam Hoessein. Bedrijven als Shell zijn verantwoordelijk voor enorme milieuvervuiling in Afrika. En wij gebruiken de grondstoffen van Congo voor een habbekrats om er iPhones van te maken. Nederland gaat niet vrijuit in dit verhaal." De heer Wiechers haalt zijn schouders op.

Op het einde van het gesprek vragen we de heer Wiechers of zijn ongenoegen zijn politieke voorkeur heeft beïnvloed. "Oh maar weet u, mijn keuze stond allang vast. Maar heel dit verhaal heeft die keuze versterkt." U gaat met andere woorden voor Geert Wilders stemmen? "Zo zou u het kunnen zeggen, ja. Wat in Oranje gebeurd is, mag zich niet herhalen."

Uit leefbaarheidsonderzoeken blijkt dat de komst van het asielcentrum voor een tweespalt zorgde onder de inwoners. Meningsverschillen tussen voor- en tegenstanders maken dat er in het dorp een slechte sfeer heerst. Terwijl voorstanders vluchtelingen in hun huis uitnodigen en in het asielcentrum Sinterklaas en Kerstmis gaan vieren, houden tegenstanders zich afzijdig.

Mohamed Gholami, een jongeman uit Iran die in de regen een kleine tekkel uitlaat, zegt dat hij zich niet te veel aantrekt van de Oranjenaars die hem liever niet zien komen. "Ik heb het hier naar mijn zin. Veel veiliger dan in Iran. Als ik mocht kiezen, zou ik het liefst in dit groene landschap blijven wonen. Ik voel me hier thuis en heb vrienden gemaakt."

Gholami wijst naar de tekkel. "Dat is de hond van Jannie", zegt hij trots. "Omdat Jannie het druk heeft met haar kleinkinderen laat ik voor haar de hond uit. Jannie is voor mij als een tweede moeder, en haar zoon is mijn allerbeste vriend. Je moet maar eens met haar gaan praten."

Mensen in nood

Even later staan we aan huisnummer 30, het huis van Jannie Klok. Haar verhaal staat inderdaad haaks op dat van overbuur Gerard Wiechers. "Ik ben me steeds meer beginnen hechten aan onze buitenlandse gasten. U moet weten, ik ben gelovig en voor mij is het niet meer dan normaal dat ik mensen in nood help. Met Gholami heb ik inderdaad een bijzondere band. Hij is de beste vriend van mijn zoon, is hier kind aan huis en helpt me vaak met de hond of andere klusjes. Ik vind het jammer dat het asielcentrum de deuren sluit. Dat zal een heftig en triest moment zijn, ik zal ze missen."

Rieja Raven, plaatselijk gemeenteraadslid voor Midden-Drenthe die we later op de dag ontmoeten, betreurt de tweespalt tussen de bewoners van Oranje. Ze zegt dat de fel gemediatiseerde vluchtelingenkwestie op de hele Nederlandse politiek afstraalt. "Door dit soort crises heeft het vertrouwen in de politiek en het bestuur een knauw gekregen en het is duidelijk dat ook mijn partij, de Partij van de Arbeid, hiervan negatieve gevolgen zal ondervinden."

"En dat is een deel van het drama", zegt Alphonse Muambi, die het gesprek mee volgt. "De grote winnaar van de Oranje-crisis is Geert Wilders. Wat in Oranje gebeurde, past precies in zijn politieke verhaal: hij schildert asielzoekers af als de rovers van onze welvaart. En andere politici doen daaraan lustig mee. Wat ik daaraan zo triest vind, is dat Wilders mensen die in een zwakke positie staan tegen elkaar opjut. In Oranje stonden zowel de inwoners als de asielzoekers in de hoek waar de klappen vielen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234