Donderdag 01/12/2022

De flamboyante linkse president van Venezuela, Hugo Chávez , is tien jaar aan de macht

Orkaan

Hugo

op het keerpunt

Dat Venezuela, op het eind van de jaren 90 geteisterd door corruptie en economische rampspoed, op nieuwe leest moest worden geschoeid, daar twijfelden weinigen aan. Toch had bijna niemand tien jaar geleden 'orkaan Hugo' zien aankomen. In een speech na zijn verkiezing noemde Chávez zich nog een volgeling van de Derde Weg van Tony Blair. 'De relatie met Washington blijft prioritair,' verzekerde hij ook. Hoe anders zou het uitpakken. DOOR LODE DELPUTTE

Flamboyant en onverdroten is hij als vanouds, verbaal om zich heen schoppen doet hij nog altijd als geen ander. Toch had Hugo Chávez (54) zich voor de tiende verjaardag van zijn eedaflegging, maandag (vandaag is het alweer feest: de 17de verjaardag van zijn gefnuikte coup van 1992), een prettiger moment kunnen voorstellen. Een vat olie kost momenteel nog maar een derde van de prijs van een jaar geleden. Opiniepeilingen geven hem maar een procentpunt voorsprong op de oppositie voor het referendum van 15 februari, waaraan hij onbeperkte herverkiesbaarheid hoopt te ontlenen. Liever had Chávez ook gezien dat de hoofdstad Caracas vorige herfst niet in handen was gevallen van de oppositie. En dat op het Witte Huis de mulat Barack Obama intussen de blanke George W. Bush is opgevolgd, past evenmin in Chávez' plaatje. 'Hugo' mag dan wel een orkaan zijn, voor de wind gaat het hem dezer dagen niet.

Stilaan over zijn hoogtepunt

"Hij is stilaan over zijn hoogtepunt heen," zegt een diplomatieke bron aan De Morgen. "Als de olieprijs niet snel weer stijgt komen zijn sociale programma's in het gedrang, en politiek heeft de oppositie zelden sterker gestaan. Haar vroegere verdeeldheid heeft ze overstegen en ze begint met geloofwaardige leiders uit te pakken die niet langer enkel maar de hogere of middenklasse aanspreken."

Eind 2007 verloor Chávez al een keer een volksraadpleging die hem onbeperkt herverkiesbaar had moeten maken en hem impliciet het presidentschap voor het leven in het vooruitzicht had moeten stellen. Nu, na een amendering van de grondwet vorig jaar waardoor het referendum grosso modo kan worden herhaald, doet Chávez de oefening over, vooralsnog zonder kritische meerderheid op zijn hand. Als hij het pleit opnieuw verliest, dan moet de Comandante in 2014 een stap opzij zetten.

In dat geval, zeggen waarnemers, zal de 'Roze Golf' die Latijns-Amerika in de ban heeft alles welbeschouwd een heilzaam fenomeen van electorale en democratische afwisseling gebleken zijn, een politieke, sociale en economische correctie op de jaren 90. Die waren in naam wel sociaal-democratisch maar kwamen in talrijke gevallen op liberalisering, deregulering en privatisering neer. Wijzer geworden door anderhalf decennium chavisme zullen andere politici in Venezuela en Zuid-Amerika zich hoeden om de armen nog eens als tweederangsburgers te behandelen. Zoals het peronisme 40 jaar na Perons dood nog steeds de maat van alle dingen is in Argentinië, zo zou het ook het Vene- zolaanse bestel kunnen vergaan: getekend voor de geschiedenis, door een heerschap met rood T-shirt, radde tong en gulle hand.

Want Hugo Chávez mag de opinie dan langs ideologische en machtspolitieke lijnen hebben gepolariseerd, "je moet hem nageven dat hij de vinger op de tere plek gelegd heeft: op de schrijnende, schokkende armoede van de Latijns-Amerikaanse massa's," zoals oud-guerillero, opposant en hoofdredacteur van de krant TalCual Teodoro Petkoff het ons enkele jaren geleden uitlegde. "Zijn sociale programma's rammelen dan wel aan alle kanten, slecht geconcipieerd zijn ze niet."

"Nooit in onze historie heeft een regering zulke bedragen tot haar beschikking gehad," schrijft Petkoff intussen anno 2009, verwijzend naar de 460 miljard euro die Hugo Chávez de jongste tien jaar aan olie-inkomsten zou hebben binnengerijfd. 460 miljard, dat is een tienvoud van het Marshallplan dat Washington na de oorlog voor Europa veil had.

In dat licht zou het tegendeel verbazen, maar de armoede in zijn land heeft Chávez zichtbaar teruggedrongen. Volgens het Panorama Social dat de VN-Economische Commissie voor Latijns-Amerika en de Caraïben (ECLAC) in 2007 uitbracht, had Venezuela in 2002 48,2 procent armen en 22,2 procent extreme armen. In 2006 maakte de eerste groep nog 30,2 en de tweede nog 9,9 procent van de bevolking uit. De sociale kloof verminderde snel en dankzij knowhow uit Cuba kregen traditionele kanslozen en armen meer dan ooit toegang tot alfabetisering en onderwijs. De werkloosheid werd gehalveerd naar zes procent - zegt het door de regering zelf uitgegeven document Logros en 10 años de Revolución ('Successen van 10 jaar Revolutie') - en met 372 dollar beschikken de Venezolanen over het hoogste minimumloon van Latijns-Amerika. Niet niks.

Zwaar op de proef gesteld

Het neemt niet weg dat bureaucratie, cliëntelisme en corruptie (Venezuela is 162ste op 179 landen op de wereldwijde corruptie-index van Transparency International) de slagkracht van Chávez' educatieve, gezondheidskundige en sociale misiones danig op de proef gesteld hebben. Inmiddels is de inflatie (30 procent) de hoogste van de regio, is het agrarische privé-ondernemerschap zo goed als verdwenen en haalt Venezuela amper nog buitenlandse privé-investeerders binnen. De periodieke schaarste aan melk, suiker en andere basisvoeding, het gevolg van speculatieve hamstering als reactie op de prijzencontrole van de overheid, lijkt gelukkig voorbij.

"Als Chávez met de olieprijs op 140 dollar per vat Venezuela nog niet afdoende kan besturen, wat moet hij dan met een prijs op een derde van dat bedrag?" heette het deze week in El Nacional, een krant die zijn lezers tien jaar geleden nog opriep voor hem te stemmen "omdat het land diepe, echte en reële verandering behoeft".

Onder te verstaan: een diversificatie van de economie, de vermindering van de olieafhankelijkheid die het land met een roetsjbaaneconomie had opgezadeld - bonanza's die stelselmatig gevolgd werden door harde landingen en een olie-elite die pretentieus op de rest van het land en Latijns-Amerika neerkeek.

Maar zelfs Chávez kreeg het roer niet om: tien jaar later walst een nieuwe, chavistische Boligarquía, overigens tot mateloze woede van de president, met Rolexen, whisky en Hummers door het leven. De oppositie beschuldigt de rijkelijk met politieke ambten bedeelde familie van de president er dan weer van zich gronden in de staat Barinas te hebben toegeëigend.

De hoofdredacteur van El Nacional, Alfredo Peña, was lang de enige niet die kort na Chávez' aantreden al met een kater zat. De president was op kousevoeten komen aangetrippeld, had zich zelfs met Tony Blair vergeleken en had de betrekkingen met Washington in zijn overwinningsspeech "prioritair" genoemd. Maar vele initiële bondgenoten raakten vervreemd. Telkens als de Bolivariaanse Revolutie naar een hogere versnelling schakelde, vielen vroegere vrienden Chávez af.

Kolonel Luís Alfonso Dávila bijvoorbeeld, onder Chávez I nog minister van Binnenlandse Zaken. "Dit is dezelfde Chávez niet meer. Deze man ken ik niet en wil ik niet kennen," liet hij zich onlangs ontvallen. Of nog, historicus Jorge Olavarría, de man die Chávez' campagne lanceerde maar afstand nam toen bleek dat zijn politiek idool "Cuba als model zag, wat hij er niet bijverteld had". Zelfs een loyale chavista als generaal Raúl Isaías Baduel, chef van de parachutistenbrigade die Chávez weer in het zadel hielp nadat een poging om hem uit de weg te putschen (2002) mislukt was, voegde zich bij de oppositie "uit verzet tegen de marxistische orthodoxie die de democratie als een simpel instrument van de overheersing door de burgerij beschouwt".

"De Chávez die in 1999 aantrad had hoop gebracht op verandering voor alle sociale groepen," schrijft socioloog Carlos Raúl Hernández. "De arbeiders, de middenklasse, de ondernemers... Vandaag heeft hij de helft van de bevolking echter tegen zich."

Vandaag, dat zijn dertien participatief-democratische verkiezingen verder, die hij op één na allemaal gewonnen heeft. Want hoe je het ook draait of keert, de meerderheid die Chávez wél steunt, doet dat met een strijdlust waar de aanhang van pakweg Silvio Ber- lusconi bij verbleekt. Chávez fulmineert, maakt grappen en zingt, spreekt klare taal en mobiliseert.

"Pitiyanquis" (mogelijk van het Franse 'petits yankees'), noemt hij dat deel van de Venezolanen dat er volgens hem een te Amerikaanse levensstijl op nahoudt. Applaus in de eigen rangen. "Hier ruikt het naar sulfer," zei Chávez in september 2007 op het spreekgestoelte van de VN, verwijzend naar el Diablo, George W. Bush. Goed zo, vonden de vrienden. Canalla ('canaille'), zo noemde hij president Alan García van Peru. Ambtgenoot Álvaro Uribe uit buurland Colombia was dan weer een "lafaard", "leugenaar" of "mafioso". En toen hij in september vorig jaar de Amerikaanse ambassadeur de deur wees, riep Chávez, alweer in zijn zondagse praatshow Aló Presidente: "Scheer jullie weg, strontyankees, want hier staat een waardig volk" - een volk waarvan de ideologische vorming zowel op Marx, Bolívar als Ché Guevara teruggrijpt.

Wat als hij verliest?

Ook de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch heeft intussen het land moeten verlaten, na een rapport dat kritisch was voor de mensenrechten en de vrijheid van meningsuiting in het Venezuela van Chávez. Vooral de niet-verlenging van de zendvergunning van het (oppositionele maar los daarvan barslechte) privé-kanaal RCTV heeft de democratische geloofwaardigheid van de Boliviariaanse Revolutie een knauw toegebracht.

Blijft de vraag hoe Hugo Chávez - in Cuba noemen ze hem Heer Geschenk vanwege zijn leveringen van goedkope olie aan het eiland - zal reageren als hij zijn referendum volgende week verliest. Chávez noemt zijn tegenstanders bij voorkeur fascisten of putschisten, laat medestanders het stadhuis van Caracas bezetten en maakt oppositiepolitici op velerlei wijze het leven zuur, daarbij steevast balancerend op het randje van de democratische toelaatbaarheid, of erover. Bijvoor- beeld als chavistische motorbrigades gewapenderhand oppositievergaderingen stopzetten zonder dat de politie een krimp geeft. Zal de Venezolaanse president zijn tegenstanders in laatste instantie laten begaan? Of houdt hij een troef achter de hand om toch maar aan de macht te blijven?

Het is de jongste jaren al ten overvloede geschreven, maar Chávez' eigenste lichtende voorbeeld, 'Libertador' Simón Bolívar, waarschuwde er in 1819 al voor: "Niets is zo gevaarlijk als een burger die al te lang aan de macht blijft."

Telkens als Chávez' Revolutie een versnelling hoger schakelt, vallen weer andere oude vrienden hem af. 'Deze man ken ik niet meer', zegt een ex-minister

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234