Zaterdag 08/05/2021

De grens tussen spreken en zwijgen

De dichters die zich niet door imagovorming laten leiden, lopen het risico onvoldoende opgemerkt te worden. Dat is het geval voor Michel Bartosik. Zijn verzamelde gedichten moeten daar verandering in brengen.

Dichter Michel Bartosik (1948-2008), tijdens zijn leven hoogleraar Nederlandse literatuur aan de VUB, was de zoon van een Poolse vader en een Vlaamse moeder. Dat speelde een bepalende rol in zijn werk.

Erik Spinoy toont in zijn uitgebreid en erg gedegen essay in Schroomruil, de verzamelde gedichten, aan dat Michel Bartosiks poëzie een persoonlijke vertaling is van de maniëristisch-experimentele lijn in de Vlaamse poëzie, met als coördinaten Hugues C. Pernath en de te vroeg gestorven Jan De Roeck, een vriend, tijdgenoot en inspirator van Bartosik. Michel Bartosik was geen dichter van grote programma's. Samen met zijn vriend Wilfried Adams publiceerde hij weliswaar het Impuls-manifest (1975). Daarin pleitten de dichters, in een tegenbeweging tegen het nieuw-realisme, voor niet-anekdotische, taalgerichte en zelfreflectieve poëzie. We zien dit vooral gerealiseerd in Bartosiks vroegste gedichten. Die hebben een grote ondoordringbaarheid, die we zouden kunnen interpreteren als een manier om de kern van zijn poëzie, het menselijke tekort, te verbergen en een intimiteit in taal te verlenen. De zegging in zijn debuut Linguïstiek (1975) neigt naar het maniërisme. Betekenistoekenning wordt geproblematiseerd. Ook in Bartosiks tweede bundel, De verzamelnaam der eenzaamheid (1976), is dat het geval. Dat is niet verwonderlijk, want Bartosik ervaart de taal niet alleen als een handig instrument, maar ook als een hindernis.

Vanaf Rigor mortis (1980) wordt de poëzie van Bartosik gebalder. Bartosik schudt de neiging tot maniërisme uit zijn vroegste werk van zich af en komt, zoals Erik Spinoy terecht stelt, tot een "tegelijk liefdevol met de traditie omgaande en licht ironiserend, met moderniteit en spreektalige clichés besmette en daardoor juist des te effectievere lyriek". Het solipsistische 'ik' maakt plaats voor een 'wij'. Maar een positiever wereldbeeld levert dit niet op: "We zullen zwijgen en zijn./ We zullen uit de lijken geslagen zijn."

Familie centraal

Toch valt de verbondenheid op waarnaar Bartosik streeft: poëzie is, al gebeurt dat altijd met de grootste omzichtigheid, een vorm van dialogeren met de ander. De familie speelt een steeds belangrijkere rol in zijn werk: in De verzamelnaam der eenzaamheid (1990) vinden we al de afdeling 'Familieportret in een trui van wolken'. In de prachtige, bibliofiele bundel Sunt lacrimae (1990) memoreert Bartosik zijn vader. En ook de titel van zijn laatste bundel, Geschreven familie (2003), wijst op de thematiek die zijn werk is gaan beheersen.

De dood van Bartosiks vader in 1979 heeft bij de dichter wellicht enerzijds een trauma teweeggebracht, een wonde die hij blijvend probeerde te stelpen in zijn latere werk. Anderzijds vormt deze cesuur in het leven van Bartosik een uitdaging om meer spreektaligheid toe te laten in zijn werk. In het gedicht 'Voorzienigheid' dat ik koos, zien we de vader van de dichter, omringd door zijn dierbaren tijdens zijn laatste levensdagen. Het laat Bartosiks sterke gevoel voor ritme zien. En zijn voorkeur voor eigen woordcombinaties, zoals 'verglimlacht'. Op die manier wordt het gedicht boven het anekdotische niveau uitgetild.

Waarin schuilt de kracht van Michel Bartosiks poëzie? Die kunnen we misschien omschrijven aan de hand van de titel van zijn prachtig uitgegeven verzamelde gedichten. Het eerste deel van het woord, 'schroom', zou kunnen verwijzen naar de typering die Erik Spinoy aan de poëzie van Bartosik geeft: "aarzelend, terughoudend, weigerachtig". Het tweede deel zou dan kunnen staan voor de al even bedachtzame houding die van de lezer gevraagd wordt, bij de ruilactie die het lezen van poëzie is. Met Schroomruil is er in elk geval geen reden meer om niet in te gaan op dit voorzichtige voorstel dat de poëzie van Bartosik doet.

Michel Bartosik, Schroomruil, Poëziecentrum, 447 p., 29,90 euro.

---

Voorzienigheid

De hand opvorderen van je vrouw, haar
in de jouwe houden, lang
vast houden. Voor het eerst
opkijken van de kloven
in die van je dochter.
Het onmogelijke Schoonpapa
verlangen uit de mond van
je schoondochter, zeg het
nu. Haar een volgend kind
opdragen. De hond bedenken met een
zakdoek. Papier bestellen, en
een potlood, om het wit mee te
laten. En uit het nachtkastje, een nummer
van Kultura, van het jaar nul - om nog je
taal
terug te kunnen zien.

Onnaspeurbaar
je aan de kamer te hebben
verglimlacht

Michel Bartosik

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234