Zaterdag 05/12/2020

De fotograaf die de wereld een geweten klikt

Je tong struikelt over zijn naam, maar één foto van Yann Arthus-Bertrand kent iedereen: die van het hart van Voh, in Nieuw-Caledonië. Van zijn boek met dat beeld op de cover zijn 3,5 miljoen exemplaren verkocht. Bertrand: 'Mijn overtuiging is belangrijker dan mijn fotografie. De wereld heeft een spirituele revolutie nodig.'

Het is een klein straatje in het zesde arrondissement, maar als een paternoster hangen de kleine galerieën er aan elkaar: Protée, Helène Bailly, Lara Vincy, op het einde van deze Rue de Seine ook Documentation Roger-Viollet. Depuis 1938. Nu met een nieuwe overbuur op nummer 15. Sinds eind juli heeft Yann Arthus-Bertrand (67) er zijn eigen galerie. Klein. Je zou zelfs kunnen zeggen: onopvallend. Wel stijlvol. Tegen de witte muren contrasteren grote prints van - al dan niet recente - luchtfoto's van YAB, pour les amis. Hartje Parijs zie je kamelen in de Sahara, een visser in Bangladesh, een man boven op katoenbalen in Ivoorkust. Hier te koop ook, geprint naar believen.

Dat kan prijzig: zijn laatste reeks 'Tarmac', 120 op 180 centimeter, in een gelimiteerde oplage van zes, kost je 12.000 euro. Het kan ook goedkoop. Een luchtbeeld van Parijs, 30 op 45 centimeter, is mogelijk voor 160 euro. Op tafel liggen stapels van La Terre vue du Ciel, zijn absolute succesboek, met bovenop een papiertje: 'Si Yann vient, livres à signer d'avance.'

"Ik vind gelimiteerde of genummerde foto's eigenlijk niks bijzonders", zegt hij dan om de hoek, in Café des Beaux Arts, dat aan de Quai Malaquais de buur is van Dries Van Noten. "Ik heb thuis foto's van Cartier-Bresson, Salgado en Capa. Zonder nummer. Er zijn mensen die zeggen dat dat net zo veel waarde heeft als een poster, maar dat vind ik niet. Ik wil mijn beelden niet op tien exemplaren laten verschijnen. Het is belangrijk dat veel mensen ze kunnen zien."

De uitzondering zit in die 'Tarmac'-reeks, nieuw, toevallig ontstaan: het zijn beelden die hij maakte op luchthavens, bij het opstijgen van de helikopter waarmee hij vertrok. Heel grafisch, heel anders. Niet typisch Yann Arthus-Bertrand, nu te zien op een expo in Reims. "Ik houd ervan", knikt hij. "Maar het staat los van mijn andere werk. Heel bijzonder om zoiets nieuws te doen."

Misschien ooit

Hij is geboren in Parijs, maar woont nu in een klein dorpje dat Les Mesnuls heet, met iets meer dan 800 inwoners. "Ik wil buiten wonen, want ik wil tegen een boom kunnen pissen." Hij meent het. Net die 800 inwoners waren overigens even een ander zijprojectje in zijn werk. "Ik had het plan opgevat een portret te maken van alle mensen van het dorp. In zwart-wit. Zeer uitzonderlijk voor mij. Ik heb al het materiaal gekocht, maar na een week moest ik iets anders gaan doen. Driehonderd staan er op de foto. Misschien ooit."

Misschien ooit, wellicht nooit. Zoals hij zegt over zijn pensioen: "Ik zou het wel willen, maar altijd opnieuw raak ik begeesterd door een nieuw project. En vertrek ik. Het zal er allicht niet van komen."

Er is een oud filmpje van Yann Arthus-Bertrand, al eind de jaren zestig gemaakt, hij vertelde in een tv-programma over zijn werk in een dierenpark in Frankrijk. Hij verzorgde er leeuwen en die boutade vertelt hij altijd: "Het zijn de leeuwen die me hebben leren fotograferen."

"Als jongen had ik niks met fotografie. Ik kan je niet één beeld noemen dat me toen opviel. Ik was een zeer baldadige kerel, ben van veertien scholen weggestuurd, ik had iets tegen volwassenen. Toen ik zeventien was, vertrok ik thuis. Wat later werd ik verliefd op de moeder van mijn beste vriend, ze was twintig jaar ouder dan ik, maar zij heeft me met beide voeten op de grond gezet." Een lang verhaal wordt kort: tien jaar later trekt hij met zijn vrouw Anne ("Niet de moeder van mijn vriend, ondertussen was ik met iemand anders") naar Kenia voor een onderzoeksproject bij leeuwen, die fotografeert hij, op een dag doet hij dat ook vanuit een luchtballon.

Het cliché dat 'de rest geschiedenis is' mag vallen. Zijn foto's vinden Frankrijk via Paris-Match, Le Figaro, Géo en National Geographic. Hij noemt de jaren '80 'l'age d'or de la photographie'. "Op dat moment kende ik Cartier-Bresson en Capa niet, ik kende wel Jane Goodall. En dat is een les die ik jonge mensen nog altijd meegeef: weet wat je wilt fotograferen. Natuurlijk was er in mijn tijd meer budget, de markt was groot. Maar ik heb altijd gefotografeerd wat mij interesseerde. Niet één dag heb ik in opdracht gewerkt."

Storend

Vandaag is Yann Arthus-Bertrand een merk. Altitude, zijn agentschap voor luchtfotografie werd opgericht in 1991. Later kwam daar La Terre vue du Ciel van, nu vertaald in meer dan 25 talen, goed voor een wereldwijde verkoop van 3,5 miljoen exemplaren. "Toen de uitgever van een oplage van 35.000 sprak, verklaarde ik hem gek. Met tienduizend had je in Frankrijk al een bestseller."

Waarom dat boek zo aansloeg en blijft aanslaan? Drie redenen, ziet hij: "De prijs, het juiste moment - het kwam net voor het jaar 2000 uit, toen iedereen begon te praten over klimaatopwarming en ontbossing - en het idee om de foto's buiten aan de Jardin de Luxembourg te exposeren. Dat was vernieuwend. Nu doet iedereen dat."

Die expo blijft lopen, in Rio waren ze aan de 160ste editie toe. "Mensen die nooit eerder een boek kochten, kopen het nu. De zoon van een mijn vrienden trouwde. Op huwelijksreis nam hij het boek mee, maar op die reis overleed zijn vrouw onverwacht. Ze hebben mijn boek bij haar in de kist gelegd."

Op de cover van al die edities de foto van 'Le Coeur de Voh', een natuurlijk hart van plantengroei in Nieuw-Caledonië. "Het is mijn bekendste foto, maar het is eigenlijk niet eens zo'n goeie. Hij bleek alleen perfect te werken op de cover. Voor alle vertalingen heb ik geëist dat hij op de voorpagina zou staan."

Succes heeft een keerzijde. "De artistieke wereld keert zich ervan af. Ze vinden mijn foto's te populair, te gemakkelijk. 'Zinloos',las ik ooit in een kritiek. Terwijl zinvol net de essentie van mijn werk is. Le Mondewijdde ooit een pagina aan mijn boek, maar het ging énkel over het geld. Over het artistieke en mijn engagement amper een woord. Natuurlijk stoort me dat."

Ook ergernis heeft een keerzijde. We steken het straatje over. Langs de Seine stappen we over mooie plaveisels het imposante gebouw binnen van de Académie des Beaux Arts. In Section VIII zetelen fotografen Yann Arthus-Bertrand en Lucien Clergue. Op zachte tapijten stappen we naar boven, personeel in kostuum groet met "Bonjour monsieur Arthus-Bertrand", de ceremoniezaal en de bibliotheek zijn adembenemend mooi. De koffie is sterk. "Een keer per week komen we samen. (met een lachje) Als ik erbij kan zijn."

Dat is uitzonderlijk. Hij is 67 ("Sjonge, het is verdorie 47 jaar geleden dat ik twintig was"), hij heeft de handen vol. Er waren films: Home, Planète Océan, 7 milliards d'autres. Hij heeft een eigen tv-programma. Draait nu volop aan Human, een nieuwe film, waarin hij mensen overal in de wereld laat antwoorden op belangrijke levensvragen.

Consumptie, consumptie

Rode draad door al die projecten is zorg en bezorgdheid, zegt hij. "Toen ik geboren werd, waren er twee miljard mensen op de wereld. Vandaag zijn dat er zeven miljard. Natuurlijk ben ik veel meer activist dan fotograaf geworden. Mijn overtuiging is veel belangrijker dan mijn werk als fotograaf. Helaas moet ik toegeven dat er sinds 2000 niet zo veel veranderd is. Ik ga niet meer naar milieutops zoals die in Warschau, zo'n top is een volledige mislukking."

Waarom? Miljoenen mensen kopen zijn boek. Natuurlijk omdat ze het mooi vinden. Maar gaat de boodschap dan teloor? "Alles is op consumptie gericht. Iedereen wil kopen en consumeren. Dat moet, anders draait de economie niet. Dus heeft geen enkele regering er baat bij om werk te maken van het omlaag halen van de uitstoot van de CO2-uitstoot. Neen, de fabrieken moeten draaien. De wereld is gefascineerd door luxe. Toen de economische crisis kwam, dacht ik dat dat zou verminderen. Au contraire. Onlangs was ik in Kanton. Overal zie je daar Starbucks. Mao heeft, net als Stalin en Lenin, duizenden mensen de dood ingejaagd in de strijd tegen het kapitalisme. Maar wie heeft gewonnen? De luxebedrijven."

"We hebben dus een revolutie nodig, niks anders. Geen economische. Geen politieke ook, want er zijn vandaag geen Mandela's of Gandhi's. Zelfs geen wetenschappelijke. Wat we nodig hebben, is een spirituele revolutie. En het moet van de jongere generatie komen. Toen ik jong was, wilde ik absoluut een mooie auto. Mijn kinderen hebben er geen. Ze hebben ook geen tv. Zij zoeken andere waarden."

Hij zet zijn Pakistaanse muts op en stapt buiten. Ergens in Parijs wacht een Chinees op hem voor afspraken rond een nieuw project. Hij vindt zijn werk nog altijd incroyable. "Als journalist of fotograaf mag je toch op plaatsen komen waar niemand anders komt. En er zijn vandaag veel goeie fotografen. Het oog is geëvolueerd, maar kijk op je iPad eens naar het werk van Vincent Munier voor National Geographic. Fantastisch.

"Maar ik heb ook enorme bewondering voor wat mijn goeie vriend Sebastião Salgado doet. Hij doet het in zwart-wit en vanop de grond, maar eigenlijk zijn er grote gelijkenissen tussen zijn werk en dat van mij. Onze filosofie is exact dezelfde."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234