Zondag 25/07/2021

AchtergrondHet Zwin

De geschiedenis van het Zwin die u niet kent: onder de grond zitten verdwenen ‘wereldhavens’

Virtualrealitybeeld van het Zwingebied met de voorhavens van Brugge. Beeld rv
Virtualrealitybeeld van het Zwingebied met de voorhavens van Brugge.Beeld rv

Een nieuwe tentoonstelling focust op de verdwenen, middeleeuwse Zwinhavens. Die zijn volslagen onbekend en dat is, zo stellen de wetenschappers, onterecht. ‘Ze maakten van Brugge het New York van zijn tijd.’

Golvende akkers en weiden, kwetterende vogels, oude knotwilgen. Vandaag zoeken veel wandelaars en fietsers de rust op in het Zwingebied. Maar zo’n zeshonderd jaar geleden was het er een drukke bedoening. Toen vormden de voorhavens van Damme, Hoeke, Sluis, Monnikerede en Sint-Anna-ter-Muiden een groot, bloeiend handelsgebied. Waar je nu mensen ziet verpozen, voeren destijds honderden grote, internationale schepen via de Noordzee de Zwingeul binnen. In de voorhavens werden hun goederen opgeslagen of overgezet op kleinere bootjes, zodat die via een complex van sluizen en de Reie naar Brugge konden.

De havens vervulden een belangrijke rol. Ze maakten Brugge en bij uitbreiding Vlaanderen groot tijdens de middeleeuwen. En toch zijn mensen zich daar amper van bewust.

“Enkel Brugge, dat werelderfgoed is geworden dankzij die havens, trekt nog de aandacht”, zegt professor archeologie Wim De Clercq (UGent). “Miljoenen toeristen komen van heinde en ver om te kijken wat er van die economische welvaart is overgebleven. Maar de voornaamste levensaders, de motoren die de stad deden draaien, zijn in de vergetelheid geraakt.”

Dat is an sich ook niet zo vreemd. In het Zwingebied zie je amper nog restanten van die voorhavens. Ze zijn volledig uit het zicht verdwenen.

Precies om die reden wordt er al honderdvijftig jaar onderzoek gedaan om te kijken waar de havendorpen precies lagen en hoe ze zich tot elkaar verhielden. Pas het laatste decennium komt een en ander in een stroomversnelling. “Dankzij nieuwe, innovatieve technieken moeten we daar amper een spade voor in de grond steken”, zegt De Clercq, die met een team archeologen, historici, geologen en biologen de site sinds 2012 onderzoekt.

Voor dat speurwerk gebruikten de wetenschappers onder meer geofysische bodemscanners en drones om te achterhalen wat er precies onder de poldergrond schuilgaat. Grachten, straten, dijken en gebouwen in de laatmiddeleeuwse dorpen konden zij op die manier al nauwkeurig aflijnen.

null Beeld rv
Beeld rv

Maar ze gebruiken ook een andere, meer verrassende techniek. Geen hoogtechnologisch snufje. Wel een op vier voeten en met een paar slechte ogen. Oftewel: mollen. De diertjes blijken enorm dankbare hulpjes bij het Zwin-onderzoek. In onder andere Monnikerede baanden ze zich massaal een weg onder de grond en duwden ze daarbij op duizenden plekken grond naar boven. In die molshopen zit een schat aan archeologische informatie. Zo leert bouwpuin waar bouwzones waren en schelpen waar water stroomde. Maar ook door mollen opgediepte munten of aardewerk vormen belangrijke aanwijzingen.

Eén vondst fascineert archeologen in het bijzonder: in akkers maar ook bij straten en aan boerderijen vallen grote, gladde en felgekleurde keien al langer op. ‘Koekoekseieren in het Zwin-nest’ worden ze genoemd, want ze komen van nature helemaal niet in de regio voor. Intussen blijkt dat ze afkomstig zijn uit Italië, Scandinavië en de Baltische staten.

“De keien komen vanop de stranden daar en werden door de plaatselijke scheepslui meegebracht als ballast aan boord, weten we nu”, zegt De Clercq. Die ballast is bedoeld om een schip bij een lichte vracht stabieler te doen varen. “Wanneer ze vanuit Vlaanderen zwaardere producten als laken of ballastzand terug meenamen, lieten ze die keien hier achter.”

Portugezen op de steiger

Van een havendorpje als Monnikerede zie je vandaag helemaal niets meer. Kilometerpaal 8 geldt als het enige referentiepunt. In de late middeleeuwen had je er een markt met stadhuis en hoofdstraten en woningen. Het was dé plek voor handel in gedroogde vis en zout.

Maar ook het huidige Damme verraadt niet dat er ooit galeien, koggen en kraken met Italianen, Duitsers en Portugezen aan de steigers lagen, of dat mensen er druk in de weer waren met zeilen en visnetten of pakken vol haring en wijn.

“Het waren heel ruwe omgevingen, zoals je van typische schipperskwartieren verwacht. Er werd veel gedronken en gevochten. De prostitutie tierde er welig”, zo omschrijft Jan Dumolyn, professor middeleeuwse geschiedenis aan de UGent. Hij schat dat er in de havenstadjes twee- tot vijfduizend mensen woonden. Dat was voor de veertiende, vijftiende eeuw niet weinig. Wereldstad Brugge telde toen ook maar vijftigduizend inwoners.

“Die voorhavens hebben er mee voor gezorgd dat Brugge het New York van zijn tijd werd. Het gaat om een heel uitgestrekt gebied met een kosmopolitisch karakter. Er waren niet alleen luxueuze en zeldzame goederen als edelstenen, specerijen en zijde, er werd ook enorm veel internationale kennis en cultuur uitgewisseld. Het is niet voor niets dat een kunstenaar als Jan van Eyck vanuit Maaseik naar Brugge trok.”

Zand

Maar die glorietijd bleef niet duren. In de zestiende eeuw is Brugge handelsmetropool af. Vaak wordt dat verval gelinkt aan ‘de verzanding’ van de Zwingeul. Via die geul, die in 1134 spontaan ontstond door een stormvloed, gaat het zeewater het land in. Van meet af aan heeft ze de neiging om met zand weer dicht te slibben. Dat maakte het voor schepen moeilijk om de voorhavens te bereiken.

“Al in de middeleeuwen zochten mensen naar manieren om het zand weer weg te krijgen. Een mooi voorbeeld daarvan is de informatie die we terugvonden over ene Simon de Sweendelver en een baggerboot die ‘de mol’ heette. Maar hun inspanningen bleken tevergeefs”, vult Jan Trachet aan, een Gentse archeoloog die zijn doctoraat over twee van de vijf voorhavens maakte.

De expo in het Zwin Natuur Park, met een ‘immersieve ruimte’ en historisch correcte beelden. Beeld rv
De expo in het Zwin Natuur Park, met een ‘immersieve ruimte’ en historisch correcte beelden.Beeld rv

De verzanding van de geul is niet de enige reden waarom Sluis of Hoeke leegliepen en vervolgens ook Brugge minder populair werd. Er speelde ook politiek. Of beter, strijd.

“Het verzet van Vlaanderen tegen Maximiliaan van Oostenrijk was een belangrijke trigger. De echtgenoot van Maria van Bourgondië wilde regent worden en werd, omdat hij de wapens opnam, in Brugge gevangengenomen”, zegt Dumolyn. Na zijn vrijlating volgde een hevige burgeroorlog, met veel plunderingen en vechtpartijen, wat de handelsmetropool allesbehalve aantrekkelijk maakte. “Net rond diezelfde tijd groeide een andere stad in Vlaanderen in sneltempo. Veel ondernemers en kunstenaars trokken naar Antwerpen, dat uiteindelijk in de zestiende eeuw de titel van handelsstad van de Noordelijke Nederlanden overneemt.”

Brugge doet nog een poging om met ‘De Verse Vaart’ de verbinding met de zee nieuw leven in te blazen, maar dat brengt weinig zoden aan de dijk. Het zal uiteindelijk tot 1907 duren vooraleer de stad weer toegang tot de zee heeft, wanneer de haven van Zeebrugge wordt gebouwd.

Economisch hart

Onder een dun laagje gras en poldergrond in het Zwingebied moeten nog duizenden restanten zitten van wat ooit het kloppende economische hart van Noordwest-Europa was, zegt Trachet. Toch zijn onderzoekers niet van plan alles boven te halen. Dat is geen gangbare praktijk meer.

“Het idee is dat je zulke havensites zo goed mogelijk beschermt. Dat doe je niet door te graven, maar wel door alles in situ, ter plekke, te laten. Dat doen we idealiter nog decennialang, totdat de opgraaf- en bewaartechnieken helemaal op punt staan”, zegt Trachet. De kans is volgens hem reëel dat er galeien, koggen en kraken te vinden zijn, maar evengoed hele dorpen. Maar de kans dat die uiteindelijk zullen worden blootgelegd, is klein.

Toch zal wie deze zomer door de streek fietst, zien dat er metersdiepe boringen plaatsvinden. Het gaat om een vervolgonderzoek dat de historische verzanding van het Zwin in kaart moet brengen. “Het zal gebeuren met een chirurgische precisie”, verklaart De Clercq. De kennis die daaruit voortvloeit, blijft volgens hem relevant. Onder andere voor het gevecht tegen verzanding in het Zwin, dat nog lang niet ten einde is.

“Het is niet de economie die we redden door verzanding tegen te gaan, het gaat hem nu vooral om de biodiversiteit”, besluit Ina De Wasch, directeur van het Zwin, die een expo organiseert (zie kader). Als de geul verder verzandt, gaan de waardevolle slikken en schorren verloren. Dat zijn beschermde gebieden dicht bij het water die, door dagelijkse of jaarlijkse overstromingen, heel bijzondere planten doen groeien en vogels aantrekken. “Die heel uitzonderlijke, kostbare natuur mogen we echt niet verliezen.”

De VR-kijkers op de fiets­route ‘Verdwenen Zwin­havens’ brengen je terug naar de middel­eeuwen.  Beeld rv
De VR-kijkers op de fiets­route ‘Verdwenen Zwin­havens’ brengen je terug naar de middel­eeuwen.Beeld rv

Expo en fietsroute doen havendorpen herleven


Een imposant kasteel, straten vol houten huizen, schepen met pakken zout... In het Zwingebied staan virtualrealitykijkers die de middeleeuwse havendorpen tot leven doen komen.

‘Verdwenen Zwinhavens’. Zo heet de fietsroute en bijbehorende expo die deze zomer bezoekers naar het Zwingebied moet lokken. Ze willen de aandacht vestigen op Damme, Monnikerede, Hoeke, Sint-Anna-ter Muiden en Sluis. Het netwerk van die voorhavens maakte Brugge en bij uitbreiding ook Vlaanderen groot tijdens de middeleeuwen. Maar omdat de Zwingeul verzandde, liepen de havens leeg en verdwenen ze uiteindelijk uit het zicht. Met virtualrealitykijkers langs een zestig kilometer lange fietsroute wil Vlaanderen, in samenwerking met Nederland, daar verandering in brengen. Wie stopt om door zo’n kijker te turen, ziet in het huidige landschap van weiden en akkers opeens de middeleeuwse havendorpen opduiken.

Aan de fietsroute is ook een nieuwe expo in het Zwin Natuur Park gekoppeld. Ook daar proberen ze het veranderende Zwingebied zo visueel en interactief mogelijk voor te stellen. “In de immersieve ruimte sta je als het ware tussen de schepen, op een centrale tafel zie je via augmented reality 2.000 jaar geschiedenis voorbijkomen en in de sandbox kan je zelf een Zwingeul namaken”, zegt Het Zwin-directrice Ina De Wasch.

Het zijn niet zomaar wat tekeningen van schepen, mensen en dorpen die bezoekers te zien krijgen. “De beelden zijn historisch correct tot in de kleinste details”, benadrukt professor archeologie Wim De Clercq (UGent). Aan de tentoonstelling ging uitgebreid onderzoek vooraf. Bijna tien jaar lang is een multidisciplinair team in de weer geweest met onder ander bodemscans, luchtfoto’s en historische documenten om een precieze reconstructie te kunnen maken. (FVG)

null Beeld rv
Beeld rv
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234