Maandag 24/01/2022

De griep overwonnen door techniek en wilskracht

Zangeres Barbara Bonney in de Munt

Barbara Bonney, die zondagavond een recital gaf in de Munt, was "herstellend van een griepaanval". Als je heel goed luisterde, kon je dat af en toe horen: aan een noot die niet onmiddellijk aansloeg of die ze veiligheidshalve wat vroeger afbrak, aan een net iets hardere, drogere toon, vooral in het middenregister.

Maar Bonney heeft techniek en wilskracht en dus vergeet je de moeilijkheden zodra ze zich met muziek gaat bezighouden. Dat is al zo in het eerste van vier liederen van Claude Debussy op teksten van Charles Baudelaire. Met de sensualiteit haar eigen maakt ze van 'Le Balcon' de eerste verleidingsaanval, zoals het hoort met subtiele middelen: even de adem inhouden, even de stem een snuifje rauwer doen klinken, even twee noten verbinden met een portamento. Het is ook een aanval op het intellect, want al die details hebben een reden in de tekst. Zo ook de immateriële slotnoot van 'Harmonie du soir' of de toon waarop zij 'Recueillement' begint: blank als een lijk. Daar gaat het lied ook over. De vier vroege liederen op. 2 van Arnold Schoenberg hebben niet dezelfde lichamelijkheid maar vragen om een andere benadering. 'Jesus bettelt' bijvoorbeeld laat met zijn eigenaardige tekst een diep verband tussen eros en agape, tussen godheid en mensheid vermoeden. Daartoe is de grootste eenvoud vereist, zodat de luisteraar uit de tederheid van het slotwoord 'Magdalena?' en de vragende noten van het naspel kan bevroeden wat daarna nog gebeurt.

Zowel Bonney als haar begeleider, Munt-muziekdirecteur Antonio Pappano, weten wat hun te doen staat. Ze treffen ook de toon van 'Erhebung' (à la Richard Strauss) en 'Waldsonne' (à la operette). Toch laten deze liederen niet dezelfde indruk van volkomen congenialiteit na als die van Debussy. Minder essentieel zijn de zes liederen op. 48 van Edvard Grieg, die enkel gekozen lijken om het panorama van het fin de siècle volledig te maken. Zo wordt 'Der verschwiegene Nachtigall' vooral een demonstratie van het virtuoos versieringsnoten zingen. Ontroering is er pas in de laatste strofe van 'Zur Rosenzeit', die Bonney heel eenvoudig, stil, als een koraal zingt: pure poëzie. Toch bieden deze liederen misschien nog beter dan de vorige de mogelijkheid om te horen hoe de relatie is tussen Bonney en Pappano: hier zijn geen zangeres en een begeleider aan het werk maar twee musici die naar elkaar luisteren, elkaar aanvoelen, met elkaar dialogeren, met andere woorden kamermuziek maken.

Het concert eindigt met een rariteit: twee (in plaats van drie, als gevolg van de griep) uittreksels uit symfonieën van Gustav Mahler, maar dan met pianobegeleiding, wat deze stukken ook voor een lichtere stem als die van Bonney toegankelijk maakt. 'Urlicht' (uit de tweede symfonie) zingt zij heel innig, simpel en mooi, 'Das himmlische Leben' met de juiste mengeling van naïviteit en humor. Tot bij het einde, waar zij met enige melancholie in de stem plots heel dicht bij de hemel komt. Logisch - vanwege het eveneens hemels gezongen slotwoord 'Elysium' - volgt daarop als bisnummer 'Das Rosenband' van Richard Strauss en als rustig afscheid 'Mondnacht' van Robert Schumann. Geen perfect concert maar wel - wat meer waard is - een hartverwarmende ontmoeting tussen twee musici op het hoogste niveau.

(SM)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234