Zaterdag 14/12/2019

De état d’âme van een wereldse autoriteit

Alleen thuis, in zijn boomgaard, kon hij euforisch zijn. Over de mooiste kastanjeboom van het land, over de beste notelaar van Europa. Over een moestuin met ander licht. Daar keek hij graag naar, en altijd op klompen. Het was ook de enige plek waar hij weleens een liedje zong.Bij Karel Van Miert kwam je niet weg zonder een mandje sla of een kistje aardbeien. Meestal kregen vrouwen ook nog een zonnebloem of een pioenroos mee. Nog aandoenlijker: thuis liep hij altijd op kousen. Grijs. Niet in sokjes, nee, in van die zwaar gebreide winterkousen. Handwerk van oma.Zijn boomgaard, zijn huis, zijn kousen, zijn vrouw: de stilgelegde tijd. Een enclave waarin schuld en spijt, woede en verraad zich rimpelden tot een gesloten delta. Waar alleen hij nog binnen mocht. Waar hij gelukkig was.Wel een dandy, die Karel Van Miert. Veruit de best geklede socialist van de vorige eeuw. Ik weet nog, we liepen samen door Rome. Carla vond dat het tijd was dat haar toegevoegde mannen ook eens een mooi gesneden jeans zouden dragen. Merkwerk. Na een halfuur hilariteit in de paskamer was het zover: Karel en ik hadden onze eerste jeans. Wat me toen verbaasde, was de nederigheid waarmee de SP-voorzitter zich zo gewillig liet meevoeren aan de hand van zijn vrouw. Zelfs naar een idiote paskamer.Een dag eerder had hij op het podium van de socialistische Internationale nog geheel complexloos de kapitalistische wereld de mantel uitgeveegd. Striemende woorden, vuur in lijf en leden. Onder het toeziend oog van wie toen de groten der aarde werden genoemd: Willy Brandt, Bruno Kreisky, Simon Peres, Joop den Uyl, Willy Claes… Als een daverende jongeling stond hij daar. Met een boodschap. Bijna schuimbekkend van verlangen naar rechtvaardigheid in een boze wereld. Terwijl hij toen ook al werd gezien als een pragmatische ideoloog, als een leider die meer op zoek was naar argumenten dan naar macht.Wel luttele uren later dus als een schaap in een jeans gehesen door zijn geliefde.Het was de paradox van Karel Van Miert: wijdbeens van gedachten en bravoure, maar de diepste emoties gingen niet verder dan de breedte van een handkar. Van geliefden. Thuis moest het ‘in orde’ zijn. Thuis was: Carla, zijn moeder, zijn broer. En natuurlijk ook de zandboeren uit de Kempen. Keutelboeren, eigenlijk. Het land, de gewassen, de beesten: daar kon je Karel altijd wakker voor maken. Ook nog toen hij al volleerd staatsman van Europa was. Zijn populisme berustte op binding, niet op angst of vervreemding.Toen hij afscheid nam als voorzitter van de partij vroeg hij me of ik mee kon helpen aan zijn laatste congrestoespraak. Niet dat het hem ontbrak aan testamentaire bevlogenheid of fraaie zinnen, maar hij wou ‘ietsje meer emotie’ in de zinnen leggen. Een tremolo, een traan. Het werd een prachtige speech, maar alle tussenzinnetjes van steller dezes werden niet uitgesproken. Later zei hij: “Het bekte niet. Als ik Heidegger moet citeren loop ik van mezelf weg.” Van Miert wou beslist geen intellectueel zijn, terwijl hij het als geen ander was. Hij was niet voor niets professor.Professor met een rode sjaal.In de oude burcht van de BSP was veel weerzin toen Karel Van Miert werd voorgedragen als partijvoorzitter. Het strekt Willy Claes tot eer dat hij daar ongevoelig voor bleef. Hoe kon een katholieke boerenzoon uit de Kempen nou naast Louis Major staan? Ook nog technocraat, die op het kabinet van eurocommissaris Henri Simonet de potloden had geslepen? En was hij wel van de loge? De algemene verdachtmaking was: hooguit een designsocialist, misschien wel uitgebroed door christenhonden.Karel ging dapper zijn eigen weg. Met dank aan de strijd tegen de kruisraketten kreeg hij iets Che Guevara-achtigs over zich. Nee, het was niet Louis Tobback die de harde kern was van het nucleaire verzet, dat was Karel Van Miert.In die dagen leerde hij ook de politiek als riool kennen. Vanuit de Amerikaanse ambassade en omstreken - zeg maar de Pieter De Crems van deze wereld - werd fijntjes rondgeslingerd dat Van Miert getrouwd was met een Oost-Duitse. Met andere woorden: kruipdier van het Kremlin. De vunzige suggestie heeft hem diep bezeerd. Maar juist daarom bleef hij taai in het verzet. Karel moest altijd een beetje gewond zijn om tot volle glorie te kunnen komen.In de Belgische politiek was hij de eerste populist die serieus werd genomen. Maar het was wel populisme van een ideaal. Niet persoonsgebonden. Het was populisme met inhoud. De charme van bewogenheid. Van Miert wist perfect hoe Jacques Lang de Rive Gauche had ingepalmd en ook dat socialisten soms ook een zangeresje als Dalida nodig hebben als bruggetje naar een plebisciet. Hij kon het niet. Partijman zonder huurlingen, zonder courtisanes. En ook zonder spindoctors - met dat vergif wou hij niets te maken hebben.Labeur op eigen kracht, Kempense boeren eigen. Compleet allergisch voor de socialisatie van roddelen. Ook daarom heeft hij meer geleden dan nodig was. Karel kon niet vleien, was niet toegerust met wapens van achterklap en ironie. Karel was zijn hele leven bloedserieus.Ik heb hem één keer zien huilen en één keer dronken gezien. De dag dat Willy Brandt stierf, hield hij het niet droog. Brandt was meer dan een goeroe, hij was een vriend. Vrouwenman, dat ook. Toen hij als SPD-voorzitter moest aftreden wegens een amourette met een Griekse dame stond Karel naast hem. Ik had de eer om met Van Miert en Brandt de lunch van troost te gebruiken in een Duits etablissement. Ik wou weleens horen hoe Karel over de wonde van de liefde zou spreken.Helaas, de wonde kwam niet op tafel. Het begon over Europa en het eindigde met Europa. Het was de eerste keer dat ik hoorde dat er zoiets als globalisering aan zat te komen. Er werd gepraat over ouder worden en eenzaam zijn, maar over de liefde: geen woord. Bijna binnensmonds hoorde ik Van Miert zeggen dat er na de knieval van Willy Brandt geen god meer hoefde. Ook dat werd geen thema. Op de terugweg naar Brussel, in de auto, vroeg ik hem: “Waarom juist nu die lunch met Brandt?” Hij zei: “Ontslag bestaat niet als je iemand liefhebt.”En dan die avond met cognac. De dag dat De Morgen verscheen onder de titel ‘De Moord’ stierven alle oorlogen in het hart van Karel Van Miert. Nooit eerder had ik een mens zo vernederd gezien. Nooit eerder zo’n schreeuw van wanhoop gehoord. Die avond dus waren Frank Van Acker en ondergetekende genodigd om een glas van verdriet te drinken. Ik kende Van Miert alleen maar met Spa. Hij, liefhebber van filet pur en rauw witloof, waagde zich niet eens aan een pintje. Voor hem zeker geen Cheval Blanc. Rosé hoefde ook niet. Maar die avond dronk hij cognac. Als wou hij alle herinneringen aan de faling van De Morgen wegbranden. Jaren later had hij het nog steeds over een dodelijke tackle. Iets om nooit meer te vergeten.Karel kende de pijn van het leven. Hij kon er ook mee leven. Maar niet als zijn integriteit in vraag werd gesteld. Dat gebeurde in de Agusta-affaire, toen het gerecht op een ochtend binnenviel om alle bankverrichtingen van hem en zijn geliefde Carla Galle in beslag te nemen. De televisie was ook uitgenodigd, door het gerecht. Carla was namelijk ooit partijsecretaris en dus verantwoordelijk voor alle in- en uitgaven. Die wonde van verdachtmaking is bij Van Miert nooit meer geheeld.Ik hoor nu aandoenlijke en laffe in memoriams uitgesproken door Willy Claes, Louis Tobback, Freddy Willockx en andere zelfverklaarde maagden van de toenmalige SP. Zij allen wisten natuurlijk van de dubieuze partijfinanciering. Maar alleen Carla Galle moest hangen. Na die stalinistische poging tot liquidatie wou Van Miert nooit nog met Louis Tobback samen in een auto zitten. Willy Claes werd gemeden als netelkoorts. Willockx kreeg nog antwoord aan de telefoon, maar niet van harte. Voor Karel kwam het grootste verraad nog van zijn opvolger, Frank Vandenbroucke. U weet wel, de man die 4 miljoen uit de kluis heeft verbrand. Vandenbroucke wordt nu gezien als bidprentje van de Vlaamse regering. Socialist met de charme van een asceet. Vroeg Van Miert naar Vandenbroucke en een nooit geziene kots kwam u tegemoet.Socialisten onder elkaar: een hel.Karel Van Miert was de laatste jaren van zijn leven politiek dakloos geworden. Achterdochtig voor vrienden, benauwd voor publieke engagementen. Eigenlijk was hij alleen nog herenboer in zijn boomgaard. En gevierd spreker in Europa. Met Vlaanderen had hij het wel gehad. Ooit deelde hij het flamingantisme van Hugo Schiltz, maar met Vlaams Belang en Dedecker kon hij niet door een deur. Al heeft hij het Caroline Gennez zeker niet kwalijk genomen dat zij met de N-VA van Bart De Wever in zee is gegaan. Hij zag dat als een denkoefening. Als een samenzwering bijna, die de illusie hoog houdt dat Vlaanderen ook progressief kan zijn. En dan niet het territorium, maar het savoir-vivre.Daar beklaagde hij zich weleens over, dat hij niet de flux de bouche had van hippe toneelspelers. Dat hij in sommige kringen alleen maar werd gezien als socialist, terwijl zijn gemoed zoveel breder was. In het buitenland wisten ze gelukkig beter.Het buitenland: voor Van Miert was het de Kempen. Met name Europa dan.Oprechter als Europeaan worden ze niet meer geboren aan deze zijde van de Oder Neissegrens. Voor Karel was Europa geen constructie, het was een état d’âme. Hij kon niet zonder. Voor Europa kwam een orgie van soevereiniteit in hem boven. Hij vond het prachtig Boeing terug te fluiten in zijn abjecte mercantiele expansiedrang. Nog mooier: Silvio Berlusconi wandelen sturen in zijn dwingende bemoeienis. Ni maître, ni Dieu, dat was het Europa van Karel Van Miert.En ook nu weer overheerste bewondering. De aanbidding voor Jacques Delors was in beton gegoten. Ergo: voor een etentje met Delors wou hij niemand inruilen, zelfs Carla niet.Op een dag werd hij door Neelie Kroes gevraagd president te worden van de universiteit van Neyenrode. Karel had er wel zin in: uiteindelijk kon het leven hem niet intellectueel genoeg zijn. Hij heeft het een kleine drie jaar volgehouden. Toen ik hem vroeg naar de reden van zijn onverwachte afscheid zei hij: “Ach, je blijft toch onder Hollanders.”In onze internationale overlevering hebben we Spaak en Harmel gehad. Karel Van Miert staat nog niet geboekt als wereldse autoriteit. Ook daaraan zie je hoe traag dit land is, hoe ongeïnteresseerd in levende helden. Reken maar dat ze in Parijs en in Madrid weten wie Karel Van Miert is. En ook in Washington. Nee, niet in de Kempen: daar hebben ze nu Lore en Tommeke.Hoe neem je afscheid van een vriend? Kun je iets zeggen, kun je iets doen? Meer dan buigen is er niet. En in rouw verlangen naar vroeger, toen hij er nog was.We stonden in zijn boomgaard. Ineens zei hij dat zijn zoon, piloot bij Sabena, en zijn schoondochter, hostess bij Sabena, werkloos waren geworden. Ze hadden net een huisje gekocht dat nog verbouwd moest worden. Hij liet me zijn geschramde handen zien: “Van de verbouwing.” Ik opperde nog dat hij Schröder moest bellen voor Lufthansa, of Wim Kok voor KLM. Hij kon het niet, zei hij. Hij kon geen gunsten vragen.Ik kan het wel: mogen Claes, Tobback, Willockx en anderen wegblijven op de begrafenis van Karel Van Miert! Frank Vandenbroucke moet zelfs een straatverbod worden opgelegd.En als er dan in de buurt van het kerkhof ook nog een kastanjeboom staat, zijn we toch weer thuis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234