Woensdag 30/09/2020

'De gerechtvaardigde moorden' van Christine en Léa Papin

Frankrijk is sinds vorig weekeinde in de ban van twee films waarnaar al een jaar lang reikhalzend uitgekeken werd. Ze behandelen dan ook allebei een beruchte moordzaak uit 1933 die nog steeds in het collectieve geheugen van Frankrijk gegrift staat. De zaak-Papin inspireerde eerder al intellectuelen als Genet, Sartre, De Beauvoir en Lacan, maar het blijft nog steeds een raadsel waarom de zusjes Christine en Léa Papin destijds hun bazinnen op beestachtige wijze vermoordden.

Parijs / Van onze correspondent

Jan Vanovermeire

De affiches van Les Blessures assassines van cineast Jean-Pierre Denis en En quête des soeurs Papin van Claude Ventura beheersen al wekenlang het straatbeeld in Parijs. Ze tonen de hoofdjes en de etherische blikken van de zusjes Papin, als ging het om vaderlandse heldinnen. Vooral de film van Jean-Pierre Denis lokt volle zalen. Wat maakt de zaak-Papin zo speciaal?

Het verhaal voert ons terug naar Le Mans in 1933, een ingeslapen provinciestadje. Het is 2 februari. Die avond biedt René Lancelin zich ongerust aan op het lokale politiekantoor. Ongerust omdat hij in de stad een afspraak had met zijn vrouw en dochter om er te dineren. Ze daagden niet op. Lancelin keert naar huis terug omdat op het politiebureau geen berichten van ongevallen binnen zijn gelopen. In de rue de la Bruyère 6 bij hem thuis komt echter nog altijd geen antwoord. Hij klopt op de deur, belt aan. Het slot lijkt geblokkeerd langs de binnenkant. Door een andere sleutel? De burgerswoning lijkt helemaal leeg. Alleen boven, in de kamer van de twee huishoudsters, brandt het zwakke licht van een kaars. De zussen Papin moeten dus aanwezig zijn. Waarom doen ze niet open? Agent Dézalée wordt er bijgehaald; hij springt over de muur en forceert de deur. Het is op de tweede verdieping dat de lichamen van mevrouw Lancelin en haar dochter Geneviève liggen te baden in het bloed. Allebei zijn ze bewerkt met een keukenmes. De lichamen zijn vreselijk toegetakeld. De twee bazinnen zijn haast uitgebeend tot op het bot. Op de volgende verdieping treft agent Dézalée de twee dienstmeisjes aan. Ze liggen alletwee naakt hetzelfde bed. Ze bekennen de moord, meteen. De oudste, Christine Papin, zegt ijzig koud: "Ik stroopte liever zélf het vel van de twee bazinnen, dan zij het onze. Vandaar."

Op 29 september 1933, niet eens acht maanden na de moord, worden de gezusters veroordeeld. Het dossier is volledig, Christine en Léa worden integraal toerekeningsvatbaar verklaard. Enkel het motief ontbreekt, maar daar lijkt niemand in Le Mans zich het hoofd over te breken. Christine krijgt de doodstraf en Léa tien jaar dwangarbeid.

Linkse auteurs vonden in deze misdaad de perfecte aanleiding om de bourgeoismaatschappij te bekritiseren. Jean Genet maakte er in 1947 het legendarische theaterstuk Les Bonnes. Sartre mijmerde dat de twee meisjes in grote mate getuigden van een "vertederende, instinctieve eerlijkheid" om uiteindelijk te besluiten dat ze zo goed als een licence to kill hadden. In La Force de l'âge schreef hij: "Bazinnen die het loon van hun huishoudsters verminderen als ze een glas breken of die het overgebleven stof in het salon wegvegen met versgesteven lakens, die verdienen in onze ogen niet één, maar honderd keren de doodstraf." In haar ogen waren de moorden 'volledig te begrijpen' en had men hier te maken met een daad van pure sociale zelfverdediging.

Geschiedkundig onderzoek heeft ondertussen echter aangetoond dat mevrouw Lancelin niet de tiran was die Genet van haar maakte in Les Bonnes. Het probleem is eveneens dat gedurende de zeven jaren dat Christine en Léa in het huis werkten er nooit enig conflict was en dat ze er wellicht zonder meer gelukkig waren. Of tenminste niet in die mate ongelukkig en vernederd dat het deze gruwelijke misdaad, uniek in de Franse annalen, zou verklaren.

Wat is er dan precies gebeurd die tweede februari in de rue Bruyère? En waarom? Zou mevrouw Lancelin bij toeval de homoseksuele relatie tussen de twee zusjes ontdekt hebben? Of keerden de roddels die ze zelf over meneer Lancelin verspreidden zich tegen hen, zoals Claude Ventura suggereert in zijn film?

De zaak-Papin oefent nog om een andere reden een sterke aantrekkingskracht uit op het grote publiek. De Papins waren namelijk praktiserende lesbiennes en dat was in die tijd verre van vanzelfsprekend. In feite was er zelfs sprake van drie zussen. Maar de oudste, Emilia, verdween vroegtijdig van het toneel. Ze vluchtte weg uit Frankrijk nadat ze herhaaldelijk was misbruikt door haar vader. Christine en Léa werden opgevoed in een weeshuis in Le Mans, een regelrechte gevangenis voor jonge pubermeisjes. Omdat de zusjes al op jonge leeftijd afgezonderd werden van hun moeder, die Christine intens haatte, ontwikkelden de zusjes een merkwaardige band. De beroemde psychiater Jacques Lacan zou hen later trouwens bestempelen als een heuse Siamese tweeling. Hun fysieke liefde leek dan ook het vanzelfsprekende gevolg van deze band. Omdat Christine zelf zo vaak was opgejaagd in haar jeugd, zag ze het bovendien als haar belangrijkste taak het jongere zusje te beschermen tegen de vijandige buitenwereld. Op het ziekelijke af waren ze samen, deden ze alles samen. In die mate zelfs dat Léa na de dubbele moord als een bezetene naar de keuken liep. Om er een mes te halen en daarmee in de lijken te kerven totdat deze onherkenbaar verminkt waren. Zo had ook zij tenminste haar bijdrage geleverd.

De affaire stopte nooit. Zelfs niet na het proces, en zeker niet na de literatuur die de jaren erna verscheen. Christine werd nooit onthoofd op de guillotine. Nadat de voorzitter van het Hof de doodstraf had uitgesproken, werd zij overgebracht naar een psychiatrische instelling, waar zij stierf in 1937. De zusjes zagen elkaar nooit meer terug.

Léa dook onder en vandaag, 88 jaar oud, leeft ze nog altijd. In de prent van Claude Ventura zien we een onvergetelijke scène waarin Léa gefilmd wordt. Sinds ze een herseninfarct heeft gehad, kan ze niet meer praten. In de film ontmoeten we ook de buren van Léa. Die bestempelen haar als een sympathiek, oud vrouwtje, dat maar wat graag op hun kinderen paste. Léa ging zelfs op vakantie met hen.

Anno 2000 ervaart men dezelfde schok als in 1933 bij het vergelijken van de foto's van de twee zussen: voor en na de moord. De verstilde schoonheid, gehuld in totale onverschilligheid en de verdwaasde verslagenheid. Jean-Pierre Denis geeft in zijn film gestalte aan deze transformatie. In Les Blessures assassines van Jean-Pierre Denis speelt Sylvie Testud de rol van Christine Papin. Er werd niet gerepeteerd, er was geen overleg tussen regisseur en actrice. Denis vond dat Testud de waanzin van de oudste zus in zichzelf moest vinden. Hij wilde dat zij Christine werd. En deze methode wierp vruchten af. Het kostte Sylvie Testud trouwens meer dan een maand om er nog maar een begin mee te maken Christine uit haar bloed te krijgen... een maand waarin ze tegen niemand sprak. "Je me suis debararassée de Christine Papin de façon violente", zo zegt ze zelf.

Film

Jean-Pierre Denis en Claude Ventura verfilmen de beruchtste moordzaak uit de Franse geschiedenis

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234