Donderdag 21/01/2021

De ene Bush is de andere niet

'De beste oplossing is dat Saddam de ernst van de toestand inziet en toegevingen doet, zodat de VS niet ingrijpen'

Heeft George W. Bush zich voorgenomen het werk van zijn vader af te maken - of beter, te doen wat zijn vader alleen maar van plan was? Het wordt elke dag duidelijker dat de Amerikaanse president Saddam Hoessein ten val wil brengen en een nieuwe wereldorde in het leven wil roepen.

Eerst Saddam Hoessein. Na de Golfoorlog spoorde Bush sr. de Irakezen aan om in opstand te komen tegen hun tiran. De sjiïeten van Bassorah rebelleerden, maar Bush stak geen hand uit toen het regime van Bagdad hen verpletterde, ook niet toen Hoessein in overtreding van het wapenstilstandsverdrag zijn luchtmacht inzette. Feit is dat Parijs en Londen weinig zin hadden om de operaties op vijandig gebied voort te zetten, terwijl generaal Colin Powell, de toenmalige stafchef van het Amerikaanse leger, zijn soldaten vooral zo vlug mogelijk naar huis wilde brengen. Bovendien waren de emirs van de Golf bang dat een succes van de sjiïeten Irak zou overleveren aan doodsvijand Iran.

De Koerden, die eveneens in opstand kwamen, ondergingen bijna hetzelfde lot. Bush sr. voelde wel met hen mee, maar besloot dat het om een binnenlandse aangelegenheid ging. Zonder de oproepen tot hulp - dik in de verf gezet door de media - van Danielle Mitterand en Bernard Kouchner, die ter plekke waren gegaan, en zonder het kordate ingrijpen van de Britse en de Franse regering, die het recht op inmenging opeisten, was er geen vliegverbod gekomen. Saddam Hoessein had dit ongelukkige volk, dat massaal op de vlucht was geslagen, dan ongestraft verder kunnen uitroeien. Men kan van George Bush jr. denken wat men wil, maar het staat als een paal boven water dat hij geen enkele oplossing zal aanvaarden die Saddam aan de macht laat. Zijn eerste doel is hem ten val brengen.

Dan de nieuwe wereldorde. Op 9 maart 1991 hield Bush sr. een ophefmakende redevoering voor het Amerikaanse Congres: "Tweemaal deze eeuw is uit de gruwelen van de oorlog de hoop op een duurzame vrede geboren", zei hij, verwijzend naar de universalistische visies van zijn voorgangers Woodrow Wilson en Franklin Roosevelt. "Tweemaal is die hoop slechts een verre droom gebleken, onbereikbaar voor de mens... Nu zien we een nieuwe wereld geboren worden."

Bush keerde niet minder dan 42 keer op dat onderwerp terug, maar tegen de herfst zweeg hij erover. Waarom? Volgens US News had hij niet verwacht dat zijn voorstellen "in het buitenland met zo'n mengsel van vrees en ironie onthaald zouden worden." De Financial Times oordeelde heel nuchter dat Bush alleen maar op zoek was naar zoveel mogelijk buitenlandse financiële steun, om oorlog te kunnen voeren.

En wat heeft zijn zoon onlangs verklaard? "Uit het kwaad dat Amerika is aangedaan zal een wereld met meer vrede voortkomen... dat beloof ik." Het woord 'orde' is deze keer niet gevallen, maar de geest is dezelfde.

Hij weerspiegelt de diepe overtuiging van de Amerikanen die door Henry Kissinger heel mooi werd samengevat in zijn klassieke werk Diplomacy. "De Verenigde Staten hebben het beste bewind ter wereld. De rest van de mensheid kan vrede en welvaart bereiken door af te zien van de traditionele diplomatie en net als Amerika het internationale recht en de democratie te eren."

Het recht opeisen om desnoods op eigen houtje preventie acties te ondernemen (bijvoorbeeld door de CIA een lijst met honderden namen te geven van mensen die mogen worden uitgeschakeld) is natuurlijk een eigenaardige manier om het internationale recht te respecteren.

Rusland, China en India nemen er met plezier een voorbeeld aan. De zwart-witlogica van de western is nog lang niet dood. Hoe dan ook is dit geen nieuw verschijnsel: uit een rapport van een commissie onder het voorzitterschap van senator Frank Church blijkt onomstotelijk dat John Kennedy ernstig van plan was om Fidel Castro te laten vermoorden, desnoods door de maffia. Bush sr. aarzelde in december 1989 trouwens evenmin om 24.000 mariniers naar Panama te sturen, om de toenmalige dictator, generaal Noriega, te arresteren en in Florida als drugshandelaar te laten veroordelen. Enzovoort, enzovoort.

Wat Bush jr. van zijn voorgangers doet verschillen, is zijn wil om van de Iraakse crisis te profiteren om de democratie in het Midden-Oosten te verspreiden. Volgens Business Week zal dat een bijna onmogelijke opdracht worden en onderschat het Witte Huis de anti-Amerikaanse gevoelens van de islamitische wereld. Het blad citeert uit peilingen: 69 procent van de Egyptenaren en 87 procent van de Saoedi-Arabiërs hebben een negatief beeld van de Verenigde Staten. Ze hebben daar een belangrijke reden voor: de onvoorwaardelijke steun van Amerika aan Israël. James Baker, lange tijd minister van Buitenlandse Zaken onder Bush sr., was billijker en oefende sterke druk uit om de uitbreiding van de joodse nederzettingen in de bezette gebieden te voorkomen.

Een ander struikelblok is de aanwezigheid van Amerikaanse troepen vlak bij Mekka, wat in de ogen van de rechtgelovigen een onvergeeflijke heiligschennis is. In Koeweit, dat van alle leden van de Arabische Liga Saddam het meeste te verwijten heeft, zijn onlangs wetgevende verkiezingen gehouden. De fundamentalisten hebben er geen absolute meerderheid veroverd, maar veel heeft het niet gescheeld. Wie durft beweren dat vrije verkiezingen in alle islamitische landen geen vergelijkbare of ergere resultaten zouden opleveren?

Het is waar dat kenners van het Midden-Oosten, zoals Bernard Lewis, het niet uitgesloten achten dat een snelle verdwijning van het Iraakse regime de ruimte zou kunnen scheppen voor een relatief democratisch, stabiel bestel. Het land is immers rijk en heeft goede technici. Lewis is echter niet de enige die meent dat "democratie een sterk medicijn is" waarvan een overdosis de patiënt kan doden. Hij gelooft in elk geval niet dat de Verenigde Staten Irak naar het voorbeeld van Duitsland en Japan in een voorbeeldige democratie zullen kunnen veranderen.

De beste oplossing zou uiteraard zijn dat Saddam de ernst van de toestand zou inzien en voldoende toegevingen zou doen om de VS geen enkele aanleiding te geven om in te grijpen. Als hij dat niet doet, is een oorlog onvermijdelijk. En we weten uit ervaring dat oorlogen niet altijd verlopen zoals hun aanstichters verwachten.

André Fontaine is redacteur van Le Monde.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234