Vrijdag 18/10/2019

De familiale hel, sjamanen en emotionele porno

In Venetië gaat vandaag de 63ste editie van de Mostra Internationale d'Arte Cinematografica van start. Van de drie Belgische regisseurs zit Joachim Lafosse in de meest prestigieuze selectie. Zijn Nue propriété loopt er in officiële competitie, naast de nieuwe films van Brian De Palma, Stephen Frears, Tsai Ming-Liang en Alain Resnais. 'Ik ben iemand die zonder veel structuur leeft. Maar cinema is voortdurend keuzes maken en een en al structuur. Heerlijk.'

door Luc Joris

'De film van de rijpheid', zo noemt festivaldirecteur Marco Müller Nue propriété, een donkere familietragedie over de complexe band tussen een alleenstaande moeder (Isabelle Huppert) en haar volwassen tweelingzonen (Jérémie en Yannick Renier, voor het eerst samen op het witte doek). Zelf noemt hij deze productie van één miljoen euro de antithese van het scheidingsdrama Folie privée en de tragikomedie Ça rend heureux, zijn twee vorige films die hij voor een habbekrats en zonder sterren op video draaide, maar waarvoor hij wel kon rekenen op de steun van Franstalige en Nederlandstalige Brusselse vrienden, vaak werkloos, net als hijzelf ("Ik was de eerste werkloze van de familie").

Voor iemand die Cassavetes, Bergman en Pialat als zijn favoriete cineasten citeert, is een thema als de familiale neurose niet verwonderlijk. "Kijk, het is zoals bij de gebroeders Dardenne. Die zeggen dat ze geen films over België draaien, maar over hun wijk, omdat het dat is wat ze het beste kennen. Ik heb weinig verbeelding, maar ik wil niet dat men zegt dat mijn films over de realiteit gaan. Het is fictie, gevoed door het leven."

Dat leven begon voor Lafosse, zelf een kind van gescheiden ouders en met een tweelingbroer, in Ukkel in 1975. Vrij snel wordt er verhuisd naar Chaumont-Gistoux, dicht bij Wavre. Het is in die luxeslaapplaats voor rijke Brusselaars dat hij naar een Freinetschool trekt ("Prachtig! Het belangrijkste dat ik er geleerd heb, is om iets met je verlangens te doen") en hij ervan droomt om tenniskampioen te worden, het was vooral zijn wens om geld te verdienen. Totdat Lafosse tegen de vier jaar jongere Christophe Rochus in het zand bijt en hij beseft dat hij er geen talent voor heeft. Al heeft hij wel iets van het balspel geleerd. "Om een goede tennismatch te spelen, moet je met twee zijn en moet je de omtrekken van het veld kennen. Cinema is net hetzelfde. Een film maak je niet alleen en je moet je kader kunnen definiëren."

In het middelbaar, een superklassieke katholieke school, moet hij drie keer een jaar overdoen. Als 17-jarige trekt hij alleen naar Brussel om er met de hulp van een vriendin als vrije leerling voor de centrale jury zijn diploma te behalen. "Toen heb ik ontdekt dat een school heel belangrijk is om dingen te leren, maar nog belangrijker omdat er een speelplaats is waar je vrienden maakt." Privé gaat het moeilijk, al is Lafosse ondertussen door de filmmicrobe gebeten. Zijn lievelingsfilm is E.T.. Bij zijn eerste bezoek aan de psychoanalyticus, aan een ritme van drie keer per week gedurende negen jaar, vertelt hij de eerste droom die hij zich nog herinnert. Dat hij langs een mijnheer met een baard staart die hem de dwerg die in het buitenaardse wezen zit, laat regisseren. "Toen begreep ik waar mijn verlangen lag en na jaren van tegenslagen en mislukkingen heb ik het gedurfd om film te gaan studeren."

Lafosse schrijft zich in Louvain-la-Neuve in aan het Institut des Arts de Diffusion (IAD). Inmiddels is er een ander 'kwaad' geschied. In de hoofdstad ontdekt hij dankzij mensen als Kris Cuppens (de minnaar van Isabelle Huppert in Nue propriété) het Vlaamse theater, van KVS en tg STAN tot Dito'Dito, ook al spreekt hij geen woord Nederlands, laat staan dat hij het verstaat. Met Ça rend heureux, vanaf volgende maand in de bioscoop, heeft Lafosse overigens niet alleen zijn La nuit américaine gedraaid, het is ook een soort liefdesverklaring aan de Vlaamse Gemeenschap van Brussel. "Ik kom een bourgeois milieu, maar geen gecultiveerd. Het ergste met andere woorden. Mijn vader is van Kortenberg, mijn moeder van Gent. Ze heeft de grote bourgeoisie gekend. Omwille van een faillissement heeft haar familie, ze runden een bedrijf gespecialiseerd in het schoonmaken van de Gentse kanalen, alles verloren. Die geldcontext zit ook in Nue propriété. Toch ben ik opgegroeid in een soort anti-Vlaamse sfeer. Mijn moeder weigerde om Nederlands te spreken. Als kind was ik er in sommige situaties echt voor genegeerd. Op straat was Flamand onder kinderen ook een scheldwoord."

Revolte intime, over het afhaken op school, wordt het volgende project. Het scenarioatelier van het Festival van Cannes ondersteunt het script. "Drie films in drie jaar: het was een enorm plezier. Het is zoals een drug. Je zit in de logica van de fictie dat je je niets meer van de rest moet aantrekken."

Regisseur Joachim Lafosse:

Mijn films zijn geen realiteit, wel fictie, gevoed door leven

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234